Regeling van het College voor toetsen en examens van 3 februari 2025, CvTE-25.00473, houdende vaststelling van het beoordelingskader voor de doorstroomtoets in het primair onderwijs voor het openbaar lichaam Bonaire (Regeling beoordelingskader doorstroomtoets PO Bonaire)
Gelet op artikel 3a, eerste lid, onderdeel g, van de Wet College voor toetsen en examens;
Gezien de goedkeuring van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, gegeven op 20 februari 2025, nummer 50618432,
Besluit:
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel V, onderdeel G, van de Wijzigingswet Wet op het primair onderwijs, enz. (aanpassingen op het gebied van de doorstroom van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs en wijziging van de stelselinrichting van doorstroomtoetsen en toetsen verbonden aan leerling- en onderwijsvolgsystemen in het basisonderwijs) in werking treedt.
Artikel 1. Beoordelingskader
Het beoordelingskader voor de doorstroomtoets als bedoeld in artikel 3a, eerste lid, onderdeel g van de Wet College voor toetsen en eamens wordt vastgesteld als opgenomen in de bijlage van deze regeling.
Artikel 2. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop artikel V, onderdeel G, van de Wet van 9 februari 2022 tot wijziging van een aantal onderwijswetten in verband met aanpassingen op het gebied van de doorstroom van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs en wijziging van de stelselinrichting van doorstroomtoetsen en toetsen verbonden aan leerling- en onderwijsvolgsystemen in het basisonderwijs (Stb. 2022, 135) in werking treedt.
Artikel 3. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beoordelingskader doorstroomtoets PO Bonaire.
Bijlage 1. Beoordelingskader voor de doorstroomtoets PO Bonaire
Bijlage behorende bij artikel 1 van de Regeling beoordelingskader doorstroomtoets PO Bonaire.
1. Inleiding
1.1. Begrippen en definities
1.2. Reikwijdte
De wet die een aantal onderwijswetten wijzigt in verband met aanpassingen op het gebied van de doorstroom van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs en wijziging van de stelselinrichting van doorstroomtoetsen en toetsen verbonden aan leerling- en onderwijsvolgsystemen in het basisonderwijs (De Wet doorstroomtoets po, Stb. 2022,135) wijzigt onder meer de WPO BES. De WPO BES schrijft na inwerkingtreding van de wetswijziging voor dat leerlingen op Bonaire in het laatste leerjaar van het basisonderwijs verplicht een doorstroomtoets maken die dient als objectief tweede gegeven voor het vaststellen van het niveau van de leerling. Dezelfde wet schrijft voor dat het College voor Toetsen en Examens (CvTE) de wettelijke taak heeft om de doorstroomtoets voor leerlingen op Bonaire te erkennen. Doorstroomtoetsen die het CvTE erkent, worden voor een periode van vier jaar toegelaten tot het primair onderwijs.
Het CvTE maakt voor het erkennen van de doorstroomtoets voor leerlingen op Bonaire gebruik van een adviseur. De adviseur baseert diens advies op het beoordelingskader vastgesteld met deze regeling.
Op basis van het advies van de adviseur stelt het CvTE tevens jaarlijks vast of de erkende doorstroomtoets voor dat jaar voldoet aan de criteria van de Regeling beoordelingskader doorstroomtoetsen po Bonaire.
Bij het beoordelen van extra kennisgebieden, buiten de verplichte en optionele (sub)domeinen en taalactiviteiten, taalstrategieën en taalcompetenties van de terreinen Nederlands als vreemde taal, Rekenen en Papiamentu, oordeelt het CvTE of ook dat deel van de toets inhoudelijk valide en betrouwbaar is en of het van een deugdelijke normering is voorzien. Voor de beoordeling van dit deel worden de toetsbare onderdelen van dit beoordelingskader toegepast.
Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft kenbaar gemaakt dat er voor leerlingen op Bonaire geen door de overheid aangeboden calamiteitentoets beschikbaar is. Dit vanwege de geringe leerlingenpopulatie. De toetsaanbieder moet hiermee rekening houden bij diens eigen calamiteitenplan.
1.3. Relatie beoordelingskader tot andere wetgeving
Deze regeling geeft een beoordelingskader voor de erkenning en jaarlijkse vaststelling van de doorstroomtoets primair onderwijs, ten aanzien van de toepassing van de psychometrische, onderwijskundige en organisatorische aspecten van de toets als bedoeld in artikel 3a, eerste lid aanhef en onder g van de Wet College voor toetsen en examens. Het CvTE betrekt bij zijn beoordeling niet of de aanbieder voldoet aan andere wet- en regelgeving zoals die geldt voor het gebruik van intellectueel eigendom of die geldt op grond van de Artificial Intelligence-verordening.
Let op: bovenstaande opsomming is niet uitputtend en een indicatie voor de aan te leveren documentatie. Met het invullen van de leeswijzer maakt een aanbieder helder in welke documentatie de kwaliteitscriteria precies worden verantwoord.
Het CvTE controleert of alle gegevens en bescheiden als bedoeld in de paragrafen 1.4.1 t/m 1.4.2 en eventueel paragrafen 1.4.3 t/m 1.4.4 zijn aangeleverd bij het indienen van de aanvraag. Indien dit het geval is, zal de adviseur worden ingeschakeld voor het opstellen van een advies op basis van de kwaliteitseisen in hoofdstuk 3, 4 en 5. De adviseur kan vaststellen dat hij nog informatie mist om de aanvraag te kunnen beoordelen. Het CvTE zal dan vragen aan de aanbieder het gebrek in de aanvraag (alsnog) te herstellen. Het CvTE kan dan de indiening buiten behandeling laten als de toetsaanbieder het gebrek in de aanvraag binnen de termijn die hij hiervoor krijgt niet herstelt.
1.4.1. Aan te leveren documentatie
De aanvrager moet minimaal de volgende gegevens en bescheiden verstrekken:
Een aanbieder heeft de mogelijkheid om voor verschillende wijzen van afname (bijv. digitaal en papier) een erkenning of vaststelling aan te vragen (naast de optie om verschillende wijzen van afname in één aanvraag in te dienen bij het CvTE). Indien een aanbieder hiervoor kiest, moet de aanbieder ook daadwerkelijk meerdere aanvragen indienen, in separate mappen op de terminal server, met separaat ingevulde leeswijzers. Allebei de aanvragen krijgen dan ook separaat een erkenning of vaststelling. Deze aanvragen moeten volledig onafhankelijk van elkaar kunnen worden beoordeeld. Dat wil zeggen dat de ene afnamemodus bijvoorbeeld niet de terugvaloptie kan zijn van de andere afnamemodus. Dit zou namelijk betekenen dat als de ene afnamemodus niet wordt erkend of vastgesteld, dit ervoor zorgt dat door de afhankelijkheid de andere afnamemodus ook niet kan worden erkend of vastgesteld.
In het geval van een lineaire digitale toets:
Om de items in een doorstroomtoets efficiënt en gestructureerd te kunnen beoordelen, zijn er eisen aan het leveren van items aan het CvTE:
In het geval van een papieren toets:
In het geval van een lineaire digitale toets:
2. Format Regeling beoordelingskader doorstroomtoets po Bonaire
In het geval van een CAT:
3. Onderwijskundige aspecten
1.4.3. Optioneel: het aanleveren van data t.b.v. normering
Het aanleveren van data t.b.v. de normering is alleen van toepassing voor een al eerder afgenomen doorstroomtoets. De aanvrager moet minimaal de data verstrekken of heeft de data al verstrekt ten behoeve van de normering zoals uiteengezet in hoofdstuk 3.4 t/m 3.4.9 van de Regeling Beoordelingsnormen Doorstroomtoets PO Bonaire.
Bovenstaande opsomming is in lijn met het Toetsbesluit PO en de Wet doorstroomtoetsen po. Voor alle wettelijk verplichte en optionele (sub)domeinen en taalactiviteiten, taalcompetenties en taalstrategieën zijn in deze regeling kwaliteitseisen geformuleerd.
Het aanleveren van data t.b.v. toelatings- en doorstroomonderzoek is alleen van toepassing voor al een eerder afgenomen doorstroomtoets. De aanvrager moet minimaal de data verstrekken of heeft de data al verstrekt ten behoeve van toelatings- en doorstroomonderzoek zoals uiteengezet in hoofdstuk 4.1 t/m 4.4.2 van de Regeling Beoordelingsnormen Doorstroomtoets PO Bonaire.
2. Format Regeling beoordelingskader doorstroomtoets po Bonaire
Het beoordelingsformat bevat de volgende drie inhoudelijke onderdelen, die enkele onderliggende thema’s bevatten:
Toelichting V1: De aanbieder wordt gevraagd om alle toetsopgaven inzichtelijk aan te leveren. Daaronder vallen alle items van de doorstroomtoets zelf én ankeropgaven en eventuele zaai-opgaven.
Toelichting V2: De toetsmatrijs is een adequate representatie van het meetdoel voor in ieder geval:
In de volgende paragrafen worden de vakinhoudelijke kwaliteitseisen uitgewerkt voor:
Bovenstaande opsomming is in lijn met het Toetsbesluit PO en de Wet doorstroomtoetsen po. Voor alle wettelijk verplichte en optionele (sub)domeinen en taalactiviteiten, taalcompetenties en taalstrategieën zijn in deze regeling kwaliteitseisen geformuleerd.
Naast de wettelijk verplichte én optionele (sub)domeinen, taalactiviteiten, taalstrategieën en taalcompetenties staat het de toetsaanbieder vrij om extra kennisgebieden aan de doorstroomtoets toe te voegen, bijv. aardrijkskunde. De score die de leerling op deze extra kennisgebieden haalt, mag de toetsaanbieder toevoegen aan het leerlingrapport. Deze extra kennisgebieden tellen niet mee voor het berekende toetsadvies en tellen ook niet mee voor de berekende score op de referentie- en ERK-niveaus. Alle toetsopgaven van de wettelijk verplichte en optionele (sub)domeinen, taalactiviteiten, taalstrategieën en taalcompetenties, én de extra kennisgebieden worden inhoudelijk door een adviseur van het CvTE beoordeeld. Zie in dit kader de kwaliteitseisen in Hoofdstuk 3.2. Dit beoordelingskader schrijft niet voor wat de minimale en maximale toetslengte in aantal toetsvragen van een doorstroomtoets moet zijn. Eveneens worden er geen richtlijnen gegeven over de verhouding van het aantal toetsvragen tussen de wettelijk verplichte en optionele (sub)domeinen, taalactiviteiten, taalstrategieën en taalcompetenties, én extra kennisgebieden. Verder worden er ook geen richtlijnen gegeven voor het aantal toetsvragen per referentie- en/of ERK-niveau. Dit om de aanbieder de mogelijkheid te geven volgens de eigen zienswijze een compleet beeld van de leerlingen te kunnen geven.
Indien in de doorstroomtoets ook optionele productieve vaardigheden worden getoetst, levert de aanbieder een beoordelaarsschema in, aangevuld met informatie over de beoordelaarsovereenstemming, een en ander conform de voorschriften uit de Toetswijzer voor de doorstroomtoets po Bonaire.
Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseisen te voldoen, moeten alle vragen met JA worden beantwoord.
Toelichting V1: De toetsmatrijs is een adequate representatie van het meetdoel voor in ieder geval:
3.3. Verantwoording
Er is sprake van een adequate representatie wanneer de toetstermen het meetdoel representeren. Dit blijkt uit het gegeven dat:
Toelichting V2: In de Checklist voor het beoordelen van de kwaliteit van observatie-categorieën en toetsopgaven staan de constructievoorschriften voor toetsvragen en de vijf kwaliteitscriteria (relevantie, objectiviteit, efficiëntie, specificiteit en neutraliteit) beschreven. De toetsopgaven – inclusief ankeropgaven en eventuele zaai-opgaven – moeten hieraan voldoen voor:
Indien in de doorstroomtoets ook optionele productieve vaardigheden worden getoetst, levert de aanbieder een beoordelaarsschema in, aangevuld met informatie over de beoordelaarsovereenstemming.
In het geval een item niet voldoet aan de kwaliteitscriteria voor inhoudsvaliditeit, moet het betreffende item te worden verwijderd of vervangen. Indien de adviseur twijfelt over de mate waarin een item voldoet aan de kwaliteitscriteria, wordt de aanbieder verzocht om te reflecteren op de kwaliteit. Daarnaast moet de aanbieder beargumenteren door middel van een inhoudelijke en psychometrische onderbouwing waarom de toetsopgave wel óf niet volledig voldoet aan de kwaliteitscriteria. Dit kan resulteren in één van de volgende opties:
3.4. Terrein Rekenen
Het Referentiekader onderscheidt voor het terrein Rekenen vier wettelijk verplichte domeinen, te weten Getallen (g), Verhoudingen (vh), Meten en meetkunde (m/mk) en Verbanden (vb). In de doorstroomtoets dienen alle domeinen getoetst te worden. Dit betekent dat de doorstroomtoets moet voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen aan het terrein Rekenen. De gestelde kwaliteitseisen voor de vier domeinen zijn opgenomen in de Toetswijzer doorstroomtoets PO Bonaire.
Het Referentiekader onderscheidt voor het terrein Rekenen vier wettelijk verplichte domeinen, te weten Getallen (g), Verhoudingen (vh), Meten en meetkunde (m/mk) en Verbanden (vb). In de doorstroomtoets moeten alle domeinen getoetst worden. Dit betekent dat de doorstroomtoets moet voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen aan het terrein Rekenen. De gestelde vakinhoudelijke kwaliteitseisen voor deze vier domeinen en de vereiste verdeling van de toetsopgaven over de domeinen in de toetsmatrijs en de toetssamenstelling zijn opgenomen in de Toetswijzer doorstroomtoets po Bonaire.
Een individuele rekenopgave kan betrekking hebben op meerdere domeinen van het terrein Rekenen. In dat geval moet de aanbieder dit duidelijk vermelden, bijvoorbeeld door te kiezen voor het domein dat het beste past bij het beoogde toetsdoel van de betreffende opgave. Tevens moet de aanbieder dan toelichten op welke wijze er wordt voldaan aan de voorgeschreven verdeling van toetsopgaven over de domeinen van het terrein Rekenen.
3.4.1. Verdeling toetsopgaven over domeinen in toetsmatrijs en toetssamenstelling
De doorstroomtoets bevat opgaven uit alle domeinen uit het referentiekader Rekenen. Het betreft de domeinen Getallen (g), Verhoudingen (vh), Meten en meetkunde (m/mk) en Verbanden (vb).
De doorstroomtoets bevat opgaven uit alle domeinen uit het referentiekader Rekenen. Het betreft de domeinen Getallen (g), Verhoudingen (vh), Meten en meetkunde (m/mk) en Verbanden (vb).
Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseisen te voldoen, moeten alle vragen met JA of N.V.T. worden beantwoord.
De opgaven moeten in de toets als volgt over de domeinen zijn verdeeld:
Toelichting D.G t/m D.Vb: De gestelde percentages toetsopgaven per domein gelden voor zowel papieren toetsen, lineaire digitale toetsen, adaptieve toetsen op itemniveau (CAT) en adaptieve toetsen op moduleniveau (MST).
3.4.2. Verdeling toetsopgaven over onderdelen
Elk domein is opgebouwd uit drie onderdelen:
Elk domein is opgebouwd uit drie onderdelen:
De toets bevat opgaven uit alle onderdelen.
Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseisen te voldoen, moeten alle vragen met JA of N.V.T. worden beantwoord.
De relatieve (procentuele) verdeling van opgaven over de onderscheiden onderdelen is als volgt:
Toelichting O.A: Voor onderdeel A wordt geen minimum vereist omdat deze inhouden ook kunnen worden gebruikt en toegepast bij de inhouden van onderdeel B en onderdeel C.
Toelichting O.A t/m O.C: De gestelde percentages toetsopgaven per domein gelden voor zowel papieren toetsen, lineaire digitale toetsen, computergestuurde adaptieve toetsen op itemniveau (CAT) en adaptieve toetsen op moduleniveau (MST).
3.4.3. Opgaven met en zonder context
In het terrein Rekenen van een doorstroomtoets moeten zowel opgaven met context als opgaven zonder context (zogenoemde ‘kale opgaven’) worden opgenomen, een en ander conform de Toetswijzer PO.
In het terrein Rekenen van een doorstroomtoets moeten zowel opgaven met context als opgaven zonder context (zogenoemde ‘kale opgaven’) worden opgenomen.
Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseisen te voldoen, moeten alle vragen met JA of N.V.T. worden beantwoord.
Toelichting C1 t/m C2: De gestelde percentages gelden voor zowel papieren toetsen, lineaire digitale toetsen, computergestuurde adaptieve toetsen op itemniveau (CAT) en adaptieve toetsen op moduleniveau (MST).
3.4.4. Gebruik uitrekenpapier
Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseisen te voldoen, dienen alle vragen met JA te worden beantwoord.
3.4.5. Gebruik rekenmachine
Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseis te voldoen, dient deze vraag met JA te worden beantwoord.
Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseis te voldoen, moet deze vraag met JA worden beantwoord.
3.4.6. Context Bonaire
Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseis te voldoen, dienen alle vragen met JA te worden beantwoord.
Beslisregel: Om aan deze categorie kwaliteitseis te voldoen, moeten alle vragen met JA worden beantwoord.
Toelichting BR1: Het taalgebruik in het terrein Rekenen is volledig het Nederlands. Alle opgaven en daar bijhorende materialen (zoals teksten en luisterfragmenten) moeten daarom volledig in het Nederlands beschikbaar worden gesteld.
Toelichting BR2: Het taalgebruik dat gehanteerd wordt voor de rekenopgaven moet afgestemd worden op de groep leerlingen voor wie de toets bestemd is. In het geval van de doorstroomtoets po Bonaire betreft het taalgebruik een complex fenomeen, waarin het Nederlands de instructietaal is, maar als vreemde taal wordt getoetst. Minder algemeen gangbare begrippen en woorden kunnen worden verduidelijkt in woorden dan wel met geschikt beeldmateriaal. Hierdoor wordt het taalgebruik een minder belemmerende factor bij het omzetten van de context naar een rekenwiskundig probleem.
3.5. Terrein Papiamentu
In de doorstroomtoets po Bonaire worden voor wat betreft het terrein Papiamentu de wettelijk verplichte domeinen Lezen (§ 3.5.2) en Begrippenlijst en Taalverzorging, daaronder niet begrepen het subdomein Begrippenlijst, (§ 3.5.3) getoetst. Aanvullend hierop kunnen optioneel één of meerdere van de domeinen Schrijven (§ 3.5.4) en Mondelinge taalvaardigheid (§ 3.5.5) en het aspect Woordenschat (§ 3.5.6) worden getoetst. De gestelde vakinhoudelijke kwaliteitseisen zijn opgenomen in de Toetswijzer voor de doorstroomtoets po Bonaire.
⋯
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.