Beleidsregels van de raad van bestuur van de Kansspelautoriteit inzake vergunningen voor het op afstand organiseren van kansspelen 2026 (Beleidsregels vergunningverlening kansspelen op afstand 2026)
gelet op artikel 30k, 31a, 31c, 31g, 31h, 31i, 31k, 31l, 33g, 33h en 35d van de Wet op de kansspelen, artikel 2.1, 3.1, 3.2, 3.3, 3.4, 3.5, 3.6, 4.1, 4.3, 4.5, 4.6, 4.7, 4.8, 4.12, 4.17, 4.18, 4.30, 4.32, 4.41, 4.53, 5.3 en 5.4 van het Besluit kansspelen op afstand, artikel 2, 3a, 7 en 11 van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, artikel 3.19 van de Regeling kansspelen op afstand en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht,
besluit de volgende beleidsregels vast te stellen:
Paragraaf 1. Definities en toepassing
Artikel 1.1. Definities
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
-
- aanvraag: aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 31a, eerste lid, van de wet;
-
- aanvrager: degene die een vergunning als bedoeld in artikel 31a, eerste lid, van de wet aanvraagt;
-
- CRUKS: het centraal register uitsluiting kansspelen als bedoeld in artikel 33h van de wet;
-
- inschrijving: de inschrijving als speler als bedoeld in artikel 31k van de wet;
-
- keuringsrapport: rapport als bedoeld in artikel 4.53, derde lid, van het Besluit kansspelen op afstand;
-
- kwetsbare groepen van personen: kwetsbare groepen als bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, waaronder in ieder geval worden begrepen minderjarigen, personen die kenmerken van risicovol spelgedrag vertonen, consumenten met een lage sociaaleconomische status, laaggeletterden, consumenten met een beperkte kennis van de Nederlandse taal, consumenten op hoge leeftijd en consumenten met een verstandelijke beperking;
-
- matchfixing: de manipulatie van gebeurtenissen tijdens wedstrijden of sportcompetities of van uitslagen van wedstrijden of sportcompetities door op oneigenlijke wijze een wedstrijd of sportcompetitie te beïnvloeden;
-
- raad van bestuur: raad van bestuur als bedoeld in artikel 33a van de wet;
-
- tegoeden van de spelers: het totale saldo van de tegoeden van de afzonderlijke spelers bij een vergunninghouder, waaronder begrepen de door spelers behaalde speelwinsten en bonussen;
-
- vergunninghouder: degene die op het moment van de aanvraag beschikt over een vergunning als bedoeld in artikel 31a, eerste lid, van de wet;
-
- verklaring omtrent het gedrag: verklaring als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens;
-
- voormalige vergunninghouder: degene die voorafgaand aan de aanvraag beschikte over een vergunning als bedoeld in artikel 31a, eerste lid, van de wet;
-
- wet: Wet op de kansspelen;
Artikel 1.2. Toepassing
Deze beleidsregels hebben betrekking op het indienen van een aanvraag vanaf 1 januari 2026 voor het op afstand organiseren van kansspelen, op de beoordeling daarvan door de raad van bestuur en op voorschriften en beperkingen die aan de vergunning kunnen worden verbonden.
Paragraaf 2. Algemene bepalingen
Artikel 2.1. Aanvraag
De aanvraag wordt ingediend via het formulier op het speciaal daartoe bestemde gedeelte op de website van de Kansspelautoriteit dat is bedoeld voor de reguliere behandeling van een aanvraag.
Artikel 2.2. Aanvraagprocedure vergunninghouders
Een vergunninghouder dient zijn aanvraag in via het formulier op het speciaal daartoe bestemde gedeelte op de website van de Kansspelautoriteit dat is bedoeld voor de aanvraagprocedure voor vergunninghouders.
Voor zover in deze beleidsregels de aanvraagprocedure voor vergunninghouders mogelijk wordt gemaakt, verklaart de vergunninghouder op het in het eerste lid genoemde formulier, per onderdeel van zijn aanvraag, dat hij voldoet aan alle voor dat onderdeel geldende wet- en regelgeving voor het organiseren van kansspelen op afstand.
De aanvraagprocedure voor vergunninghouders is niet van toepassing op:
- a. een onderdeel van de aanvraag waarin relevante wijzigingen als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, onder a, van het Besluit hebben plaatsgevonden waarover de vergunninghouder de raad van bestuur niet heeft geïnformeerd; of
- b. als een vergunninghouder bij een onderdeel niet overeenkomstig het tweede lid naar waarheid kan verklaren dat hij voldoet aan alle voor dat onderdeel geldende wet- en regelgeving voor het organiseren van kansspelen op afstand.
In dat geval verstrekt de vergunninghouder alle bij dat onderdeel van de aanvraag vereiste documenten en informatie.
Onverlet hetgeen in dit artikel is bepaald verstrekt een vergunninghouder op verzoek van de raad van bestuur nadere informatie of documenten per onderdeel van de aanvraag, indien daar naar het oordeel van de raad van bestuur aanleiding toe is.
Indien daar naar het oordeel van de raad van bestuur aanleiding toe is, kan de raad van bestuur bepalen dat de aanvraagprocedure voor vergunninghouders voor een of meerdere onderdelen van de aanvraag niet van toepassing is op een vergunninghouder.
Artikel 2.3. Taal
De formulieren als bedoeld in artikelen 2.1 en 2.2, de daarbij behorende bijlagen en alle overige bij de aanvraag behorende bescheiden of documenten worden ingevuld dan wel aangeleverd in de Nederlandse taal, tenzij anders is bepaald.
Onverminderd hetgeen in het eerste lid is bepaald, kan de raad van bestuur de aanvrager verzoeken ook originele exemplaren van vertaalde bescheiden of documenten aan te leveren.
Artikel 2.4. Exitplan
Een aanvrager verstrekt bij zijn aanvraag een exitplan, dat is bedoeld voor de situatie dat de aanvrager als vergunninghouder bij het eindigen van een vergunning het spelaanbod afwikkelt, ongeacht op welk moment, op welke wijze en om welke reden de vergunning eindigt, en voor de situatie dat hij het spelaanbod bij het staken daarvan afwikkelt voordat de vergunning eindigt.
Door het in het eerste lid bedoelde exitplan vergewist de aanvrager zich van alle wettelijke en overige verplichtingen die betrekking hebben op het afwikkelen van het spelaanbod en het eindigen van de vergunning.
De aanvrager beschrijft in het in het eerste lid bedoelde exitplan in ieder geval:
- a. de juridische, financiële, fiscale, organisatorische, technische, en communicatieve aspecten van het afwikkelen van het spelaanbod, in het bijzonder voor zover die afwikkeling betrekking heeft op de verhouding met zijn (voormalige) spelers en met de Kansspelautoriteit;
- b. hoe hij waarborgt dat hij alle verplichtingen volledig en tijdig en gedocumenteerd nakomt;
- c. hoe hij waarborgt dat hij tijdens de afwikkeling goed bereikbaar blijft voor zijn (voormalige) spelers en voor de Kansspelautoriteit, welke vaste contactpersoon hij hiervoor tijdens de afwikkeling beschikbaar en bereikbaar houdt en hoe hij zijn (voormalige) spelers en de Kansspelautoriteit over diens contactgegevens informeert;
- d. de wijze van afwikkeling en uitbetaling aan de spelers van de spelerstegoeden en de maatregelen die hij zal nemen indien het terugbetalen van enig spelerstegoed niet mogelijk blijkt als gevolg van toedoen of nalaten van spelers of een andere omstandigheid die niet aan hem kan worden toegerekend, ondanks vergaande inspanningen van zijn kant;
- e. de wijze waarop hij bij het eindigen van de vergunning zal voldoen aan de verplichtingen en de termijnen die betrekking hebben op de in de controledatabank opgenomen gegevens, zoals bedoeld in artikel 4.13 van de Regeling kansspelen op afstand en op alle overige wettelijke verplichtingen en termijnen die betrekking hebben op het bewaren en archiveren van gegevens.
Artikel 2.5. Beleidsregels informatieplicht
Een aanvrager verstrekt bij zijn aanvraag een document waarin hij beschrijft hoe hij waarborgt dat hij voldoet aan het bepaalde in artikel 5.1, tweede lid, van het Besluit kansspelen op afstand, conform de wijze en de onderwerpen zoals beschreven in de Beleidsregels informatieplicht.
Paragraaf 3. Integriteitsbeoordeling
Artikel 3.1. Betrouwbaarheidstoets en Bibob-toets
De raad van bestuur onderwerpt een aanvraag in alle gevallen aan een beoordeling van de betrouwbaarheid als bedoeld in artikel 31i, eerste lid, van de wet en op grond van de wet Bibob.
Artikel 3.2. Betrouwbaarheidstoets vergunninghouders
Voor de beoordeling van de betrouwbaarheid van een vergunninghouder vraagt de raad van bestuur in eerste instantie geen gegevens op die de vergunninghouder al heeft verstrekt in het kader van de aanvraag van de huidige vergunning of in het kader van de in artikel 5.1 van het Besluit kansspelen op afstand genoemde meldplicht.
Artikel 3.3. Vonnis van Nederlandse rechter
De betrouwbaarheid van een aanvrager staat onder andere niet buiten twijfel als bedoeld in artikel 31i, eerste lid, van de wet, als de aanvrager geen uitvoering heeft gegeven aan een onherroepelijk vonnis dan wel aan een uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis van een Nederlandse rechter.
Paragraaf 4. Integriteitsbeleid
Artikel 4.1. Integriteitsbeleid
Ten behoeve van de beoordeling of de aanvrager voldoende heeft gewaarborgd dat de risico’s op fraude met en misbruik van kansspelen en de risico’s op witwassen en financieren van terrorisme worden onderkend en worden voorkomen en dat leidinggevenden, personen op sleutelposities en personen die bij het organiseren van kansspelen met spelers in aanraking komen betrouwbaar zijn, verstrekt de aanvrager bij zijn aanvraag een exemplaar van zijn integriteitsbeleid, waaruit in ieder geval blijkt:
- a. dat de inventarisatie, analyse en evaluatie van integriteitsrisico’s voldoen aan de bij of krachtens de wet gestelde voorschriften; en
- b. hoe het integriteitsbeleid intern wordt geïmplementeerd en toegepast.
De aanvrager verstrekt bij zijn aanvraag een risicoanalyse als bedoeld in artikel 2b, derde lid, van de Wwft.
Artikel 4.2. Beoordeling integriteitsbeleid
Bij de beoordeling van het in artikel 4.1, eerste lid, genoemde integriteitsbeleid betrekt de raad van bestuur in ieder geval de volgende aspecten:
- a. de functies die de aanvrager heeft aangemerkt als integriteitsgevoelig;
- b. de door de aanvrager gehanteerde procedures bij de beoordeling van de functies die hij heeft aangemerkt als integriteitsgevoelig;
- c. de wijze waarop de aanvrager de betrouwbaarheid beoordeelt van de personen die de functies vervullen die de aanvrager heeft aangemerkt als integriteitsgevoelig; en
- d. de maatregelen die de aanvrager treft met het oog op een integere bedrijfsvoering.
Artikel 4.3. Aanvraagprocedure voor vergunninghouders
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.