Regeling van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 6 maart 2025, nr. 6141259, houdende vaststelling van een subsidieregeling vrijwilligersactiviteiten bij de sanctietoepassing 2026–2028

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-03-19
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 3 en 4 Kaderwet overige JenV-subsidies;

Besluit:

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1. Algemene bepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 1.2. Doel
1.

De staatssecretaris verstrekt subsidies aan de subsidieontvanger ter stimulering van de inzet van actieve vrijwilligers voor het verrichten van activiteiten als bedoeld in artikel 1.6 ten behoeve van een humaan leefklimaat en succesvolle re-integratie van justitiabelen.

2.

De verstrekte subsidie is niet kostendekkend voor de inzet van vrijwilligers.

Artikel 1.3. Subsidieperiode

De subsidie wordt voor een periode vanaf 1 januari 2026 tot 1 januari 2029 verstrekt.

Artikel 1.4. Beschikbare bedrag

Voor de uitvoering van deze regeling is per kalenderjaar een bedrag ter grootte van € 4.299.260,– beschikbaar.

Dit bedrag geldt als subsidieplafond in de zin van artikel 4:25 van de Algemene wet bestuursrecht, zij het dat de bedragen over de jaren 2025 tot en met 2028 jaarlijks geïndexeerd worden op basis van de door het Ministerie van Financiën toegekende middelen voor loonbijstelling.

Artikel 1.5. Begrotingsvoorbehoud

Subsidie wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 1.6. Te subsidiëren activiteiten

De subsidie wordt verstrekt voor de volgende activiteiten:

Artikel 1.7. Kostenposten

De kosten waaraan de subsidie slechts op doelmatige wijze kan worden besteed, zijn:

Artikel 1.8. Weigeringsgronden
1.

Subsidie wordt geweigerd indien:

2.

Onverminderd de in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht opgesomde weigeringsgronden kan subsidie geheel of gedeeltelijk worden geweigerd indien:

Artikel 1.9. Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht

Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is gedurende het subsidiejaar van toepassing ten aanzien van een subsidieontvanger aan wie op grond van onderhavige regeling van € 125.000,– of meer per kalenderjaar subsidie is verleend met dien verstande dat:

Artikel 1.10. Toepassingsgebied

Deze regeling is van toepassing in het Europese gedeelte van het Land Nederland van het Koninkrijk der Nederlanden.

Paragraaf 2. De aanvraag

Artikel 2.1. Aanvraagformulier
1.

De aanvrager kan slechts een aanvraag per jaar indienen in het kader van deze regeling.

2.

Een aanvraag voor het verlenen van subsidie wordt digitaal ingediend door middel van een aanvraagformulier.

3.

Een aanvraag wordt alleen in behandeling genomen als het volledig en juist ingevulde aanvraagformulier tijdig is ontvangen en vergezeld gaat van de gevraagde bijlagen, zoals op het aanvraagformulier gesteld.

4.

In de aanvraag maakt de aanvrager duidelijk welke activiteiten als bedoeld in artikel 1.6 hij voornemens is te verrichten tijdens de subsidieperiode.

Artikel 2.2. Indienen van de aanvraag
1.

De subsidie wordt per kalenderjaar verstrekt.

2.

De aanvraag dient elk jaar vanaf 1 mei maar uiterlijk voor 1 juli om 12.00 uur voor het subsidiejaar dat start op 1 januari daaropvolgend, digitaal te zijn ontvangen. Een aanvraag die na 1 juli wordt ingediend, wordt niet in behandeling genomen.

Paragraaf 3. Beoordelingsprocedure

Artikel 3.1. Volledigheid van de aanvraag
1.

De staatssecretaris beoordeelt of de aanvraag volledig en compleet is ingevuld.

2.

In geval van een aanvraag met gebreken wordt de aanvrager door de staatssecretaris twee weken de tijd gegeven om de gebreken te herstellen. Indien de gebreken niet binnen twee weken worden hersteld, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.

Artikel 3.2. Verdeelsleutel
1.

De beschikbare subsidiegelden worden per jaar verdeeld volgens de volgende formule:

2.

Indien na de verdeling op grond van het eerste lid de beschikbare subsidiegelden niet in het geheel zijn verdeeld, zal op basis van dezelfde formule het resterende bedrag worden verdeeld over de subsidieontvangers die in het aanvraagformulier hebben aangegeven hiervoor in aanmerking te willen komen. Dit kan zich voordoen wanneer in de subsidieaanvragen van de vrijwilligersorganisaties het aantal vooraf ingeschatte actieve vrijwilligers hoger is dan bij de eindafrekening.

Artikel 3.3. Verdeling per vrijwilliger

In het geval dat een specifieke actieve vrijwilliger bij meerdere vrijwilligersorganisaties in hun subsidieaanvraag voor komt (vanaf hier; dubbelingen), wordt het subsidiebedrag voor deze vrijwilliger naar rato verdeeld over de vrijwilligersorganisaties die deze vrijwilliger opgeven in hun subsidieaanvraag.

Paragraaf 4. Subsidieverlening en bevoorschotting

Artikel 4.1. Subsidieverlening

De staatssecretaris neemt een besluit tot subsidieverlening op basis van de ingediende subsidieaanvraag voor 1 december van het jaar waarin de aanvraag is ingediend.

Artikel 4.2. Voorschot

In geval van subsidieverlening gelijk aan of meer dan € 25.000,– wordt 90% van het toegekende bedrag als voorschot verstrekt. Dit bedrag wordt uiterlijk drie maanden na de beslissing tot subsidieverlening uitgekeerd. De definitieve afrekening van de subsidie geschiedt op grond van de werkelijk gemaakte kosten, rekening houdend met de hoogte van het subsidiebedrag.

Paragraaf 5. Subsidievaststelling

Artikel 5.1. Subsidievaststelling
1.

Uiterlijk 1 juli dient de aanvrager aan wie in het vorige kalenderjaar subsidie is verleend, een verzoek tot vaststelling van de subsidie voor het vorige kalenderjaar in.

2.

In afwijking van het eerste lid wordt de subsidie tot € 25.000,– ambtshalve gelijk met de subsidieverlening vastgesteld.

3.

Binnen 22 weken na 1 juli wordt een besluit op de aanvraag tot vaststelling van de subsidie aan de aanvrager toegezonden.

4.

De subsidie kan geheel of gedeeltelijk ambtshalve worden vastgesteld indien:

Paragraaf 6. Verplichtingen voor de subsidieaanvrager

Artikel 6.1. Algemene verplichtingen

Aan de subsidie zijn de volgende verplichtingen verbonden:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.