Beleidsregel Protocol Interne Jobcoach UWV 2025

Type ZBO-regeling
Publication 2025-02-28
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Besluit:

Artikel 1

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hanteert bij het beoordelen van aanvragen voor subsidieverstrekking Interne Jobcoaching door werkgevers het Protocol Interne Jobcoach UWV 2025, als weergegeven in de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

De Beleidsregel UWV Protocol Interne Jobcoach 2019 (Staatscourant nummer 51100 van 18 september 2019) wordt ingetrokken.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2025.

Artikel 4

Dit besluit wordt aangehaald als: Beleidsregel Protocol Interne Jobcoach UWV 2025.

Protocol Interne Jobcoach UWV 2025

Inhoud

Begripsbepalingen

Een dienstbetrekking in de zin van artikel 3 van de ZW/WAO/WW of een op grond van artikel 4 of 5 van de ZW/WAO/WW daarmee gelijkgestelde arbeidsverhouding.

De natuurlijke persoon die door de werkgever wordt ingezet om een persoon bij de uitvoering van zijn werkzaamheden te ondersteunen. Een werkgever kan zelf of een andere bij hem in dienst zijnde werknemer als Interne Jobcoach aanwijzen dan wel een Interne Jobcoach inhuren.

Een werkgever kan voor een persoon met een structurele functionele beperking op grond van artikel 36 lid 4 WIA subsidie aanvragen om hem bij zijn taken te ondersteunen. Met de subsidie kan de werkgever een Interne Jobcoach inzetten als compensatie voor de beperkingen van de persoon. De activiteiten en handelingen die de Interne Jobcoach verricht zijn er op gericht om de persoon zelfstandig(er) zijn werkzaamheden uit te laten voeren. Dit is nader uitgewerkt in artikel 12 van het Reïntegratiebesluit.

Periode van een jaar waarin de werkgever subsidie Interne Jobcoaching ontvangt voor een persoon.

Een natuurlijk persoon met een structurele functionele beperking als bedoeld in artikel 35 van de WIA of artikel 2:22 van de Wet Wajong. UWV heeft van deze persoon vastgesteld dat hij zonder persoonlijke ondersteuning zoals bedoeld in artikel 18, tweede lid, onder a, van het Reïntegratiebesluit, niet in staat is de hem door de werkgever opgedragen taken te verrichten.

De periode waarin een persoon met behoud van uitkering voor een werkgever onbeloonde werkzaamheden verricht om te kunnen bepalen of hij kan voldoen in zijn beoogde functie in de dienstbetrekking. De werkgever heeft bij aanvang van deze periode schriftelijk de intentie uitgesproken dat hij de persoon direct aansluitend aan zijn proefplaats voor minimaal 6 maanden in dienst zal nemen.

Protocol Interne Jobcoach UWV 2025.

Besluit van 2 december 2005 tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur houdende regels met betrekking tot re-integratie.

WAO: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering

Wajong: Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten

WAZ: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen

WGA: Regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten

WIA: Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen

Wsw: Wet sociale werkvoorziening

ZW: Ziektewet

Wet Suwi: Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen

Inclusief de daarbij behorende onderliggende regelgeving, evenals eventuele nieuwe wetten die geacht worden de bovengenoemde wetten te vervangen.

Een langdurige ziekte of handicap waarvan UWV heeft vastgesteld dat deze belemmerend werkt in relatie tot werken.

Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet Suwi.

De natuurlijk persoon of de rechtspersoon tot wie een of meer natuurlijke personen in dienstbetrekking staan.

Hoofdstuk 1. Inleiding

UWV draagt verantwoordelijkheid voor de re-integratie van werkzoekenden. Het gaat dan om ontslagwerklozen en werkzoekenden met een structurele functionele beperking. In dat kader heeft UWV onder meer de wettelijke taak om voorzieningen te verstrekken. Deze voorzieningen hebben tot doel om de persoon te ondersteunen bij het aan het werk komen of aan het werk blijven. Als een persoon werkt, bestaat de mogelijkheid dat hij – als gevolg van zijn beperking – uitsluitend door inzet van de voorziening Persoonlijke Ondersteuning (beter bekend onder de term Jobcoaching) zijn werkzaamheden kan uitvoeren. Is dit het geval dan bestaat de mogelijkheid dat:

Vraagt een persoon zelf de voorziening Jobcoaching aan, dan is het Protocol Externe Jobcoaching op hem van toepassing. Dit betreft een apart Protocol met andere voorwaarden. Belangrijk verschil met Interne Jobcoaching is dat uitsluitend een Jobcoach van een door UWV erkende Jobcoachorganisatie de persoon bij de uitvoering van zijn werkzaamheden mag ondersteunen.

Dit Protocol Interne Jobcoach UWV 2025 bevat de bepalingen in geval een werkgever Interne Jobcoaching voor zijn werknemer wil organiseren. Dit Protocol IJC bevat de voorwaarden waaraan een werkgever en de persoon, ten behoeve van wie hij subsidie aanvraagt, moet voldoen. Vraagt de werkgever subsidie aan, dan zal UWV de aanvraag aan de hand van dit Protocol beoordelen.

Hoofdstuk 2. Uitgangspunten

2.1. Jobcoaching

Persoonlijke Ondersteuning (hierna verder te noemen: Jobcoaching) vindt zijn oorsprong in de methodiek Supported Employment en wordt binnen deze methodiek als volgt gedefinieerd: ‘providing support to people with disabilities or other disadvantaged groups to secure and maintain paid employment in the open labour market’ (EUSE). Essentie is dat het gaat om het geven van werkgerelateerde ondersteuning aan een persoon bij het verrichten van reguliere arbeid, als bedoeld in het Burgerlijk Wetboek boek 7 titel 10 afdeling 1 artikel 610 e.v.

De Interne Jobcoach ondersteunt de persoon met een persoonlijk trainings- of inwerkprogramma op zijn werk en/of verzorgt de begeleiding op de werkvloer. Aan het eind van een geslaagde Interne Jobcoachperiode voert de persoon zelfstandig(er) zijn werk uit.

2.2. Doelgroep

Voor de toekenning van de Interne Jobcoach is het vereist dat de persoon voor wie de subsidie wordt aangevraagd een structurele functionele beperking heeft. Deze structurele functionele beperking is door UWV vastgesteld evenals de noodzaak tot het inzetten van een Interne Jobcoach. De wettelijke grondslag hiervoor is te vinden in artikel 36 van de WIA; artikel 35 van de WIA en artikel 2:22 van de Wajong1Ter verduidelijking: ook werknemers die geen uitkering van UWV ontvangen maar wel een structurele functionele beperking hebben naar oordeel van UWV, kunnen Interne Jobcoaching aanvragen – mits zij niet al onder de Participatiewet vallen.. De regeling omtrent de Interne Jobcoaching is nader uitgewerkt in artikel 12 van het Reïntegratiebesluit.

Is er sprake van een structurele functionele beperking dan geldt als aanvullende voorwaarde dat:

Als een persoon nog niet werkt in dienstbetrekking of op een proefplaats, kan UWV uitsluitend subsidie verstrekken als er tussen de persoon en de werkgever bindende afspraken gelden op grond waarvan een dienstbetrekking/proefplaats op een zekere datum aanvangt.

In het geval een persoon nog niet de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, is het eveneens mogelijk dat de werkgever subsidie voor hem aanvraagt. Dit volgt uit het bepaalde in artikel 35 lid 1 WIA. Voor deze persoon kan uitsluitend subsidie Interne Jobcoaching worden ingezet ingeval van een dienstbetrekking. Jongeren, die nog geen 18 jaar zijn, komen namelijk niet in aanmerking voor een proefplaats (artikel 2:24 Wet Wajong); tenzij een jongere recht heeft op een ZW-, WW- of WIA-uitkering.

UWV kan geen subsidie Interne Jobcoaching toekennen ten behoeve van een persoon die:

2.3. Eisen aan de dienstbetrekking en proefplaats

2.3.1. Eisen aan de dienstbetrekking

Behoort een persoon tot de doelgroep – zie paragraaf 2.2. – dan moet de dienstbetrekking aan de volgende eisen voldoen:

Uit de aanvraag moet blijken dat een dienstbetrekking aan bovengenoemde voorwaarden voldoet.

De voornoemde bepalingen sluiten uit dat UWV subsidie voor Interne Jobcoaching toekent in geval van een 0-urenovereenkomst. Voor dit type overeenkomst geldt immers dat vooraf niet vaststaat of en hoeveel uur de persoon daadwerkelijk zal werken en of daarmee aan de gestelde eis van tenminste 8 uur per week werken wordt voldaan

In geval van een stage- of leerovereenkomst is het niet mogelijk om subsidie voor Interne Jobcoaching toe te kennen. Aangenomen kan worden dat leerlingen niet in een reële dienstbetrekking werkzaam zijn. Er is immers geen sprake van een arbeidsovereenkomst, indien de verrichte werkzaamheden primair gericht zijn op het vergroten van eigen kennis en op het opdoen van werkervaring en dus niet zozeer op het verrichten van productieve arbeid.

Is een persoon op een uitzendovereenkomst werkzaam, dan mag het niet gaan om een uitzendovereenkomst met een uitzendbeding. Dit met het oog op de voorwaarde dat er sprake moet zijn van een dienstbetrekking met een duur van tenminste 3 maanden. In het geval van een uitzendbeding is de duur van minimaal 3 maanden niet geborgd, omdat de overeenkomst op elk moment kan eindigen. UWV kan uitsluitend subsidie verstrekken aan de werkgever met wie een persoon een uitzendovereenkomst heeft afgesloten.

Het verrichten van werkzaamheden in een arbeidstrainingscentrum komt niet in aanmerking voor subsidieverstrekking. Deze werkzaamheden zijn niet als productieve arbeid aan te merken. De nadruk ligt hier o.a. op het gewend raken aan een normaal arbeidsritme, het omgaan en samenwerken met collega’s en het opdoen van overige vaardigheden die noodzakelijk zijn om binnen een reguliere werkomgeving te kunnen functioneren.

In het geval een persoon al in dienst is bij een werkgever, kan het zijn dat gedurende de looptijd van de dienstbetrekking de noodzaak tot het inzetten van een Jobcoach ontstaat. Is dit het geval, dan stelt UWV dezelfde eisen zoals vermeld in paragraaf 2.3. Dit betekent dat UWV beoordeelt of bij de start van de dienstbetrekking deze voor de duur van minimaal 3 maanden is afgesloten. Zie hoofdstuk 3 vanaf welk moment UWV subsidie Interne Jobcoaching kan toekennen.

Een minimum-maximum (min-max) overeenkomst is een overeenkomst waarbij een persoon de garantie krijgt dat hij het minimum aantal overeengekomen uren kan werken. Over dit aantal minimum aantal uren kan hij ook – in rechte – loon afdwingen bij zijn werkgever. Deze uren worden garantie uren genoemd. De overige uren, tot aan het max aantal uren, zijn te beschouwen als een flexibele schil. Dit betreffen uren op oproepbasis.

UWV kent uitsluitend subsidie Interne Jobcoaching toe op een min-max overeenkomst als het minimum aantal te werken uren 8 uur per week bedraagt. UWV berekent het aantal Jobcoachuren op basis van het minimum aantal te werken/gegarandeerde uren.

2.3.2. Proefplaats

Als een persoon bij de werkgever op basis van een proefplaats werkzaam is, beschouwt UWV deze proefplaats – voor toekenning van de subsidie interne Jobcoaching – als werken in een dienstbetrekking. Het moet dan wel gaan om een proefplaats in de zin van art. 37 WIA, 2.24 Wajong, 3:69 Wajong, 52e ZW, 65g WAO, 67e WAZ of 76a WW. Tijdens een proefplaatsing kan zowel de werkgever als de persoon onderzoeken of de persoon geschikt is voor de functie. De proefplaats duurt 2 maanden.3Zie in dit verband de UWV Beleidsregels inzake Proefplaatsing (Staatscourant)

UWV kent uitsluitend in bijzondere situaties aan personen met een ZW-, Wajong-, WAO-, WAZ- of WIA-uitkering een proefplaats van meer dan 2 maanden toe. Het gaat dan bijvoorbeeld om een situatie dat de persoon zodanige beperkingen heeft, dat een werkgever binnen 2 maanden niet kan beoordelen of hij geschikt is voor zijn werkzaamheden. De duur van de proefplaats dient vooraf bij de start van de proefplaats te worden afgesproken. Bij ziekte wordt de proefplaats verlengd voor de duur van de ziekteperiode.

2.4. De begeleidingsintensiteit

2.4.1. De begeleidingsregimes bij een dienstbetrekking

De omvang van de begeleiding is een percentage van het aantal door de persoon gewerkte uren. UWV onderscheidt voor de begeleidingsintensiteit een drietal begeleidingsregimes: licht, midden en intensief. De drie begeleidingsregimes kennen ieder een vast maximumpercentage van het aantal gewerkte uren. Dit maximumpercentage is niet vast, maar wordt per jaar afgebouwd. De wettelijke maximumpercentages per jaar zijn opgenomen in het Reïntegratiebesluit in artikel 12 lid 2.

UWV gaat ervan uit dat het middenregime als standaard te vergoeden begeleidingsuren voldoende passend is. UWV beoordeelt in individuele gevallen of een licht, midden of intensief begeleidingsregime noodzakelijk is. Uitsluitend als de persoonlijke omstandigheden daartoe aanleiding geven, dit ter beoordeling aan UWV, kan het intensieve regime worden ingezet.

De keuze voor een begeleidingsregime bij de aanvraag geeft aan welk verloop de begeleidingsintensiteit voor de persoon heeft. Blijkt het regime op een gegeven moment niet meer te voldoen, dan kan in een Interne Jobcoachperiode van regime gewisseld worden op basis van een daartoe strekkend wijzigingsverzoek en een positieve beschikking van UWV daarop. Zie in dit verband paragraaf 4.1. Daarnaast is het mogelijk om bij een nieuwe aanvraag voor een Jobcoachperiode een verzoek te doen voor een ander regime.

Het Reïntegratiebesluit kent in het eerste jaar van de dienstbetrekking een wettelijk vastgesteld aantal begeleidingsuren van maximaal 15% van het aantal overeengekomen werkuren toe. In het 2e jaar is dit wettelijk maximum aantal uren gesteld op 7,5% en vanaf het 3e jaar op 6%. De geleidelijke afbouw van het aantal begeleidingsuren is gebaseerd op het uitgangspunt dat de persoon binnen 3 jaar, nadat de subsidie Interne Jobcoaching is toegekend, geacht wordt zijn werk zelfstandig(er) te kunnen uitvoeren. Kent UWV na het 3e jaar opnieuw subsidie Interne Jobcoaching toe, dan gaat UWV uit van het laagste percentage in een regime.

De toe te kennen percentages begeleidingsuren in het zwaarste begeleidingsregime – te weten intensief – corresponderen met de wettelijke maxima in het Reïntegratiebesluit. In het derde jaar vallen het midden en lichte regime qua percentage te begeleiden uren samen. Na jaar drie blijven de percentages begeleidingsuren voor de onderscheiden begeleidingsregimes gelijk.

2.4.2. Proefplaats

Het vorenstaande geldt ook op een proefplaats. Dit houdt in dat het percentage begeleidingsuren tijdens de gehele duur van de proefplaats op het niveau van jaar 1 bij een dienstbetrekking is.

2.5. Eisen aan de dienstbetrekking en proefplaats

UWV heeft de begeleidingsregimes in combinatie met het betreffende jaar en de omvang van de dienstbetrekking vertaald in een vast subsidiebedrag. De subsidiebedragen zijn opgenomen in het Besluit Beleidsregel UWV Normbedragen Voorzieningen. De subsidiebedragen zijn te vinden onder de code Q2. Het gaat hier om maximum bedragen voor een dienstbetrekking van 24 uur of meer per week. Werkt de persoon minder dan 24 uur dan wordt het betreffende subsidiebedrag naar rato van het minder aantal uren werken vastgesteld.

Duurt de dienstbetrekking korter dan een jaar, dan stelt UWV het subsidiebedrag naar rato vast.

Hierop geldt als uitzondering het subsidiebedrag voor een proefplaats. Het in het Normbedragenbesluit opgenomen subsidiebedrag geldt voor de gehele duur van de proefplaats. Ongeacht of deze 2 of maximaal 6 maanden duurt, dan wel tussentijds wordt stopgezet. Als een persoon minder werkt dan 24 uur per week, wordt het subsidiebedrag naar rato vastgesteld.

Omdat UWV een vast subsidiebedrag hanteert, bestaat het mogelijkheid dat één Interne Jobcoach meerdere personen tegelijk begeleidt.

2.6. Maximale duur van de subsidie Interne Jobcoaching

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.