Regeling van de Minister van Klimaat en Groene Groei van 14 december 2025, nr. WJZ/99470189, tot regeling van overgangsrecht en intrekking en wijziging van regelingen voor de invoering van de Energiewet (Invoeringsregeling Energiewet)
Gelet op richtlijn (EU) 2018/2001, richtlijn (EU) 2019/943, richtlijn (EU) 2023/1791, richtlijn (EU) 2024/1788, verordening (EU) 2019/944, verordening (EU) 2024/1366 en verordening (EU) 2024/1789 en de artikelen 2.46, derde lid, 2.58, vierde lid, 2.61, eerste en tweede lid, 4.5, eerste, tweede en derde lid, 4.6, eerste, tweede en vierde lid, 4.7, eerste lid, 4.8 eerste lid, 4.9, derde lid, 4.16, vijfde lid, 4.17, vijfde lid, 5.15, vierde lid, 6.13, zesde lid, 7.52, zesde lid, en 7.53, vijfde lid, van de Energiewet, artikel 6a, zevende lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt, de artikelen 4.19 en 5.7 van het Energiebesluit, artikel 11 van het Besluit meetinstrumenten en marktdeelnemers, artikel 2, tweede lid, onderdeel e, subonderdeel 4°, van het Besluit handel in emissierechten, artikel 5.10, eerste lid, van de Wet luchtvaart, artikel 4a van het Besluit luchtverkeer 2014, artikel 3, eerste en tweede lid, van de Kaderwet EZ-, LVVN, en KGG-subsidies;
Besluit:
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1.1. begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
- GUE-faciliteit: faciliteit, bedoeld in artikel 4.16, derde lid, van de wet;
- GUE-procedures en -voorwaarden: procedures en voorwaarden, bedoeld in artikel 4.17, tweede lid, van de wet;
- minister: Minister van Klimaat en Groene Groei;
- wet: Energiewet.
Artikel 1.2. toepassingsbepaling begrippen
Bij de toepassing van de Begrippencode elektriciteit, de Begrippencode gas, de Meetcode elektriciteit, de Meetcode gas RNB, de Meetcode gas LNB, de Meetcode gas LNB meting door aangeslotene, de Invoedcode gas LNB en de Informatiecode elektriciteit en gas op grond van de artikelen 7.52, tweede, derde en vierde lid, en 7.53, tweede en derde lid, van de wet worden telkens voor de begrippen die genoemd zijn in de eerste kolom van bijlage I de in de tweede kolom van die bijlage genoemde begrippen gelezen.
Hoofdstuk 2. Overgangsrecht codes
Artikel 2.1. uitgezonderde voorwaarden Meetcode elektriciteit
Van de toepassing van de Meetcode elektriciteit op grond van artikel 7.52, tweede en vierde lid, van de wet worden de voorwaarden 1.1.1, 1.1.3, 1.1.5, 1.2.1.1 tot en met 1.2.3.3, 1.2.3.5, 1.2.3.6, 1.2.3.7, 1.2.4.1 tot en met 2.2.1, 2.3.1, 2.4.1, 2.4.2, 2.5.1 tot en met 2.6.5, 3.1.1 tot en met 3.4.17, 4.2.1.1, 4.2.1.2, 4.2.2.1, 5.1.1, 5.1.2 en 6.2.1 tot en met 6.3.5 uitgezonderd.
Artikel 2.2. uitgezonderde voorwaarden Meetcode gas RNB
Van de toepassing van de Meetcode gas RNB op grond van artikel 7.52, derde en vierde lid, van de wet worden de voorwaarden 1.1.1, 1.1.2, 1.1.4 tot en met 2.2.1, 2.4.1, 2.4.2 en 2.4.3, hoofdstuk 3 en de voorwaarden 6.2.1 tot en met 6.3.2a uitgezonderd.
Artikel 2.3. toepassing voorwaarden Invoedcode gas LNB
Bij de toepassing van de Invoedcode gas LNB op grond van artikel 7.52, derde en vierde lid, van de wet:
- a. wordt voorwaarde 4.3 de zinsnede ‘tenzij de invoeder en de netbeheerder van het landelijk gastransportnet anders overeenkomen’ buiten beschouwing gelaten; en
- b. wordt voorwaarde 4.9 de zinsnede ‘De partij die de meet- en regelinrichting beheert zal de andere partij in de gelegenheid stellen’ gelezen als ‘De invoeder stelt de netbeheerder in de gelegenheid’.
Artikel 2.4. uitgezonderde voorwaarden Informatiecode elektriciteit en gas
Van de toepassing van de Informatiecode elektriciteit en gas op grond van artikel 7.53, tweede en derde lid, van de wet worden uitgezonderd:
- a. ten aanzien van het uitvoeren van meettaken:
- 1°. vanaf 1 mei 2026: de voorwaarden 1.1.7, 5.1.2.1a, 5.1.3.4a, 5.3.4.3 en 5.3.4.3b, onderdeel c;
- b. ten aanzien van het alloceren en reconciliëren van energievolumes vanaf 1 mei 2026 de voorwaarden 3.1.3.4, 3.2.3.4, 3.3.3.5 en 3.4.4.2, en de voorwaarden in paragraaf 3.15 en hoofdstuk 7;
- c. ten aanzien van de gegevensuitwisseling in algemene zin:
- 2°. de voorwaarden in de paragrafen 2.2b, 2.5a, 2.14, 2.15, 10.1.4a en 10.1.4b en voorwaarde 10.1.5.2;
- 3°. vanaf 1 mei 2026: de voorwaarden in paragraaf 3.12;
- 4°. de voorwaarden in hoofdstuk 9;
- d. ten aanzien van gegevensuitwisseling inzake het leveranciersmodel:
- 1°. de voorwaarden 8.1.1, onderdeel d, 8.1.2a, en 8.1.4 tot en met 8.3.6;
- 2°. vanaf 1 juli 2026: de voorwaarden 8.1.1, aanhef en onderdelen a, b en c, 8.1.2 en 8.1.3;
- e. ten aanzien van de gedragscodes: de voorwaarden in paragraaf 10.2 en 10.3.
Artikel 2.5. toepassing voorwaarden Informatiecode elektriciteit en gas
Bij de toepassing van de Informatiecode elektriciteit en gas op grond van artikel 7.53, tweede en derde lid, van de wet:
- a. zijn vanaf 1 mei 2026 de voorwaarden 5.1.3.1, 5.1.3.2, 5.1.3.3, 5.1.3.4 en 5.1.4.1 alleen van toepassing op een leverancier indien sprake is van een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit of een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is uitgeschakeld;
- b. zijn vanaf 1 mei 2026 de voorwaarden 3.1.4.1, 3.2.4.1, 3.3.4.1, 3.4.5.1, 3.14.1.8, 3.14.1.9, 3.14.2.5, 3.14.2.6, 3.14.3.8, 3.14.3.9, 3.14.4.5, 3.14.4.6, 5.1.2.2 en 5.3.4.3a alleen van toepassing op een leverancier indien sprake is van een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit of een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is uitgeschakeld en van overeenkomstige toepassing op een distributiesysteembeheerder indien sprake is van een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is ingeschakeld;
- c. wordt vanaf 1 mei 2026 in de voorwaarden 2.2.1, onderdeel b, subonderdeel iii, 2.2.2, onderdeel b, subonderdeel iii, en 2.2.3, onderdeel b, subonderdeel iii, ‘een verzoek tot wijziging van de allocatiemethode’ gelezen als ‘een wijziging van de allocatiemethode’;
- d. wordt in de voorwaarden in paragraaf 2.6 ‘toegankelijk meetregister’ telkens gelezen als ‘meetregister, bedoeld in artikel 4.6 van de Invoeringsregeling Energiewet,'; en
Hoofdstuk 3. Invoeringsregels meten
Artikel 3.1. toepassingsbereik hoofdstuk 3
Hoofdstuk 3 is vanaf 1 mei 2026 van toepassing op het verzamelen, valideren en vaststellen van meetgegevens bij een meetinrichting voor elektriciteit of gas waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is ingeschakeld, bij een kleine aansluiting.
Artikel 3.2. verzamelen meterstanden
De distributiesysteembeheerder verzamelt de per kwartier geregistreerde meterstanden voor elektriciteit en de per uur geregistreerde meterstanden voor gas ten behoeve van het verkrijgen van inzage in of toegang tot en uitwisseling van gegevens aan een ander op basis van een verzoek, bedoeld in artikel 4.1, tweede lid, onderdelen b en c, van de wet, of de facturatie, bedoeld in artikel 4.9, tweede lid, onderdeel c, van de wet.
De distributiesysteembeheerder verzamelt de meterstanden zo spoedig mogelijk nadat de meetinrichting de meterstanden heeft geregistreerd, indien dit nodig is voor de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen.
Artikel 3.3. ontbrekende meterstanden
Indien de distributiesysteembeheerder een meterstand die nodig is bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen niet heeft ontvangen, voert hij gedurende tenminste vijftien werkdagen na de dag waarop de meetinrichting de meterstand heeft geregistreerd, dagelijks pogingen uit tot het alsnog ontvangen van de meterstand.
Indien een meterstand ondanks de dagelijkse pogingen tot ontvangen ervan gedurende tenminste vijftien werkdagen blijft ontbreken en de distributiesysteembeheerder de meterstand nodig heeft bij de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen, berekent hij de meterstand met gebruikmaking van de algoritmen, bedoeld in voorwaarde 5.1.3.3, onderdelen a tot en met f, van de Informatiecode elektriciteit en gas.
Artikel 3.4. valideren meterstanden en berekenen niet-valide meterstanden
De distributiesysteembeheerder valideert een verzamelde meterstand die ziet op het tijdstip 0.00 uur door te controleren:
- a. of de te valideren meterstand gelijk is aan of hoger is dan de voorgaande ontvangen meterstand; en
- b. of de waarde van het berekende verschil tussen de te valideren meterstand en de voorgaande vastgestelde meterstand niet groter is dan technisch mogelijk is gezien de fysieke capaciteit van de aansluiting.
Indien een meterstand niet valide is bevonden en de distributiesysteembeheerder deze meterstand nodig heeft voor de uitvoering van zijn wettelijke taken of verplichtingen, berekent hij de meterstand met gebruikmaking van de algoritmen, bedoeld in voorwaarde 5.1.3.3, onderdelen a tot en met f, van de Informatiecode elektriciteit en gas.
Artikel 3.5. vaststellen meterstanden
De distributiesysteembeheerder stelt de valide bevonden meterstanden en de berekende meterstanden vast.
Hoofdstuk 4. Invoeringsregels energiegegevens
Paragraaf 4.1. toegankelijk maken van geregistreerde gegevens
Artikel 4.1. delen van gegevens
Een partij die op grond van de Informatiecode elektriciteit en gas of de wet een register beheert, verstrekt ter uitvoering van artikel 4.1, tweede lid, onderdeel b en c, van de wet zo spoedig mogelijk ten minste de gegevens die over de desbetreffende aansluiting zijn geregistreerd en die in bijlage II bij deze regeling zijn genoemd.
Het eerste lid is vanaf 1 mei 2026 van toepassing op geregistreerde gegevens die zien op kleine aansluitingen of allocatiepunten bij die aansluitingen.
Artikel 4.2. overgangsbepaling P4-mandaten en ODA-mandaten
Op een verstrekking die tot 1 januari 2026 plaatsvond op grond van artikel 26ab, derde en vierde lid, van de Elektriciteitswet 1998 en artikel 13b, derde en vierde lid, van Gaswet, zoals die artikelen luidden voor 1 januari 2026, zijn de volgende leden van toepassing.
Een systeembeheerder verstrekt tot en met 31 december 2028 op verzoek meetgegevens van een kleine aansluiting aan:
- a. een leverancier of marktdeelnemer die aggregeert, voor zover de meetgegevens zien op een allocatiepunt waarop die partij actief is dan wel over de periode waarin die partij actief is geweest en welke meetgegevens door de leverancier of marktdeelnemer die aggregeert op basis van een voor 1 januari 2028 afgegeven toestemming als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel a, van de Algemene verordening gegevensbescherming mogen worden verwerkt; of
- b. een derde die de desbetreffende meetgegevens op basis van artikel 6, eerste lid, onderdeel a, van de Algemene verordening gegevensbescherming mag verwerken, voor zover die meetgegevens mogen worden verwerkt op basis van een voor 1 januari 2028 afgegeven toestemming als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel a, van de Algemene verordening gegevensbescherming mogen worden verwerkt.
Een verzoek als bedoeld in het tweede lid wordt door een in dat lid genoemde partij slechts gedaan na identificatie en authenticatie van degene waarop het verzoek ziet.
De gegevensuitwisselingsentiteit stelt de identiteit van de aangeslotene, eindafnemer, actieve afnemer of invoeder, bedoeld in het tweede lid, vast op basis van de informatie over het allocatiepunt in het verzoek, bedoeld in dat lid.
Artikel 4.3. registratie van gegevens, aanleveren en verstrekken van gegevens via GUE-faciliteit
Een partij die gegevens registreert op grond van de Informatiecode elektriciteit en gas is een registerbeheerder als bedoeld in de wet.
Bij het aanleveren of verstrekken van gegevens op grond van de Informatiecode elektriciteit en gas, de Meetcode gas RNB, de Meetcode gas LNB, de Invoedcode gas LNB of de Meetcode gas LNB meting door aangeslotene wordt de GUE-faciliteit gebruikt.
Voor een verzoek om het verstrekken van gegevens op grond van hoofdstuk 4 van de wet of de Informatiecode elektriciteit en gas wordt de GUE-faciliteit gebruikt.
Paragraaf 4.2. Nadere regels over aansluitingenregister
Artikel 4.4. vaste momenten van aanlevering bestaande gegevens over aangeslotenen met een kleine aansluiting
Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt behorende bij een kleine aansluiting waarvan de meetinrichting een conventionele meter is als bedoeld in voorwaarde 2.1.4, onderdeel h, van de Informatiecode elektriciteit en gas, levert bij de systeembeheerder van het systeem waarop de aansluiting zich bevindt in januari 2026 en in april 2026 de gegevens aan, bedoeld in:
- b. artikel 5.3, onderdeel b, voor zover hij daarover beschikt.
Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt behorende bij een kleine aansluiting levert in de eerste helft van mei 2026 de gegevens aan, bedoeld in artikel 4.5, eerste lid, aanhef, en, voor zover hij daarover beschikt, de gegevens, bedoeld in artikel 4.5, eerste lid, onder a tot en met d, bij de systeembeheerder van het systeem waarop de aansluiting zich bevindt.
Artikel 4.5. door leverancier aan te leveren gegevens voor het aansluitingenregister
Een leverancier die actief is of wordt op een primair allocatiepunt behorende bij een kleine aansluiting vraagt met ingang van 1 mei 2026, in aanvulling op de gegevens, bedoeld in voorwaarde 2.1.3, onder a, van de Informatiecode elektriciteit en gas, de volgende gegevens op bij de aangeslotene met wie hij een leveringsovereenkomst afsluit:
- a. een telefoonnummer;
- b. een e-mailadres;
- c. het type aangeslotene;
- d. de gegevens, bedoeld in voorwaarde 3.3.1.1, onder g, j en k, van de Informatiecode elektriciteit en gas;
De gegevens, bedoeld in het eerste lid, aanhef, onderdelen a, b en c, en, voor zover van toepassing, bedoeld in onderdeel d, worden uiterlijk een werkdag nadat deze zijn verkregen, doch uiterlijk een werkdag nadat de betreffende leverancier actief is geworden op een primair allocatiepunt, aangeleverd bij de systeembeheerder van het systeem waarop de aansluiting zich bevindt.
Een leverancier die actief is op een primair allocatiepunt behorende bij een kleine aansluiting die bekend wordt met wijzigingen in de gegevens, bedoeld in het eerste lid, geeft deze uiterlijk de volgende werkdag door aan de betreffende systeembeheerder.
Bij toepassing van het tweede en het derde lid vermeldt een leverancier in ieder geval:
- a. een uniek identificerend nummer van de aansluiting;
- b. een aanduiding van de betreffende systeembeheerder;
- c. een aanduiding van de betreffende leverancier.
Paragraaf 4.3. Nadere regels over registratie van meetgegevens
Artikel 4.6. registratie verzamelde meetgegevens kleine aansluitingen
De distributiesysteembeheerders en de beheerders van een gesloten systeem houden afzonderlijk een register bij en registreren daarin de volgende meetgegevens over kleine aansluitingen en bijbehorende additionele allocatiepunten waarvoor zij verantwoordelijk zijn voor het verzamelen van meetgegevens:
- a. een uniek identificerend nummer van de aansluiting of het allocatiepunt;
- b. de door hen verzamelde en aan hen aangeleverde meterstanden en de meterstanden die aan hen zijn verstrekt en die zijn verzameld op grond van artikel 2.54 van de wet;
- c. informatie over het moment waarop de meterstand, bedoeld in onderdeel b, betrekking heeft;
- d. een vermelding of de meting op gas of elektriciteit ziet;
- e. de overige gegevens die op grond van de Informatiecode elektriciteit en gas over meetgegevens worden geregistreerd.
Artikel 4.7. registratie verzamelde meetgegevens grote aansluitingen
De meetverantwoordelijke partijen en de transmissiesysteembeheerder voor gas houden afzonderlijk een register bij en registreren daarin de volgende meetgegevens over grote aansluitingen en bijbehorende additionele allocatiepunten waarvoor zij verantwoordelijk zijn voor het verzamelen van meetgegevens en over aansluitingen als bedoeld in artikel 2.47, vierde lid, van de wet:
- a. een uniek identificerend nummer van de aansluiting of het allocatiepunt;
- b. de aan hen aangeleverde gegevens en door hen gemeten of berekende meetgegevens;
- c. informatie over het moment of de periode waarop de meetgegevens, bedoeld in onderdeel b, betrekking hebben;
- d. de overige gegevens die op grond van de Informatiecode elektriciteit en gas over meetgegevens worden geregistreerd.
Artikel 4.8. registratie bewerkte meetgegevens
Onverminderd de artikelen 4.6 en 4.7 registreert de distributiesysteembeheerder in het register, bedoeld in die artikelen, tevens de gegevens die voor een individueel allocatiepunt zijn berekend op grond van de artikelen 3.17 en 3.18 van de Energieregeling.
Bij een geregistreerd gegeven als bedoeld in het eerste lid wordt tevens telkens geregistreerd:
- a. een uniek identificerend nummer van de aansluiting of het allocatiepunt;
- b. de meetgegevens die aan het bewerkte gegeven ten grondslag liggen en de overige parameters die voor die berekening zijn gebruikt;
- c. informatie over het moment waarop de meetgegevens, bedoeld in onderdeel b en c, zijn uitgelezen of opgevraagd;
- d. de periode waarop de berekening ziet.
Artikel 4.9. bewaartermijnen intervalmeterstanden en bewerkingen daarvan voor kleine aansluitingen
De gegevens, bedoeld in artikel 4.6, die zien op intervallen van een kwartier voor elektriciteit worden voor de uitvoering van de wet tien werkdagen bewaard, met uitzondering van een meterstand per dag die ziet op 0.00 uur.
In afwijking van het eerste lid worden de gegevens, bedoeld in dat lid, twee jaar bewaard indien de aangeslotene de registerbeheerder daarom via de gegevensuitwisselingsentiteit heeft verzocht, met uitzondering van een meterstand die langer wordt bewaard op grond van de Informatiecode elektriciteit en gas of de Meetcode elektriciteit. De overige gegevens die voor kleine aansluitingen en daarbij behorende allocatiepunten worden geregistreerd op grond van de artikelen 4.6 en 4.8 worden voor de uitvoering van de wet twee jaar bewaard.
De gegevens, bedoeld in artikel 4.6, die zien op gas worden voor de uitvoering van de wet twee jaar bewaard, met uitzondering van een meterstand die langer wordt bewaard op grond van de Informatiecode elektriciteit en gas of de Meetcode gas RNB.
Artikel 4.10. bewaartermijnen meetgegevens en bewerkingen daarvan grote aansluitingen
De gegevens, bedoeld in de artikelen 4.7 en 4.8, voor zover deze zien op grote aansluitingen worden voor de uitvoering van de wet drie jaar bewaard, met uitzondering van een meterstand die op grond van de Informatiecode elektriciteit en gas, de Meetcode elektriciteit, de Meetcode gas RNB, Meetcode gas LNB, de Invoedcode gas LNB of de Meetcode gas LNB meting door aangeslotene langer worden bewaard.
Paragraaf 4.4. Verstrekken van geregistreerde meetgegevens voor facturering
Artikel 4.11. verstrekken meetgegevens voor facturering
Bij een kleine aansluiting met een meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is ingeschakeld, verstrekt de distributiesysteembeheerder vanaf 1 mei 2026 op verzoek aan de leverancier of markdeelnemer die aggregeert voor invoeding de meterstanden en volumes van een bepaalde datum op het tijdstip 0.00 uur op een bepaald allocatiepunt ten behoeve van het verstrekken van facturen, bedoeld in artikel 4.9, tweede lid, onderdeel c, van de wet.
Paragraaf 4.5. Gegevensuitwisselingsentiteit
Artikel 4.12. informatievoorziening bij het delen van gegevens
De GUE-procedures en -voorwaarden voorzien erin dat de gebruiker van de GUE-faciliteit tijdens het proces voor het verstrekken van gegevens als bedoeld in artikel 4.1 van de volgende informatie wordt voorzien:
- a. de partij waaraan gegevens worden verstrekt;
- b. een duiding van de gegevens die worden verstrekt.
Met de wijze waarop de informatie, bedoeld in het eerste lid, wordt getoond, wordt geborgd dat de getoonde informatie niet door een derde partij kan worden gemanipuleerd.
Het proces, bedoeld in het eerste lid, voorziet in de mogelijkheid voor een gebruiker om het verstrekken van gegevens af te breken tot het moment waarop dit is voltooid.
Artikel 4.13. gebruik GUE-faciliteit
Onverminderd hoofdstuk 4 van de wet kan de GUE-faciliteit worden gebruikt voor het verwerken en verstrekken van de gegevens die noodzakelijk zijn voor het effectief functioneren van de elektronische uitwisseling van gegevens, waaronder een referentienummer.
Artikel 4.14. toezending procedures aan ACM
De gegevensuitwisselingsentiteit verzendt de GUE-procedures en -voorwaarden en wijzigingen daarvan zo spoedig mogelijk na vaststelling aan de Autoriteit Consument en Markt.
Hoofdstuk 5. Overgangsrecht vervanging meetinrichtingen en toezicht rijksinspectie digitale infrastructuur
Artikel 5.1. uitfasering Ferrarismeters
Een meetinrichting voor elektriciteit bij een kleine aansluiting geeft de actuele meterstand van de aan het systeem onttrokken elektrische energie en de actuele meterstand van de op het systeem ingevoede elektrische energie weer, afzonderlijk en in kWh.
Een Ferrarismeter met of zonder terugloopblokkering of een elektronische éénrichtingmeter wordt geacht te voldoen aan het eerste lid tot het moment dat de distributiesysteembeheerder aan de aangeslotene op grond van artikel 3.51, eerste lid, van de wet een meetinrichting met communicatiefunctionaliteit beschikbaar heeft gesteld of, indien de aangeslotene deze heeft geweigerd, tot het moment dat de distributiesysteembeheerder aan de aangeslotene op grond van artikel 3.53, tweede lid, tweede volzin, van de wet, een meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit beschikbaar heeft gesteld.
Artikel 5.2. bewaren van gegevens ten behoeve van toezicht op installatie meetinrichting kleine aansluiting door de minister
De gegevens, bedoeld in artikel 5.7, tweede lid, van het Energiebesluit, die een distributiesysteembeheerder bewaart, zijn:
- a. de datum en het tijdstip waarop de distributiesysteembeheerder vaststelt dat de meetinrichting van een aangeslotene met een kleine aansluiting niet voldoet aan de krachtens artikel 2.46, derde lid, van de wet gestelde eisen;
- b. de dagtekening van de brieven waarin de distributiesysteembeheerder aan een aangeslotene met een kleine aansluiting de meetinrichting ter beschikking heeft gesteld die voldoet aan de krachtens artikel 2.46, derde lid, van de wet gestelde eisen, terwijl dit niet tot installatie van die meetinrichting heeft geleid;
- c. de overeengekomen datum waarop een meetinrichting zal worden geïnstalleerd die voldoet aan de krachtens artikel 2.46, derde lid, van de wet gestelde eisen;
- d. de datum waarop een meetinrichting als bedoeld onder c is geïnstalleerd;
- e. indien de aangeslotene, bedoeld onder a, niet of niet tijdig heeft gereageerd op de brieven, bedoeld onder b, de datum en het tijdstip waarop de distributiesysteembeheerder dit heeft geconstateerd;
De distributiesysteembeheerder bewaart de gegevens, bedoeld in het eerste lid, tot drie maanden na de installatie van een meetinrichting die voldoet aan de krachtens artikel 2.46, derde lid, van de wet gestelde eisen.
Artikel 5.3. door distributiesysteembeheerder te verstrekken gegevens ten behoeve van toezichtstaak van de minister
De gegevens, bedoeld in artikel 5.7, eerste lid, van het Energiebesluit, die een distributiesysteembeheerder aan de minister verstrekt, zijn:
- a. de gegevens, genoemd in voorwaarde 2.1.3, onder a, b, d, e, x en y, 2.1.4, onder d, van de Informatiecode elektriciteit en gas;
- b. indien de distributiesysteembeheerder daarover beschikt, het telefoonnummer en het e-mailadres van de aangeslotene en de gegevens, genoemd in voorwaarde 3.3.1.1, onder g, j en k, van de Informatiecode elektriciteit en gas;
- c. de gegevens, genoemd in artikel 5.2, eerste lid.
Hoofdstuk 6. Markttoegang nieuwe actoren
Artikel 6.1. voorwaarden leverancier van overeenkomstige toepassing op nieuwe marktdeelnemers die leveren
De voorwaarden in de Informatiecode elektriciteit en gas die zien op een leverancier, zijn, voor zover sprake is van levering aan een eindafnemer, van overeenkomstige toepassing op:
- a. een marktdeelnemer die faciliteert in peer-to-peer-handel;
- b. een energiegemeenschap;
- c. een actieve afnemer.
De voorwaarden in de Informatiecode elektriciteit en gas die zien op een leveringsovereenkomst, zijn van overeenkomstige toepassing op de overeenkomst op grond waarvan ten behoeve van een eindafnemer:
- a. peer-to-peer-handel kan plaatsvinden;
- b. elektriciteit of gas wordt geleverd door een energiegemeenschap;
- c. rechtstreeks elektriciteit wordt geleverd door een actieve afnemer.
Artikel 6.2. voorwaarden leverancier van overeenkomstige toepassing op nieuwe marktdeelnemers aan wie of via wie teruggeleverd wordt
De voorwaarden in de Informatiecode elektriciteit en gas die zien op levering van elektriciteit, met uitzondering van de voorwaarden opgenomen in de paragrafen 2.9, 2.10 en 3.12, zijn, indien sprake is van teruglevering door een actieve afnemer, van overeenkomstige toepassing op:
- a. de marktdeelnemer die aggregeert met het oog op wederverkoop;
- b. de marktdeelnemer die faciliteert in peer-to-peer-handel.
De voorwaarden in de Informatiecode elektriciteit en gas die zien op een overeenkomst met de leverancier zijn, voor zover sprake is van teruglevering van elektriciteit door een actieve afnemer, van overeenkomstige toepassing op een terugleveringsovereenkomst en een terugleveringsovereenkomst inzake peer-to-peer-handel zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Energiewet.
Hoofdstuk 7. Wijziging en intrekking van andere regelingen
Artikel 7.1. wijziging Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Wijzigt de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie.
Artikel 7.2. wijziging Regeling doorberekening kosten ACM
Wijzigt de Regeling doorberekening kosten ACM.
Artikel 7.3. wijziging Energieregeling
Wijzigt de Energieregeling.
Artikel 7.4. wijziging Regeling garanties van oorsprong en certificaten van oorsprong
Wijzigt de Regeling garanties van oorsprong en certificaten van oorsprong.
Artikel 7.5. wijziging Regeling handel in emissierechten
Wijzigt de Regeling handel in emissierechten.
Artikel 7.6. wijziging Regeling nationale EZ, LVVN- en KGG-subsidies
Wijzigt de Regeling nationale EZ-, LVVN- en KGG-subsidies.
Artikel 7.7. wijziging Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse
Wijzigt de Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse.
Artikel 7.8. wijziging Uitvoeringsregeling nadeelcompensatie verbod laagcalorisch gas grootste afnemers
Wijzigt de Uitvoeringsregeling nadeelcompensatie verbod laagcalorisch gas grootste afnemers.
Artikel 7.9. wijziging Regeling modelluchtvaartuigclubs of -verenigingen
Wijzigt de Regeling modelluchtvaartuigclubs of -verenigingen.
Artikel 7.10. wijziging Regeling onbemande luchtvaartuigen
Wijzigt de Regeling onbemande luchtvaartuigen.
Artikel 7.11. wijziging Regeling gebruik en installatie EU-meetinstrumenten
Wijzigt de Regeling gebruik en installatie EU-meetinstrumenten.
Artikel 7.12. intrekking van andere regelingen
De volgende regelingen worden ingetrokken:
- c. de Regeling gaskwaliteit;
- l. de Regeling meettarieven;
- q. de Regeling nadere invulling technische of economische noodzaak derdentoegang gasopslaginstallaties;
- t. de Regeling splitsingsplannen;
- v. de Regeling van de Minister van Economische Zaken van 16 maart 2009, nr. WJZ / 9050477, tot wijziging van de Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit in verband met het vaststellen van de meetvoorwaarden voor de nuttige aanwending van warmte (Stcrt. 2009, 60);
- w. de Regeling van de Minister van Economische Zaken van 18 augustus 2006, nr. WJZ 6053384, houdende wijziging van de Regeling certificaten warmtekrachtkoppeling Elektriciteitswet 1998 in verband met het vaststellen van nadere eisen aan de afgifte van certificaten voor het opwekken van WKK-elektriciteit (Stcrt. 2006, 164);
- x. de Regeling van de Minister van Economische Zaken van 30 april 2007, nr. WJZ 7054690, houdende wijziging van de Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit en de Regeling certificaten warmtekrachtkoppeling Elektriciteitswet 1998 in verband met uitgifte van garanties van oorsprong en WKK-certificaten voor afzonderlijke productie-installaties achter een aansluiting (Stcrt. 2007, 87);
- y. de Regeling van de Minister van Economische Zaken van 8 december 2005, nr. WJZ 5715050, tot wijziging van de Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2005, de Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2006 (periode 1 januari tot 1 juli), de Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2006 (periode 1 juli tot en met 31 december), de Regeling subsidiebedragen milieukwaliteit elektriciteitsproductie 2007, de Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit en de Algemene uitvoeringsregeling milieukwaliteit (Stcrt. 2005, 244);
- z. de Regeling van de Minister van Economische Zaken van 8 februari 2013, nr. WJZ/ 12357329, tot wijziging van enkele regelingen in verband met uitvoering van het marktmodel (Stcrt. 2013, 3181) en houdende vaststelling van het moment van inwerkingtreding van artikel 9 van de Regeling gegevensbeheer en afdracht elektriciteit en gas (Stcrt. 2013, 7424);
- aa. de Regeling van de Minister van Economische Zaken van 9 juni, nr. WJZ 6039878, houdende wijziging van de Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit en van de Algemene uitvoeringsregeling milieukwaliteit elektriciteitsproductie in verband met de invoering van een systeem van gestaffelde subsidiebedragen ter stimulering van de milieukwaliteit van de elektriciteitsproductie voor afvalverbrandingsinstallaties (Stcrt. 2006, 115);
- ae. de Uitvoeringsregeling Gaswet;
- af. de Wijzigingsregeling Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit (implementatie richtlijn 2009/28/EG en wijzigingen biomassaverklaringen) (Stcrt. 2010, 19956).
Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen
Artikel 8.1. overgangsrecht Regeling specifieke uitkering aankoop woningen onder een hoogspanningsverbinding
De Regeling specifieke uitkering aankoop woningen onder een hoogspanningsverbinding, zoals die luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip waarop deze regeling in werking is getreden, blijft van toepassing op reeds verstrekte uitkeringen.
Artikel 8.2. wijziging inhoud factuur in verband met beëindiging salderingsregeling
Wijzigt de Energieregeling.
Artikel 8.3. samenloopbepaling Wgiw
Wijzigt de Energieregeling.
Artikel 8.4. wijziging Energieregeling bij invoering erkenning submeetverantwoordelijke partij
Wijzigt de Energieregeling.
Artikel 8.5. inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
Artikel 8.6. citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Invoeringsregeling Energiewet.
Bijlage I. bij artikel 1.2 (toepassingsbepaling begrippen)
| Kolom 1 – gebruikt begrip codes: | Kolom 2 – begrip wordt gelezen als: |
|---|---|
| Aansluiting tussen een net en het landelijk hoogspanningsnet | Systeemkoppeling |
| Beheerder van het landelijk gastransportnet | Transmissiesysteembeheerder voor gas |
| BRP | Balanceringsverantwoordelijke |
| Gesloten distributiesysteem | Gesloten systeem indien sprake is van een distributiesysteem |
| Grootverbruikaansluiting | Grote aansluiting |
| Grootverbruikmeetinrichting | Meetinrichting bij een grote aansluiting |
| Klantsleutel | Aanduiding van de aangeslotene waarop het bericht ziet |
| Kleinverbruikaansluiting | Kleine aansluiting |
| Landelijk gastransportnet | Transmissiesysteem voor gas |
| Meetverantwoordelijke | Meetverantwoordelijke partij |
| Meterbeheerder | Degene die op grond van de wet de meetinrichting installeert en beheert |
| Net | Systeem |
| Netbeheerder | Systeembeheerder |
| Netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet | Transmissiesysteembeheerder voor elektriciteit |
| Netbeheerder van het landelijk gastransportnet | Transmissiesysteembeheerder voor gas |
| Niet op afstand uitleesbare meetinrichting | Meetinrichting zonder communicatiefunctionaliteit of meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is uitgeschakeld |
| Op afstand uitleesbare meetinrichting | Meetinrichting waarvan de communicatiefunctionaliteit administratief is ingeschakeld |
| Programmaverantwoordelijke | Balanceringsverantwoordelijke |
| Regionale gastransportnet | Distributiesysteem voor gas |
| Regionale netbeheerder | Distributiesysteembeheerder |
| Secundair allocatiepunt | Additioneel allocatiepunt |
| Telemetriegrootverbruikmeetinrichting | Meetinrichting met communicatiefunctionaliteit bij een grote aansluiting |
Bijlage II. bij artikel 4.1, tweede lid
| Register | Voorwaarde IC1 of ME2 / artikel IR3 | Kleine aansluiting / grote aansluiting | Elektriciteit (E) of gas (G) | Omschrijving |
|---|---|---|---|---|
| Aansluitingenregister | 2.1.3(b) (IC) | KA/GA | E/G | EAN-code allocatiepunt |
| 2.1.3(e) (IC) | KA/GA | E/G | Postcode overdrachtspunt | |
| 2.1.3(e) (IC) | KA/GA | E/G | Huisnummer overdrachtspunt | |
| 2.1.3(e) (IC) | KA/GA | E/G | Huisnummer toevoeging overdrachtspunt | |
| 2.1.3(e) (IC) | KA/GA | E/G | Straatnaam overdrachtspunt | |
| 2.1.3(e) (IC) | KA/GA | E/G | Woonplaats overdrachtspunt | |
| 2.1.3(e) (IC) | KA/GA | E/G | Landcode overdrachtspunt | |
| 2.1.5(a) (IC) | GA | E/G | Meetverantwoordelijke partij | |
| 2.1.3(d) (IC) | KA/GA | E/G | Systeembeheerder | |
| 2.1.3(f) (IC) | KA/GA | E/G | Leverancier / Marktdeelnemer die invoeding aggregeert | |
| 2.1.3(w) (IC) | KA/GA | E/G | Productsoort | |
| 2.1.3(l) (IC) | KA/GA | E/G | Verbruikssegment | |
| 2.1.3(z) (IC) | KA/GA | E | SJA laag tarief | |
| 2.1.3(z) / 2.1.5(d) (IC) | KA/GA | E/G | SJI normaal tarief | |
| 2.1.3(z) (IC) | KA/GA | E | SJI laag tarief | |
| 2.1.3(z) (IC) | KA/GA | E | SJI normaal tarief | |
| 2.1.3(j) (IC) | KA/GA | E/G | Leveringsrichting | |
| 2.1.4(a) (IC) | KA | E/G | Capaciteitstariefcode | |
| 2.1.3(h) (IC) | KA/GA | E/G | Fysieke status | |
| 2.1.4(b) (IC) | KA | E/G | Administratieve status | |
| 2.1.3(t) (IC) | KA/GA | E | EAN-code additioneel allocatiepunt(en) | |
| 2.1.3(a) (IC) | KA/GA | E/G | Naam aangeslotene | |
| 2.1.3(a) (IC) | KA | E/G | Initialen aangeslotene | |
| 2.1.3(a) (IC) | KA | E/G | Tussenvoegsel aangeslotene | |
| 4.5, lid 2 (IR) | KA/GA | E/G | Kvk-nummer aangeslotene | |
| 2.1.3(g) (IC) | KA/GA | E/G | Programma-verantwoordelijke | |
| 2.1.3(y) (IC) | KA/GA | E/G | BAG-nummeridentificatie | |
| 2.1.3(x) (IC) | KA/GA | E/G | Nadere duiding overdrachtspunt | |
| 2.1.5(i) (IC) | GA | G | Aansluitcapaciteit gas | |
| 2.1.5(j) (IC) | GA | E | Aansluitcapaciteit elektriciteit | |
| 2.1.3(s) (IC) | KA/GA | E/G | Allocatiemethode | |
| 2.1.3(q) (IC) | KA/GA | E/G | Profielcategorie | |
| Meterregister | 2.1.3(b) (IC) | KA | E/G | EAN-code allocatiepunt |
| 2.1.4(d) (IC) | KA | E/G | Meternummer | |
| 2.1.4(h) (IC) | KA | E/G | Type meter | |
| 2.1.4(f) (IC) | KA | E/G | Aantal telwerken | |
| 2.1.4(g) (IC) | KA | E/G | Uitleesbaarheid slimme meter | |
| 2.1.4(f1) (IC) | KA | E/G | Telwerk identificatie | |
| 2.1.4(f2) (IC) | KA | E/G | Tariefzone | |
| 2.1.4(f3) (IC) | KA | E/G | Energierichting | |
| 2.1.4(f5) (IC) | KA | E/G | Aantal telwielen | |
| Overeenkomstenregister | 2.5.3(a) (IC) | KA | E/G | EAN-code allocatiepunt |
| 2.5.3(b) (IC) | KA | E/G | Einddatum(s) leverings- en/of terugleveringsovereenkomst(en) | |
| Metingenregister | ||||
| 2.6.2(c) (IC) | KA | E/G | Volume attributen (t.b.v. reconciliatie) | |
| 2.6.10(b) (IC) | KA | E/G | EAN-code allocatiepunt | |
| 2.6.10(d) (IC) | KA | E/G | Begindatum volumeperiode | |
| 2.6.10(d) (IC) | KA | E/G | Einddatum volumeperiode | |
| 2.6.10(d) (IC) | KA | E/G | Volume | |
| 5.3.3.1(a) (IC) | KA | G | Calorisch gecorrigeerd volume | |
| 2.1.4(f, onderdeel 3) (IC) | KA | E/G | Energierichting | |
| 2.6.10(d) (IC) | KA | E/G | Tariefperiode | |
| 2.6.2(b) (IC) | E/G | Vastgestelde meterstand -attributen (t.b.v. reconciliatie) | ||
| 2.6.10(b) (IC) | KA | E/G | EAN-code allocatiepunt | |
| 2.6.10(c) (IC) | KA | E/G | Meternummer | |
| 2.6.10(d) (IC) | KA | E/G | Opnamedatum | |
| 2.1.4 (f, onderdeel 3) (IC) | KA | E/G | Energierichting | |
| 2.6.10(d) (IC) | KA | E/G | Tariefzone | |
| 2.6.10(d) (IC) | KA | E/G | Meterstand | |
| 2.6.10(d) (IC) | KA | E/G | Herkomstindicatie | |
| Nvt | KA | E/G | EAN-code allocatiepunt | |
| Nvt | KA | E/G | Meternummer | |
| Nvt | KA | E/G | Datum meterstand | |
| Nvt | KA | E/G | Tijd meterstand | |
| Nvt | KA | E/G | Energierichting | |
| Nvt | KA | E/G | Meterstand | |
| 6.2.2.6(a) (IC) | GA | E | EAN-code allocatiepunt | |
| 6.2.2.6(a) (IC) | GA | E | Productsoort | |
| 6.2.2.6(a) (IC) | GA | E | Startdatumtijd periode | |
| 6.2.2.6(a) (IC) | GA | E | Einddatumtijd periode | |
| 6.2.2.6(a) (IC) | GA | E | Energierichting | |
| 6.2.2.6(a) (IC) | GA | E | Volume | |
| 6.4.2.1 (IC) | GA | G | EAN-code allocatiepunt | |
| 6.4.2.1 (IC) | GA | G | Productsoort | |
| 6.4.2.1 (IC) | GA | G | Startdatumtijd periode | |
| 6.4.2.1 (IC) | GA | G | Einddatumtijd periode | |
| 6.4.2.1 (IC) | GA | G | Volume |
1 IC staat voor Informatiecode elektriciteit en gas.
2 ME staat voor Meetcode elektriciteit.
3 IR staat voor Invoeringsregeling Energiewet.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.