Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 22 april 2025, nr. IENW/BSK-2025/19526, houdende regels omtrent de aanvraag van inschrijving in het vlagregister van zeeschepen en tot aanwijzing van toezichthoudende ambtenaren (Regeling registratie zeeschepen)
Gelet op de artikelen 4, derde lid, 6, vierde en zesde lid, 9, tweede en derde lid, 11, tweede lid, 16, derde en vierde lid, 21, zevende lid, en 22, aanhef en onderdeel a, van de Rijkswet nationaliteit zeeschepen;
BESLUIT:
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Rijkswet nationaliteit zeeschepen in werking treedt.
Artikel 1. – Begripsbepalingen
In deze regeling wordt onder eigenaar, IMO-nummer, Koninkrijk, land, reder, rompbevrachting, te boek staan, vlagregister, zeeschip en zeeschip in bedrijfsmatig gebruik verstaan, hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de rijkswet.
In deze regeling wordt voorts verstaan onder:
- –. minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
- –. Nederlands zeeschip: zeeschip dat op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd is om de vlag van het Koninkrijk te voeren;
- –. NSI-nummer: door de minister aan een zeeschip toegekend nationaal scheepsidentificatienummer;
- –. rijkswet: Rijkswet nationaliteit zeeschepen.
Artikel 2. – Categorieën vlagregister
In het vlagregister wordt een onderscheid gemaakt tussen de volgende categorieën zeeschepen:
- a. zeeschepen in eigendom en in bedrijfsmatig gebruik;
- b. zeeschepen in rompbevrachting;
- c. zeeschepen in eigendom en in niet-bedrijfsmatig gebruik.
Artikel 3. – Aanvraagformulier
De aanvraag van inschrijving in het vlagregister van een zeeschip, bedoeld in artikel 6 van de rijkswet, of van een voorlopige, buitengewone of bijzondere zeebrief als bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de rijkswet, wordt gedaan door elektronische of schriftelijke indiening bij de minister van een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier.
Artikel 4. – Aanvraag zeeschip in eigendom en in bedrijfsmatig gebruik
Een aanvraag als bedoeld in artikel 3 door of namens een reder gaat vergezeld van de volgende bewijsstukken en gegevens ten aanzien van het desbetreffende zeeschip:
- a. een authentiek afschrift van de geldende statuten van de reder;
- b. een opgave door een notaris van de namen en adressen van de bestuurders, onderscheidenlijk van de hoofdelijk aansprakelijke vennoten of leden van de rederij;
- c. een opgave van het unieke nummer, bedoeld in artikel 9, onderdeel a, van de Handelsregisterwet 2007, waaronder de vestiging van de reder in Nederland is ingeschreven;
- d. een opgave door de reder van de namen en de bijbehorende contactgegevens van de natuurlijke personen die namens de reder verantwoordelijk zijn voor het zeeschip, de kapitein en de overige leden van de bemanning en van hun plaatsvervangers, bedoeld in artikel 194a, eerste lid, onderdeel c, onderscheidenlijk onderdeel d, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, waarop zij bereikbaar zijn;
- e. het adres waar de natuurlijke personen, bedoeld in onderdeel d, in Nederland kantoor houden; en
- f. een verklaring van de reder waaruit blijkt dat de natuurlijke personen, bedoeld in onderdeel d, voor zover op hen van toepassing, beschikken over de bevoegdheden, bedoeld in artikel 194a, eerste lid, onderdelen c en d, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, en dat zij bij voortduring bereikbaar zijn.
Indien de reder een niet rechtspersoonlijkheid bezittende vennootschap of een rederij is, wordt in afwijking van het eerste lid, onderdeel a, een akte van het aangaan van een vennootschap of een rederij overgelegd.
Indien de reder een natuurlijk persoon is, wordt in afwijking van het eerste lid, onderdeel b, een opgave door een notaris overgelegd van de naam, adres en bijbehorende contactgegevens en de nationaliteit van de reder.
Een aanvraag als bedoeld in artikel 3 door of namens een reder die tevens kapitein is van een zeeschip, gaat vergezeld van de volgende bewijsstukken en gegevens:
- a. een opgave door de reder van de nationaliteit, de namen en de bijbehorende contactgegevens van hemzelf en van zijn vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 194a, tweede lid, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, waarop zij bereikbaar zijn;
- b. een opgave van het unieke nummer, bedoeld in artikel 9, onderdeel a, van de Handelsregisterwet 2007, waaronder de vestiging van de reder in Nederland is ingeschreven; en
- c. een verklaring van de reder waaruit blijkt dat er bij voortduring een vertegenwoordiger van hem in Nederland bereikbaar is en die beschikt over de bevoegdheden, bedoeld in artikel 194a, tweede lid, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek.
Indien toepassing wordt gegeven aan artikel 194a, derde lid, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, en de reder de verantwoordelijkheid voor het beheer van zijn zeeschip overdraagt aan een vennootschap, worden in aanvulling op de bewijsstukken en gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onderscheidenlijk het vierde lid, onderdeel a, door de reder tevens de volgende bewijsstukken en gegevens met betrekking tot de vennootschap overgelegd:
- a. een authentiek afschrift van de geldende statuten van de vennootschap;
- b. een opgave door een notaris van de namen en de bijbehorende contactgegevens van de bestuurders onderscheidenlijk van de hoofdelijk aansprakelijke vennoten of leden van de rederij, waarop zij bereikbaar zijn;
- c. een opgave van het unieke nummer, bedoeld in artikel 9, onderdeel a, van de Handelsregisterwet 2007, waaronder de vestiging van de vennootschap in Nederland is ingeschreven;
- d. een opgave door die vennootschap van de namen en de bijbehorende contactgegevens van de natuurlijke personen die namens die vennootschap verantwoordelijk zijn voor het zeeschip, de kapitein en de overige leden van de bemanning en van hun plaatsvervangers, bedoeld in artikel 194a, eerste lid, onderdeel c, onderscheidenlijk onderdeel d, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, waarop zij bereikbaar zijn;
- e. het adres waar de natuurlijke personen, bedoeld in onderdeel d, in Nederland kantoor houden; en
- f. een verklaring van die vennootschap waaruit blijkt dat de natuurlijke personen, bedoeld in onderdeel d, voor zover op hen van toepassing, beschikken over de bevoegdheden, bedoeld in artikel 194a, derde lid juncto eerste lid, onderdelen c en d, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, en dat zij bij voortduring bereikbaar zijn.
In aanvulling op het vijfde lid wordt een opgave van het unieke nummer, bedoeld in artikel 9, onderdeel a, van de Handelsregisterwet 2007, waaronder de vestiging van de reder in Nederland is ingeschreven, overgelegd. Indien de reder geen hoofdvestiging of nevenvestiging in Nederland heeft, wordt een opgave van de eigenaar van de woonplaatskeuze, bedoeld in artikel 194a, derde lid, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, overgelegd.
Artikel 5. – Aanvraag zeeschip in rompbevrachting
Een aanvraag als bedoeld in artikel 3 door of namens de rompbevrachter gaat vergezeld van de volgende bewijsstukken en gegevens ten aanzien van het desbetreffende zeeschip:
- a. een authentiek afschrift van de teboekstelling van het zeeschip buiten Nederland;
- b. een opgave van het unieke nummer, bedoeld in artikel 9, onderdeel a, van de Handelsregisterwet 2007, waaronder de vestiging van de rompbevrachter in Nederland van waaruit het zeeschip wordt geëxploiteerd, is ingeschreven;
- c. een authentiek afschrift van de geldende statuten van de rompbevrachter;
- d. een opgave door een notaris van de namen en de bijbehorende contactgegevens van de bestuurders onderscheidenlijk van de hoofdelijk aansprakelijke vennoten of van de leden van de rompbevrachter, waarop zij bereikbaar zijn;
- e. een opgave van de natuurlijke persoon of personen, bedoeld in artikel 7, onderdeel c, van de rijkswet;
- f. een in de Nederlandse of Engelse taal opgestelde schriftelijke verklaring van de rompvervrachter en de rompbevrachter, dat de rompvervrachter zich verbonden heeft om het in deze verklaring omschreven zeeschip voor de daarin vermelde tijdsduur ter beschikking te stellen van de rompbevrachter, zonder daarover nog enige zeggenschap te houden, en dat de rompbevrachter het zeeschip zal exploiteren;
- g. een in de Nederlandse of Engelse taal opgestelde schriftelijke verklaring van de eigenaar van het zeeschip en van de rompvervrachter indien deze een ander is dan de eigenaar, dat wordt ingestemd met het verlenen van de hoedanigheid van Nederlands zeeschip aan het betrokken zeeschip;
- h. een schriftelijke verklaring van de rompbevrachter waaruit blijkt dat hij de verantwoordelijkheid voor het zeeschip en zijn opvarenden aanvaardt die voortvloeit uit de hoedanigheid van Nederlands zeeschip; en
- i. een schriftelijke verklaring waaruit blijkt dat de regelgeving van de staat waar het zeeschip te boek staat, niet belet dat het zeeschip de hoedanigheid van Nederlands zeeschip verkrijgt wegens het aangaan van een rompbevrachtingsovereenkomst met een in Nederland gevestigde rompbevrachter en dat het zeeschip niet gerechtigd is de vlag van die staat te voeren, zolang het zeeschip in Nederland in het rompbevrachtingsregister is ingeschreven.
Indien de rompbevrachter een niet rechtspersoonlijkheid bezittende vennootschap of een rederij is, wordt in afwijking van het eerste lid, onderdeel a, een akte van het aangaan van een vennootschap of een rederij overgelegd.
Indien de rompbevrachter een natuurlijke persoon is, wordt in afwijking van het eerste lid, onderdeel b, een opgave door een notaris overgelegd van de naam, adres en bijbehorende contactgegevens en de nationaliteit van de rompbevrachter.
De minister kan een verklaring omtrent de echtheid van het afschrift, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, verlangen. De minister kan tevens een vertaling van het afschrift door een beëdigd vertaler in de Nederlandse of Engelse taal verlangen.
De verklaringen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen f, g en h, worden vergezeld van een door een notaris opgemaakte verklaring omtrent de identiteit en de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de ondertekenende personen.
Artikel 6. – Aanvraag zeeschip in eigendom en in niet-bedrijfsmatig gebruik
Een aanvraag als bedoeld in het artikel 3 door of namens de eigenaar gaat vergezeld van de volgende bewijsstukken en gegevens ten aanzien van het desbetreffende zeeschip:
- a. een authentiek afschrift van de geldende statuten van de eigenaar;
- b. een opgave door een notaris van namen en de bijbehorende contactgegevens van de bestuurders onderscheidenlijk van de hoofdelijk aansprakelijke vennoten, waarop zij bereikbaar zijn;
- c. een afschrift van de volmacht, bedoeld in artikel 194a, vierde lid, van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek; en
- d. een opgave door de eigenaar van de naam en de bijbehorende contactgegevens van de natuurlijk persoon aan wie de volmacht, bedoeld in onderdeel c, is verstrekt, waarop die persoon bereikbaar is.
Indien de eigenaar een natuurlijke persoon is, overlegt hij in afwijking van het eerste lid, onderdelen a en b, een opgave van zijn naam, adres en bijbehorende contactgegevens, en zijn nationaliteit.
Artikel 7. – Overige bewijsstukken en gegevens bij aanvraag
Bij een aanvraag als bedoeld in de artikelen 4 tot en met 6, wordt de aanvraag tevens vergezeld van:
- a. de voorlopige meetbrief, afgegeven volgens de bestaande wettelijke voorschriften, of een buitenlandse meetbrief van het desbetreffende zeeschip; en
- b. de bijlbrief, de koopbrief of een ander bewijsstuk van eigendom, of een stuk waaruit de titel krachtens welke de levering van het desbetreffende zeeschip aan de aanvrager zal plaatsvinden binnen vier weken na de dag waarop de aanvraag wordt gedaan.
Bij de aanvraag van inschrijving in het vlagregister, bedoeld in artikel 6, eerste en derde lid, van de rijkswet, wordt door of namens de reder, bedoeld in artikel 4, onderscheidelijk de eigenaar, bedoeld in artikel 6, tevens het brandmerk van het zeeschip aangeleverd.
Artikel 8. – Wijziging bewijsstukken of gegevens aanvraag
Van iedere wijziging van de bij de aanvraag verstrekte bewijsstukken of gegevens, bedoeld in artikelen 4 tot en met 6, wordt zo spoedig mogelijk schriftelijke mededeling gedaan aan de minister, indien die wijziging kennelijk van betekenis is voor het voldoen aan de eisen, bedoeld in artikel 194a van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek.
Bij een mededeling als bedoeld in het eerste lid wordt, voor zover van toepassing, een opgave, verklaring of afschrift als bedoeld in artikelen 4 tot en met 6 overgelegd.
Indien de gegevens op de bij de aanvraag ingediende voorlopige meetbrief, bedoeld in artikel 7, onderdeel a, afwijken van de gegevens op de definitieve meetbrief, wordt daarvan zo spoedig mogelijk schriftelijke mededeling gedaan aan de minister.
Bij een mededeling als bedoeld in het derde lid wordt, voor zover van toepassing, een definitieve meetbrief overgelegd.
Artikel 9. – Kennisgeving informatieplicht
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.