Besluit van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 25 november 2025, nr. IENW/BSK-2025/284535, houdende vaststelling van het Protocol inzake de beheers- en beleidsmatige positie van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (Protocol KiM 2025)

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-11-29
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 19, zesde lid, van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Waterstaat 2023;

BESLUIT:

Artikel 1

Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (hierna: KiM) past dit protocol toe bij het leveren van kennisproducten voor de beleidsvorming op het gebied van mobiliteit.

Het KiM levert een wetenschappelijke bijdrage aan de ontwikkeling en evaluatie van beleid. Dit geschiedt door:

Aan de bovengenoemde hoofdtaken zijn de volgende afgeleide taken verbonden:

Bij de uitvoering van zijn taken als een onafhankelijk instituut binnen het Ministerie van IenW geldt dat op het KiM de algemene bevoegdheden en verplichtingen van toepassing zijn die voor iedere IenW-dienst gelden. In de hiernavolgende paragrafen worden de bijzondere regelingen beschreven die met betrekking tot de beleids- en beheersmatige aansturing gelden voor het KiM.

De onderzoeksportefeuille van het KiM wordt grotendeels vraaggestuurd ingevuld. Dat wil zeggen dat onderzoeksresultaten voorzien in de kennisbehoefte van beleidsdirecties van IenW, zodat de resultaten kunnen worden meegewogen in de beleidsvorming. Ten aanzien van deze 'onderzoeksagenda' dient een onderscheid gemaakt te worden tussen a) de langere termijn onderzoeksprogrammering met een thematisch karakter, en b) de besluitvorming met betrekking tot acute, niet-geprogrammeerde onderzoekswensen.

Een goede onderzoeksprogrammering is van vitaal belang. In de eerste plaats wordt in het proces van programmeren op gestructureerde wijze helderheid verkregen over de behoeften bij het beleid aan wetenschappelijk gefundeerde kennis. Door het thematisch bundelen van de diverse concrete behoeften kan, in de tweede plaats, het wetenschappelijk onderzoek worden verdiept en wordt de cumulatie van kennis bevorderd. In de derde plaats verschaft het onderzoeksprogramma een beoordelingskader voor de te ondernemen onderzoeksactiviteiten en is het tevens een sturingsinstrument voor de eigen organisatie: op welke wijze en met welke middelen wordt uitvoering aan de programmering gegeven?

Het KiM communiceert actief met andere delen van het Ministerie van IenW door middel van presentaties, gesprekken en informele contacten. De directeur van het KiM is agendalid van de Bestuursraad, zodat hij zich kan oriënteren op de hoofdlijnen van het beleid en de beleidsoverwegingen. Alle producten van het KiM worden – al dan niet in samengevatte vorm – ter kennis gebracht van de departementsleiding en worden besproken met de leiding van de dienstonderdelen die het aangaat.

Het KiM stelt jaarlijks een programma op. Het programmeringsproces kent de volgende drie fasen:

Het KiM kan naast gevraagde beleidsonderzoeken ook ongevraagde onderzoeken uitvoeren als het KiM dit van belang acht voor de beleidsontwikkeling of maatschappelijke discussies. Deze worden opgenomen in de onderzoeksprogrammering. Als het KiM een ongevraagd onderzoek uitvoert, wordt de departementsleiding daarover door het KiM geïnformeerd.

Verzoeken aan het KiM tot het doen van onderzoek door instanties die niet vallen binnen het ambtsbereik van de Minister van IenW (aan te duiden als: onderzoek op verzoek van externen) worden beoordeeld in samenhang met het vastgestelde onderzoeksprogramma. Bij onderzoek op verzoek van externen gaat het in het bijzonder om vragen van de Tweede Kamer aan de Minister om het KiM onderzoek te laten verrichten. Ook gaat het om onderzoek ter ondersteuning van het werk van de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur. De departementsleiding beoordeelt dergelijke verzoeken. Daarbij gelden de volgende criteria:

De resultaten van het werk van het KiM worden bepaald door de eisen van wetenschappelijke kwaliteit. Het KiM wordt geleid door een hoogleraar of iemand met vergelijkbare kwaliteiten.

De kwaliteit van het werk van het KiM wordt geborgd door een systeem van externe audits. Dit gebeurt via 'peer reviews' door de wetenschappelijke fellows van het KiM en via een periodieke visitatie door een externe, onafhankelijke commissie.

De medewerkers van het KiM nemen deel aan het (internationaal) wetenschappelijk forum.

Artikel 2

Het Besluit van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 7 oktober 2021, nr. IENW/BSK-2021/270096, houdende vaststelling van het Protocol inzake de beheers- en beleidsmatige positie van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (Protocol KiM 2021) wordt ingetrokken.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Artikel 4

Dit besluit wordt aangehaald als: Protocol KiM 2025.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.