Wet van 8 oktober 2025, houdende regels over onafhankelijke bijstand en individuele oordeelsvorming bij discriminatie en tot wijziging van de Algemene wet gelijke behandeling en enige andere wetten in verband met de invoering van regels inzake gelijke behandeling in Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Wet bescherming tegen discriminatie op de BES)
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om de in het Europese deel van Nederland geldende regels inzake gelijke behandeling mede van toepassing te verklaren in het Caribisch deel van Nederland teneinde uitvoering te geven aan het discriminatieverbod van artikel 1 van de Grondwet, aldaar te voorzien in onafhankelijke bijstand bij discriminatie en de mogelijkheid tot individuele oordeelsvorming door het College voor de rechten van de mens;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel I. Voorziening voor onafhankelijke bijstand bij discriminatie
Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties draagt zorg voor de beschikbaarstelling, inrichting, instandhouding en het functioneren van een voorziening in Bonaire, Sint Eustatius en Saba voor onafhankelijke bijstand bij discriminatie.
In de voorziening worden de volgende taken uitgevoerd:
- a.
- 1°. ondersteuning aan personen bij de afwikkeling van hun klachten betreffende onderscheid als bedoeld in: de Algemene wet gelijke behandeling; de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen; de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte; de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid; artikel III van de Wet van 7 november 2002 tot uitvoering van de richtlijn 1999/70/EG van de Raad van de Europese Unie van 28 juni 1999 betreffende de door het EVV, de UNICE en het CEEP gesloten raamovereenkomst inzake arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd (Stb. 2002, 560); artikel V van de Wet van 3 juli 1996 houdende wijziging van het Burgerlijk Wetboek en de Ambtenarenwet in verband met het verbod tot maken van onderscheid tussen werknemers naar arbeidsduur (Stb. 1996, 391).
- 2°. ondersteuning aan personen bij de afwikkeling van hun klachten betreffende: schending van artikel 1614aa van Boek 7a van het Burgerlijk Wetboek BES; discriminatie als bedoeld in artikel 95c van het Wetboek van Strafrecht BES.
- b. registratie van klachten inzake discriminatie als bedoeld in onderdeel a en jaarlijkse verslaglegging ter zake;
- c. advisering over mogelijk te ondernemen stappen;
- d. doorgeleiding naar andere hulpverlenende instanties;
- e. bemiddeling; en
- f. informatieverschaffing en voorlichting.
De voorziening heeft een protocol voor de uitvoering van de taken, genoemd in het tweede lid. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere eisen worden gesteld aan de inrichting van de voorziening en de uitvoering van de taken, genoemd in het tweede lid.
Toegang tot de voorziening is gratis.
In de voorziening kunnen persoonsgegevens worden verwerkt voor zover dit noodzakelijk is voor de goede uitvoering van de taken, genoemd in het tweede lid. Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de gegevens die worden verwerkt, aan wie deze gegevens worden verstrekt, hoe lang deze worden bewaard en hoe deze worden beveiligd.
Artikel II
Wijzigt de Algemene wet gelijke behandeling.
Artikel III
Wijzigt het Burgerlijk Wetboek BES Boek 7a.
Artikel IV
Wijzigt de Wet College voor de rechten van de mens.
Artikel V
Wijzigt de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte.
Artikel VI
Wijzigt de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid.
Artikel VII
Wijzigt de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen.
Artikel VIII
Wijzigt de Wijzigingswet Burgerlijk Wetboek en Ambtenarenwet ivm verbod tot maken van onderscheid tussen werknemers naar arbeidsduur.
Artikel IX
Wijzigt de Uitvoeringswet EU-richtlijn 1999/70/EG (raamovereenkomst door het EVV, de UNICE en het CEEP inzake arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd).
Artikel X. Evaluatie
Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zendt, in overeenstemming met Onze Ministers die het mede aangaat, binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.
Artikel XI. Inwerkingtreding
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
Artikel XII. Citeertitel
Deze wet wordt aangehaald als: Wet bescherming tegen discriminatie op de BES.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.