Besluit directie van het CBR houdende vaststelling van een beleidsregel betreffende het afgeven en intrekken van aanwijzingen van keurend medisch specialisten (CBR beleidsregel aanwijzing keurend medisch specialisten)

Type ZBO-regeling
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, 133, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994, en 101, eerste lid, van het Reglement rijbewijzen;

Besluit:

Artikel I

Vastgesteld wordt de volgende beleidsregel:

CBR Beleidsregel aanwijzing keurend medisch specialisten

1. Kader van deze beleidsregel aanwijzing keurend medisch specialisten

Deze beleidsregel legt vast aan welke eisen de medisch specialisten moeten voldoen om aangewezen te worden als onafhankelijk keurend specialist voor de keuringen in de procedure tot beoordeling van de rijgeschiktheid.

De beleidsregel bevat regels over de aanmeldingsprocedure voor de aanwijzing als keurend medisch specialist, de toepasselijke vereisten, de geldigheidsduur, de wijze waarop kwaliteit van de keuringen bewaakt wordt en hoe bezwaar en beroep geregeld zijn.

De medisch adviseur van het CBR heeft de bevoegdheid om in bepaalde gevallen voor de beoordeling van de rijgeschiktheid van een (aankomende) rijbewijsbezitter een rapport van een medisch specialist te verlangen (Wegenverkeerswet, Reglement rijbewijzen). Met deze beleidsregel wordt invulling gegeven aan de wijze waarop het CBR zijn bevoegdheden uitoefent tot uitvoering van:

Waar in de beleidsregel melding wordt gemaakt van de medisch specialist, wordt hiermee de onafhankelijk keurend medisch specialist bedoeld.

De eerste versie van de beleidsregel ‘Aanwijzing keurend medisch specialisten’ van het CBR is in mei 2015 gepubliceerd in de Staatscourant. Gevolgd door een herziening in december 2018. Bij het opstellen van deze versie heeft de beleidsregel een revisie ondergaan, met als doel verduidelijking en vernieuwen van deze beleidsregel. Bij deze revisie is een vertegenwoordiging van de keurend medisch specialisten betrokken geweest. De definitieve wijziging is met alle ingeschreven medisch specialisten actief gecommuniceerd. Deze versie vervangt voorgaande versies.

Voor het opstellen van deze beleidsregel zijn de volgende bronnen meegenomen:

2. Toelichting

Binnen de divisie Rijgeschiktheid van het CBR wordt de rijgeschiktheid beoordeeld via twee procedures. In de gezondheidsverklaringsprocedure dient de betrokkene zelf een aanvraag in om zijn rijgeschiktheid te laten beoordelen. In de mededelingenprocedure wordt een onderzoek naar de geschiktheid gestart op basis van een melding van derden, meestal de politie.

Het CBR toetst het rapport van de medisch specialist aan de Regeling eisen geschiktheid 2000, waarin de Minister van Infrastructuur en Waterstaat de eisen met betrekking tot de rijgeschiktheid heeft opgenomen.

In de gezondheidsverklaringsprocedure dient de betrokkene zelf een Gezondheidsverklaring in. Redenen voor insturen van een Gezondheidsverklaring zijn met name het afleggen van een rijexamen, vernieuwing van een verlopen of ongeldig rijbewijs en een melding van twijfel aan de rijgeschiktheid bij een geldig rijbewijs.

De mededelingenprocedure wordt gestart na ontvangst van een mededeling. Deze kan van de politie komen, maar kan ook gebaseerd zijn op een melding van een vermoeden van ongeschiktheid door derden, zoals bijvoorbeeld een behandelend arts. Naar aanleiding van de mededeling kan een maatregel opgelegd worden (bijvoorbeeld een Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer) of een onderzoek ingesteld worden. Betreft dit een onderzoek naar de geschiktheid, dan is een keuring door een onafhankelijk keurend medisch specialist onderdeel van de beoordeling.

Wanneer in één van beide procedures een specialistische keuring noodzakelijk is, wordt hiernaar verwezen door de medisch adviseur van het CBR. Sinds 1 mei 2023 is hierbij het uitgangspunt dat, bij een verwijzing naar een onafhankelijk medisch specialist, de betrokkene de vrije keuze krijgt binnen de lijst van bij het CBR ingeschreven onafhankelijk keurend specialisten. Hiervoor worden de praktijkgegevens van de medisch specialist gedeeld op de website van het CBR. In bepaalde gevallen (een tweede onderzoek in de mededelingenprocedure, een herkeuring in de gezondheidsverklaringsprocedure, bij zeldzame ziektebeelden, bij een verwijzing voor neuropsychologisch onderzoek, etc.) verwijst de medisch adviseur van het CBR naar een specifieke medisch specialist.

Doordat de betrokkene bij de meeste verwijzingen de vrije keuze heeft, heeft het CBR geen invloed op de aantallen keuringen die een medisch specialist verricht.

Noodzakelijke gegevens voor de keuring (zoals bijvoorbeeld de reden van verwijzing of een eerder specialistisch rapport) worden in het artsenportaal aan de medisch specialist beschikbaar gesteld als input voor de keuring. Hierbij wordt ook een keuringsformulier klaargezet met -in specifieke gevallen- de mogelijkheid om een eigen rapportage te uploaden. Hierdoor is toegang tot het artsenportaal dus een randvoorwaarde voor de inschrijving als onafhankelijk keurend specialist.

De betrokkene wordt verwezen voor een specialistische keuring. Dit betekent dat aan de medisch specialist, als expert op zijn vakgebied, een beoordeling gevraagd wordt. Het rapport dient dan ook, buiten de onderzoeksgegevens, een conclusie en een advies ten aanzien van de rijgeschiktheid te bevatten. Hierbij blijft de medisch specialist binnen de eigen professionele verantwoordelijkheid en expertise.

In het kader van de vergewisplicht beoordeelt de medisch adviseur of de conclusies gedragen worden door de bevindingen en of de inhoud van het rapport consistent en concludent is. Als dat niet het geval is, wordt een aanvullende vraag gesteld aan de medisch specialist die het rapport opgesteld heeft. De medisch specialist houdt zich bij de beantwoording van deze aanvullende vraag aan zijn eigen professionele verantwoordelijkheid.

3. Aanmelding en introductie

3.1. Aanmeldingsprocedure en introductie

De medisch specialist, die aangewezen wil worden als onafhankelijk keurend medisch specialist, meldt zich aan bij specialistenbeheer van het CBR. Op de website van het CBR zijn het registratieformulier en de contactgegevens van specialistenbeheer hiervoor beschikbaar.

Voor het verkrijgen en behouden van de aanwijzing als medisch specialist dient deze aan de vereisten in deze beleidsregel te voldoen. Specialistenbeheer controleert in het kader van de aanmeldingsprocedure of de medisch specialist voldoet aan de eisen gesteld onder 4.1.

3.2. Aanwijzingscriteria

4. Wat verwachten we van de medisch specialist

4.1. Vereisten medisch specialist

De medisch specialist, die zich aanmeldt om keuringen te gaan verrichten, volgt de verplichte introductietraining van het CBR (online training) én neemt deel aan de kennismaking. De toets bij de online training moet met voldoende resultaat (80% van de vragen goed) afgerond worden. Als niet aan deze vereisten wordt voldaan, wordt de medisch specialist niet aangewezen als onafhankelijk keurend medisch specialist.

Voor de situaties waarvoor nog geen online training beschikbaar is, wordt de introductietraining persoonlijk gegeven. Vanwege het persoonlijke karakter van deze introductietraining is de medisch specialist niet verplicht om vervolgens ook deel te nemen aan de kennismakingsbijeenkomst. Deze eis vervalt in die gevallen.

Verder stelt het CBR de volgende vereisten aan de medisch specialist:

4.2. Vereisten keuring

Het CBR verwijst voor een keuring op het vakgebied van de medisch specialist. De medisch specialist draagt de eigen professionele verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de keuring, de conclusie en het gegeven advies. Het CBR verwacht een onafhankelijke beoordeling door een expert. Het advies van de medisch specialist is objectief.

Keuringen worden naar hun aard, inhoud en omvang beperkt tot het doel waarvoor zij worden verricht (met inachtneming van artikel 101, tweede lid, van het Reglement rijbewijzen). De verkregen gegevens mogen slechts worden gebruikt voor het doel waarvoor zij zijn verkregen.

De medisch specialist verricht de keuring lege artis, conform relevante richtlijnen van de beroepsgroep. Hierbij is de specialist zorgvuldig en objectief.

De medisch specialist is niet de behandelend arts van de betrokkene en zal deze rol ook niet naar aanleiding van de keuring op zich nemen.

De medisch specialist staat niet in zakelijke relatie of persoonlijke relatie tot de betrokkene, anders dan voor de rijbewijskeuring.

De bejegening van de medisch specialist richting de betrokkene is vriendelijk, professioneel, respectvol en onbevooroordeeld. Hij garandeert een veilige omgeving voor de betrokkene.

Wanneer voor de beoordeling informatie van een behandelend arts noodzakelijk is, vraagt de medisch specialist deze, met toestemming van betrokkene, op en betrekt hij deze bij de keuring.

De medisch specialist geeft een advies ten aanzien van de rijgeschiktheid. Hierbij doet hij geen uitspraak over het besluit betreffende de rijgeschiktheid dat door het CBR genomen zal worden. Wel bespreekt hij het advies met de betrokkene.

De medisch specialist onthoudt zich van waardeoordelen tegenover de betrokkene over diens behandelaars of het CBR.

4.3. Vereisten rapportage

De rapportage van de beoordelend arts moet volgens vaste tuchtrechtspraak voldoen aan de volgende eisen:

Met dit als uitgangspunt voldoet het rapport aan onderstaande eisen:

De medisch specialist geeft zijn advies op grond van de actuele medische wetenschap en in zijn vakgebied algemeen aanvaarde inzichten en opvattingen. Hij doet geen uitspraken die buiten zijn vakgebied of anderszins buiten zijn competentie vallen.

Uit het rapport blijkt dat de medisch specialist de beperkingen van de betrokkene baseert op zijn eigen professionele oordeel en dat hij niet slechts de door de onderzochte genoemde beperkingen heeft overgenomen. Hij toetst de mededelingen van de onderzochte op plausibiliteit en consistentie, waarna hij op basis van zijn expertise beoordeelt of de betrokkene voldoet aan de eisen gesteld in de Regeling eisen geschiktheid 2000.

De specialist besteedt de nodige zorg aan een overzichtelijke opbouw en indeling van het rapport. Het rapport ziet er professioneel uit. In het rapport wordt zorg verleend aan correct, zakelijk en begrijpelijk taalgebruik.

Informatie van derden (bijvoorbeeld behandelend artsen of informatie vanuit het CBR) wordt niet zonder medeweten van betrokkene opgenomen in het rapport en de overwegingen die leiden tot het advies.

Onnodig medisch jargon, ingewikkeld taalgebruik en het gebruik van afkortingen moeten, waar mogelijk, worden vermeden. Een rapport moet ook begrijpelijk zijn voor niet-medici, zoals de rechter bij een eventuele beroepszaak.

De medisch specialist heeft een open en onbevooroordeelde attitude ten opzichte van verbale en non-verbale uitingen van de betrokkene over diens gezondheidstoestand en ten opzichte van medisch-wetenschappelijke gegevens over de aard en het beloop van ziektebeelden of syndromen. De medisch specialist onderbouwt zijn bevindingen met toetsbare redeneringen en verwijzingen.

Constateringen berusten aantoonbaar op feiten, zodat een ander op basis daarvan tot dezelfde constatering kan komen (‘repliceerbaarheid’) dan wel die constatering kan verwerpen (‘falsificeerbaarheid’). Om die reden vermeldt de expert de bronnen waarop zijn conclusies berusten. Daaronder vallen ook eventueel geraadpleegde personen of gebruikte literatuur.

De medisch specialist geeft in zijn rapport alleen aan wat relevant is voor het goed beantwoorden van de vragen. Hij geeft geen overbodige beschouwingen.

De specialist zorgt er voor dat het rapport voldoende toegesneden is op de individuele casus. Voor het weergeven van de onderzoeksgegevens bestaat alleen dan geen bezwaar tegen standaard sjabloonteksten, wanneer hierin wordt weergegeven wat daadwerkelijk onderzocht is.

De beschrijving van de anamnese is deugdelijk en compleet, en beperkt zich tot de relevante gegevens. De beschrijving van de anamnese bevat uitsluitend het subjectieve verhaal van de betrokkene, zoveel mogelijk in diens bewoordingen.

De specialist verricht een adequaat lichamelijk en/of specialistisch (bv psychiatrisch of neurologisch) onderzoek voor zover dat relevant is voor de beantwoording van de vraagstelling.

Indien de medisch specialist bevindingen doet waar niet naar wordt gevraagd maar die hij ter zake relevant vindt ten aanzien van de rijgeschiktheid, dan vermeldt hij deze in het rapport.

Het rapport vermeldt de feiten, omstandigheden en bevindingen waarop het berust.

In het rapport zet de specialist op inzichtelijke en consistente wijze uiteen op welke gronden de conclusies van het rapport steunen.

Uit het rapport blijkt dat van de meegestuurde gegevens kennis werd genomen. Het is niet noodzakelijke deze geheel samen te vatten. Wel beschrijft de medisch specialist expliciet welke gegevens uit het dossier zijn meegewogen bij zijn beoordeling. Indien in de stukken meningen, conclusies of diagnoses zijn vermeld die niet passen bij de eigen beschouwing, dient de medisch specialist dit in zijn rapport op te nemen en te beargumenteren waarom zijn opinie afwijkt van die van de zorgverlener of onderzoeker in kwestie.

Het rapport bevat een beschouwing over de anamnestische klachten, de verschijnselen en over oorzakelijke verbanden. Ook wordt ingegaan op de consequenties daarvan en op eventuele discrepanties. De conclusies zijn hieruit rechtstreeks af te leiden. De beschouwing is de kern van het rapport.

Als de anamnese niet overeenkomt met vaststelbare feiten of eerder gedane anamnestische mededelingen, zoals die uit de stukken naar voren komen, dan dient uit het rapport te blijken dat de betrokkene, voor zover dat medisch verantwoord is, met deze discrepantie werd geconfronteerd. Daarbij wordt vermeld wat de reactie van de betrokkene daarop was en welke conclusie de medisch specialist hieruit trekt of welke consequenties dat heeft. Het kan voorkomen dat dergelijke inconsistenties pas later aan het licht komen. Ook dan dient de medisch specialist dit met de betrokkene te bespreken. Hiervan wordt een verslag in het keuringsrapport opgenomen, inclusief de reactie van de betrokkene.

Indien de medisch specialist aanvullend hulponderzoek (radiologisch, neuropsychologisch of anderszins) laat verrichten, betrekt hij de uitkomsten bij zijn overwegingen en voegt hij de verslagleggingen van deze onderzoeken bij het expertiserapport.

Onderzoeksmethoden die (nog) niet gevalideerd of binnen de vakgroep niet algemeen geaccepteerd zijn, kunnen niet gebruikt worden bij de beoordeling van de rijgeschiktheid.

De medisch specialist dient zich te houden aan de wettelijke bepalingen inzake de bescherming van persoonsgegevens, zoals onder andere vastgelegd in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).

4.4. Inzage-, correctie- en blokkeringsrecht

De betrokkene heeft het eerste recht om de uitslag van de keuring te vernemen. Hierbij geeft de medisch specialist aan dat de uitslag een advies is en dat het besluit over de rijgeschiktheid genomen wordt door de medisch adviseur van het CBR.

De specialist heeft de plicht mogelijk te maken dat de betrokkene gebruik kan maken van benoemde rechten. De specialist moet ook de inhoud en gevolgen van die rechten goed toelichten en vastleggen wat hierover besproken is.

De betrokkene heeft het recht om het rapport in te zien, voordat het naar het CBR gestuurd wordt.

Wanneer de betrokkene gebruik maakt van het inzagerecht om mogelijk gebruik te maken van het correctie- of blokkeringsrecht, krijgt de betrokkene een duidelijke termijn van twee weken waarbinnen hij moet reageren. De specialist bespreekt duidelijk met de betrokkene wat zijn rechten en plichten met betrekking tot deze rechten zijn en wat de gevolgen kunnen zijn van een blokkade van het rapport. De specialist bespreekt dit tijdens de keuring en geeft het te volgen proces en de mogelijke gevolgen ook schriftelijk aan bij versturing van het rapport ter inzage.

De betrokkene heeft het recht om de medisch specialist te verzoeken feitelijke onjuistheden te corrigeren.

De betrokkene heeft het recht om de keuze te maken dat het rapport niet naar het CBR verzonden mag worden. Hij maakt dan gebruik van het blokkeringsrecht.

Artikel 97, vierde lid, van het Reglement rijbewijzen bepaalt dat wanneer de betrokkene gebruik maakt van het blokkeringsrecht, hij een jaar lang niet in aanmerking komt voor een Verklaring van Geschiktheid.

Op de website stelt het CBR (voorbeeld)formulieren ter beschikking, die door de medisch specialist gebruikt kunnen worden voor het afzien van het blokkeringsrecht en het gebruik van het correctie- en blokkeringsrecht.

4.5. Eisen aan de organisatie

Op onderstaande gebieden worden er eisen aan de organisatie gesteld.

4.5.1. Keuringslocatie

De medisch specialist verricht de keuring in een representatieve, professionele omgeving, die voldoende privacy biedt voor de betrokkene. Een wachtkamer en sanitaire voorzieningen zijn aanwezig.

Bij binnenkomst is het voor de betrokkene duidelijk waar hij zich kan melden of waar hij plaats kan nemen.

De locatie is rolstoeltoegankelijk. Als dit niet zo is, stelt de medisch specialist het CBR hiervan op de hoogte. De locatie is verwarmd, schoon en opgeruimd.

4.5.2. Bereikbaarheid

De keuringslocatie is fysiek goed bereikbaar, bij voorkeur ook met openbaar vervoer.

De medisch specialist is op vaste tijden telefonisch bereikbaar voor de betrokkene. Dit is voor betrokkene en CBR inzichtelijk.

Bij een goede digitale bereikbaarheid is telefonische bereikbaarheid geen vereiste.

De betrokkene krijgt binnen twee werkdagen antwoord op zijn bericht dat hij digitaal heeft achtergelaten. Kan er digitaal een afspraak gemaakt worden, dan ontvangt hij binnen twee werkdagen een bevestiging van deze afspraak.

De medisch specialist stelt een telefoonnummer en een emailadres ter beschikking voor communicatie vanuit specialistenbeheer en de behandelaars van het CBR.

4.5.3. Beschikbaarheid

De medisch specialist is beschikbaar voor keuringen. De medisch specialist stelt het CBR op de hoogte wanneer hij (tijdelijk) niet beschikbaar is. Dit geldt ook wanneer de medisch specialist geen afspraken meer kan maken met de betrokkene binnen het onder 4.5.5 gestelde tijdspad.

Wijzigingen in beschikbaarheid worden doorgegeven aan specialistenbeheer van het CBR.

4.5.4. Vermelding in de Specialistenzoeker op de website van het CBR

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.