Besluit van de Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs van 22 december 2023 nr. 43324058, houdende instelling van de programmaraad Digitalisering voor de periode 2023 tot en met 2025 (Instellingsbesluit programmaraad Digitalisering 2023–2025)

Type Ministeriële regeling
Publication 2024-04-18
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 1 en 2 van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies, artikel 2 van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

Artikel 2. Instelling en taak van de programmaraad
1.

Er is een programmaraad Digitalisering.

2.

De programmaraad wordt ingesteld met ingang van 1 januari 2024 en wordt opgeheven met ingang van 31 december 2025.

3.

De programmaraad komt twee keer per jaar bijeen en heeft tot taak de minister te adviseren over:

Artikel 3. Samenstelling, benoeming en ontslag
1.

De programmaraad bestaat uit een voorzitter en ten hoogste 10 overige leden.

2.

De leden worden door de minister benoemd en, in voorkomend geval, door de minister geschorst of tussentijds ontslagen.

3.

De benoeming geschiedt voor de duur dat de programmaraad is ingesteld.

4.

Een lid neemt niet deel aan de vergadering van de programmaraad indien het een advies over een onderwerp betreft, waarbij dat lid een persoonlijk of zakelijk belang heeft.

5.

Een lid kan worden geschorst of tussentijds worden ontslagen indien:

6.

Bij tussentijds ontslag van de voorzitter kan de minister een andere voorzitter benoemen.

7.

Bij tussentijds ontslag van een overig lid kan de minister een ander lid benoemen.

Artikel 4. Leden

Tot leden van de programmaraad Digitalisering worden benoemd:

Artikel 5. Secretariaat
1.

De minister voorziet in het secretariaat van de programmaraad.

2.

Het secretariaat is belast met de voorbereiding en de coördinatie van de werkzaamheden van de programmaraad.

3.

Het secretariaat is voor de inhoudelijke uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de programmaraad.

Artikel 6. Werkwijze
1.

De programmaraad stelt haar eigen werkwijze vast binnen de kaders van de programma’s.

2.

Na toestemming van de minister kan de programmaraad zich door andere personen laten bijstaan voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is.

Artikel 7. Informatieplicht

De programmaraad verstrekt aan de minister desgevraagd de door hem gewenste inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.

Artikel 8. Vergoeding
1.

De vergoeding van een programmaraad lid bedraagt € 302,50 incl. BTW per vergadering.

2.

Per vergadering heeft een programmaraad lid maximaal 4 uur aan voorbereidingstijd van € 36,30 per uur incl. BTW per vergadering. Voor twee vergaderingen heeft een lid maximaal 8 uur aan voorbereidingstijd.

3.

De reiskostenvergoeding is maximaal € 69,00 per vergadering.

Artikel 9. Kosten van de programmaraad

Voor zover goedgekeurd komen de kosten van de programmaraad voor rekening van de minister.

Artikel 10. Openbaarmaking

Rapporten, notities, verslagen, adviezen en andere producten die door of namens de programmaraad worden vervaardigd of vergaard, worden niet door de programmaraad openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de minister uitgebracht of overgedragen.

Artikel 11. Archiefbescheiden

De programmaraad draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de Directie Voortgezet Onderwijs van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 12. Inwerkingtreding en vervaldatum
1.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

2.

Dit besluit vervalt met ingang van 1 juli 2026.

Artikel 13. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit programmaraad Digitalisering.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan betrokkenen.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.