Besluit van de Raad van Bestuur van Zorginstituut Nederland van 9 december 2025, kenmerk 2025014275, tot vaststelling van de Beleidsregels beheerskosten Wlz en overige zorgkosten 2026

Type ZBO-regeling
Publication 2026-01-20
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 91, eerste lid en derde lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen, artikel 4.4, derde lid, en artikel 4.5, eerste lid, van het Besluit Wfsv;

Besluit:

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1.1. Definities

Deze Beleidsregels verstaan onder:

Hoofdstuk II. Beheerskosten

§ 1. Algemeen beheerskosten

Artikel 2.1. Vaststelling van het beheerskostenbudget

Het Zorginstituut stelt een voorlopig, nader en definitief beheerskostenbudget voor jaar t vast met inachtneming van de Aanwijzingen voor jaar t.

Artikel 2.2. Afronding van het beheerskostenbudget

Het Zorginstituut rondt het voorlopige, het nadere en het definitieve beheerskostenbudget af op hele euro’s, waarbij het Zorginstituut bedragen van een halve euro en hoger afrondt naar boven en overige bedragen naar beneden.

Artikel 2.3. Bepaling van de verzekerdenaantallen Wlz

Het Zorginstituut bepaalt het aantal ingeschreven Wlz-verzekerden voor jaar t op het peilmoment 30 juni van het jaar t–1 op basis van de tweede kwartaalstaat Wlz van de Wlz-uitvoerder voor het jaar t–1.

§ 2. Voorlopige vaststelling van het beheerskostenbudget jaar t

Artikel 2.4. Voorlopige vaststelling van het beheerskostenbudget

Het Zorginstituut stelt in januari van jaar t het beheerskostenbudget voor jaar t voorlopig vast voor de zorgkantoren en de Wlz-uitvoerders.

Artikel 2.5. Voorlopige berekening van het beheerskostenbudget voor de zorgkantoren
1.

Het Zorginstituut verdeelt het bedrag voor de zorgkantoren voor de taken, bedoeld in artikel 4.2.4, tweede lid, van de Wlz als volgt:

2.

Indien het Zorginstituut geen opgave van ZN ontvangt voor de verdeling van het in het eerste lid, onderdeel b, genoemde bedrag, verdeelt het Zorginstituut dit bedrag op basis van het aandeel van de Wlz-uitvoerder met zorgkantoorfunctie in de som van de contracteerruimte en het pgb subsidieplafond per oktober van jaar t–1.

Artikel 2.6. Voorlopige berekening van het beheerskostenbudget voor de Wlz-uitvoerders
1.

Het Zorginstituut verdeelt het bedrag voor de Wlz-uitvoerders voor de overige bij of krachtens die wet geregelde taken van de Wlz-uitvoerders bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv als volgt:

2.

Indien het Zorginstituut geen opgave van ZN ontvangt voor de verdeling van een of meer van de in eerste lid, onderdeel c tot en met i, genoemde bedragen, verdeelt het Zorginstituut een of meer van deze bedragen op basis van het aantal bij de Wlz-uitvoerder ingeschreven Wlz-verzekerden.

Wlz-uitvoerder Correctiebedrag in euro’s
A.S.R. Wlz-uitvoerder B.V. –1.802
Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V. 0
Stichting Zorgkantoor Menzis –476.286
ONVZ Langdurige Zorg B.V. –694
Zorgkantoor DSW B.V. 0
Salland Zorgkantoor B.V. –61.439
Stichting Wlz-uitvoerder Zorg en Zekerheid 692.126
VGZ Zorgkantoor B.V. –137.507
CZ Zorgkantoor B.V. –14.398
Totaal 0
Artikel 2.7. Voorlopig vastgesteld bedrag bij uitbesteding van overige taken aan een zorgkantoor
1.

Het Zorginstituut stelt het bedrag per verzekerde voor de uitbesteding van de overige taken van een Wlz-uitvoerder aan een zorgkantoor, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, voorlopig vast op de uitkomst van de volgende berekening: het na toepassing van artikel 2.6, eerste lid, onderdelen a tot en met j resterende budget voor de Wlz-uitvoerders gedeeld door het aantal bij hen ingeschreven Wlz-verzekerden.

2.

Het Zorginstituut rondt het bedrag per Wlz-verzekerde af op 9 decimalen.

§ 3. Nadere vaststelling van het beheerskostenbudget jaar t

Artikel 2.8. Nadere vaststelling van het beheerskostenbudget voor de zorgkantoren en de Wlz-uitvoerders
1.

Uiterlijk op de eerste werkdag van februari van jaar t+1 stelt het Zorginstituut het beheerskostenbudget voor het jaar t voor de zorgkantoren en de Wlz-uitvoerders nader vast op basis van de bedragen in de meest recente Aanwijzing voor jaar t.

2.

Het Zorginstituut berekent de nadere vaststelling van het beheerskostenbudget voor de zorgkantoren overeenkomstig de verdeelmethode in artikel 2.5.

3.

Het Zorginstituut berekent de nadere vaststelling van het beheerskostenbudget voor de Wlz-uitvoerders overeenkomstig de verdeelmethode in artikel 2.6.

Artikel 2.9. Nader vastgesteld bedrag bij uitbesteding van overige taken aan een zorgkantoor

Het Zorginstituut stelt het bedrag voor de uitbesteding van de overige taken van een Wlz-uitvoerder aan een zorgkantoor, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, nader vast met de bedragen uit artikel 2.8 en overeenkomstig de methode in artikel 2.7.

§ 4. Definitieve vaststelling van het beheerskostenbudget jaar t

Artikel 2.10. Definitieve vaststelling van het beheerskostenbudget voor de zorgkantoren en de Wlz-uitvoerders
1.

Uiterlijk in december van jaar t+2 stelt het Zorginstituut het beheerskostenbudget voor het jaar t voor de zorgkantoren en de Wlz-uitvoerders definitief vast op basis van de bedragen in de meest recente Aanwijzing voor jaar t.

2.

Het Zorginstituut berekent de definitieve vaststelling van het beheerskostenbudget voor de zorgkantoren overeenkomstig de verdeelmethode in artikel 2.5.

3.

Het Zorginstituut berekent het beheerskostenbudget voor de Wlz-uitvoerders overeenkomstig de verdeelmethode in artikel 2.6.

4.

Het Zorginstituut betrekt bij de definitieve vaststelling eventuele correcties van de Nederlandse Zorgautoriteit voor het beheerskostenbudget van de zorgkantoren en de Wlz-uitvoerders.

Artikel 2.11. Definitief vastgesteld bedrag bij uitbesteding van overige taken aan een zorgkantoor

Het Zorginstituut stelt het bedrag voor de uitbesteding van de overige taken van een Wlz-uitvoerder aan een zorgkantoor, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, definitief vast met de bedragen uit artikel 2.10 en overeenkomstig de methode in artikel 2.7.

Hoofdstuk III. Overschrijding reserve uitvoering wlz

Artikel 3.1. Overschrijding reserve uitvoering Wlz

Het Zorginstituut stelt uiterlijk in december van jaar t+1 de overschrijding van de reserve uitvoering Wlz voor Wlz-uitvoerders vast op basis van het nader vastgesteld beheerskostenbudget en het financieel verslag over jaar t van de betreffende Wlz-uitvoerder.

Hoofdstuk IV. Overige zorgkosten

Artikel 4.1. Definitieve vaststelling vergoeding kosten van zorg die niet door CAK worden uitbetaald
1.

Op grond van artikel 4.2, van het Besluit Wfsv vergoedt het Zorginstituut uit het Flz jaarlijks aan de Wlz-uitvoerders de kosten van de zorg die niet door het CAK aan de zorgaanbieders worden uitbetaald.

2.

Het Zorginstituut stelt uiterlijk op de eerste werkdag in april van het jaar t+2 de vergoeding voor jaar t definitief vast.

3.

Het Zorginstituut bepaalt de hoogte van de vergoeding op het verschil tussen de rechtstreeks met het Flz te verrekenen kosten en baten, zoals blijkt uit de opgave over jaar t in het financieel verslag over jaar t van de betreffende Wlz-uitvoerder.

4.

Het Zorginstituut betrekt bij de definitieve vaststelling eventuele correcties van de Nederlandse Zorgautoriteit voor de kosten van zorg die niet door CAK worden uitbetaald over jaar t.

Hoofdstuk V. Betalingen

§ 1. Algemene bepaling voor het rentepercentage

Artikel 5.1. Bepaling rentepercentage
1.

Voor het rentepercentage gaat het Zorginstituut uit van het gemiddelde van de maandrentes van het Euro Interbank Offered Rate (Euribortarief) voor driemaands termijngelden zonder onderpand. Voor de laatste kalendermaand vóór de betaling gaat het Zorginstituut uit van de rente over de daaraan voorafgaande kalendermaand.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.