Regeling van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 25 september 2025, nr. 5460249 houdende vaststelling van het model huisregels voor de afdeling voor intensief toezicht en de extra beveiligde inrichting
Gelet op artikel 5, eerste lid, van de Penitentiaire beginselenwet;
Gezien het advies van de Raad voor de Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming van 3 april 2025, kenmerk 6230876;
Besluit:
Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Penitentiaire beginselenwet (aanvullende maatregelen tegen georganiseerde criminaliteit tijdens detentie) in werking treedt.
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
- a. wet: Penitentiaire beginselenwet.
Artikel 2
De directeur stelt de huisregels binnen twee dagen na inwerkingtreding van deze regeling vast.
Artikel 3
De ‘Regeling model huisregels Extra Beveiligde Inrichting/Afdeling’ wordt ingetrokken.
Artikel 4
Deze Regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de wet van 14 juli 2025 houdende wijziging van de Penitentiaire beginselenwet in verband met aanvullende maatregelen tegen georganiseerde criminaliteit tijdens detentie (Stb. 2025, 197) in werking treedt.
Artikel 5
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling model huisregels AIT en EBI.
Bijlage 1. Model huisregels AIT
Huisregels afdeling voor intensief toezicht (naam penitentiaire inrichting)
Introductie
(Op de navolgende bepalingen na, aan de directeur)
Voor u liggen de huisregels van de afdeling voor intensief toezicht (AIT) van de Penitentiaire Inrichting (naam) te (plaats van de inrichting). Dit is een inrichting voor zowel verdachten als definitief veroordeelde mannen en vrouwen.
In de huisregels zijn uw rechten en plichten gegroepeerd per onderwerp opgenomen. Voor een aantal van deze onderwerpen geldt, dat niet alle van belang zijnde regelgeving is opgenomen maar alleen de voor u belangrijkste bepalingen. Zoveel mogelijk is per onderwerp aangegeven waar u desgewenst meer regelgeving over het onderwerp kunt vinden.
U kunt alle voor u van belang zijnde regelgeving raadplegen via de bibliotheek.
De huisregels liggen ter inzage op de afdeling en worden u op verzoek verstrekt. Het is in uw belang om deze regels goed door te lezen. Wij wijzen u er op dat u zich strikt dient te houden aan de in deze map omschreven regels. Wanneer er voor u onduidelijkheden zijn, dan kunt u bij het personeel van de afdeling terecht voor advies.
Tijdens uw detentie geldt nadrukkelijk dat u uw verantwoordelijkheid kunt nemen om aan uw specifieke situatie te werken om zo succesvol in de samenleving te re-integreren. U zult worden gestimuleerd om uw detentieperiode goed in te vullen. Binnen het voor u geldende regime krijgt u ruimte en mogelijkheden om zich voor te bereiden op een geslaagde resocialisatie.
1. Algemene bepalingen
(Op de navolgende bepalingen na, aan de directeur)
.. De directeur is bevoegd om voor zover zulks noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de orde of veiligheid in de inrichting of een ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming aan u bevelen te geven. Daarnaast kan de Minister van Justitie en Veiligheid (hierna: de Minister) een bevel afgeven tot het beperken van uw deelname aan activiteiten en/of uw communicatiemogelijkheden beperken als er aanwijzingen zijn van misbruik van uw contacten of ernstig gevaar voor de openbare orde en veiligheid buiten de inrichting. U bent verplicht deze bevelen op te volgen.
.. Ambtenaren en medewerkers zijn veelal door de directeur gemachtigd tot de uitoefening van de bij of krachtens de wet gegeven bevoegdheden en de naleving van zijn zorgplichten.
.. Het is verboden te roken in: .....
Het is binnen deze inrichting niet toegestaan contacten, mondeling, dan wel schriftelijk, te onderhouden met gedetineerden die zijn ingesloten op een andere afdeling binnen deze inrichting of in een andere AIT-groep. Dit geldt ook ten aanzien van contacten met gedetineerden die tijdelijk buiten de inrichting zijn geplaatst, maar wel de status van een AIT-gedetineerde hebben. Dit alles geldt, tenzij door het bevoegde gezag anders bepaald.
Het dragen van gezichtsbedekkende kleding is niet toegestaan in de gebouwen en bijbehorende erven van onderwijsinstellingen, zorginstellingen en overheidsinstellingen. Een penitentiaire inrichting (PI) is een gebouw van een overheidsinstelling en dit houdt in dat deze wet ook in de PI (naam inrichting) geldt. Het gaat om kleding die het gezicht geheel bedekt of zodanig dat alleen de ogen onbedekt zijn, dan wel onherkenbaar maakt. Het is niet van belang op welke wijze en met welk materiaal het gezicht bedekt wordt. Iedere vorm van gezichtsbedekking waarmee de drager zijn gezicht onherkenbaar maakt, valt onder het verbod. Het maakt daarbij niet uit of het een gezichtssluier, een bivakmuts, een integraalhelm of ander materiaal is. Wanneer u weigert om dit af te doen dan wel te verwijderen, pleegt u een strafbaar feit en kunt u strafrechtelijk gesanctioneerd worden. Daarnaast volgt u een opdracht van het personeel niet op en kunt u hiervoor disciplinair gesanctioneerd worden.
.. De directeur kan u opdragen om mee te werken aan oefeningen op het gebied van (brand)veiligheid.
.. Indien u in vrijheid wordt gesteld wordt een door de directeur getekend bewijs van ontslag aan u uitgereikt.
.. De in deze huisregels aan u toegekende rechten worden beperkt indien de rechter-commissaris, het Openbaar Ministerie of de hulpofficier van justitie die de inverzekeringstelling heeft gelast, dit in het belang van het strafrechtelijk onderzoek heeft bevolen.
2. De inrichting waar u verblijft
2.1. Uw Afdeling
(Op de navolgende bepalingen na, aan de directeur)
U verblijft in een AIT. Dit houdt in dat u gedurende uw verblijf in de AIT, in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting en/of een ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming, bent onderworpen aan extra veiligheidsmaatregelen en beperkingen.
Het personeel van uw afdeling, evenals de overige personen die in de inrichting werkzaamheden verrichten, zijn in contacten met u altijd met ten minste twee personen. Dit is het zogeheten vier ogen-principe.
Wanneer u binnen uw eigen AIT-groep in gemeenschap met anderen verblijft of onderlinge contacten heeft, wordt, al dan niet middels technische hulpmiddelen, toezicht uitgeoefend, tenzij in de huisregels anders is bepaald. Dit toezicht kan mede het beluisteren en opnemen van gesprekken omvatten. De gehele afdeling, met uitzondering van de cellen, is voorzien van hulpmiddelen waarmee zowel visueel als auditief toezicht op u wordt uitgeoefend.
De Minister heeft de AIT aangewezen als een individueel regime. De directeur bepaalt in welke mate u aan gemeenschappelijke activiteiten kunt deelnemen. Dit houdt in dat u en de medegedetineerden van uw AIT-groep, met een maximum van in totaal (vier tot acht)gedetineerden, aan de gemeenschappelijke activiteiten kunt deelnemen.
De activiteiten die in gemeenschap kunnen plaatsvinden zijn luchten, arbeid, lichamelijke oefening, sport en recreatie, evenals overige activiteiten waarvoor de directeur toestemming heeft verleend. Behoudens de activiteiten en overige programmaonderdelen genoemd in hoofdstuk 3 en de verzorgingsmomenten genoemd in hoofdstuk 4, verblijft u in uw verblijfsruimte.
Elke twaalf maanden wordt door de Minister (namens deze de selectiefunctionaris) een beslissing genomen over de noodzaak uw verblijf in de AIT te verlengen.
Voor overige ordemaatregelen, controle en geweldgebruik wordt u verwezen naar hoofdstukken 6, 7 en 8.
2.2. Uw verblijfsruimte
(Aan de directeur; zaken als inventaris verblijfsruimte, intercom, prikbord, schoonmaken etc. of zaken aangaande de meerpersoonsverblijfsruimten)
2.3. Dagindeling
(Op de navolgende bepalingen na, aan de directeur)
Om veiligheidsredenen wisselt het dagprogramma. In beginsel wordt op uw verzoek ’s ochtends het gehele programma, dan wel indien dit om veiligheidsredenen van belang wordt geacht, slechts een deel van het programma van die dag, aan u bekend gemaakt. Uw rechtactiviteiten worden over de week verspreid aangeboden.
Indien u voor een activiteit in aanmerking komt, wordt u hiervan, mits mogelijk, tijdig op de hoogte gesteld. U kunt dan aangeven of u interesse voor het programmaonderdeel heeft. Wanneer u aan het programmaonderdeel wilt deelnemen, dient u zich gereed te maken voor die activiteit. Indien u aangeeft geen interesse te hebben of indien u niet gereed bent bij het uitsluiten, dan vervalt de deelname aan het programmaonderdeel en wordt of blijft u ingesloten in uw verblijfsruimte.
U kunt een programmaonderdeel in beginsel niet voortijdig beëindigen. De activiteiten vinden plaats in de daarvoor bestemde arbeids-, recreatie-, en sportruimten.
De directeur kan, voor zover dit noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting en/of een ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming, bepalen dat een programmaonderdeel geen doorgang vindt of voortijdig wordt afgebroken of dat het dagprogramma wordt gewijzigd.
2.4. Screeningsprocedure persoonlijke contacten
U kunt in de inrichting:
Voor al deze vormen van contact geldt dat u de personen waarmee u op deze wijze contact wilt hebben eerst ter screening moet voordragen. U kunt maximaal vijftien personen ter screening opgeven.
De inrichting draagt er zorg voor dat deze personen ter screening zullen worden voorgedragen, nadat de te screenen contactpersoon de benodigde informatie volledig heeft aangeleverd. In beginsel duurt de screening van personen die in Nederland woonachtig zijn ongeveer twee weken. Screenen van personen die in het buitenland woonachtig zijn, vergt meer tijd. De screening van deze personen kan, afhankelijk van de medewerking van de buitenlandse autoriteiten, ongeveer twee maanden duren. Het kan voorkomen dat, vanwege ontbrekende gegevens en/of ontbrekende medewerking van de buitenlandse autoriteit, screening van een persoon in het buitenland niet mogelijk blijkt.
Indien de gegevens van de door u ter screening opgegeven persoon wijzigen, dient u een nieuwe screening aan te vragen.
De door u opgegeven personen worden gescreend door het Gedetineerden Recherche Intelligencepunt (GRIP) en het Landelijk Bureau Inlichtingen en Veiligheid (LBIV). Het GRIP en LBIV brengen op basis van de screeningsprocedure een advies aan de directeur uit of tegen een door u gewenst contact al dan niet bezwaren bestaan. Mede op basis van dat advies beslist de directeur. Zijn beslissing wordt u zo spoedig mogelijk medegedeeld. Indien de beslissing van de directeur een weigering van het verzochte contact met een opgegeven persoon inhoudt, dan wordt daarvan een schriftelijke mededeling aan u uitgereikt.
Indien de directeur heeft besloten het door u gewenste contact toe te staan, geldt deze beslissing in beginsel voor een jaar, ook in het geval van overplaatsing, tenzij er zich omstandigheden of redenen voordoen die de directeur anders doen beslissen. Indien dit het geval is, wordt u hiervan in kennis gesteld. Zonder dit bericht kunt u ervan uitgaan dat u de betreffende persoon niet meer ter screening behoeft voor te dragen.
De directeur kan, eventueel met inachtneming van het advies van het GRIP en LBIV, de toelating van een door u gewenst contact weigeren, indien dit noodzakelijk is met het oog op een van de volgende belangen:
Indien de directeur beslist dat er wel een bezwaar bestaat om het door u gewenste contact toe te staan, geldt deze weigering voor een periode van ten hoogste zes maanden. U heeft de mogelijkheid om na een periode van ten minste zes maanden een nieuwe screening voor de betrokken persoon aan te vragen. De directeur kan dit hernieuwd verzoek opnieuw weigeren, indien de noodzaak daartoe bestaat. U moet zich realiseren dat, ook al is er in deze tussenliggende periode niets gebleken van nieuwe bezwarende omstandigheden, het GRIP en LBIV wederom in het advies kan aangeven dat er (nog steeds) bezwaren bestaan.
Indien u verdacht wordt van, of veroordeeld bent wegens, een terroristisch misdrijf of indien de bescherming van slachtoffers van of anderszins betrokkenen bij het door u gepleegde misdrijf een weigering van bezoek voor een zo lang mogelijke termijn vergt, dan kan de weigering voor een periode van maximaal twaalf maanden gelden. De directeur kan in deze gevallen de weigering daarna opnieuw opleggen voor een periode van twaalf maanden.
Aan u wordt in beginsel geen toestemming verleend om bezoek te ontvangen, correspondentie te verzenden en ontvangen of te telefoneren met personen die in een vorm van detentie verblijven. Tevens zal er geen toestemming verleend worden om bezoek te ontvangen van en te telefoneren met personen die minder dan zes maanden geleden met ontslag zijn gegaan uit een PI. Dit alles geldt tenzij het bevoegde gezag anders bepaalt1Zie bijvoorbeeld de mogelijkheid dat de Minister u toestemming kan geven voor onderling gedetineerdenbezoek op grond van artikel 27 van de Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting..
2.5. Tijdelijke verruiming van contactmomenten
U heeft recht op het wekelijks ontvangen van bezoek van uw (gescreende) persoonlijke contacten en op het telefoneren met uw (gescreende) persoonlijke contacten. Hoe vaak en hoe lang dat mag en op welke wijze u in dat recht kunt worden beperkt, staat in deze huisregels beschreven in de paragrafen 3.8 (bezoek) en 3.9 (telefoneren).
Indien sprake is van bijzondere omstandigheden in uw privésfeer kunt u de Minister gemotiveerd verzoeken om tijdelijke verruiming van die wekelijkse contactmomenten. Uit uw verzoek moet blijken van de bijzondere toestand of gebeurtenis waarvoor om tijdelijke verruiming wordt verzocht, de concrete noodzaak voor die tijdelijke verruiming alsmede de wens op welke wijze door de Minister invulling aan die tijdelijke verruiming zou moeten worden gegeven. Ook is vereist dat u bewijsstukken (bijvoorbeeld van een arts of burgerlijke stand) overlegt, waaruit van de bijzondere toestand of gebeurtenis en de noodzaak voor tijdelijke verruiming blijkt.
Een tijdelijke verruiming kan worden verleend mits de veiligheid dit toestaat en als de wekelijkse contactmomenten op grond van de wet niet kunnen worden afgewacht en contact noodzakelijk is wegens een bijzondere omstandigheid in uw persoonlijke sfeer:
Van de onder a en b genoemde situaties kan alleen sprake zijn als de betreffende toestand of gebeurtenis door een arts respectievelijk de burgerlijke stand is bevestigd.
Voordat een tijdelijke verruiming wordt verleend, dient ten aanzien van de persoon waarmee extra contact wordt toegestaan vast te staan dat:
De tijdelijke verruiming bestaat uit:
De Minister beslist over de precieze invulling en de duur van de tijdelijke verruiming en kan daaraan voorwaarden verbinden. In geval van gewijzigde omstandigheden – zoals bijvoorbeeld signalen dat de verruiming wordt misbruikt voor voortgezet crimineel handelen of ander gedrag dat onverenigbaar is met de orde of de veiligheid in de inrichting dan wel met de ongestoorde tenuitvoerlegging van de vrijheidsbeneming – kan de Minister een contact dat reeds is toegestaan of het daarvan nog resterende gedeelte intrekken, naar een ander tijdstip verplaatsen of er nadere voorwaarden aan verbinden.
Als uw verzoek wordt afgewezen kan daartegen rechtstreeks beroep worden ingesteld bij de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) (zie paragraaf 12.3).
3. Programmaonderdelen
3.1. Luchten
(Op de navolgende bepalingen na, aan de directeur)
U wordt elke dag in de gelegenheid gesteld ten minste één uur in de buitenlucht te verblijven, tenzij uw gezondheid zich daartegen verzet.
Wenst u niet aan het luchten deel te nemen, dan vervalt daarmee de mogelijkheid van die dag.
Wanneer u gaat luchten, is het in beginsel niet mogelijk om het luchten voortijdig te beëindigen.
Het luchten vindt individueel plaats op een daarvoor aangewezen luchtplaats, tenzij anders bepaald.
Het tijdstip waarop en de plaats waar u kunt luchten, kan van dag tot dag worden vastgesteld.
3.2. Arbeid
(Op de navolgende bepalingen na, aan de directeur)
U wordt in de gelegenheid gesteld deel te nemen aan de in de inrichting op uw afdeling beschikbare arbeid, voor zover de aard van de specifieke detentiesituatie of de duur van de detentie zich daar niet tegen verzet. Door de directeur zal een individuele afweging worden gemaakt of u in aanmerking komt voor deelname aan arbeid. De arbeidswerkzaamheden vinden plaats in de daartoe specifiek toegewezen afgesloten ruimte. Arbeidswerkzaamheden vinden individueel plaats, tenzij anders bepaald.
Na het verrichten van arbeid wordt u aan uw lichaam onderzocht (zie ook paragraaf 6.4).
U bent niet verplicht om de aangeboden arbeid te verrichten, maar indien u niet naar de arbeid wenst te gaan, wordt u gedurende het arbeidsblok ingesloten. Daarnaast ontvangt u geen vergoeding conform de Regeling arbeid gedetineerden.
U ontvangt een vergoeding conform de Regeling arbeidgedetineerden.
U hoeft geen arbeid te verrichten op de algemeen erkende feestdagen zoals benoemd in de Algemene Termijnenwet en op zondagen. Indien u een religie belijdt op grond waarvan u op een andere dag dan voornoemd geen arbeid wilt verrichten kan de directeur bepalen dat u op die dag niet naar de arbeid hoeft. U ontvangt in dit geval geen loon over de arbeidsuren die voor u in het dagprogramma zijn opgenomen.
3.3. Lichamelijke oefening en sport
(Op de navolgende bepalingen na, aan de directeur)
U heeft recht op lichamelijke oefening en het beoefenen van sport gedurende tenminste tweemaal drie kwartier per week, voor zover uw gezondheid zich daar niet tegen verzet. Het sporten vindt plaats onder begeleiding van een sportinstructeur.
Het dragen van sportkleding is verplicht tijdens het sporten. Voorts dient u in de sportzaal ...(schoenen) te dragen.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.