Wet van 23 april 2025, houdende vereenvoudiging van de banenafspraak en de quotumregeling voor mensen met een arbeidsbeperking (Wet banenafspraak)

Type Wet
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de arbeidsdeelname van mensen met een arbeidsbeperking te verbeteren en daarbij de regels inzake de banenafspraak en de quotumregeling voor mensen met een arbeidsbeperking te vereenvoudigen;

Zo is het dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk I. Bepalingen inzake de banenafspraak en quotumregeling voor arbeidsbeperkten

Artikel 1. Definities

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder

Artikel 2. Doelgroep banenafspraak
1.

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt onder een arbeidsbeperkte verstaan de persoon die is opgenomen in de registratie doelgroep banenafspraak, bedoeld in artikel 3, eerste lid, zijnde de persoon:

2.

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt onder arbeidsbeperkte tevens verstaan de persoon die niet langer aan de voorwaarden op grond van het eerste lid, onderdelen a tot en met g, voldoet, zolang zijn opname in de registratie doelgroep banenafspraak nog niet is geëindigd.

3.

In afwijking van het eerste lid wordt de persoon, van wie door het college van burgemeester en wethouders is vastgesteld dat hij uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft als bedoeld in artikel 10b, eerste lid, van de Participatiewet, niet opgenomen in de registratie doelgroep banenafspraak.

4.

Met betrekking tot de beoordeling door het UWV of een persoon de kenmerken heeft, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of f, en met betrekking tot de voorzieningen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur regels gesteld.

Artikel 3. Registratie doelgroep banenafspraak
1.

Het UWV draagt zorg voor de inrichting en de adequate werking van de registratie van arbeidsbeperkten in de registratie doelgroep banenafspraak en is de verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 4, onderdeel 7, van de Algemene verordening gegevensbescherming met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens als bedoeld in die verordening, ten behoeve van deze registratie.

2.

Het UWV verwerkt in de registratie, bedoeld in het eerste lid, de gegevens over arbeidsbeperkten met het oog op het bevorderen van de arbeidsdeelname van deze personen, en ten behoeve van de uitvoering van de artikelen 4 en 5 van deze wet en van de quotumregeling.

3.

Het college van burgemeester en wethouders verstrekt het UWV uit eigen beweging en verplicht op verzoek van het UWV kosteloos de gegevens over de arbeidsbeperkten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdelen a, b, d, f en g, die noodzakelijk zijn voor de taak, bedoeld in het eerste lid.

4.

Het UWV verstrekt het college van burgemeester en wethouders en de Belastingdienst uit eigen beweging en verplicht op verzoek kosteloos gegevens uit de registratie, bedoeld in het eerste lid, die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van zijn taken.

5.

Het UWV is bevoegd gegevens die het verwerkt voor de uitvoering van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten en voor de uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 30d van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, te verwerken ten behoeve van de registratie, bedoeld in het eerste lid.

6.

Het UWV en de Belastingdienst zijn bevoegd de gegevens, die zij verwerken op grond van artikel 33 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen tevens te verwerken voor zover deze noodzakelijk zijn voor de bevordering van arbeidsdeelname van arbeidsbeperkten en voor de uitvoering van de quotumregeling.

7.

Het UWV deelt op verzoek aan een werkgever over een door middel van het burgerservicenummer aangeduide persoon mede:

8.

Het college van burgemeester en wethouders en het UWV informeren de persoon op wie de gegevens betrekking hebben over de verwerking van zijn gegevens op grond van dit artikel voordat de gegevens worden vastgelegd in de registratie, bedoeld in het eerste lid, of worden verstrekt met het oog op die vastlegging, tenzij deze persoon redelijkerwijs hiervan kennis draagt.

9.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld, in ieder geval met betrekking tot:

10.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot:

Artikel 4. Monitoring banenafspraak
1.

Indien het aantal banen voor arbeidsbeperkten in een bepaald kalenderjaar in onvoldoende mate is toegenomen ten opzichte van het aantal van deze banen op 1 januari 2013, wordt dit bij regeling van Onze Minister vastgesteld.

2.

Ten behoeve van de vaststelling van de toename, bedoeld in het eerste lid, wordt bij of krachtens algemene maatregel van bestuur het aantal te realiseren banen in een kalenderjaar bepaald voor arbeidsbeperkten, uitgedrukt in verloonde uren op 1 januari 2013, en wordt per kalenderjaar bepaald:

3.

Voor de toepassing van het tweede lid wordt niet als arbeidsbeperkte beschouwd de persoon die arbeid verricht in een dienstbetrekking in de zin van artikel 2 van de Wet sociale werkvoorziening, met dien verstande dat deze persoon voor zover het betreft de verloonde uren in aangiftetijdvakken waarin hij ter beschikking is gesteld aan een andere werkgever om onder zijn leiding en toezicht arbeid te verrichten, wel als arbeidsbeperkte wordt beschouwd.

4.

Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties rapporteert jaarlijks na afloop van het kalenderjaar hoeveel extra banen voor arbeidsbeperkten zijn gerealiseerd door overheidswerkgevers als bedoeld in de Wet financiering sociale verzekeringen ten opzichte van het daaraan voorafgaande kalenderjaar.

Artikel 5. Activering van de quotumregeling
1.

De quotumregeling wordt niet uitgevoerd dan nadat bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad, tot activering is besloten indien is gebleken dat het aantal banen voor arbeidsbeperkten in een bepaald kalenderjaar in onvoldoende mate is toegenomen ten opzichte van het aantal van deze banen op 1 januari 2013.

2.

Een krachtens het eerste lid vastgestelde ministeriële regeling wordt gelijktijdig aan de beide kamers der Staten-Generaal overgelegd. De ministeriële regeling treedt niet eerder in werking dan vier weken na de overlegging.

Artikel 6. Inclusiviteitsopslag Aof-premie

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.