Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 1 februari 2024, nr. IENW/BSK-2024/5214, houdende tijdelijke regels voor het verlenen van subsidie voor de realisering van walstroomvoorzieningen voor zeeschepen in zeehavens 2024–2026 (Tijdelijke subsidieregeling walstroom zeeschepen klimaat 2024–2026)

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-04-15
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 3, eerste lid, onder b en e, van de Kaderwet subsidies I en M en de artikelen 2, eerste lid, 4, eerste lid, 6, zesde lid, 8, eerste lid en tweede lid, onder a, 10, tweede lid, 13, 19, tweede lid, 22, 23, vijfde lid en 24, eerste, derde en vijfde lid, van het Kaderbesluit subsidies I en M;

BESLUIT:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Doel van de regeling

Het doel van deze regeling is het stimuleren van de realisatie van walstroomvoorzieningen voor zeeschepen in zeehavens, teneinde de emissie van CO2 te verminderen en voor zover het een zeehaven betreft die onder de reikwijdte van artikel 9 van de AFIR-verordening valt, te stimuleren dat de minimale walstroomvoorzieningen als bedoeld in dat artikel worden gerealiseerd.

Artikel 3. Subsidiabele activiteiten
1.

De Minister kan aan een in Nederland gevestigde rechtspersoon of aan meerdere rechtspersonen die samenwerken in een samenwerkingsverband subsidie verstrekken voor de aanschaf en installatie van een walstroomvoorziening voor zeeschepen:

2.

Subsidie voor activiteiten als bedoeld in het eerste lid, onder a, subonderdeel 2o, wordt uitsluitend verstrekt indien de betreffende terminal is gelegen in een zeehaven die, voor het betreffende scheepssegment, in de drie kalenderjaren voorafgaand aan de subsidieaanvraag gemiddeld werd aangedaan door:

3.

Geen subsidie wordt verstrekt voor een walstroomvoorziening met hoogspanning die, inclusief het ontwerp, de installatie en het testen van de systemen, niet voldoet aan de technische specificaties van norm IEC/ISO/IEEE 80005-1:2019 voor walstroomvoorzieningen.

4.

Als standaardberekeningswijzen voor de berekening van uurtarieven worden gehanteerd:

Artikel 4. Hoogte subsidie
1.

De subsidie bedraagt ten hoogste:

2.

De subsidie wordt berekend over:

3.

Voor zover de subsidie wordt verleend ten laste van de nog niet door de Staten-Generaal aangenomen rijksbegroting, onderdeel Infrastructuur en Waterstaat, wordt in de beschikking tevens vermeld dat de subsidieverlening plaatsvindt onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld in de wet tot vaststelling van de rijksbegroting, onderdeel Infrastructuur en Waterstaat.

4.

De subsidie wordt verleend met toepassing van artikel 56 ter van de algemene groepsvrijstellingsverordening.

5.

Subsidie die door de Commissie van de Europese Unie is verstrekt voor activiteiten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt niet in mindering gebracht op de subsidie waarvoor de aanvrager krachtens deze regeling in aanmerking komt.

Artikel 5. Subsidieplafonds en wijze van verdeling
1.

Het subsidieplafond voor deze regeling bedraagt in totaal:

2.

Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, aanhef en onder a, bedraagt voor 2024 € 150.000.000,00.

3.

Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, aanhef en onder b, bedraagt voor 2024 € 10.000.000,00.

4.

Het subsidieplafond voor 2026 bedraagt voor activiteiten als bedoeld in:

5.

De Minister verdeelt de in de betreffende jaar beschikbare subsidiebedragen op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 6. Aanvraag subsidieverlening
1.

De aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van een door de Minister beschikbaar gesteld digitaal formulier dat wordt geplaatst op de website van RVO.

2.

Voor 2024 kan de aanvraag bij RVO worden ingediend vanaf 26 maart 2024, 09.00 uur tot en met 15 oktober 2024, 17.00 uur.

3.

Voor 2026 kan de aanvraag bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland worden ingediend vanaf 19 mei 2026, 9.00 uur tot en met 1 oktober 2026, 17.00 uur.

4.

Onverminderd artikel 10, vierde lid, van het Kaderbesluit bevat de aanvraag de gegevens bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de algemene groepsvrijstellingsverordening.

5.

De aanvraag gaat vergezeld van:

Artikel 7. Afwijzingsgronden

Onverminderd de in artikel 11 en 12 van het Kaderbesluit vermelde afwijzingsgronden, wordt de aanvraag om subsidie in ieder geval afgewezen indien:

Artikel 8. Verplichtingen van de subsidieontvanger
1.

De activiteiten als bedoeld in artikel 3 worden binnen 48 maanden na de startdatum afgerond. De startdatum ligt maximaal 6 maanden na de datum van de beschikking tot subsidieverlening.

2.

De subsidieontvanger doet gedurende de uitvoering van de activiteiten, onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 8 van het Kaderbesluit, middels een jaarrapport en een eindrapport verslag van de voortgang. Het eindrapport geeft de mate aan waarin deze activiteit naar verwachting gaat bijdragen aan het doel van deze regeling in artikel 2.

3.

De subsidieontvanger toont aan dat de activiteiten zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.

4.

De subsidieontvanger verleent medewerking aan een evaluatie door middel van verstrekking van gegevens die betrekking hebben op de effecten van de door hem op grond van deze regeling uitgevoerde activiteiten tot vijf jaar na de datum van de subsidievaststelling en voor zover medewerking redelijkerwijs van hem verwacht kan worden.

5.

De subsidieontvanger verschaft aan de Minister desgevraagd tot vijf jaar na de datum van subsidievaststelling gegevens over de hoeveelheid jaarlijkse geleverde elektriciteit van de walstroomvoorziening, alsmede een inschatting van de behaalde CO2-reductie.

6.

De walstroomvoorziening wordt op gelijke en niet-discriminerende wijze tegen marktvoorwaarden aan belangstellende gebruikers bij de betreffende kade of terminal beschikbaar gesteld.

Artikel 9. Voorschot

Het voorschot bedraagt ten hoogste 80% van de subsidie waarvan achtereenvolgens 30% en 50% wordt uitgekeerd.

Artikel 10. Subsidievaststelling

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.