Reglement Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het onderwijs 2026

Type ZBO-regeling
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Preambule

In 1992 richtten de sociale partners in het onderwijs de Stichting Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het Onderwijs op. Het doel van het Vervangingsfonds is het bieden van waarborgen aan aangeslotenen voor de kosten van vervanging bij afwezigheid van gewezen personeel en het invoeren en in stand houden van bedrijfsgezondheidszorg in het primair onderwijs, alsmede het bevorderen en bewaken van die zorg.

Het bestuur stelt, conform het bepaalde op grond van artikel 188, vierde lid van de Wet op het primair onderwijs juncto artikel 167, vierde lid van de Wet op de expertisecentra, het Reglement Vervangingsfonds vast. In dit reglement wordt bepaald welke rechten de aangeslotenen in het kader van de taakuitoefening van de stichting, als hierboven genoemd, jegens de stichting kunnen doen gelden en tot welke verplichtingen de aangeslotenen jegens de stichting zijn gehouden.

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

Hoofdstuk 2. Aansluiting bij het Vervangingsfonds

§ 2.1. Vrijwillige en verplichte aansluiting

Artikel 2. Verplichte aansluiting bij het Vervangingsfonds

Artikel 3. Vervanging die niet voor bekostiging in aanmerking komt

Personeelsleden:

zijn niet verplicht aangesloten bij het Vervangingsfonds. Vervanging van deze personeelsleden wordt niet bekostigd door het Vervangingsfonds.

Artikel 4. Vrijwillige aanmelding van personeel

§ 2.2. Eigenrisicodragerschap

Artikel 5. Eigenrisicodragerschap

Artikel 6. Lopende vervangingen

Hoofdstuk 3. Premie

§ 3.1. Premie

Artikel 7. Premie

Artikel 8. Premiepercentages

§ 3.2. Bonus-malus regeling

Artikel 9. Bonus-malus regeling

Artikel 10. Toepassingsbereik

Artikel 11. Maximering malus

Indien een bevoegd gezag een bonus-malus verhouding heeft van meer dan 1,5, is voor het deel daarboven geen malus verschuldigd. De berekening en werking van de bonus-malus verhouding is opgenomen in de ‘Werkwijze bonus-malus regeling’, opgenomen als bijlage 2 in dit reglement.

Hoofdstuk 4. Bekostiging

Artikel 12. Voorwaarden voor bekostiging

Een bevoegd gezag dat valt onder de reguliere bekostiging dan wel een eigenrisicodrager die gebruik maakt van een financiële variant, komt in aanmerking voor bekostiging van vervanging, indien is voldaan aan de voorwaarden van dit artikel.

Artikel 13. Wijze van vervanging

Vervanging kan plaatsvinden op basis van:

Artikel 14. Bekostiging

Indien is voldaan aan artikel 12 en 13, dan vindt bekostiging plaats met inachtneming van dit artikel.

Hoofdstuk 5. Vervangingspools

Artikel 15. Aanvraag en duur vervangingspools

Artikel 16. Bekostiging en inzetpercentage vervangingspool

Artikel 17. Plaatsing uit de vervangingspool

Artikel 18. Bovenbestuurlijke vervangingspools

Hoofdstuk 6. Financiële varianten

Artikel 19. Aanmelding financiële varianten

Artikel 20. Algemene voorwaarden voor bekostiging financiële varianten

Een bevoegd gezag dat gebruik maakt van een financiële variant, komt voor bekostiging in aanmerking indien is voldaan aan artikel 12, met uitzondering van lid 7, onder a, artikel 13 en aan de voorwaarden van dit artikel.

Artikel 21. Wijziging of opzegging

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Artikel 22. Arbo-, ziekteverzuim- en personeelsbeleid

Artikel 23. Subsidies

Een bevoegd gezag kan bij het Vervangingsfonds een aanvraag indienen voor een door het Vervangingsfonds te verstrekken subsidie. Op deze aanvragen is de Kaderregeling Subsidieverstrekking Vervangingsfonds en Participatiefonds 2007 van toepassing.

Artikel 24. Administratie- en bewaarplicht

Artikel 25. Toepassing reglement

Artikel 26. Onvoorziene omstandigheden

In gevallen waarin het reglement niet voorziet, beslist het bestuur.

Artikel 27. Citeertitel

Dit reglement wordt aangehaald als ‘Reglement Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het onderwijs 2026’.

Artikel 28. Bekendmaking

Artikel 29. Hardheidsclausule

1.

Om zwaarwegende redenen kan het bestuur, op eigen initiatief dan wel op schriftelijk verzoek van een bevoegd gezag, afwijken van de bepalingen in dit reglement. Bij de belangenafweging die in het kader van een beroep op de hardheidsclausule plaatsvindt, wordt alleen gekeken naar de omstandigheden van het bevoegd gezag.

Bijlage 1. Premie

Schoolbesturen binnen het primair onderwijs die bij het Vervangingsfonds zijn aangesloten, dragen premie aan het Vervangingsfonds af. Dit staat vermeld in artikel 183, tweede lid van de Wpo en artikel 170, tweede lid van de Wec.

Voor het bepalen voor welke personeelsleden er wel of geen premie moet worden afgedragen, hanteert het Vervangingsfonds verschillende aansluitcodes. Ook geldt er een onderscheid tussen volledige aansluiting bij het Vf, volledig eigenrisicodragerschap en eigenrisicodragerschap met een financiële variant.

Hieronder volgt een overzicht van de verschillende aansluitcodes en welke personeelsleden er bij de aansluitcodes horen.

Verzekeringsvorm VF premieplicht PF premieplicht Code in ‘Mijn Vf’ Personeel
Verplicht x x 01 • Personeel aangesteld bij een bg vóór 5-7-2006 en bekostigd door het Rijk. • Personeel dat aangesteld is bij een bg vanaf 1-1-2009. • Personeel aangesteld voor vervanging, anders dan wegens ziekte of schorsing.
Vrijwillig x x 02 • Het personeel dat vrijwillig is aangemeld.
Niet aangesloten bij VF en PF 03 • Personeel aangesteld voor vervanging van, wegens ziekte of schorsing, afwezig personeel waarvoor de kosten ten laste van het VF worden geboekt.
Alleen aangesloten bij PF x 04 • Personeel dat aangesteld is bij een bg in de periode tussen 5-7-2006 en 1-1-2009 of in die periode een andere functie binnen het bg heeft gekregen en niet vrijwillig is aangemeld. • Personeel aangesteld bij een bg vóór 5-7-2006, niet door het Rijk bekostigd en niet vrijwillig aangemeld. • Personeel met een VF-pooleraanstelling.
Verzekeringsvorm VF premieplicht PF premieplicht Code in ‘Mijn Vf’ Personeel
--- --- --- --- ---
Verplicht x x 01 • Personeel aangesteld bij een bg vóór 5-7-2006 en bekostigd door het Rijk. • Personeel dat aangesteld is bij een bg vanaf 1-1-2009. • Personeel aangesteld voor vervanging van afwezig personeel.
Vrijwillig x x 02 • Het personeel dat vrijwillig is aangemeld.
Niet aangesloten bij VF en PF 03 • Geen personeel.
Alleen aan-gesloten bij PF x 04 • Personeel dat aangesteld is bij een bg in de periode tussen 5-7-2006 en 1-1-2009 of in die periode een andere functie binnen het bg heeft gekregen en niet vrijwillig is aangemeld. • Personeel aangesteld bij een bg vóór 5-7-2006, niet door het Rijk bekostigd en niet vrijwillig aangemeld.
Verzekeringsvorm VF premieplicht PF premieplicht Code in ‘Mijn Vf’ Personeel
--- --- --- --- ---
Verplicht x x 01 • Alle personeel aangesteld bij het bg (tijdelijk en vast).
Vrijwillig x x 02 • Geen personeel.
Niet aangesloten bij VF en PF 03 • Geen personeel.
Alleen aan-gesloten bij PF x 04 • Geen personeel

Bijlage 2. Werkwijze bonus-malus regeling

Het Vervangingsfonds hanteert bij vervangingsdeclaraties die door een bevoegd gezag worden ingediend de Bonus-malus regeling. Deze regeling heeft als doel om een bevoegd gezag te stimuleren om actief verzuim tegen te gaan door een bonus uit te keren indien dit bevoegd gezag weinig vervangingsdeclaraties indient en uitgekeerd krijgt, en een malus op te leggen bij veel vervangingsdeclaraties.

Bij de Bonus-malus regeling worden de volgende begrippen gehanteerd.

Om de werking van de Bonus-malus regeling duidelijker te maken, volgen hieronder 2 voorbeelden.

Gegevens bevoegd gezag:

Het bevoegd gezag heeft in 2025 € 20.000 minder vervangingsdeclaraties uitgekeerd gekregen dan de ondergrens van de bonus-malus bandbreedte. Op deze € 20.000 wordt het bonuspercentage toegepast. Dit houdt in dat het bevoegd gezag bij de eindafrekening een bonus van 20.000 × 0,3 = € 6.000 ontvangt.

Gegevens bevoegd gezag:

Het bevoegd gezag heeft in 2025 € 10.000 meer vervangingsdeclaraties uitgekeerd gekregen dan de bovengrens van de Bonus-malus bandbreedte. Op deze € 10.000 wordt het maluspercentage toegepast. Dit houdt in dat het bevoegd gezag bij de eindafrekening een malus van 10.000 × 0,5 = € 5.000 opgelegd krijgt.

In het geval een bevoegd gezag een malus opgelegd krijgt, is deze malus aan een maximum verbonden. Dit maximum is vastgesteld op een bonus-malus verhouding van 1,5. Boven dit maximum van 1,5 is geen malus verschuldigd.

Bijlage 3. Werkwijze normbekostiging

Bij het bekostigen van vervanging vergoedt het Vervangingsfonds niet direct de kosten die een bevoegd gezag heeft gemaakt voor de vervanging, maar maakt het gebruik van het systeem van normbekostiging. Bij de normbekostiging worden de volgende begrippen gehanteerd.

Er zijn in totaal 5 normklassen, elk met een ondergrens en een bovengrens.

Per normklasse wordt een normbedrag per uur berekend, waarbij rekening is gehouden met de werkgeverslasten. Een afwezig personeelslid wordt naar aanleiding van het salaris ingedeeld in de bij dat salaris behorende normklasse. De bekostiging wordt vervolgens berekend door het normbedrag te vermenigvuldigen met het aantal uren dat het afwezige personeelslid is vervangen, tot maximaal het aantal uren afwezigheid.

Let op, bij de normbekostiging geldt het volgende belangrijke onderscheid:

In de onderstaande tabel 1 staan de normklassen, grenzen en normbedragen zoals deze gelden per 1 januari 2026:

Ondergrens Bovengrens Normvergoeding per uur
Klasse 1 € 3.662 € 22,78
Klasse 2 € 3.662 € 4.684 € 30,50
Klasse 3 € 4.684 € 5.709 € 40,31
Klasse 4 € 5.709 € 6.712 € 46,39
Klasse 5 € 6.712 € 59,89

Indien een wegens ziekte afwezig personeelslid wordt vervangen en deze vervanger zelf ziek wordt, dan kan het bevoegd gezag een tweede vervanger aanstellen of benoemen, die dan de werkzaamheden van de vervanger overneemt en de oorspronkelijke afwezige gaat vervangen.

De bekostiging van de wegens ziekte afwezige vervanger wordt dan door het Vervangingsfonds doorbetaald gedurende diens afwezigheidsperiode c.q. periode van aanstelling, tot een maximum van 6 maanden. Gedurende deze periode krijgt het bevoegd gezag dus twee maal de normbekostiging, gebaseerd op het oorspronkelijk afwezige personeelslid. Indien de eerder ziek geworden vervanger of het oorspronkelijk afwezige personeelslid weer beter is en de (vervangings)werkzaamheden hervat, dan stopt de bekostiging van de tweede vervanger op het moment van werkhervatting van de eerste vervanger.

Bijlage 4. Werkwijze vervangingspools

Op grond van hoofdstuk 5 van dit reglement, kunnen bevoegd gezagsorganen bij het Vervangingsfonds een vervangingspool aanvragen.

Bij vervangingspools wordt er een andere bekostigingssystematiek gehanteerd dan bij de reguliere bekostiging. Er wordt gewerkt met een systeem van bevoorschotting en terugvordering. Voor inzetverantwoordingen die tijdig door het Vervangingsfonds zijn ontvangen, wordt een voorschot uitgekeerd. Dit voorschot wordt berekend conform de formule in artikel 16, lid 2. Het normbedrag is hierbij gebaseerd op het salaris van de poolmedewerker en niet op het salaris van de afwezige. Voor personeelsleden die in een vervangingspool zijn geplaatst en vallen onder reikwijdte van de CAO Bestuurders Funderend Onderwijs 2022 geldt, dat het normbedrag altijd normklasse 5 bedraagt.

Het bevoegd gezag dient de inzetverantwoording van de in de vervangingspool geplaatste personeelsleden in via ‘MijnVf’. De uiterste datum waarop bij het Vervangingsfonds de inzetverantwoordingen over het kalenderjaar kunnen worden ingediend is de maandverwerking van september van het jaar, volgend op het jaar waarop de inzetverantwoording betrekking heeft. Indien het Vervangingsfonds een inzetverantwoording na deze datum heeft ontvangen, dan komt de maand waarop deze inzetverantwoording betrekking heeft niet voor bekostiging in aanmerking.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.