Besluit van de Raad voor Accreditatie van 3 juli 2025 tot vaststelling van Beleidsregel Accreditaties (RvA-BR001-NL) en intrekking diverse beleidsregels
Het bestuur van de Raad voor Accreditatie,
Gelet op artikel 4 Wet aanwijzing nationale accreditatie-instantie en artikel 4:81 Algemene Wet Bestuursrecht,
Besluit:
Per 15 september 2025 worden de volgende beleidsregels ingetrokken:
Aansluitend op de intrekking van bovengenoemde beleidsregels wordt de Beleidsregel Accreditaties (RvA-BR001-NL) vastgesteld. Deze treedt op 15 september 2025 in werking.
Dit besluit zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Bijlage
Beleidsregel Accreditatie (RvA-BR001-NL)
Het bestuur van de Stichting Raad voor Accreditatie (RvA) heeft, gelet op artikel 4 van de Wet aanwijzing nationale accreditatie-instantie voor zijn dienstverlening, Beleidsregel Accreditaties (RvA-BR001) vastgesteld.
Hoofdstuk 1. Toepassingsgebied en definities
Paragraaf 1. Toepassingsgebied
Artikel 1. Toepassingsgebied
Deze beleidsregel geldt voor het accrediteren van instellingen die conformiteitsbeoordelingsactiviteiten uitvoeren, zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet aanwijzing nationale accreditatie-instantie.
Paragraaf 2. Definities
Artikel 2. Definities EN ISO/IEC 17000 en Verordening (EG) 765/2008
De definities uit EN ISO/IEC 17000 en de definities uit Verordening (EG) 765/2008 zijn van toepassing.
Artikel 3. Afkortingen
Artikel 4. Definities RvA
Hoofdstuk 2. Algemene informatie
Paragraaf 3. Nationale accreditatie-instantie
Artikel 5. Nederlandse nationale accreditatie-instantie
Artikel 6. Basis voor werkwijze RvA
De RvA baseert haar werkwijze op:
Artikel 7. Accreditatievereisten
Artikel 8. Accreditatiespecificatie RvA
Artikel 9. Informatieve documenten
De RvA publiceert ook niet-verplichtende documenten die instellingen en andere belanghebbenden uitleg geven over normen of onderwerpen. Deze informatieve documenten maken geen deel uit van de formele accreditatievereisten.
Deze document worden aangeduid als INF-document.
Artikel 10. Taal RvA-documenten
De RvA stelt haar documenten beschikbaar in het Nederlands en/of in het Engels. Bij verschil is de Nederlandse versie leidend.
Artikel 11. Normen voor accreditatie
Accreditatie wordt verleend volgens een van de onderstaande normen voor accreditatie. Per norm is tevens aangegeven wat voor type instelling(en) onder de betreffende norm bedoeld wordt en welke ASR van toepassing is op het betreffende type instelling.
Artikel 12. Prioriteit CBI’s in Nederland
De RvA richt zich primair op instellingen in Nederland.
Artikel 13. Veiligheid buiten Nederland
De RvA levert geen diensten in landen waar de veiligheid van zijn medewerkers niet kan worden gewaarborgd. Het reisadvies van het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken is leidend.
Artikel 14. Algemeen beleid accreditatie over de landsgrens
Bij aanvragen van buitenlandse CBI’s hanteert de RvA de volgende uitgangspunten:
Artikel 15. Uitbesteding accreditatiebeoordelingen binnen EA-MLA-regio
De RvA kan de accreditatiebeoordelingen in het buitenland uitbesteden aan de lokale AB, als die aangesloten is bij de multilaterale afspraken van EA, IAF of ILAC. Dat geldt zowel voor:
Binnen de EA regio past de RvA de werkwijze toe zoals beschreven in document EA-2/13 EA Cross Border Accreditation Policy and Procedure for Cross Border Cooperation between EA Members.
Artikel 16. Accreditatie aan CBI’s binnen EA-MLA-regio
Voor accreditatie binnen de EA-MLA-regio volgt de RvA de regels uit artikel 7 van de Verordening (EG) 765/2008:
Artikel 17. Accreditatie aan CBI’s buiten EA-MLA-regio
Paragraaf 4. Vertrouwelijkheid, onafhankelijkheid, onpartijdigheid RvA
Artikel 18. Vertrouwelijkheid
Artikel 19. Wet open overheid
De RvA valt onder de Wet open overheid (Woo) en behandelt Woo-verzoeken volgens de regels uit die wet. Daarbij houden we ook rekening met de vertrouwelijkheid zoals omschreven in Artikel 18.
Artikel 20. Bescherming van RvA-medewerkers
Een CBI mag medewerkers van de RvA nooit in een situatie brengen die hun onafhankelijkheid, objectiviteit, veiligheid of gezondheid in gevaar kan brengen.
Artikel 21. Onafhankelijkheid en onpartijdigheid RvA
Paragraaf 5. Werkterreinen RvA
Artikel 22. Werkterreinen van de RvA
Artikel 23. Aanvragen voor nieuwe accreditatieactiviteiten
Artikel 24. Wijzigingen in werkterreinen
De RvA past de werkterreinen zoals bedoeld in Artikel 22 aan als:
Als we besluiten om een werkterrein te beperken of stop te zetten, stemmen we daarover af met de betrokken partijen.
Artikel 25. Inactieve werkterreinen
Een werkterrein waarvoor de RvA geen lopende accreditaties meer heeft uitstaan, beschouwen we als inactief. Als een CBI later accreditatie aanvraagt voor zo’n werkterrein, dan bepaalt de RvA wat nodig is om het werkterrein weer actief te maken.
Paragraaf 6. Algemene beginselen accreditatie
Artikel 26. Accreditatie op aanvraag
Artikel 27. Niet overdraagbaarheid accreditatie
Paragraaf 7. Eisen accreditatiebeoordeling voor accreditatie
Artikel 28. Basis voor toekenning accreditatie
De basis van een scope die door de RvA voor een accreditatie wordt toegekend, wordt gegeven door:
Artikel 29. Eisen beoordelingsactiviteiten voor accreditatie
De RvA verleent alleen accreditatie als:
Artikel 30. Beoordelingsmethoden
De RvA bepaalt voor iedere beoordeling de benodigde omvang en de beoordelingsmethoden. De RvA past een of meer van de navolgende beoordelingsmethoden in haar beoordelingsonderzoeken toe:
Artikel 31. Samenstelling van beoordelingsteams
Hoofdstuk 3. Proces aanvraag en vooronderzoek
Paragraaf 8. Aanvraag tot accreditatie
Artikel 32. Aanvragen van een RvA-account
Een instelling die nog geen account heeft bij de RvA, kan via de quickscan op de RvA website een account aanvragen. Dit account geeft toegang tot het online platform waar accreditatieaanvragen kunnen worden ingediend.
Artikel 33. Indienen van een accreditatieaanvraag
Artikel 34. Aanvullen van de aanvraag
Artikel 35. Aanvraag wordt niet in behandeling genomen
Naast de regels in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht behandelt de RvA een aanvraag niet verder in de volgende gevallen:
Paragraaf 9. Vooronderzoek
Artikel 36. Procedure vooronderzoek
Hoofdstuk 4. beoordelingsproces
Paragraaf 10. Accreditatiebeoordeling
Artikel 37. Initiële accreditatiebeoordeling
Bij een initiële accreditatiebeoordeling beoordeelt de RvA of de CBI aan alle accreditatievereisten voldoet. Dit gebeurt op basis van het systeem dat de CBI heeft vastgelegd, de manier waarop het systeem in de praktijk is ingevoerd en hoe de werkzaamheden binnen de aangevraagde scope van accreditatie worden uitgevoerd.
Artikel 38. Aanleveren informatie en medewerking CBI
Als niet goed wordt voldaan aan de hiervoor genoemde punten, kan de beoordeling niet volledig worden uitgevoerd of moet deze (deels) worden uitgesteld. Het risico bestaat dat dan geen besluit binnen de normale termijn worden genomen. Dit risico ligt bij de CBI.
Artikel 39. Verloop van een accreditatiebeoordeling
Artikel 40. Beeld- en geluidsopnames alleen met toestemming CBI
Beeld- en geluidsopnames worden alleen gemaakt tijdens een beoordeling als deze noodzakelijk zijn. Toestemming vooraf van de CBI is noodzakelijk. Na besluitvorming over de betreffende beoordeling worden ze vernietigd.
Artikel 41. Voortijdig stopzetten van de beoordeling
De RvA stopt een beoordeling direct – en mogelijk ook het hele accreditatieproces – als sprake is van:
Artikel 42. Slotbijeenkomst
Een kantooronderzoek wordt afgesloten met een slotbijeenkomst. Daarin licht het team de belangrijkste bevindingen toe. Als er afwijkingen zijn geconstateerd, worden die mondeling toegelicht aan de vertegenwoordiger van de CBI.
Artikel 43. Bevindingen rapport
Artikel 44. Eindrapport zonder vervolgbeoordeling
Als er bij de beoordeling geen afwijkingen zijn vastgesteld, wordt het eindrapport opgesteld en gedeeld met de CBI. Dit gebeurt via het online platform na afronding van de reactietermijn zoals genoemd in Artikel 43.
Artikel 45. Verspreiding van RvA-eindrapport en afwijkingenrapport
Paragraaf 11. Afwijkingen: vaststelling en rapportage
Artikel 46. Vaststellen afwijkingen
Wanneer een situatie niet voldoet aan de accreditatievereisten, wordt deze door de RvA-beoordelaar als afwijking gecategoriseerd (A of B) en gerapporteerd.
De Lead Assessor is verantwoordelijk voor de uiteindelijke bevestiging van de afwijkingen.
Artikel 47. Aanvang termijn vastgestelde afwijkingen
De termijn voor corrigerende maatregelen begint op het moment dat het afwijkingenrapport in het online platform beschikbaar is voor de CBI, dit is in principe de dag van de slotbijeenkomst.
Paragraaf 12. Afwijkingen: aspecten ter beantwoording door CBI
Artikel 48. Reactie op afwijkingen in online platform
De afhandeling van de afwijkingen vindt plaats in het online platform. Zowel de CBI als de RvA leggen hierin hun respectievelijke reacties vast. Soms is extra onderzoek nodig, bijvoorbeeld op locatie.
Artikel 49. Analyse van de oorzaak en omvang
De RvA toetst of de CBI een toereikende analyse heeft uitgevoerd van.
Artikel 50. Correcties en corrigerende maatregelen
De RvA beoordeelt of de CBI een toereikende analyse heeft uitgevoerd van:
In de eerste reactie op de afwijking mag de CBI t.a.v. de corrigerende maatregelen ook volstaan met het benoemen van de voorgenomen corrigerende maatregel inclusief tijdstermijn voor implementatie. Het beoordelingsteam van de RvA beoordeelt vervolgens of dit voldoende is om de afwijking op grond hiervan af te sluiten, of dat alsnog in een tweede ronde bewijs van implementatie van de corrigerende maatregelen en /of beoordeling van de effectiviteit van genomen maatregelen dient te worden overgelegd.
Artikel 51. Beoordeling van effectiviteit
De CBI is primair verantwoordelijk voor het aantonen dat de genomen maatregelen daadwerkelijk effectief zijn.
Indien de ernst van de afwijking en/of de aard van de reactie op de te nemen of genomen corrigerende maatregelen daartoe aanleiding geeft, kan de RvA besluiten de CBI te vragen bewijs van de effectiviteit van de genomen maatregelen te overleggen alvorens de afwijking te kunnen sluiten.
De RvA beoordeelt in dat geval of de oorzaak van de afwijking is weggenomen en de toegepaste maatregelen aantoonbaar leiden tot borging van de oplossing. De afwijking wordt pas gesloten wanneer voldoende is aangetoond dat de maatregelen daadwerkelijk effect hebben gesorteerd.
Artikel 52. Termijn 1e beantwoording B-afwijking
De RvA ontvangt binnen maximaal zes weken na de vaststelling van de afwijkingen zoals genoemd in Artikel 47 een reactie van de CBI in het online platform. Deze reactie moet per B-afwijking ingaan op:
Artikel 53. Termijn 1e beantwoording A-afwijkingen
Bij A-afwijkingen gelden kortere termijnen:
Paragraaf 13. Vervolgbeoordelingen
Artikel 54. Aard en omvang vervolgbeoordeling
De Lead Assessor geeft tijdens de slotbijeenkomst een indicatie van de omvang van de vervolgbeoordeling.
Artikel 55. (Aanvullende) vervolgbeoordeling
Artikel 56. Eindrapport na vervolgbeoordeling
Na de vervolgbeoordeling(en) stelt de RvA een eindrapport op. Dit is een samenvoeging met het bevindingenrapport, indien er een of meerdere afwijkingen niet gesloten konden worden geeft de Lead Assessor een negatief advies ten aanzien van de accreditatiebeoordeling.
Paragraaf 14. Het besluit over accreditatie
Artikel 57. Informatie voor de besluitvorming
De RvA neemt een besluit over het al dan niet verlenen van accreditatie op basis van de documenten en adviezen:
Artikel 58. Commissie Accreditaties
Bij een initiële beoordeling, een herbeoordeling of een opgelegde intrekking van een registratie wordt de Commissie Accreditaties betrokken:
Artikel 59. Termijn voor besluitvorming
Een deel van deze periode is nodig voor de vervolgstappen zoals beschreven in Paragraaf 13 en Paragraaf 14.
Artikel 60. Negatief besluit
Als binnen de gestelde termijnen niet is aangetoond dat aan alle accreditatievereisten is voldaan, kan de RvA een negatief besluit nemen over de aanvraag voor (uitbreiding van de) accreditatie.
Hoofdstuk 5. Beschikking, accreditatieverklaring, bijlage en scope
Paragraaf 15. Accreditatiebeschikking en voorwaarden
Artikel 61. Accreditatiebeschikking en voorwaarden
Artikel 62. Geldigheidsduur accreditatieverklaring
De accreditatieverklaring en de bijlage zijn even lang geldig, namelijk maximaal vier jaar vanaf de datum van het besluit over de initiële beoordeling of herbeoordeling. De RvA kan bepalen dat de accreditatieverklaring en de bijlage slechts voor een beperkte periode geldig zijn.
Artikel 63. Toesturen accreditatieverklaring en bijlage
De RvA verstuurt, behalve de beschikking, ook de:
Deze documenten worden opgesteld in de Nederlandse taal of Engelse taal. Op verzoek zijn deze ook in beide talen beschikbaar.
Paragraaf 16. Tenaamstelling en locaties
Artikel 64. Tenaamstelling accreditatie
Artikel 65. Vestigingslocaties op de bijlage bij de accreditatieverklaring
Artikel 66. Virtuele locatie
Paragraaf 17. Scope van accreditatie
Artikel 67. Geldigheidsperiode scope
Een scope kan gedurende de geldigheidsperiode van de bijlage bij de accreditatieverklaring ongewijzigd worden gehandhaafd zolang de RvA tijdens de beoordelingen vaststelt dat het managementsysteem van de CBI voor die scope goed werkt en effectief is geweest.
Artikel 68. Gelijkwaardigheid van (inter)nationale norm
Als de RvA accreditatie heeft verleend voor werk volgens een internationale norm (zoals ISO, IEC of EN) dan geldt die accreditatie ook voor een regionale of nationale versie van diezelfde norm (en andersom), zolang de CBI vooraf aantoont dat de normen gelijk zijn.
Artikel 69. Valideren van activiteiten scope
Artikel 70. Documentversie op de scope
Artikel 71. Uitbreiding bij gewijzigde versie normatief document
Als een nieuwe versie andere competenties vraagt van de CBI, kan de RvA bepalen dat de CBI een aanvraag voor uitbreiding van de accreditatie moet indienen (zie Paragraaf 23). De RvA informeert de CBI hierover.
Artikel 72. Omgang CBI met wijzigingen in normatieve documenten
Tijdens de accreditatiecyclus controleert de RvA of de CBI wijzigingen in normdocumenten goed heeft verwerkt in haar processen en systeem. Daarbij beoordeelt de RvA ook hoe de CBI zelf met zulke wijzigingen is omgegaan.
Artikel 73. Wet- en regelgeving op scopes
Artikel 74. Tijdelijke accreditatie met beperkende voorwaarden (TAB)
Artikel 75. Vrijwillige toetsing tegen wettelijke vereisten
Artikel 76. Uitbestede activiteiten op scope
De RvA neemt geen activiteiten op in de scope van accreditatie van een CBI, als de CBI deze activiteiten structureel en volledig uitbesteedt aan andere partijen.
Artikel 77. Twee jaar geen uitvoering activiteiten
Hoofdstuk 6. Beoordelingsprogramma accreditatiecyclus
Paragraaf 18. Accreditatiecyclus
Artikel 78. Accreditatiecyclus
Artikel 79. Beoordelingsprogramma accreditatiecyclus
Artikel 80. Besluit bij controlebeoordeling
Artikel 81. Inhoud en omvang van de herbeoordeling
De RvA bepaalt de inhoud en omvang van de herbeoordeling op basis van:
Artikel 82. Administratieve verlenging geldigheid accreditatie
Als de RvA niet op tijd een besluit kan nemen over het verlengen van de accreditatie, dan kan de geldigheid van de accreditatieverklaring en de bijlage met maximaal zes maanden administratief worden verlengd.
Paragraaf 19. Reguliere beoordelingen
Artikel 83. Aard, inhoud en omvang van reguliere beoordeling
De RvA volgt voor reguliere beoordelingen de onderstaande algemene richtlijnen:
Op basis van al deze onderdelen stelt de RvA een beoordelingsplan op voor de reguliere beoordeling.
Paragraaf 20. Toevoegen extra beoordeling aan beoordelingsprogramma
Artikel 84. Extra beoordeling op basis van wijzigingen
De RvA kan een extra beoordeling toevoegen aan het beoordelingsprogramma als:
Artikel 85. Extra beoordeling op basis van extern signaal
Als via derden informatie binnenkomt bij de RvA, bijvoorbeeld via een melding (zie Artikel 115), publicatie of andere bron, waaruit blijkt dat er twijfel is of de CBI nog aan de accreditatievereisten voldoet, dan kan het bestuur van de RvA besluiten om een extra beoordeling uit te voeren bij de CBI.
Artikel 86. Uitvoering en afhandeling extra beoordeling
Een extra beoordeling wordt uitgevoerd en afgehandeld volgens Hoofdstuk 4 met uitzondering van Artikel 58.
Paragraaf 21. Minder en meer intensief beoordelingsprogramma
Artikel 87. Aanpassing beoordelingsprogramma
De RvA kan besluiten om het beoordelingsprogramma aan te passen, op basis van hoe goed of slecht een CBI heeft gepresteerd bij eerdere accreditatiebeoordelingen:
Artikel 88. Terug naar regulier beoordelingsprogramma
Een aangepast (minder of meer intensief) beoordelingsprogramma kan na iedere reguliere beoordeling weer worden gewijzigd naar het standaard beoordelingsprogramma van de CBI. Dat gebeurt als blijkt dat de reden voor de eerdere aanpassing niet meer van toepassing is.
Paragraaf 22. Buitengewone omstandigheden
Artikel 89. Accreditatiebeoordelingen tijdens buitengewone omstandigheid
Paragraaf 23. Uitbreiding van de accreditatie
Artikel 90. Uitbreiding van de activiteiten of locaties
Artikel 91. Uitbreiding met vestigingslocatie
In aanvulling op Artikel 90 omvat de beoordeling voor een uitbreiding van de accreditatie met een nieuwe vestigingslocatie:
Artikel 92. Redenen om besluit over uitbreiding uit te stellen
Een besluit over een uitbreidingsaanvraag kan worden uitgesteld als:
Artikel 93. Eventueel afwijkende termijn voor afwijking bij uitbreiding
Als bij een uitbreiding afwijkingen worden geconstateerd die ook van invloed zijn op andere geaccrediteerde activiteiten, dan gelden voor deze afwijkingen de standaardtermijnen uit Paragraaf 11.
Artikel 94. Andere wijziging van de scope
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.