Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 2 oktober 2025, nr. MBO/53160358, houdende voorschriften inzake het terugdringen van het aantal voortijdig schoolverlaters in de jaren 2026 tot en met 2029 en de verbetering van de stap van school naar werk (Regeling regionaal programma en Doorstroompuntfunctie 2026–2029)
Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op de artikelen 9.2.4, eerste lid, 9.2.8, eerste en vijfde lid, 9.2.10, tweede lid, en 9.2.11, tweede lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs, de artikelen 4 en 5 van de Wet overige OCW-subsidies, artikel 2.1, eerste en vijfde lid, van het Besluit van school naar duurzaam werk en de artikelen 1.3 en 2.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;
Besluit:
Treedt in werking op het moment waarop artikel I, onderdeel II, van de Wet van school naar duurzaam werk (Stb. 2025/210) in werking treedt.
Paragraaf 1. Algemene bepalingen
Artikel 1.1. Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
- afspraken: afspraken als bedoeld in artikel 9.2.8, derde lid, onderdeel b, WEB;
- bevoegd gezag: bevoegd gezag van een bekostigde school of instelling als bedoeld in artikel 1.1.1 WEB, artikel 1 WEC of artikel 1.1 WVO 2020;
- CBS: Centraal bureau voor de statistiek, bedoeld in artikel 2 van de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek;
- contactgemeente: contactgemeente als bedoeld in artikel 9.2.4, tweede lid, WEB van de Doorstroompuntregio;
- contactschool: contactschool als bedoeld in artikel 3.2, eerste lid;
- centrumgemeente: centrumgemeente of -gemeenten, genoemd in artikel 1.8 van de Regeling SUWI, waarvan de arbeidsmarktregio geheel of gedeeltelijk overlapt met de betreffende Doorstroompuntregio;
- Doorstroompuntfunctie: taken van het college van burgemeester en wethouders, bedoeld in artikel 9.2.5 WEB;
- Doorstroompuntregio: regio als bedoeld in artikel 9.2.4, eerste lid, WEB;
- effectrapportage: effectrapportage als bedoeld in artikel 9.2.10 WEB;
- Fier Fryslân: stichting Fier, te Leeuwarden, het landelijk expertise- en behandelcentrum op het terrein van geweld in afhankelijkheidsrelaties;
- institutionele fusie: institutionele fusie als bedoeld in artikel 1.1.1 WEB, artikel 66 WEC of artikel 3.29 WVO 2020;
- maatregelen: maatregelen als bedoeld in artikel 9.2.8, derde lid, onderdeel a, WEB;
- mbo: beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 1.2.1, tweede lid, WEB;
- minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
- onderwijsinstelling: bekostigde school of instelling als bedoeld in artikel 1.1.1 WEB, artikel 1 WEC of artikel 1.1 WVO 2020;
- regionaal programma: regionaal programma als bedoeld in artikel 9.2.8 WEB;
- streefcijfers: streefcijfers als bedoeld in artikel 9.2.8, derde lid, onderdeel a, WEB;
- studiejaar: tijdvak dat aanvangt op 1 augustus en eindigt op 31 juli van het daaropvolgende jaar;
- WVO 2020: Wet voortgezet onderwijs 2020.
Artikel 1.2. Toepassing Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS
Deze regeling geldt in aanvulling op de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS.
Paragraaf 2. Het regionaal programma 2026–2029
Artikel 2.1. Regionaal programma 2026–2029
De periode, bedoeld in artikel 9.2.8, eerste lid, WEB, waarvoor het college van burgemeester en wethouders van de contactgemeente een regionaal programma opstelt, loopt van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2029.
De contactgemeente, centrumgemeente en contactschool dragen gezamenlijk zorg voor de totstandkoming en uitvoering van het regionaal programma.
Artikel 2.2. Inhoud regionaal programma
Het regionaal programma bevat in ieder geval:
- a. een regionale analyse die de basis vormt voor de onderdelen b tot en met e;
- b. streefcijfers;
- c. afspraken;
- d. maatregelen; en
- e. een begroting.
Artikel 2.3. Streefcijfers
De streefcijfers omvatten in ieder geval:
- a. een streefcijfer voor studiejaar 2025/2026 gericht op beperking van het landelijke aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters per studiejaar tot 18.000, bepaald aan de hand van de begripsbepaling van nieuwe voortijdig schoolverlater zoals opgenomen in artikel 1.1 van de Regeling regionale aanpak voortijdig schoolverlaten 2020–2025 in samenhang met bijlage 1 bij die regeling, zoals die luidden op 30 april 2025;
- b. streefcijfers voor de studiejaren 2026/2027 tot en met 2029/2030 gericht op beperking van het landelijke aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters per studiejaar tot 23.000, bepaald aan de hand van de definitie van nieuwe voortijdig schoolverlater zoals volgend uit bijlage 1, onder A; en
- c. streefcijfers voor de kalenderjaren 2026 tot en met 2029 gericht op beperking van het aantal jongeren dat geen onderwijs volgt en niet werkt, bepaald aan de hand van bijlage 1, onder B.
Artikel 2.4. Afspraken
Het regionaal programma bevat in ieder geval afspraken over de volgende onderwerpen:
- a. de samenwerking tussen de partijen, bedoeld in artikel 9.2.4, derde lid, onderdeel a, WEB bij de uitvoering van de maatregelen en bij de uitvoering van:
- 1°. de wettelijke taken van de colleges van burgemeester en wethouders, bedoeld in artikel 9.2.5 WEB en artikel 7a van de Participatiewet; en
- 2°. de wettelijke taken van de bevoegde gezagsorganen van de onderwijsinstellingen, bedoeld in de artikelen 9.2.12 en 9.2.13 WEB, de artikelen 44 en 44a WEC en de artikelen 2.31a en2.31b WVO 2020;
- b. het gebruik van het overgangsdocument, bedoeld in artikel 9.2.13, derde lid, WEB, artikel 44a, derde lid, WEC en artikel 2.31b, derde lid, WVO 2020 en van de mbo-verklaring, bedoeld in artikel 7.4.6a WEB;
- c. het zorgen voor laagdrempelige en toegankelijke ondersteuning voor jongeren die kampen met psychische, fysieke, financiële, criminele of andere problemen, met aandacht voor samenwerking met de domeinen zorg, inkomen en veiligheid;
- d. het verbeteren van de voorbereiding op en de overgang naar het mbo, met speciale aandacht voor overstappende vso-leerlingen, nieuwkomers en voldoende passende stageplekken en leerbanen;
- e. het tegengaan van ongediplomeerde uitval naar werk;
- f. bij- of omscholing van jongeren zonder startkwalificatie tijdens een baan door middel van praktijkleren in het mbo, resulterend in een mbo-verklaring of certificaat als bedoeld in artikel 7.4.6a respectievelijk 7.2.3 WEB of door middel van non-formele scholing met een branchewaardering zoals opgenomen in erkende ontwikkelpaden als bedoeld in artikel 3.6 van de SLIM-regeling;
- g. het investeren in de vakkundigheid van het personeel van de gemeenten en onderwijsinstellingen dat is belast met de uitvoering van de maatregelen en met de uitvoering van de wettelijke taken, genoemd in onderdeel a, onder 1° en 2°;
- h. de vormgeving en organisatie van het regionaal bestuurlijk overleg, bedoeld in artikel 9.2.8, vierde lid, WEB; en
- i. de wijze waarop jongeren worden betrokken bij de uitvoering van het regionaal programma.
De inhoud van de afspraken kan tijdens de looptijd van het regionaal programma bijgesteld of verder uitgewerkt worden.
Artikel 2.5. Maatregelen
Er is sprake van een maatregel indien hier budget als bedoeld in artikel 2.6, eerste lid, onderdelen a of b, aan wordt uitgegeven.
Uit het regionaal programma blijkt dat elke maatregel voldoet aan in ieder geval de volgende voorwaarden:
- a. de maatregel is gericht op jongeren die:
- 1°. geen onderwijs volgen;
- 2°. geen werk hebben; of
- 3°. een groot risico lopen geen onderwijs te volgen of geen werk te hebben;
- b. er is een duidelijke relatie tussen de regionale analyse en de maatregel;
- c. er is duidelijk beschreven wat het beoogde maatschappelijke effect van de maatregel is en de effectiviteit van de maatregel is aannemelijk gemaakt of zal tijdens de looptijd van het regionaal programma worden geëvalueerd;
- d. voor gebruikmaking van de voorzieningen, voortvloeiend uit de maatregel, wordt:
- 1°. indien de maatregel op een onderwijsinstelling wordt uitgevoerd geen onderscheid gemaakt op basis van de gemeente, Doorstroompuntregio of arbeidsmarktregio waar de jongere woont; en
- 2°. voor de overige maatregelen geen onderscheid gemaakt op basis van de gemeente binnen de Doorstroompuntregio waar een jongere woont, tenzij inhoudelijk kan worden onderbouwd waarom een dergelijk onderscheid noodzakelijk is; en
- e. de maatregel is aanvullend op:
- 1°. de wettelijke taken van de colleges van burgemeester en wethouders, bedoeld in artikel 9.2.5 WEB en artikel 7a van de Participatiewet; en
- 2°. de wettelijke taken van de bevoegde gezagsorganen van de onderwijsinstellingen, bedoeld in de artikelen 9.2.12 en 9.2.13 WEB, de artikelen 44 en 44a WEC en de artikelen 2.31a en 2.31b WVO 2020.
In aanvulling op artikel 2.2 omvat het regionaal programma van Doorstroompuntregio Friesland Noord in ieder geval een of meer maatregelen met betrekking tot de voorzieningen zoals aangeboden door Fier Fryslân.
Artikel 2.6. Begroting
Het totale budget voor het regionaal programma bestaat uit:
- a. de subsidie aan de contactschool, bedoeld in paragraaf 3;
- b. de specifieke uitkering aan de contactgemeente, bedoeld in paragraaf 4, voor zover bestemd voor het regionaal programma; en
- c. eventueel overig budget.
Onder het eventuele overig budget, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, vallen in ieder geval de reserves, bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onderdeel a.
In de begroting wordt gespecificeerd welk bedrag per maatregel en welk bedrag aan algemene kosten wordt besteed.
Paragraaf 3. Subsidie aan contactschool voor regionaal programma
Artikel 3.1. Doel subsidie
De minister kan op een aanvraag van het bevoegd gezag van een contactschool subsidie verstrekken voor het regionaal programma.
In afwijking van artikel 3.2, tweede lid, van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS is de subsidie bedoeld voor de gehele periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2029.
Artikel 3.2. Regionale samenwerking en contactschool
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.