Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid van 29 mei, nr. 5458274, tot aanwijzing van aanvullende documenten waarmee ten behoeve van de uitoefening van het kiesrecht de identiteit kan worden vastgesteld (Regeling aanwijzing documenten vaststellen identiteit Kieswet 2024)
Gelet op artikel 1, tweede lid, van de Wet op de identificatieplicht;
Besluit:
Artikel 1
Voor het vaststellen van de identiteit van een persoon als bedoeld in artikel B 1 van de Kieswet op grond van artikel J 24, eerste lid, onderdeel a, van die wet worden naast de in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de identificatieplicht genoemde identiteitsdocumenten de volgende identiteitsdocumenten aangewezen:
- a. een identiteitskaart uitgegeven in een land dat lid is van de Europese Unie;
- b. een identiteitskaart uitgegeven in Liechtenstein, Noorwegen, IJsland of Zwitserland.
De identiteitsdocumenten, aangewezen in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de identificatieplicht en in het eerste lid, mogen op de dag van de stemming, bedoeld in artikel J 1, eerste lid, van de Kieswet, maximaal vijf jaren hun geldigheid hebben verloren.
Artikel 2
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing documenten vaststellen identiteit Kieswet 2024.
Artikel 3
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Artikel 1, tweede lid, van deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2028.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.