Reglement van de Koninklijke Bibliotheek 2024
Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen
Hoofdstuk 2. Algemeen bestuurscollege
Hoofdstuk 2. Algemeen bestuurscollege
Hoofdstuk 4. De organisatie
Hoofdstuk 5. Openbaarheid en tarieven
Hoofdstuk 6. Rechtsbescherming
Hoofdstuk 7. Overgangs- en slotbepalingen
Bijlage 1. Besluit mandaat-, volmacht- en machtigingsregeling koninklijke bibliotheek 2022
Het Algemeen Bestuurscollege van de Koninklijke Bibliotheek,
Gelet op de bepalingen in afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht;
Gelet op de bepalingen in de Auteurswet;
Gelet op titel 3 van het Burgerlijk Wetboek;
Gelet op de bepalingen in de Kaderwet;
Gelet op de bepalingen in de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 96/46/EG (verder: Algemene Verordening Gegevensbescherming) en de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming;
Gelet op de bepalingen in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
Gelet op de bepalingen in de Wet open overheid;
Gelet op de bepalingen in de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen en;
Gelet op artikel 2.1 en artikel 3.1 van het Reglement van de Koninklijke Bibliotheek
Besluit:
De directeur-bibliothecaris (hierna aangeduid als: Algemeen Directeur) van de Koninklijke Bibliotheek mandaten, volmachten en machtigingen ter uitvoering van de taken en bevoegdheden ten aanzien van de Koninklijke Bibliotheek te verlenen;
Artikel 1
Artikel 2
De Algemeen Directeur heeft de bevoegdheid mandaat, volmacht en machtiging te verlenen voor ondertekening van uitvoeringstechnische zaken.
Artikel 3
Artikel 4
De ondertekening van documenten namens het Algemeen Bestuurscollege luidt als volgt: “namens het Algemeen Bestuurscollege van de Koninklijke Bibliotheek, (naam), Algemeen Directeur van de Koninklijke Bibliotheek”.
Artikel 5
Artikel 6
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Mandaat-, Volmacht-, en Machtigingsregeling Koninklijke Bibliotheek 2022.
Bijlage 2. Besluit volmachtsregeling personeelsbeleid/ personeelsbeheer koninklijke bibliotheek 2022
Het Algemeen Bestuurscollege van de Koninklijke Bibliotheek,
Het Algemeen Bestuurscollege van de Koninklijke Bibliotheek,
Gelet op de bepalingen in afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht;
Gelet op de bepalingen in de Auteurswet;
Artikel 1
Artikel 2
Gelet op de bepalingen in de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 96/46/EG (verder: Algemene Verordening Gegevensbescherming) en de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming;
Artikel 3
Gelet op de bepalingen in de Wet open overheid;
Artikel 4
Artikel 5
Besluit:
Artikel 6
Artikel 1
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Volmachtsregeling personeelsbeleid/personeelsbeheer Koninklijke Bibliotheek 2022.
Bijlage 3. Besluit mandaatregeling algemeen directeur koninklijke bibliotheek algemene verordening gegevensbescherming 2022
Het Algemeen Bestuurscollege van de Koninklijke Bibliotheek,
Gelet op de bepalingen in de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 96/46/EG (verder: Algemene Verordening Gegevensbescherming) en de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming;
De ondertekening van documenten namens het Algemeen Bestuurscollege luidt als volgt: “namens het Algemeen Bestuurscollege van de Koninklijke Bibliotheek, (naam), Algemeen Directeur van de Koninklijke Bibliotheek”.
Besluit:
De directeur-bibliothecaris (hierna aangeduid als: Algemeen Directeur) van de Koninklijke Bibliotheek het navolgende mandaat te verlenen:
Artikel 1. Bevoegdheden
Artikel 2. (Onder)mandaat
Artikel 3. Slotbepalingen
Bijlage 4. Besluit mandaatregeling subsidie koninklijke bibliotheek 2022
Besluit:
De directeur-bibliothecaris (hierna aangeduid als: Algemeen Directeur) van de Koninklijke Bibliotheek de navolgende volmachten inzake personeelsbeleid/ personeelsbeheer, het vaststellen en wijzigen van de (collectieve) arbeidsvoorwaarden en het aangaan, wijzigen en beëindigen van de arbeidsovereenkomsten te verlenen.
Gelet op artikel 9 en artikel 20 van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen;
Besluit:
De Algemeen Directeur is gevolmachtigd om namens het Algemeen Bestuurscollege het overleg te voeren met de daarvoor in aanmerking komende verenigingen van werknemers.
Artikel 3
Artikel 2
De uitoefening van het mandaat strekt zich niet uit tot het beslissen op een bezwaarschrift (artikel 10:3 lid 3 Awb).
Artikel 5
De ondertekening van documenten namens het Algemeen Bestuurscollege luidt als volgt: “namens het Algemeen Bestuurscollege van de Koninklijke Bibliotheek, (naam), Algemeen Directeur van de Koninklijke Bibliotheek”.
Artikel 6
De ondertekening van uitgaande stukken luidt als volgt: ‘namens het Algemeen Bestuurscollege van de Koninklijke Bibliotheek, (naam), Algemeen Directeur van de Koninklijke Bibliotheek’.
Artikel 5
Artikel 6
Het Algemeen Bestuurscollege van de Koninklijke Bibliotheek,
Bijlage 5A. De regeling bezwarenprocedure koninklijke bibliotheek 2024
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Bijlage 5B. Besluit herbenoeming adviescommissie subsidie regeling bezwarenprocedure koninklijke bibliotheek 2023
Besluit:
De directeur-bibliothecaris (hierna aangeduid als: Algemeen Directeur) van de Koninklijke Bibliotheek het navolgende mandaat te verlenen:
Besluit:
Artikel 2. (Onder)mandaat
Artikel 3. Slotbepalingen
Artikel 3
Bijlage 6. Reglement koninklijke bibliotheek 2023
Klachtregeling Koninklijke Bibliotheek
Gelet op artikel 9 en artikel 20 van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen;
Besluit:
De directeur-bibliothecaris (hierna aangeduid als: Algemeen Directeur) van de Koninklijke Bibliotheek het navolgende mandaat te verlenen.
Artikel 1
Artikel 2
De uitoefening van het mandaat strekt zich niet uit tot het beslissen op een bezwaarschrift (artikel 10:3 lid 3 Awb).
Artikel 3
Artikel 3. Klachtrecht
Artikel 4
Artikel 4. Mondelinge klachten
Artikel 5
Artikel 6
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Mandaatregeling subsidie Koninklijke Bibliotheek 2022.
Artikel 7. Niet ontvankelijkheid
Hoofdstuk 3. Klachtbehandelaar en klachtregistratie
Artikel 8. Coördinator klachtbehandeling
Artikel 9. Klachtregistratie
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1. Begripsbepalingen
Hoofdstuk 5. Formele klachtbehandeling
Artikel 2. Reikwijdte Regeling
Artikel 12. Klachtafdoening
Hoofdstuk 2. Procedure
Artikel 3. Bezwaar
Artikel 4. Inhoud bezwaarschrift
Het bezwaarschrift wordt overeenkomstig artikel 6:5 Awb ondertekend en bevat tenminste:
Artikel 5. Herstellen verzuim
Artikel 1.1. Begripsbepalingen
In dit reglement wordt verstaan onder:
- a. Algemeen Bestuurscollege: het algemeen bestuur van de Koninklijke Bibliotheek zoals bedoeld in artikel 13.3 van de WHW;
- b. AVG: Algemene Verordening Gegevensbescherming;
- c. Awb: Algemene wet bestuursrecht;
- d. BW: Burgerlijk Wetboek;
- e. Directeur-bibliothecaris: de bibliothecaris van de Koninklijke Bibliotheek zoals bedoeld in artikel 13.5 van de WHW, aangeduid als Algemeen Directeur;
- f. Instellingsbestuur: het Algemeen Bestuurscollege. (Ontleend aan art. 13.3, lid 1 van de WHW).
- g. Kaderwet: Kaderwet zelfstandige bestuursorganen;
- h. Machtiging: Een handeling zijnde noch een publiekrechtelijke noch een privaatrechtelijke rechtshandeling. Het betreft het doen van feitelijke handelingen.
- i. Mandaat: De bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen. Degene aan wie een bevoegdheid is gemandateerd, mag die bevoegdheid (onder)mandateren aan hiërarchische ondergeschikten.
- j. Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
- k. Schakelbepaling: De bepalingen in artikel 10: 12 van de Awb omtrent mandaat zijn van overeenkomstige toepassing op volmacht en machtiging.
- l. Volmacht: De bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten.
- n. Woo: Wet open overheid;
Artikel 2.1. Taken en bevoegdheden
De bevoegdheid tot regeling en bestuur van de Koninklijke Bibliotheek berust bij het Algemeen Bestuurscollege voor zover die bevoegdheid niet bij of krachtens de WHW aan de directeur-bibliothecaris is opgedragen. Het Algemeen Bestuurscollege oefent de taken en bevoegdheden uit die bij of krachtens de WHW, de Wsob en de Kaderwet aan het instellingsbestuur zijn opgedragen, voor zover bij of krachtens hoofdstuk 13 van de WHW niet anders is bepaald. (Ontleend aan art. 13.3, lid 1 van de WHW).
Het Algemeen Bestuurscollege laat zich bij de uitvoering van zijn taken leiden door de taakstelling van de Koninklijke Bibliotheek als de nationale bibliotheek, zoals omschreven in artikel 1.5, lid 2 van de WHW en, ten aanzien van de taken genoemd onder a tot en met c, in artikel 9 van de Wsob.
De Koninklijke Bibliotheek is als nationale bibliotheek werkzaam op het gebied van het bibliotheekwezen en heeft in ieder geval tot taak:
- a. de informatievoorziening op het gebied van de Nederlandse geschiedenis, cultuur en samenleving, aan het hoger onderwijs, het wetenschappelijk onderzoek, het openbaar bestuur en de uitoefening van beroep of bedrijf;
- b. het aansturen van het netwerk van openbare bibliotheekvoorzieningen door:
-
- afstemming en coördinatie;
-
- educatie, informatie en reflectie; en
-
- vertegenwoordiging en promotie;
- c. het in stand houden van de landelijke digitale bibliotheek; en
- d. het verzorgen van een bibliotheekvoorziening van noodzakelijk omgezette werken voor personen met een handicap;
- e. het zorg dragen voor de nationale bibliotheekverzameling van geschreven, gedrukte en digitale publicaties;
- f. het bevorderen van de totstandkoming en instandhouding van nationale voorzieningen voor duurzaam behoud, beheer, ontsluiting en beschikbaarstelling van de nationale bibliotheekverzameling op haar werkterrein;
- g. het verrichten van onderzoek, gericht op de voorbereiding en uitvoering van het beleid op het in de wet genoemde terrein;
- h. het zorg dragen voor landelijke programma’s voor conservering en digitalisering;
- i. het bijdragen aan de internationale infrastructuur voor de duurzame toegankelijkheid van digitale wetenschappelijke publicaties;
- j. het bevorderen van de afstemming met overige wetenschappelijke bibliotheken in en buiten Nederland;
- k. het bevorderen van de samenwerking met archieven, musea en uitgeverijen op haar werkterrein;
- l. het bevorderen van de internationale samenwerking op haar werkterrein.
Artikel 2.2. Samenstelling
Het Algemeen Bestuurscollege bestaat uit een voorzitter, tevens lid, en ten hoogste vier andere leden. Het aantal leden wordt door Onze Minister bepaald. (Ontleend aan art. 13.3, lid 2 van de WHW).
Artikel 2.3. Benoeming, schorsing en ontslag
De leden van het Algemeen Bestuurscollege worden door Onze Minister benoemd, geschorst en ontslagen. De benoeming geschiedt voor een door Onze Minister te bepalen termijn. (Ontleend aan art. 13.3, lid 3 van de WHW).
De leden van het Algemeen Bestuurscollege kunnen door Onze Minister, de overige leden van het Algemeen Bestuurscollege gehoord, worden geschorst en tussentijds ontslagen. (Ontleend aan art. 13.3, lid 4 van de WHW).
Schorsing en ontslag vindt slechts plaats wegens ongeschiktheid of onbekwaamheid voor de vervulde functie dan wel wegens andere zwaarwegende in de persoon van de betrokkene gelegen redenen. Ontslag vindt voorts plaats op eigen verzoek. (Ontleend aan art. 12, lid 2 van de Kaderwet).
Artikel 2.4. Nevenfuncties
Een lid van het Algemeen Bestuurscollege vervult geen nevenfuncties die ongewenst zijn met het oog op een goede vervulling van zijn functie of de handhaving van zijn onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin. (Ontleend aan art. 13, lid 1 van de Kaderwet).
Een lid van het Algemeen Bestuurscollege meldt het voornemen tot het aanvaarden van een nevenfunctie anders dan uit hoofde van zijn functie aan Onze Minister. (Ontleend aan art. 13, lid 2 van de Kaderwet).
Nevenfuncties van een lid van het Algemeen Bestuurscollege anders dan uit hoofde van zijn functie worden openbaar gemaakt. Openbaarmaking geschiedt door het ter inzage leggen van een opgave van deze nevenfuncties bij de Koninklijke Bibliotheek en bij Onze Minister. (Ontleend aan art. 13, lid 3 van de Kaderwet).
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.