Besluit van de inspecteur-generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit namens de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 april 2025 vaststelling van het Specifiek interventiebeleid NVWA attractie- en speeltoestellen (IB03-SPEC 46, versie 09)
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 25 van de Warenwet, de artikelen 10, eerste lid, onderdeel d, en 13a van de Mandaatregeling VWS en het Algemeen interventiebeleid NVWA 2024;
Besluit vast te stellen de volgende beleidsregel:
1. Onderwerp
Het Specifiek interventiebeleid NVWA attractie- en speeltoestellen beschrijft, binnen de kaders van het Algemeen interventiebeleid NVWA 2024 (NVWA-IB03) (AIB) en het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 (WAS 2023), de klasse-indeling en interventies voor specifieke overtredingen binnen het toezichtdomein attractie- en speeltoestellen.
Overtredingen die door de inspecteur worden waargenomen en die niet in deze beleidsregel zijn opgenomen, worden voorgelegd aan de afdeling Expertise van de directie Handhaven van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
2. Begrippen
2.1. Definities
Hieronder is een aantal specifieke definities opgenomen in aanvulling op de definities en begrippen uit het AIB.
Certificaat afgegeven door een door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (hierna: de Minister) aangewezen keuringsinstelling (AKI), waaruit blijkt dat het attractie- of speeltoestel is goedgekeurd en voldoet aan de eisen van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 (WAS2023).
Alle vormen van verwonding die ingrijpende en nadelige, mogelijk blijvende of fatale gevolgen hebben voor personen en waarvoor professionele medische behandeling nodig is.
Alle vormen van verwonding die geringe nadelige gevolgen hebben voor personen en waarvoor geen professionele medische behandeling nodig is.
Een door een inspecteur van de NVWA op het attractie- of speeltoestel aangebrachte aanduiding waaruit blijkt dat het betreffende toestel niet aan de wettelijke eisen van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 voldoet.
Een merkteken afgegeven of aangebracht door een AKI, waaruit blijkt dat het attractie- of speeltoestel is goedgekeurd en voldoet aan de eisen van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023.
Een identificatienummer dat door de NVWA wordt uitgegeven en dat door een AKI op een attractie- of speeltoestel wordt aangebracht.
2.2. Wettelijke basis
De wettelijke basis voor het specifiek interventiebeleid is de Warenwet met het onderliggende Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 en de Warenwetregeling attractie- en speeltoestellen.
3. Werkwijze
Interventies om de overtreding van het WAS2023 te beëindigen en (eventuele) gevaren die daar het gevolg van zijn weg te nemen of te verminderen vormen de basis van het SPEC46.
Het WAS 2023 staat zowel bestuursrechtelijke als strafrechtelijke interventies toe. Het toepassen van strafrechtelijke interventies betekent geen uitsluiting van het toepassen van corrigerende interventies onder het bestuursrecht. Het waarborgen van de veiligheid heeft altijd de hoogste prioriteit.
Indien een onderwerp niet behandeld wordt in het SPEC46 wordt het AIB gevolgd.
3.1. Het bepalen van de ernst van de overtreding
Overtredingen worden ingedeeld naar de klassen zoals gedefinieerd in het AIB.
Bij het bepalen van de ernst van de overtreding bij de handhaving van het WAS wordt het spelelement dat essentieel is bij attractie- en speeltoestellen meegewogen. Voor iedereen, maar in het bijzonder kinderen, geldt dat zij spelenderwijs leren omgaan met risico’s; voor deze inherente speelrisico’s wordt enig letsel dat kan worden opgelopen geaccepteerd.
Bij het beoordelen van de op te leggen interventie wordt rekening gehouden met de ernst van het gevaar voor de gezondheid of veiligheid van de consument/gebruiker van het attractie- of speeltoestel. Het gevaar kan direct of indirect aanwezig zijn. Van direct gevaar is onder andere sprake als een toestel een technisch mankement heeft of verkeerd geïnstalleerd is. Van indirect gevaar kan sprake zijn als de vereiste documenten ontbreken (zoals het Certificaat van Goedkeuring) of het stelsel wordt ondermijnd (zoals een ongelijk speelveld creëren). Ook wordt gekeken of er sprake is van calculerend en/of bewust risiconemend gedrag door de fabrikant/gemachtigde van de fabrikant/importeur/distributeur/verhuurder/ beheerder/huurder van het attractie- of speeltoestel.
De inspecteur bepaalt en onderbouwt op basis van de feiten en omstandigheden het gevaar van de overtreding en daarmee de overtredingsklasse (de ernst van de overtreding).
In de bijlage zijn normen in twee of meer overtredingsklassen ingedeeld, zwaar, middelzwaar en/of licht, omdat de klassenindeling van de overtreding afhankelijk is van de feiten en omstandigheden van het geval. De inspecteur zal op basis van de feiten en omstandigheden de overtredingsklasse hanteren die behoort bij de ernst van de overtreding.
Er is sprake van een zware overtreding wanneer een attractie- of speeltoestel wordt vervaardigd, verhandeld of gebruikt dat niet voldoet aan een wettelijke eis waardoor in een realistisch scenario ernstig letsel kan worden veroorzaakt.
Er is tevens sprake van een zware overtreding indien geen gevolg is gegeven aan een maatregel met eis tot herstel of behandeling, of als een eerder buiten gebruik gesteld toestel toch in gebruik is.
Voorts is sprake van een zware overtreding wanneer de verplichte keurings- en/of beoordelingsprocedure niet is nageleefd voor:
Ook is er sprake van een zware overtreding als een attractietoestel niet tijdig bij de NVWA is aangemeld én het:
Er is tevens sprake van een zware overtreding wanneer er getracht wordt de verplichte keurings- en/of beoordelingsprocedure bij een andere AKI te laten uitvoeren voordat het aangeboden toestel is goedgekeurd door de AKI waar het toestel als eerste is aangeboden ter keuring.
Er is sprake van een middelzware overtreding wanneer een attractie- of speeltoestel dat wordt vervaardigd, geproduceerd, verhandeld of gebruikt niet voldoet aan een wettelijke eis en dat daardoor in een realistisch scenario letsel kan worden veroorzaakt.
Er is tevens sprake van een middelzware overtreding indien beheersverplichtingen niet aantoonbaar, onvoldoende of niet tijdig worden uitgevoerd.
Voorts is sprake van een middelzware overtreding wanneer de verplichte keurings- en/of beoordelingsprocedure niet is nageleefd voor een speeltoestel, waarvan de gevaren eenvoudig kunnen worden vastgesteld en er geen letsel kan ontstaan.
Ook is sprake van een middelzware overtreding wanneer een attractietoestel of speeltoestel niet tijdig bij de NVWA is aangemeld. In een tweetal uitzonderingen kan worden opgeschaald tot een zware overtreding (zie zware overtreding).
Daarnaast is er sprake van een middelzware overtreding wanneer een ongeval met ernstig letsel niet onverwijld is gemeld bij de NVWA.
Er is sprake van een lichte overtreding wanneer een attractie- of speeltoestel dat wordt verhandeld of gebruikt niet voldoet aan een wettelijke eis, maar waardoor geen aantoonbaar veiligheidsrisico bestaat voor personen.
In de bijlage zijn de bepalingen van de geldende wetgeving ingedeeld in een overtredingsklasse met bijbehorende interventie(s).
3.2. Het bepalen van interventies bij een overtreding
3.2.1. Corrigerende interventies
Voor deze beleidsregel specifieke voorbeelden van corrigerende interventies zijn:
Op grond van artikel 27, lid 1, WaW, wordt de marktpartij van een attractie- of speeltoestel opgedragen binnen een gestelde termijn aan het toestel vastgestelde tekortkomingen ten opzichte van de wettelijke eisen te verhelpen.
Op grond van artikel 30, lid 1, WaW, wordt een attractie- of speeltoestel buiten gebruik gesteld. Ten bewijze daarvan wordt het toestel door de inspecteur van de NVWA verzegeld.
3.2.2. Bestraffende sancties
Bestraffende sancties zijn bedoeld om te straffen en dienen als afschrikkend middel. Deze interventie wordt toegepast bij de zware overtredingen en bij de herhaalde middelzware en lichte overtredingen.
Een bestraffende sanctie kan worden opgelegd op grond van het bestuurs- of strafrecht. Voor het strafrecht houdt dit in dat de inspecteur een proces-verbaal opmaakt dat daarna wordt voorgelegd aan het Openbaar Ministerie voor verdere afdoening. Voor het bestuursrecht betekent dit dat de inspecteur een Rapport van Bevindingen opmaakt ten behoeve van het opleggen van een bestuurlijke boete.
De NVWA kan bij overtredingen van het WAS 2023 bestuursrecht en strafrecht toepassen. In algemene zin sluit dit specifiek interventiebeleid daarmee aan bij het AIB. Specifiek voor het WAS 2023 kan strafrechtelijke afhandeling worden toegepast in de volgende gevallen:
3.3. Herhaalde overtreding en herinspectie
Er is sprake van een herhaalde overtreding wanneer tijdens een (her)inspectie opnieuw een overtreding van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen 2023 wordt vastgesteld. Meer specifiek van artikel 4 van dit besluit. Dit is van toepassing in het geval een dergelijke overtreding bij de overtreder in de daaraan voorafgaande periode van 2 jaar reeds eerder is geconstateerd.
Na het constateren van een zware of middelzware overtreding kan een extra inspectie worden uitgevoerd om na te gaan of gemaakte afspraken over het opheffen van de overtreding zijn nagekomen.
4. Divers
Deze beleidsregel vervangt het op 19 december 2023 vastgestelde Specifiek interventiebeleid NVWA attractie- en speeltoestellen (IB03-SPEC 46, versie 08).
Deze beleidsregel wordt aangehaald als “Specifiek interventiebeleid NVWA attractie- en speeltoestellen (IB03-SPEC 46, versie 09)”.
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin hij wordt geplaatst.
Bijlage bij IB03-SPEC 46, versie 09: IB03-SPEC46 Interventiematrix SPEC 46 Attractie- en Speeltoestellen Versie 09
IB03-SPEC46 Interventiematrix SPEC 46 Attractie- en Speeltoestellen Versie 09
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.