Wet van 17 december 2025, houdende wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Overige fiscale maatregelen 2026)
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het in het kader van het fiscale beleid voor het jaar 2026 wenselijk is in een aantal belastingwetten en enige andere wetten wijzigingen aan te brengen;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Artikel I
Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.
Artikel II
Wijzigt de Wet inkomstenbelasting 2001.
Artikel III
[Vervallen]
Artikel IV
Wijzigt de Wet op de loonbelasting 1964.
Artikel V
Wijzigt de Wet op de loonbelasting 1964.
Artikel VI
[Vervallen]
Artikel VII
Wijzigt de Wet op de vennootschapsbelasting 1969.
Artikel VIII
Wijzigt de Wet bronbelasting 2021.
Artikel IX
Wijzigt de Wet op belastingen van rechtsverkeer.
Artikel X
Wijzigt de Wet op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992.
Artikel XI
Wijzigt de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994.
Artikel XII
Wijzigt de Wet belasting zware motorrijtuigen.
Artikel XIII
Wijzigt de Wet belastingen op milieugrondslag.
Artikel XIV
Wijzigt de Algemene douanewet.
Artikel XV
Afdeling 2.3 van de Algemene wet bestuursrecht zoals die luidde voor inwerkingtreding van artikel I, onderdeel D, van de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer blijft van toepassing op:
- c. regelingen die zijn gegrond op andere wetten dan een belastingwet als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en ter zake waarvan aan een functionaris van de rijksbelastingdienst mandaat, volmacht of machtiging is verleend;
- d. beleidsregels betreffende het verlenen van uitstel van betaling voor de invordering van rijksbelastingen die door de COVID-19-pandemie zijn veroorzaakt.
Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat in afwijking van artikel 2:7, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht het berichtenverkeer met de directeur, de inspecteur of de ontvanger, bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel b, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen of het bestuur van ’s Rijks belastingen, bedoeld in artikel 2, vierde lid, van die wet, niet op elektronische wijze plaatsvindt.
Artikel XVI
Wijzigt de Invorderingswet 1990.
Artikel XVII
Wijzigt de Wet aanpassing fonds voor gemene rekening en vrijgestelde beleggingsinstelling.
Artikel XVIII
Wijzigt de Wet aanpassing fonds voor gemene rekening en vrijgestelde beleggingsinstelling.
Artikel XIX
Wijzigt de Wet aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2025.
Artikel XX
Wijzigt de Wet inkomstenbelasting BES.
Artikel XXI
Wijzigt het Belastingplan 2025.
Artikel XXII
Wijzigt deze wet.
Artikel XXIII
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 2026, met dien verstande dat:
- a. artikel I, onderdeel G, toepassing vindt nadat artikel 10b.1 van de Wet inkomstenbelasting 2001 is toegepast;
- b. artikel I, onderdelen C en E, artikel IV, onderdelen E, onder 2, en F, artikel VII, onderdeel A, artikel VIII, artikel XVI, onderdelen B en C, artikel XVII, en artikel XXI terugwerken tot en met 1 januari 2025;
- c. artikel I, onderdeel D, terugwerkt tot en met 1 januari 2023, waarbij artikel I, onderdeel D, geen toepassing vindt voor het jaar 2024;
- d. artikel IV, onderdelen A en E, onder 1, en artikel XVI, onderdeel A, terugwerken tot en met 1 januari 2023;
- e. artikel IV, onderdeel C, toepassing vindt nadat artikel 35o van de Wet op de loonbelasting 1964 met ingang van 1 januari 2026 is toegepast;
- f. artikel IX, onderdeel C, toepassing vindt voordat artikel XXA, onderdeel C, van het Belastingplan 2025 wordt toegepast en terugwerkt tot en met 1 januari 2025;
- g. artikel XII terugwerkt tot en met 25 maart 2025;
- h. artikel XIII terugwerkt tot en met 6 september 2025;
- i. artikel XIX toepassing vindt voordat artikel IV, onderdeel C, onder 2 en 3, van de Wet aanpassing bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2025 wordt toegepast.
In afwijking van het eerste lid treedt artikel XIV in werking met ingang van de dag waarop artikel I, onderdeel D, van de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer in werking treedt.
In afwijking van het eerste lid treedt artikel XI in werking op het tijdstip waarop artikel 30 van de Wet vrachtwagenheffing in werking treedt.
Artikel XXIV
Deze wet wordt aangehaald als: Overige fiscale maatregelen 2026.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.