Besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Staatssecretaris van Financiën – Fiscaliteit en Belastingdienst van 21 november 2024, nr. 2024-0000691703, tot vaststelling van de bedragen per eenheid voor de algemene uitkering uit het provinciefonds voor het uitkeringsjaar 2021
Gelet op artikel 9, eerste lid, van de Financiële-verhoudingswet;
Besluiten:
Artikel 1
Voor het uitkeringsjaar 2021 worden de bedragen per eenheid voor de algemene uitkering uit het provinciefonds, bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Financiële-verhoudingswet, vastgesteld overeenkomstig bijlage 1.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Bijlage 1. De bedragen per eenheid voor de algemene uitkering uit het provinciefonds voor het uitkeringsjaar 2021 (bijlage bij artikel 1)
| nr | verdeelmaatstaf | bedragen per eenheid in € |
|---|---|---|
| 1 | opcenten motorrijtuigenbelasting | – 65,90 |
| 2a | rendement eigen vermogen Groningen | – 8.803.660 |
| 2b | rendement eigen vermogen Fryslân | – 15.806.425 |
| 2c | rendement eigen vermogen Drenthe | – 3.364.478 |
| 2d | rendement eigen vermogen Overijssel | – 28.769.476 |
| 2e | rendement eigen vermogen Gelderland | – 57.073.141 |
| 2f | rendement eigen vermogen Utrecht | – 6.786.948 |
| 2g | rendement eigen vermogen Noord-Holland | – 18.256.839 |
| 2h | rendement eigen vermogen Zuid-Holland | – 2.481.924 |
| 2i | rendement eigen vermogen Zeeland | – 10.021.375 |
| 2j | rendement eigen vermogen Noord-Brabant | – 46.093.443 |
| 2k | rendement eigen vermogen Limburg | – 23.792.099 |
| 2l | rendement eigen vermogen Flevoland | – 105.754 |
| 3a | provinciespecifiek vast bedrag Groningen | 50.411.923,99 |
| 3b | provinciespecifiek vast bedrag Fryslân | 42.725.807,23 |
| 3c | provinciespecifiek vast bedrag Drenthe | 44.965.270,07 |
| 3d | provinciespecifiek vast bedrag Overijssel | 30.505.223,83 |
| 3e | provinciespecifiek vast bedrag Gelderland | 60.284.929,31 |
| 3f | provinciespecifiek vast bedrag Utrecht | 41.941.654,01 |
| 3g | provinciespecifiek vast bedrag Noord-Holland | 36.444.626,48 |
| 3h | provinciespecifiek vast bedrag Zuid-Holland | 35.645.302,35 |
| 3i | provinciespecifiek vast bedrag Zeeland | 43.896.919,81 |
| 3j | provinciespecifiek vast bedrag Noord-Brabant | 32.185.431,39 |
| 3k | provinciespecifiek vast bedrag Limburg | 42.723.736,38 |
| 3l | provinciespecifiek vast bedrag Flevoland | 39.957.340,87 |
| 4 | inwoners provincie | 166,74 |
| 5 | miljoenen inwoners | – 17,82 |
| 6 | aandeel binnenwater | 3,05 |
| 7 | oeverlengte | 436,77 |
| 8 | inwoners vervoerregio | – 91,35 |
| 9 | inwoners landelijk gebied | 64,47 |
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.