Besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 17 april 2024, nr. WJZ/ 52639951, tot aanwijzing van diersoorten die gehouden mogen worden (Besluit huis- en hobbydierenlijst)

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-06-21
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 2.2, eerste lid, en 10.1, eerste lid, van de Wet dieren;

Besluit:

Artikel 1. Aanwijzing dieren

Als diersoorten als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren worden aangewezen:

Soort (Nederlands) Soort (Latijn)
Afrikaanse dwergrelmuis Graphiurus murinus
Algerijnse gerbil Gerbillus nanus
Alpaca Vicugna pacos
Bleke gerbil Gerbillus perpallidus
Bruine rat Rattus norvegicus (forma domestica)
Bunzing Mustela putorius
Cavia Cavia porcellus
Chinese dwerghamster Cricetulus barabensis / griseus / pseudogriseus
Chinese waterree Hydropotes inermis
Dwergrenmuis Gerbillus amoenus
Ezel Equus asinus
Fret Mustela putorius furo
Geit Capra aegagrus hircus
Goudhamster Mesocricetus auratus (forma domestica)
Grote Egyptische renmuis Gerbillus pyramidum
Harrington’s gerbil Taterillus harringtoni
Hond Canis lupus familiaris
Huiskat Felis silvestris catus
Huismuis Mus musculus (forma domestica)
Kameel Camelus bactrianus
Konijn Oryctolagus cuniculus domesticus
Lama Lama glama
Mongoolse gerbil Meriones unguiculatus (forma domestica)
Noordafrikaanse renmuis Gerbillus garamantis
Paard Equus caballus
Rund Bos taurus
Schaap Ovis aries
Varken Sus scrofa domesticus
Waterbuffel Bubalus arnee bubalis
Woestijnslaapmuis Eliomys melanurus
Artikel 2. Algemene vrijstellingen voor het houden van dieren van niet aangewezen soorten

Aan de volgende houders wordt vrijstelling verleend van het verbod, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren:

Artikel 3. Overgangsrecht voor het houden van dieren van niet aangewezen soorten
1.

Aan degene die op het moment van inwerkingtreding van dit besluit dieren houdt van een soort die niet is aangewezen in artikel 1, wordt vrijstelling verleend van het verbod, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren voor het houden van de op dat moment gehouden dieren, en wanneer een dier op dat moment drachtig is, voor het houden van de desbetreffende nakomelingen van dat dier.

2.

De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, is uitsluitend van toepassing op dieren ten aanzien waarvan de houder een maatregel heeft getroffen om te voorkomen dat het zich voortplant.

3.

Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op degene die het houderschap van een dier als bedoeld in het eerste lid heeft overgenomen.

4.

De vrijstelling, bedoeld in het eerste of derde lid, is niet van toepassing op dieren ten aanzien waarvan de houder niet aannemelijk kan maken dat is voldaan aan het eerste en tweede lid.

Artikel 4. Algemene vrijstelling voor het houden dieren van niet aangewezen soorten als productiedier en voor het houden van dieren voor vertoning
2.

Aan degenen die op het moment van inwerkingtreding van dit besluit dromedarissen (Camelus dromedarius) houden met het oog op de productie van die dieren afkomstige producten wordt vrijstelling verleend van het verbod, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, en het verbod, bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van de Wet dieren.

Artikel 5. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 2024.

Artikel 6. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit huis- en hobbydierenlijst.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.