Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 14 februari 2024, nr. IB/38530442, houdende regels voor het verstrekken van subsidie ter ondersteuning van onderwijsmobiliteit binnen het Koninkrijk der Nederlanden (Subsidieregeling Koninkrijksbeurzenprogramma)

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-09-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 4 en 5 van de Wet overige OCW-subsidies en de artikelen 1.3 en 2.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Toepassing Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS

Deze regeling geldt in aanvulling op de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS.

Hoofdstuk 2. Beurzen voor studie-uitwisseling en stages binnen het koninkrijk

Artikel 3. Te subsidiëren studie-uitwisseling
1.

De minister kan subsidie verstrekken voor studie-uitwisseling binnen het Koninkrijk aan een student die:

2.

Een subsidie wordt verstrekt voor de duur van ten minste twee en ten hoogste zes maanden.

3.

In afwijking van het tweede lid, wordt een subsidie als bedoeld in artikel 8, vijfde of zesde lid, verstrekt voor de duur van ten minste 21 kalenderdagen en ten hoogste zes maanden.

Artikel 4. Te subsidiëren stage
1.

De minister kan subsidie verstrekken voor een stage binnen het Koninkrijk, voor zover deze een verplicht of extra-curriculair onderdeel is van de opleiding, aan een student die:

2.

Een subsidie wordt verstrekt voor de duur van ten minste twee en ten hoogste zes maanden.

3.

In afwijking van het tweede lid, wordt een subsidie als bedoeld in artikel 8, vijfde of zesde lid, verstrekt voor de duur van ten minste 21 kalenderdagen en ten hoogste zes maanden.

Artikel 5. Hoogte subsidie
1.

De maximale subsidie per student per studie-uitwisseling of stage is vermeld in bijlage 1.

2.

De laatste studie- of stagemaand komt in aanmerking voor subsidie indien de periode bestaat uit ten minste 21 kalenderdagen.

3.

In afwijking van bovengenoemde leden, geldt voor een subsidie als bedoeld in artikel 4a, dat de hoogte van de subsidie wordt bepaald door het aantal personen waarvoor reis- en verblijfskosten worden gemaakt, waarbij een vast bedrag van € 1.000,00 per persoon geldt.

Artikel 6. Aanvrager
1.

De subsidie, bedoeld in de artikelen 3 en 4, wordt uitsluitend verstrekt aan een student die:

2.

De subsidie, bedoeld in artikel 4a, wordt verstrekt aan een gesubsidieerde onderwijsinstelling in Sint Maarten.

Artikel 7. Aanvraag
1.

Een aanvraag voor een subsidie als bedoeld in de artikelen 3 en 4 wordt gedaan met gebruikmaking van het aanvraagformulier dat daartoe op de website van de Rijksdienst Caribisch Nederland beschikbaar is gesteld.

2.

Een aanvraag voor een subsidie als bedoeld in de artikelen 3 en 4 gaat vergezeld van:

3.

Voor de aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 3 bevat de verklaring, bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, ten minste:

4.

Voor de aanvraag voor een subsidie, bedoeld in artikel 4 bevat de verklaring, bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, ten minste:

5.

Een aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 4a gaat vergezeld van ten minste:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.