Deelreglement Ontwikkeling van de Stichting Nederlands Fonds voor de Film

Type ZBO-regeling
Publication 2025-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

gelet op het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht,

gelet op artikel 10, lid 4, van de Wet op het specifiek cultuurbeleid,

gelet op artikel 2 van het Algemeen Reglement,

met goedkeuring van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 4 november 2024,

besluit:

Algemeen

Artikel 1. - definities -

In dit deelreglement wordt verstaan onder:

Artikel 2. - toepasselijkheid reglementen -
1.

Dit deelreglement is van toepassing op subsidies die het bestuur verstrekt voor ontwikkeling in de categorieën speelfilm, documentaire, animatie, korte film en onderzoek & experiment en, met inachtneming van artikel 9, voor de samenwerkingsprojecten met andere instellingen die tot ontwikkeling van deze filmproducties strekken.

2.

Het Algemeen Reglement van het Fonds zoals van tijd tot tijd vastgesteld is van toepassing naast en in aanvulling op dit deelreglement.

Artikel 3. - subsidiesoorten -
1.

Het bestuur hanteert de volgende subsidiesoorten:

2.

Ten behoeve van de in artikel 2 genoemde categorieën verstrekt het bestuur projectsubsidies.

3.

Onverminderd het bepaalde in het vorige lid kan het bestuur slate funding verstrekken ten behoeve van scenario-ontwikkeling.

Artikel 4. - slate funding -
1.

Het bestuur kan een subsidieronde uitschrijven voor slate funding ten behoeve van scenario-ontwikkeling voor speelfilm of documentaire. De slate wordt voor een periode van twee jaar beschikbaar gesteld. Het bestuur maakt deze subsidieronde en de daaraan verbonden voorwaarden alsmede de termijnen waarbinnen hierop kan worden ingeschreven, bekend op de website van het Fonds: www.filmfonds.nl.

2.

Het bestuur verbindt aan een slate in ieder geval de volgende voorwaarden:

3.

Het bestuur stelt per subsidieronde het subsidieplafond voor slate funding ten behoeve van scenario-ontwikkeling vast.

4.

Een productiemaatschappij die slatefunding toegewezen heeft gekregen, komt gedurende een in de desbetreffende aanvraagronde aangegeven periode niet meer in aanmerking voor een subsidie voor scenario-ontwikkeling zoals bedoeld in artikel 3 lid 2. Aanvragen voor ontwikkeling in het kader van samenwerkings- of speciale projecten kunnen nog wel worden ingediend.

Artikel 5. - aanvrager -
1.

Een aanvraag in de zin van dit reglement wordt gedaan door een productiemaatschappij, vertegenwoordigd door een producent, die als majoritair producent, hoofdverantwoordelijk is geweest voor het realiseren en uitbrengen van tenminste één vrije, niet in opdracht vervaardigde, filmproductie in de professionele Nederlandse film- en/of televisiesector. De eerdere filmproductie dient een vertoningsduur van tenminste zestig minuten te hebben voor een aanvraag in de categorie speelfilm, lange animatiefilm en documentaire.

2.

Een aanvraag voor projectontwikkeling in de categorie speelfilm, lange animatiefilm of documentairewordt gedaan door een productiemaatschappij, vertegenwoordigd door een producent die, als majoritair producent, hoofdverantwoordelijk is geweest voor het realiseren van tenminste één filmproductie in dezelfde categorie met een bioscoopuitbreng in Nederland.

3.

In afwijking van het eerste lid kan in de categorie speelfilm en lange animatiefilm een aanvraag voor scenario-ontwikkeling gedaan worden door een scenarist die hoofdverantwoordelijk is geweest voor het scenario van een speelfilm, dan wel lange animatiefilm, die reeds gerealiseerd is en in de Nederlandse bioscopen is uitgebracht.

4.

Een aanvraag voor slate fundingwordt gedaan door een productiemaatschappij, die gedurende de voorliggende vijf kalenderjaren of langer op continue basis speelfilms dan wel documentaires heeft geproduceerd waarmee qua bezoekersaantallen (bioscoop en verdere exploitatie) of internationaal (festival)succes goede resultaten bereikt zijn.

5.

Een aanvraag voor een impulsbijdrage kan op basis van een referentiefilm gedaan worden door de scenarist, regisseur en producent van de referentiefilm.

6.

In een oproep of regeling gepubliceerd op de website van het Fonds kan worden afgeweken van bovenstaande artikelleden en kunnen andere of nadere voorwaarden worden gesteld aan de aanvrager.

Artikel 6. - aanvraag -
1.

Per categorie wordt een aanvraag voor subsidie digitaal ingediend.

2.

Het bestuur kan specifieke subsidierondes uitschrijven voor de verschillende aanvraagmogelijkheden voor subsidie. Informatie over indienrondes en eventuele indienstops wordt gepubliceerd op de website van het Fonds (www.filmfonds.nl).

3.

Aanvragen voor een specifieke ontwikkelingsfase van eenzelfde filmproductie kunnen, na een afwijzend besluit daarover, éénmaal opnieuw worden ingediend. Een aanvraag voor een specifieke ontwikkelingsfase van dezelfde filmproductie, die tweemaal achtereenvolgens door het bestuur is afgewezen, wordt niet meer in behandeling genomen.

4.

Een aanvraag voor scenario-ontwikkeling in de categoriën speelfilm en lange documentaire wordt voorafgegaan door het ter beoordeling voorleggen van het filmidee aan het pitchpanel, waarbij de uitkomst van deze beoordeling positief dient te zijn.

Artikel 7. - beoordeling ontwikkelingssubsidie -
1.

De aanvraag voor de filmproductie wordt beoordeeld aan de hand van de beoordelingscriteria van artikel 5 van het Algemeen Reglement van het Fonds. Voor toekenning van de aanvraag dient in ieder geval het oordeel van het bestuur over de inhoudelijke kwaliteit van de filmproductie positief te zijn.

2.

Het bestuur kan op de website van het Fonds: www.filmfonds.nl nadere voorwaarden, procedures en werkwijzen publiceren met betrekking tot de beoordeling van ontwikkelingsaanvragen van de verschillende categorieën.

Artikel 8. - onderlinge verhouding subsidies -
1.

Het verstrekken van een subsidie voor ontwikkeling bindt het bestuur in geen geval tot het verlenen van enige andere bijdrage voor dezelfde filmproductie.

2.

Indien een filmproductie die, ontwikkelingssubsidie van het Fonds heeft ontvangen, wordt gerealiseerd, dan maken de met de ontwikkeling gemoeide kosten onderdeel uit van de productiekosten.

Artikel 9. - samenwerkingsprojecten -
1.

Het bestuur kan in samenwerking met andere (subsidie verlenende) instellingen subsidies verstrekken ten behoeve van de ontwikkeling van filmproducties en daartoe samenwerkingsovereenkomsten met deze instellingen of uitvoeringsovereenkomsten met de aanvragers aangaan.

2.

Het bestuur kent een ontwikkelingssubsidie in het kader van een samenwerking zoals bedoeld in het eerste lid voor zover mogelijk en relevant overeenkomstig dit reglement toe. Het bestuur kan daarbij afwijken van het bepaalde in dit deelreglement.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.