Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 11 november 2025, nr. 2025-0000255483, houdende nadere regels over kinderopvang op Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Regeling kinderopvang BES) [KetenID WGK027087]

Type Ministeriele Regeling Bes
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 2.2, vierde lid, 3.6, eerste lid, 3.7, derde lid, en 4.1 van de Wet kinderopvang BES en de artikelen 2.7 en 2.11, tweede lid, van het Besluit kinderopvang BES;

Besluit:

Artikel 1. Begrippen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Kinderopvangovereenkomst
1.

De kinderopvangovereenkomst vermeldt de volgende gegevens:

2.

In afwijking van het eerste lid, onderdeel f, is het niet noodzakelijk het ID-nummer te vermelden indien het kind of de ouder of de partner van de ouder niet als ingezetene staat ingeschreven bij het openbaar lichaam waar de opvang plaatsvindt en kinderopvangvergoeding wordt verstrekt op grond van artikel 3.2, derde lid, van de wet.

Artikel 3. Gegevens aanvraag kinderopvangvergoeding en voorschot daarop
1.

De houder of gastouder levert bij de aanvraag voor het verstrekken van kinderopvangvergoeding als bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, van de wet, of voor een voorschot als bedoeld in artikel 3.7, eerste lid, van de wet de volgende gegevens aan:

2.

In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, is het niet noodzakelijk het ID-nummer te vermelden indien het kind of de ouder of de partner van de ouder niet als ingezetene staat ingeschreven bij het openbaar lichaam waar de opvang plaatsvindt en kinderopvangvergoeding wordt verstrekt op grond van artikel 3.2, derde lid, van de wet.

3.

In afwijking van het eerste lid, onderdeel e, wordt het bankafschrift of de bankverklaring enkel aangeleverd bij de eerste aanvraag voor het verstrekken van kinderopvangvergoeding of een voorschot, of bij wijziging van deze gegevens.

Artikel 4. Administratie en bewaartermijnen
1.

De administratie van een houder van een kindercentrum of gastouder is actueel, inzichtelijk en controleerbaar ingericht.

2.

De administratie van een houder van een kindercentrum bevat de volgende gegevens:

3.

De administratie van een gastouder bevat de volgende gegevens:

4.

Indien het bestuurscollege de ouderbijdrage voldoet als bedoeld in artikel 3.13, eerste lid, van de wet wordt dit op de factuur en het betaalbewijs vermeld.

5.

Gedurende vijf jaren bewaart:

6.

Gedurende twee jaren bewaart:

7.

De houder of gastouder kan de gegevens, bedoeld in het tweede en derde lid, op een andere plaats administreren dan op de plaats van vestiging van het kindercentrum of van de gastouderopvang mits de gegevens op verzoek van de toezichthouder, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet, onverwijld beschikbaar komen op de plaats van vestiging van het kindercentrum of van de gastouderopvang.

Artikel 5. Ehbo
1.

Voor de kwalificatie, bedoeld in artikel 2.11, eerste lid, van het besluit beschikt de in dat artikel bedoelde volwassene over de volgende vaardigheden:

2.

De volwassene toont aan te beschikken over de vaardigheden, bedoeld in het eerste lid, door middel van een certificaat waaruit dit blijkt.

3.

Het certificaat, bedoeld in het tweede lid, vermeldt de naam van de gekwalificeerde, de naam van de kwalificerende organisatie, de datum van afgifte en de naam van de gevolgde cursus.

4.

Het certificaat, bedoeld in het tweede lid, is niet meer dan twee jaar geleden afgegeven.

Artikel 6. Bewijsstukken met betrekking tot ervaringseisen
1.

De houder van een kindercentrum beschikt over een afschrift van bewijsstukken met betrekking tot ervaringseisen als bedoeld in artikel 2.8, tweede lid, van het besluit, waaruit blijkt dat de in dat lid bedoelde beroepskracht de volgende taken kan uitvoeren op het niveau, bedoeld in artikel 2.8, eerste lid, van het besluit:

2.

De bewijsstukken, bedoeld in het eerste lid, bestaan uit documenten, gegevens of ander bewijsmateriaal die aantonen dat de beroepskracht bij de uitvoering van de taken handelt op het vereiste niveau en een schriftelijke toelichting waarin wordt uitgelegd waarom die bewijsstukken dat aantonen.

Artikel 7. Overgangsrecht voor EHBO-kwalificaties en bewijsstukken met betrekking tot ervaringseisen
1.

Een kwalificatie, afgegeven op grond van artikel 13, tweede lid, van de Eilandsverordening Kinderopvang Bonaire 2020, artikel 14, tweede lid, van de Basis Eilandsverordening Kinderopvang of artikel 14, tweede lid, van de Basis Eilandsverordening Kinderopvang Sint Eustatius, wordt aangemerkt als certificaat als bedoeld in artikel 5, tweede lid, onverminderd het vierde lid van dat artikel.

2.

Een ervaringscertificaat dat aantoont dat de beroepskracht handelt op het niveau, bedoeld in artikel 2.8, eerste lid, van het besluit, en is afgegeven voor 31 december 2025, wordt aangemerkt als bewijs van de eisen, bedoeld in artikel 6, eerste en tweede lid, mits deze de ervaring aantoont van een beroepskracht die:

Artikel 8. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2026.

Artikel 9. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling kinderopvang BES.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.