Regeling Artistic & Design Research for Immersive Experiences 2025-2029
gelet op artikel 10, vierde lid van de Wet op het specifiek cultuurbeleid
besluit vast te stellen de navolgende regeling, houdende regels voor het verstrekken van subsidies aan partijen voor de uitvoering van projecten.
Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen
Artikel 1. Begrippen
- 1). aanvraagronde 2A: op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 2A van Artistic & Design Research for Immersive Experiences (ADRIE) door een consortium subsidie worden aangevraagd voor het opstellen van een tweejarig activiteitenprogramma.
- 2). aanvraagronde 2B: op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 2B van Artistic & Design Research for Immersive Experiences (ADRIE) door een consortium subsidie worden aangevraagd voor de uitvoering van een tweejarig activiteitenprogramma door een consortium. Deze aanvraagronde staat uitsluitend open voor aanvragen namens een consortium door een hoofdaanvrager waarvan een aanvraag is toegekend in aanvraagronde 2A.
- 3). accountantscontroleverklaring: Een controleverklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. In de verklaring doet de accountant een uitspraak over de naleving van de subsidiebepalingen door de subsidieontvanger overeenkomstig de controleprotocollen gepubliceerd op de website www.stimuleringsfonds.nl met gebruikmaking van de daarbij opgenomen modellen voor accountantsverklaringen.
- 4). activiteit: Een in het activiteitenprogramma opgenomen activiteit die bijdraagt aan de versterking van het Nederlandse IX-werkveld middels ontwikkeling van nieuwe IX-producties, de doorontwikkeling van bestaande IX-producties, de distributie van IX-producties, publiekspresentaties, onderzoeksactiviteiten en activiteiten t.b.v. debat, context, kennisontwikkeling en/of kennisdeling.
- 5). activiteitenprogramma: Een reeks van met elkaar samenhangende activiteiten (zoals beschreven in lid 4) van consortia die gespreid over de looptijd van twee kalenderjaren worden uitgevoerd. De onderdelen kunnen verschillen in opzet en uitvoering, maar dragen gezamenlijk bij aan de missie en doelstellingen van consortia.
- 6). ADRIE: De afkorting van Artistic & Design Research for Immersive Experiences, de naam van de regeling.
- 7). adviescommissie: Een onafhankelijke, door het bestuur aangestelde commissie van externe deskundigen.
- 8). artistiek en ontwerpend onderzoek voor immersieve ervaringen: Onderzoek waarbij immersieve ervaringen en vraagstukken rondom technologische toepassingen daarvoor worden onderzocht en geduid. In het proces zijn (1) onderzoek naar IX, (2) het maakproces (ontwerp en realisatie) van IX-toepassingen en (3) het vormgeven van de distributie, vertoning c.q. beleving van IX met elkaar verweven.
- 9). beschikking: De brief waarmee het bestuur formeel besluit over het al dan niet toekennen van de subsidie.
- 10). beschikkingsdatum: De datum zoals vermeld op de beschikking.
- 11). bestuur: De directeur-bestuurder van het Stimuleringsfonds, als bedoeld in artikel 5 van de statuten.
- 12). CIIIC: Creative Industries Immersive Impact Coalition (CIIIC) is het Nationaal Groeifonds-programma van het Ministerie van OCW op het gebied van Immersive Experiences (IX). De CIIIC-programma’s worden uitgevoerd door RVO, TNO, NWO/SIA en het Stimuleringsfonds.
- 13). cofinanciering: Aanvullende financiering voor het activiteitenprogramma in de vorm van bijvoorbeeld een andere subsidie, sponsoring, investeringen, eigen inkomsten uit bijvoorbeeld kaartverkoop of bijdrage van een externe partij, naast de gevraagde subsidie van het Stimuleringsfonds.
- 14). consortium: Een samenwerkingsverband dat voldoet aan de in artikel 9 van deze regeling gestelde eisen.
- 15). creatieve industrie: Het werkterrein van de disciplines vormgeving, architectuur, digitale cultuur – inclusief het IX-werkveld – en mogelijke cross-overs tussen deze disciplines.
- 16). culturele- en/of mediaorganisaties: Niet op winst gerichte privaatrechtelijke rechtspersonen met een ondersteunende, producerende en/of initiërende functie zoals een festival of podium, lab, omroep of werkplaats, een platform of een presentatieplek.
- 17). hogeschool of universiteit: Een hogeschool of universiteit zoals bedoeld in artikel 1.8 lid 1 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de universiteiten genoemd in de Beleidsregel Universiteiten in het Koninkrijk der Nederlanden.
- 18). hoofdaanvrager: Privaatrechtelijke rechtspersoon in het culturele- en mediadomein of een producent die deelnemer is aan een consortium en namens dat consortium op grond van deze regeling een subsidieaanvraag doet bij het Stimuleringsfonds.
- 19). immersieve ervaringen / IX: Producties op het snijvlak van storytelling, kunst en technologie waarbij zowel in beeld als geluid sprake is van immersie en vaak ook van interactie. Hieronder vallen onder andere virtual reality (VR), augmented reality (AR), mixed reality (MR), virtuele werelden en fysieke omgevingen die inspelen op de zintuiglijke ervaring van de gebruiker. De producties kunnen zich manifesteren in de vorm van onder meer installaties en performances.
- 20). intentieverklaring: Verklaring tussen de hoofdaanvrager en de mede-aanvragers en partners in het consortium waarin de intentie voor deelneming aan het consortium en/of samenwerking in het activiteitenprogramma kenbaar is gemaakt.
- 21). internationale of overige partner: Partners zijn partijen die geen hoofdaanvrager of mede-aanvrager zijn in een aanvraag, maar die wel een samenwerking aangaan met het consortium. Een overige partner is een in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigde partner. Een internationale partner is buiten het Koninkrijk der Nederlanden gevestigd.
- 22). Koninkrijk: Het Koninkrijk der Nederlanden, bestaande uit de landen Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten en de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
- 23). maker: Een natuurlijke persoon of rechtspersoon met een beroepsmatige artistieke of ontwerpende praktijk.
- 24). makerscollectief: Een groep van makers met een gezamenlijke beroepsmatige artistieke of ontwerpende praktijk (bijv. in de vorm van een collectief, bureau of studio).
- 25). mede-aanvrager: Een natuurlijke persoon of rechtspersoon die deelnemer is van het consortium.
- 26). onderzoekers: Hoogleraren, universitair (hoofd)docenten, lectoren en andere onderzoekers met een vergelijkbare functie die in vaste dienst zijn (en derhalve een bezoldigd dienstverband voor onbepaalde tijd hebben) of een tenure track overeenkomst hebben bij een hogeschool of universiteit (volgens lid 17 van dit artikel). Onder een vergelijkbare functie wordt verstaan dat een onderzoeker aantoonbaar een vergelijkbaar aantal jaren ervaring heeft met het doen van wetenschappelijk onderzoek en het begeleiden van andere onderzoekers als een hoogleraar c.q. universitair (hoofd)docent. Voor lectoren in dienst van een hogeschool geldt dat zij ook een bezoldigd dienstverband voor bepaalde tijd kunnen hebben.
- 27). producent: Een natuurlijk persoon, rechtspersoon of personenvennootschap die op continue basis bedrijfsactiviteiten ontplooit met als hoofddoel de productie en exploitatie van IX-producties en/of audiovisuele producties (ook bekend als productiemaatschappij).
- 28). publieke waarden binnen IX: De deelnemers aan het consortium dienen publieke waarden te waarborgen in het activiteitenprogramma middels de Richtlijn en Zelftoets Publieke Waarden binnen IX. Hierbij geldt de versie zoals gepubliceerd op www.stimuleringsfonds.nl op de datum waarop het subsidietijdvak van de betreffende aanvraagronde wordt opengesteld.
- 29). samenwerkingsovereenkomst: Overeenkomst tussen de deelnemers in het consortium waarin in ieder geval afspraken over de onderlinge verdeling van de werkzaamheden, de wijze waarop de besluitvorming plaatsvindt, afspraken over de intellectuele eigendomsrechten die ontstaan, de wijze waarop de op grond van deze regeling verstrekte subsidie door de hoofdaanvrager wordt beschikbaar gesteld aan mede-aanvragers en partners, de wijze waarop de kosten en risico’s worden gedeeld en de wijze waarop de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen is geborgd (incl. afspraken over aansprakelijkheidsstelling).
- 30). Stimuleringsfonds: De stichting Stimuleringsfonds Creatieve Industrie.
- 31). subsidiebehoefte: De financiële bijdrage die op grond van deze regeling wordt aangevraagd bij het Stimuleringsfonds.
- 32). subsidieplafond: Het maximaal voor de subsidieregeling beschikbare bedrag binnen een subsidietijdvak.
Hoofdstuk 2. Algemene bepalingen
Artikel 2. Taakopvatting Stimuleringsfonds Creatieve Industrie
1). De taak van het Stimuleringsfonds is om, vanuit het culturele perspectief, de rijke ontwerptraditie die Nederland heeft te continueren en te vernieuwen door het proces van experimenteren, onderzoeken en maken te stimuleren en goed opdrachtgeverschap te bevorderen.
2). Het bestuur verstrekt, in overeenstemming met zijn statuten en volgens bepalingen vastgesteld in de wet en subsidieregelingen, subsidies aan natuurlijke personen en rechtspersonen die bijdragen aan het bevorderen van hoogwaardige kwaliteit, ontwikkeling en professionalisering van de hedendaagse creatieve industrie binnen het Koninkrijk.
Artikel 3. Reikwijdte en doelstelling Regeling ADRIE
1). Deze regeling is van toepassing op het aanvragen, beoordelen en vaststellen van een subsidie voor een project dat is ingediend binnen de regeling ADRIE. De regeling geeft inzicht in de algemene voorwaarden, weigeringsgronden, wijze van publicatie, wijze van indiening, beoordeling, toekenning en subsidieverplichtingen.
2). Met de regeling ADRIE wordt invulling gegeven aan een of meerdere van de onderstaande beleidsdoelstellingen van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie:
- a). bevorderen van (de ontwikkeling van) ontwerpkwaliteit;
- b). bevorderen van de inzet van ontwerpkracht bij maatschappelijke opgaven;
- c). bevorderen van een gezonde en vernieuwende ontwerpinfrastructuur;
- d). stimuleren van experiment, onderzoek, reflectie en debat;
- e). versterken van de internationale samenwerking binnen de diverse ontwerpdisciplines.
3). Het bestuur kan nadere regels stellen ter uitvoering van deze regeling over specifieke doelstellingen, voorwaarden en weigeringsgronden. Deze worden expliciet vermeld in de bekendmaking van de beschikbaarheid van de subsidie voor de aanvraagrondes, zoals gepubliceerd op www.stimuleringsfonds.nl. Deze regels zijn in dat geval aanvullend op deze regeling.
Artikel 4. Subsidieplafond
1). Een subsidie wordt altijd verleend onder de voorwaarde dat door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voldoende gelden aan het Stimuleringsfonds ter beschikking worden gesteld.
2). Een subsidie wordt altijd verleend onder de voorwaarde dat de Europese Commissie niet oordeelt dat er sprake zou zijn van ongeoorloofde staatssteun.
3). Het subsidieplafond wordt per subsidietijdvak bekendgemaakt op www.stimuleringsfonds.nl.
Artikel 5. Subsidie
1). Op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 2A door een consortium subsidie worden aangevraagd voor het opstellen van een tweejarig activiteitenprogramma.
2). Op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 2B door een consortium subsidie worden aangevraagd voor de uitvoering van een tweejarig activiteitenprogramma door een consortium. Deze aanvraagronde staat uitsluitend open voor aanvragen namens een consortium door een hoofdaanvrager waarvan een aanvraag is toegekend in aanvraagronde 1B.
Artikel 6. Indienen aanvraag
1). Een subsidieaanvraag op grond van deze regeling dient te worden ingediend binnen het subsidietijdvak behorende bij de betreffende aanvraagronde.
- a. het bestuur heeft vastgesteld dat het subsidietijdvak voor aanvraagronde 2A opent op 30 maart 2026 om 15:00 CE(S)T en sluit op 8 april 2026 om 16:00 CE(S)T;
- b. het bestuur heeft vastgesteld dat het subsidietijdvak voor aanvraagronde 2B opent op 1 oktober 2026 om 15:00 CE(S)T en sluit op 30 oktober 2026 om 16:00 CE(S)T.
2). Het bestuur heeft een maximum vastgesteld voor het aantal aanvragen dat in behandeling kan worden genomen
- a. een totaal van 50 aanvragen kan in behandeling worden genomen in aanvraagronde 2A en binnen het betreffende subsidietijdvak;
- b. een totaal van 5 aanvragen kan in behandeling worden genomen in aanvraagronde 2B en binnen het betreffende subsidietijdvak.
3). Aanvragen worden door de hoofdaanvrager ingediend via de aanvraagomgeving van het Stimuleringsfonds.
4). De hoofdaanvrager maakt voor het indienen van een aanvraag gebruik van het daarvoor beschikbaar gestelde aanvraagformulier in de aanvraagomgeving van het Stimuleringsfonds.
5). Aanvragen worden – in lijn met de internationale dimensie van het IX-werkveld en omwille van een internationale adviescommissie – bij voorkeur in de Engelse taal opgesteld. In het geval dat er documenten in het Nederlands worden ingediend, zal het Fonds – na ontvangst van een schriftelijk akkoord van de aanvrager – een Engelse vertaling van deze documenten ter beschikking stellen aan de adviescommissie.
6). De hoofdaanvrager dient de aanvraag uiterlijk in op de datum genoemd in het onder het in lid 1 gepubliceerde subsidietijdvak.
7). Het bestuur wijst een aanvraag af als de aanvraag niet binnen het betreffende subsidietijdvak is ingediend.
8). Aanvragen worden getoetst op volgorde van binnenkomst. Hierbij geldt het moment dat de aanvraag volledig is op basis van artikel 10.
9). Aanvragen die voldoen aan de ingangseisen in artikel 7 en de voorwaarden in artikel 8 worden gerangschikt tot het moment dat het maximumaantal aanvragen voor de aanvraagronde wordt bereikt.
10). Aanvragen die later zijn ingediend dan de aanvraag waarmee het maximumaantal van de aanvraagronde is bereikt, worden afgewezen.
11). Het bestuur kan, als het maximumaantal aanvragen voor de aanvraagronde is bereikt, het subsidietijdvak eerder sluiten dan als bedoeld in lid 1 van dit artikel. Het bestuur doet van de eerdere sluiting mededeling via www.stimuleringsfonds.nl.
12). Het bestuur wijst aanvragen af die niet voldoen aan de criteria vermeld in artikelen 7, 8 en 9 van de regeling.
13). Eventueel nieuw te publiceren ADRIE-aanvraagrondes worden, met verwijzing naar deze regeling, separaat gepubliceerd in de Staatscourant.
Artikel 7. Ingangseisen
1). Alleen aanvragen die voldoen aan de volgende eisen kunnen in aanvraagronde 2A in behandeling worden genomen:
- a). Het consortium voldoet aan de in artikel 9 gestelde eisen;
- b). De op grond van artikel 9 vereiste in het Koninkrijk gevestigde deelnemers aan het consortium staan ingeschreven in het Handelsregister van de Nederlandse Kamer van Koophandel of bij een van de Handelsregisters die vallen binnen het Koninkrijk;
- c). De hoofdaanvrager is ten tijde van de aanvraag minimaal twee jaar onafgebroken gevestigd en actief geweest in het Koninkrijk;
- d). De aanvraag sluit aan op de taakopvatting van het Stimuleringsfonds zoals verwoord in artikel 2 en past binnen de reikwijdte en doelstellingen zoals verwoord in artikel 3;
- e). Er is sprake van een – naar oordeel van het bestuur – goed onderbouwde subsidiebehoefte;
- f). De aanvraag dient aan te sluiten op één of meerdere subthema’s van de CIIIC Innovatie Agenda. Hierbij geldt de versie zoals gepubliceerd op www.stimuleringsfonds.nlop de datum waarop het subsidietijdvak wordt opengesteld;
⋯
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.