Beleidsregel van het Commissariaat voor de Media over de procedure tot aanwijzing van lokale publieke media-instellingen (Beleidsregel aanwijzingsprocedure lokale publieke media-instellingen 2025)
Gelet op de artikelen 2.61 tot en met 2.69 van de Mediawet 2008, de artikelen 5 tot en met 9 van de Mediaregeling 2008 en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht,
Gelet op het wetsvoorstel tot wijziging van de Mediawet 2008 in verband met de versterking van de uitvoering van de publieke mediaopdracht op lokaal niveau,
Besluit:
I. Begripsbepalingen
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
- a. wet: de Mediawet 2008;
- b. besluit: het Mediabesluit 2008;
- c. regeling: de Mediaregeling 2008;
- d. het Commissariaat: het Commissariaat voor de Media;
- e. aanvraag: de aanvraag voor een aanwijzing als bedoeld in artikel 2.65 van de wet;
- f. aanwijzingsperiode: een periode van vijf jaar als bedoeld in artikel 2.65 van de wet;
- g. aanwijzingsprocedure: de gehele procedure van aanwijzing van een lokale publieke media-instelling voor de verzorging van de publieke mediadiensten op lokaal niveau als bedoeld in artikel 2.61, eerste lid, van de wet;
- h. gebiedsuitbreiding: aanwijzing van een lokale publieke media-instelling in meer gemeenten dan waarvoor de lokale publieke media-instelling reeds was aangewezen;
- i. fusie: het samengaan van lokale publieke media-instellingen, die voorheen zelfstandig waren, tot één media-instelling;
- j. pbo: het programmabeleid bepalend orgaan als bedoeld in artikel 2.61, tweede lid, onder c, van de wet;
- k. wijziging van de gemeentelijke indeling: instelling en opheffing van gemeenten alsmede wijziging van gemeentegrenzen die naar verwachting het inwonertal van ten minste één van de betrokken gemeenten met 10% of meer zal doen toe- of afnemen;
- l. lichte samenvoeging: samenvoeging van gemeenten, waarbij één of meerdere gemeenten opgaan in een gemeente die niet wordt opgeheven;
- m. grenscorrectie: een wijziging van een gemeentegrens die naar verwachting het inwonertal van geen van de betrokken gemeenten met 10% of meer zal doen toe- of afnemen;
- n. hernieuwde aanwijzing: aanwijzing van een lokale publieke media-instelling voor een aanwijzingsperiode aansluitend op de voorgaande aanwijzingsperiode in de gemeente(n), waarvoor de lokale publieke media-instelling reeds is aangewezen.
II. Aanvragen algemeen
Artikel 2. Mogelijkheden tot indienen aanvraag
Het Commissariaat maakt op zijn website en in de Staatscourant bekend dat een aanwijzingsprocedure voor één of meer gemeenten is opengesteld en wat het tijdvak is waarbinnen eventuele gegadigden een aanvraag voor de desbetreffende gemeente(n) bij het Commissariaat kunnen indienen (het aanvraagtijdvak).
Uitsluitend aanvragen die worden ingediend binnen het in het eerste lid genoemde aanvraagtijdvak kunnen, met inachtneming van de bepalingen van deze beleidsregel, in behandeling worden genomen.
III. Voorgenomen fusie
Artikel 3. Voorgenomen fusie
Indien een lokale publieke media-instelling voornemens is om te fuseren en/of op te houden te bestaan, dient de betreffende lokale publieke media-instelling het Commissariaat daarover zo spoedig mogelijk na het ontstaan van dat voornemen te informeren.
Een aanwijzing als lokale publieke media-instelling is niet overdraagbaar en naar haar aard niet vatbaar voor overgang onder algemene titel.
Indien een lokale publieke media-instelling, bijvoorbeeld naar aanleiding van een fusie, ophoudt te bestaan, kan het Commissariaat de lopende aanwijzing van die instelling intrekken. Het Commissariaat kan vervolgens, overeenkomstig artikel 2 van deze beleidsregel, bepalen of voor de betreffende gemeente(n) een nieuwe aanwijzingsprocedure wordt opengesteld.
IV. Wijziging van gemeentelijke indeling
Artikel 4. Wijziging van gemeentelijke indeling
Wanneer een wetsvoorstel is ingediend tot wijziging van de gemeentelijke indeling, waarbij één of meerdere gemeenten ophouden te bestaan, kan het Commissariaat een reeds opengestelde aanwijzingsprocedure voor deze gemeente(n) opschorten.
Wanneer een wetsvoorstel tot wijziging van de gemeentelijke indeling door de Eerste Kamer is aangenomen, brengt het Commissariaat de betrokken gemeente(n) en daarvoor aangewezen lokale publieke media-instelling(en) zo spoedig mogelijk op de hoogte van de gevolgen die de wijziging voor de lopende aanwijzing(en) heeft.
Als een gemeente door een wijziging van de gemeentelijke indeling ophoudt te bestaan, vervalt de aanwijzing van de lokale publieke media-instelling voor deze gemeente van rechtswege per datum van de wijziging van de gemeentelijke indeling. Het Commissariaat bepaalt vervolgens of voor de overgebleven of nieuwe gemeente(n) een (hernieuwde) aanwijzingsprocedure wordt opengesteld.
Artikel 5. Lichte samenvoeging en grenscorrectie
Ingeval sprake is van een lichte samenvoeging van gemeenten blijft de aanwijzing van de lokale publieke media-instelling die is aangewezen voor de gemeente die blijft bestaan van kracht. Het Commissariaat verzoekt vervolgens de betreffende gemeenteraad om een tussentijds advies uit te brengen over de representativiteit van het pbo van de aangewezen lokale publieke media-instelling.
Grenscorrecties van gemeenten hebben geen gevolgen voor de aanwijzing van de lokale publieke media-instellingen die voor de betrokken gemeenten zijn aangewezen.
Van het bepaalde in het eerste lid van dit artikel kan worden afgeweken, indien het verzorgingsgebied van de betrokken lokale publieke media-instellingen niet of slechts in geringe mate wijzigt en/of sprake is van onevenredige benadeling van één of meer belanghebbenden.
V. Vereisten aanvraag
Artikel 6. Vereisten aan de aanvraag
Voor het indienen van een aanvraag om aangewezen te worden als lokale publieke media-instelling dient gebruik te worden gemaakt van het (digitale) aanvraagformulier zoals dat op de website van het Commissariaat ter beschikking is gesteld.
Een aanvraag wordt ingediend en ondertekend door een daartoe bevoegd persoon en dient ten minste te bevatten:
- a. de naam en het (e-mail)adres van de aanvragende rechtspersoon en de indiener;
- b. de dagtekening;
- c. de naam/namen van de gemeente(n) waarvoor een aanwijzing als lokale publieke media-instelling wordt gevraagd;
- d. een exemplaar van de notarieel vastgelegde statuten;
- e. de pbo-ledenlijst, waaruit blijkt wat de belangrijkste in de gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen zijn en door welke leden van het pbo deze stromingen worden vertegenwoordigd, inclusief een verklaring dat geen van de pbo-leden een onverenigbare nevenfunctie heeft.
In het geval dat een aanvraag niet voldoet aan de in het tweede lid genoemde vereisten, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld om de aanvraag binnen een termijn van twee weken aan te vullen. Indien de aanvrager geen gebruik maakt van die gelegenheid of de verstrekte gegevens en bescheiden onvoldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag, kan het Commissariaat de aanvraag buiten behandeling stellen.
Artikel 7. Aanvullende stukken
Stukken die in aanvulling of ter wijziging van de initiële aanvraag buiten het aanvraagtijdvak, zoals bedoeld in artikel 2 van deze beleidsregel, zijn ingediend, worden door het Commissariaat doorgestuurd naar de gemeenteraad, indien deze stukken gelet op de stand van het adviestraject redelijkerwijs nog meegenomen kunnen worden door de gemeenteraad.
VI. Advisering gemeenteraad
Artikel 8. Termijn doorsturen aanvragen voor advies naar gemeenteraad
Indien een aanvraag voldoet aan de indieningsvereisten als bedoeld in artikel 6 van deze beleidsregel, stuurt het Commissariaat de aanvraag uiterlijk twee weken na het verstrijken van de geldende indieningstermijn voor advies door naar de gemeenteraad van de betrokken gemeente(n).
In het geval een aanvraag bij ontvangst door het Commissariaat niet voldoet aan de indieningsvereisten als bedoeld in artikel 6 van deze beleidsregel en een hersteltermijn van twee weken is geboden, stuurt het Commissariaat de gecompleteerde aanvraag uiterlijk twee weken na het verstrijken van de hersteltermijn door naar de gemeenteraad van de betrokken gemeente(n). Het Commissariaat stelt de gemeenteraad van de betrokken gemeente(n) in kennis van de ingediende aanvraag en de geboden hersteltermijn.
Artikel 9. Advies gemeenteraad
In het advies dat de gemeenteraad op grond van artikel 2.61, derde lid, van de wet aan het Commissariaat uitbrengt, dient de gemeenteraad uitsluitend vast te stellen:
- a. of de aanvrager een rechtspersoon naar Nederlands recht is met volledige rechtsbevoegdheid;
- b. of de aanvrager zich blijkens de statuten uitsluitend of hoofdzakelijk ten doel stelt op lokaal niveau de publieke mediaopdracht uit te voeren door media-aanbod te verzorgen dat is gericht op de bevrediging van maatschappelijke behoeften die in de gemeente leven; en
- c. of de aanvrager statutair over een orgaan beschikt dat representatief is voor de belangrijkste in de desbetreffende gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen en het beleid voor het media-aanbod bepaalt.
Bij de beoordeling van het criterium genoemd in het eerste lid, sub c, dient de gemeenteraad in ieder geval te beoordelen of:
- •. de belangrijkste maatschappelijke, culturele, geestelijke en godsdienstige stromingen binnen de desbetreffende gemeente vertegenwoordigd zijn binnen het pbo;
- •. de pbo-leden afgevaardigden zijn van instellingen of organisaties die actief zijn binnen de stroming die het desbetreffende pbo-lid vertegenwoordigt;
- •. ieder lid maximaal één van die stromingen vertegenwoordigt.
Bij het uitbrengen van het advies aan het Commissariaat, dient de gemeenteraad mee te sturen:
- a. een ondertekend en deugdelijk gemotiveerd raadsbesluit;
- b. het bijbehorende collegevoorstel inclusief alle stukken die aan het voorstel ten grondslag zijn gelegd;
- c. een internetlink naar de openbare opname van de raadsvergadering waarin het besluit is genomen; en
- d. de pbo-ledenlijst op basis waarvan de gemeenteraad het besluit tot vaststelling van het advies heeft genomen.
Aanvraag voor meerdere gemeenten
Artikel 10. Gezamenlijk advies gemeenteraden
Indien een aanvraag betrekking heeft op meerdere gemeenten, dienen de betrokken gemeenteraden op grond van artikel 2.64, eerste lid, van de wet het in artikel 9 van deze beleidsregel bedoelde advies gezamenlijk aan het Commissariaat uit te brengen.
Aan het vereiste van het uitbrengen van gezamenlijk advies wordt geacht te zijn voldaan indien:
- a. de betrokken gemeenteraden hun advisering met elkaar afstemmen in die zin dat elke betrokken gemeenteraad in zijn advies opneemt er kennis van te hebben en er rekening mee te houden dat het een aanwijzingsaanvraag betreft voor het verzorgen van lokaal media-aanbod dat bestemd is voor twee of meer gemeenten; en
- b. de desbetreffende adviezen betrekking hebben op een identiek samengesteld pbo.
Meerdere aanvragen voor één gemeente
Artikel 11. Bevordering samengaan lokale publieke media-instellingen
Indien sprake is van meerdere aanvragen die betrekking hebben op dezelfde gemeente(n) bevordert het college van burgemeester en wethouders op grond van artikel 2.63, eerste lid, van de wet, het samengaan van die instellingen voor zover dat redelijkerwijs mogelijk is.
In het advies aan het Commissariaat maakt de gemeenteraad inzichtelijk op welke wijze het college van burgemeester en wethouders zich heeft ingespannen om het samengaan van die instellingen te bevorderen en tot welke uitkomst dit heeft geleid.
Artikel 12. Voorkeursadvies gemeenteraad bij meerdere aanvragen
In het geval dat meerdere aanvragen voldoen aan de wettelijke criteria als bedoeld in artikel 2.61, tweede lid, van de wet en het samengaan van die instellingen niet haalbaar is gebleken, verzoekt het Commissariaat de gemeenteraad van de desbetreffende gemeente in aanvulling op het advies als bedoeld in artikel 9 van deze beleidsregel een voorkeur uit te spreken voor één van de aanvragers.
De gemeenteraad dient ten behoeve van het uitbrengen van een voorkeursadvies criteria vast te stellen op grond waarvan hij de aanvragen met elkaar vergelijkt en beoordeelt welke aanvrager het beste in staat wordt geacht om de functie van lokale publieke media-instelling voor de gemeente te vervullen. Deze criteria kunnen bijvoorbeeld inhouden:
- a. de vraag in hoeverre het media-aanbod zich zal richten op de geografische leefomgeving en de sociaal-culturele en economische identiteit van de inwoners van de gemeente;
- b. de vraag via welk mediakanaal of mediakanalen het media-aanbod zal worden verspreid;
- c. de vraag of zal worden samengewerkt met voor de gemeente relevante lokale partners en organisaties;
- d. de vraag of er sprake is van een professioneel geborgde organisatie;
- e. de vraag of aannemelijk is dat sprake zal zijn van een stabiele financiële situatie.
De gemeenteraad wordt verzocht de criteria als bedoeld in het tweede lid uiterlijk elf maanden voorafgaand aan het aflopen van de huidige aanwijzingsperiode, aan het Commissariaat en op zijn eigen website kenbaar te maken. Tenzij sprake is van zwaarwegende redenen, wijkt de gemeenteraad in zijn beoordeling niet af van de eerder door haar vastgestelde en kenbaar gemaakte criteria.
Bij het uitbrengen van het voorkeursadvies aan het Commissariaat dient de gemeenteraad mee te sturen:
- a. een ondertekend en deugdelijk gemotiveerd raadsbesluit ter vaststelling van het voorkeursadvies;
- b. het bijbehorende collegevoorstel inclusief alle stukken die aan het voorstel ten grondslag zijn gelegd; en
- c. een internetlink naar de openbare opname van de raadsvergadering waarin het besluit tot vaststelling van het voorkeursadvies is genomen.
Artikel 13. Termijn uitbrengen (voorkeurs)advies door gemeenteraad
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.