Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 8 mei 2025, nr. IENW/BSK-2025/101742, houdende regels omtrent het gemengd afmeren van schepen die gevaarlijke stoffen vervoeren (Regeling gemengd afmeren)

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 6.28, twaalfde lid, onderdeel c, vijftiende en zeventiende lid, en 7.07, vierde en vijfde lid, van het Binnenvaartpolitiereglement;

BESLUIT:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Aanwijzing schepen en ligplaatsen en wachtplaatsen voor gemengd afmeren
1.

Als categorieën schepen als bedoeld in de artikelen 6.28, twaalfde lid, onderdeel c, en vijftiende lid, en 7.07, vierde lid, van het Binnenvaartpolitiereglement worden aangewezen alle binnenschepen of zeeschepen waarvoor een certificaat van onderzoek als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Binnenvaartwet is afgegeven, met uitzondering van:

2.

De bevoegde autoriteit, genoemd in de artikelen 6.28, twaalfde lid, onderdeel c, en vijftiende lid en 7.07, vierde lid, van het Binnenvaarpolitiereglement, kan bij de aanwijzing van een ligplaats of wachtplaats voor gemengd afmeren bepalen dat schepen die behoren tot een daarbij aan te wijzen categorie schepen hiervan geen gebruik kunnen maken.

3.

De bevoegde autoriteit, genoemd in de artikelen 6.28, twaalfde lid, onderdeel c, en vijftiende lid, en 7.07, vierde lid, van het Binnenvaarpolitiereglement, neemt bij de aanwijzing van een ligplaats of wachtplaats voor gemengd afmeren het volgende in acht:

4.

De bevoegde autoriteit, genoemd in de artikelen 6.28, twaalfde lid, onderdeel c, vijftiende lid, en 7.07, vierde lid, van het Binnenvaarpolitiereglement, trekt de aanwijzing van een ligplaats of wachtplaats in indien niet langer aan de voorwaarden, bedoeld in het derde lid, onderdelen c en d, wordt voldaan.

5.

Op aangewezen ligplaatsen en wachtplaatsen worden de verkeerstekens E.5.2 of E.7, bedoeld in bijlage 7 bij het Binnenvaartpolitiereglement, aangebracht met daaronder een bord F.4, bedoeld in bijlage 7 bij het Binnenvaartpolitiereglement, met daarop de tekst ‘Gemengd afmeren’.

Artikel 3. Verboden
1.

Het is verboden op of met een schip dat gemengd is afgemeerd de volgende activiteiten uit te voeren:

2.

De bevoegde autoriteit, genoemd in de artikelen 6.28, twaalfde lid, onderdeel c, vijftiende lid, en 7.07, vierde lid, van het Binnenvaarpolitiereglement, kan bij de aanwijzing van een ligplaats of wachtplaats voor daarbij aan te wijzen categorieën schepen bepalen dat het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel f, niet van toepassing is en kan daarbij aanvullende eisen stellen.

3.

Onverminderd artikel 7.08 van het Binnenvaartpolitiereglement kan de bevoegde autoriteit, genoemd in de artikelen 6.28, twaalfde lid, onderdeel c, vijftiende lid, en 7.07, vierde lid, van het Binnenvaarpolitiereglement, ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel c, aan schepen die direct aan de steiger afgemeerd liggen, onder voorwaarde dat er contactgegevens worden achtergelaten van een persoon die het schip kan verhalen en zo nodig binnen een uur aanwezig kan zijn.

4.

Het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdelen k en l, geldt niet bij het schutten.

5.

Artikel 1.02, tweede lid, van het Binnenvaartpolitiereglement is van overeenkomstige toepassing op dit artikel.

Artikel 4

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2025.

Artikel 5

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling gemengd afmeren.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.