Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 24 november 2025, nr. 2025-27543 over de heffing van omzetbelasting bij uitvoer van goederen als reizigersbagage (Besluit uitvoer reizigersbagage omzetbelasting)

Type Beleidsregel
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 4.81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 24, tweede lid van de Wet op de omzetbelasting 1968 en artikel 23a van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968;

Besluit:

1. Inleiding

Dit besluit behandelt het beleid op het gebied van de heffing van btw bij de uitvoer van reizigersbagage. In het besluit is opgenomen onder welke voorwaarden de leverancier het nultarief voor deze reizigersbagage kan toepassen. Ook wordt de handelwijze bij toepassing door de leverancier van de teruggaafprocedure toegelicht.

Dit besluit vervangt het besluit van 13 juli 2021, nr. 2021-7204 (Stcrt. 2021, 36025). De wijzigingen betreffen:

1.1. Gebruikte begrippen en afkortingen

2. Uitvoer van goederen als reizigersbagage

In het internationale reizigersverkeer kan het nultarief worden toegepast op de levering van goederen aan particulieren die hun woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats hebben in een land dat niet tot de EU behoort. Deze regeling is vastgesteld in artikel 24, tweede lid, van de wet en artikel 23a van de uitvoeringsbeschikking. Deze artikelen zijn gebaseerd op artikel 147 van de btw-richtlijn.

Voor toepassing van het nultarief in deze gevallen gelden de volgende voorwaarden:

De regeling is ook van toepassing op de levering van goederen aan particulieren die hun woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats in de EU hebben en aantonen dat zij zich vóór het einde van de derde maand na de maand van de aankoop van de goederen buiten de EU vestigen.

2.1. Aantonen aanspraak toepassing nultarief

Om aanspraak te kunnen maken op de toepassing van het nultarief, moet de leverancier aan de hand van boeken en bescheiden aantonen dat aan de voorwaarden wordt voldaan. De boeken en bescheiden waarmee de leverancier de toepassing van het nultarief aan kan tonen, hangen op basis van artikel 23a, derde lid, van de uitvoeringsbeschikking af van de lidstaat van waaruit de reiziger de EU verlaat met de betreffende in Nederland gekochte goederen in zijn persoonlijke bagage:

De leverancier kan de uitvoer ook aantonen aan de hand van een door bemiddeling van de koper verkregen bewijsstuk waaruit blijkt dat de geleverde goederen in een land buiten de EU definitief zijn ingevoerd, zoals een afschrift van een in een dergelijk land gedane definitieve aangifte ten invoer.

In plaats van de verkoopfactuur kan ook een daarmee gelijk te stellen origineel bescheid dienen als hierop dezelfde gegevens zijn vermeld als op een factuur en de aard en de hoeveelheid van de goederen duidelijk is vermeld. De hier bedoelde bescheiden dienen uiterlijk te worden uitgereikt op het moment van levering.

Als op één bescheid meerdere leveringen zijn vermeld die elk afzonderlijk niet voldoen aan de voorwaarden voor toepassing van het nultarief, kan het nultarief alleen van toepassing zijn als de op het bescheid vermelde leveringen:

2.2. Wijze van toepassing nultarief

Op het moment van levering beschikt de leverancier nog niet over de informatie die de uitvoer aantoont. Immers kan de leverancier pas over de in onderdeel 2.1 genoemde bescheiden beschikken wanneer de reiziger de EU met de betreffende goederen verlaat. Op het moment van levering beschikt de leverancier wel over de overige in onderdeel 2 genoemde informatie. Dit zijn de volledige naam, de woonplaats en het nummer van het legitimatiebewijs van de reiziger en informatie over de vergoeding en de aard van de geleverde goederen (bij voorkeur aan de hand van de classificatiecode).

Als de reiziger de EU (naar verwachting) vanuit Nederland verlaat, dient de leverancier deze informatie in een daartoe ingerichte digitale omgeving in te voeren.2Voor een nadere toelichting verwijzen wij naar de Regeling van de Staatssecretaris van Financiën van 11 maart 2025 tot wijziging van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 in verband met de digitalisering van de btw-teruggaaf aan niet-EU-reizigers, nr. 2025-0000054522 (Stcrt. 2025, 6959). Leveranciers maken vaak gebruik van intermediairs die een dergelijke digitale omgeving ter beschikking stellen en het verzamelen en opslaan van de informatie faciliteren. Als de reiziger de EU niet vanuit Nederland verlaat of op voorhand niet zeker weet of hij de EU vanuit Nederland of een andere lidstaat gaat verlaten, vermeldt de leverancier de informatie op een fysiek uitgereikte (kopie)factuur of daarmee gelijk te stellen bescheid.

Omdat de leverancier op het moment van leveren nog niet aan de voorwaarden voldoet om het nultarief toe te passen, moet hij op dat moment eerst btw in rekening brengen. Pas wanneer de leverancier van de reiziger alle bescheiden heeft ontvangen die noodzakelijk zijn voor het toepassen van het nultarief, vraagt hij de btw terug via een (suppletie)aangifte en geeft hij het btw-bedrag terug aan de reiziger. De terugbetaling van de btw aan de reiziger door de leverancier is een civielrechtelijke aangelegenheid tussen de reiziger en de leverancier.

Op het moment dat de leverancier de btw terugvraagt van de Belastingdienst moet zijn voldaan aan de hiervoor beschreven voorwaarden voor de toepassing van het nultarief. Daarbij maakt het geen verschil of de bescheiden door de reiziger zelf of door een faciliterend bedrijf aan de leverancier worden aangeleverd. De vereiste bescheiden kunnen ook worden gearchiveerd bij een faciliterend bedrijf onder de voorwaarde dat zij direct beschikbaar zijn en toegankelijk blijven voor controle bij de leverancier door de Belastingdienst.

3. Ingetrokken regeling

Het volgende besluit is ingetrokken op de datum van inwerkingtreding van dit besluit:

4. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2026.

5. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit uitvoer reizigersbagage omzetbelasting.

6. Publicatie en ondertekening

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.