Besluit van de Autoriteit Consument en Markt van 5 februari 2026, kenmerk ACM/UIT/666064, op grond van artikel 3.121 van de Energiewet, en artikel 12f van de Gaswet juncto artikel 7.42, tweede lid, van de Energiewet over de tariefregulering van gas bij de TSB en de DSBs (Tarievencode gas TSB en DSB)

Type ZBO-regeling
Publication 2026-02-21
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1

Deze code bevat de algemene tariefbeginselen voor het onderscheiden van de tarieven, de toedeling van kostensoorten aan deze tarieven en de wijze waarop de kostensoorten in aanmerking worden genomen, bedoeld in artikel 3.107, vierde lid van de Energiewet, alsmede kostenverdeling zoals beschreven in NC-TAR, voor zover die betrekking hebben op gas.

Artikel 1.2
1.

Voor de toepassing van deze code gelden de begrippen en bijbehorende begripsbepalingen uit de Energiewet, uit de Begrippencode gas TSB en DSB en, voor zover het de transmissiesysteembeheerder betreft, uit NC-TAR.

2.

In deze code wordt verstaan onder:

Artikel 1.3

Indien een aansluit- en transportovereenkomst met de distributiesysteembeheerder in de loop van de maand wordt aangegaan, gewijzigd of beëindigd, worden de maandelijks verschuldigde vergoedingen voor die maand op dagbasis bepaald en in rekening gebracht.

Hoofdstuk 2. Distributiesysteembeheerders

§ 2.1. Algemeen

Artikel 2.1

Dit hoofdstuk bevat de door distributiesysteembeheerders jegens aangeslotenen, te hanteren tariefstructuren, bedoeld in artikel 3.107, lid 4 van de Energiewet.

Artikel 2.2
1.

Per onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a t/m d van de Wet waardering onroerende zaak is er sprake van één aansluiting.

2.

In afwijking van het eerste lid is er sprake van verschillende aansluitingen indien er sprake is van installaties of samenstel van installaties op een onroerende zaak die afzonderlijk met het distributiesysteem zijn verbonden en die niet warmtezijdig en ook niet anderszins met elkaar verbonden zijn.

§ 2.2. Algemene bepalingen voor de tariefstructuur voor de aansluitdienst

Artikel 2.3
1.

Kleine aansluitingen met een gegarandeerde leveringsdruk van 23,4 mbar of een niet-gegarandeerde leveringsdruk groter dan 23,4 mbar en kleiner dan of gelijk aan 100 mbar worden op grond van de aansluitcapaciteit ingedeeld in vier aansluittariefcategorieën:

2.

Kleine aansluitingen met een gegarandeerde leveringsdruk groter dan 23,4 mbar en kleiner dan of gelijk aan 100 mbar of een niet-gegarandeerde leveringsdruk groter dan 100 mbar en kleiner dan of gelijk aan 8 bar worden op grond van de aansluitcapaciteit ingedeeld in vier aansluittariefcategorieën:

Artikel 2.4
1.

Grote aansluitingen met een gegarandeerde leveringsdruk van 23,4 mbar worden op grond van de aansluitcapaciteit ingedeeld in drie aansluittariefcategorieën:

2.

Grote aansluitingen met een niet-gegarandeerde leveringsdruk groter dan 23,4 mbar en kleiner dan of gelijk aan 100 mbar worden op grond van de aansluitcapaciteit ingedeeld in drie aansluittariefcategorieën:

3.

Grote aansluitingen met een gegarandeerde leveringsdruk groter dan 23,4 mbar en kleiner dan of gelijk aan 100 mbar worden op grond van de aansluitcapaciteit ingedeeld in vier aansluittariefcategorieën:

4.

Grote aansluitingen met een niet-gegarandeerde leveringsdruk groter dan 100 mbar en kleiner dan of gelijk aan 8 bar worden op grond van de aansluitcapaciteit ingedeeld in vier aansluittariefcategorieën:

5.

Grote aansluitingen met een leveringsdruk groter dan 8 bar worden op grond van de aansluitcapaciteit ingedeeld in één aansluittariefcategorie: aansluitcapaciteit groter dan 40 m3(n)/uur.

5a. In afwijking van bovenstaande, worden alle invoedingsaansluitingen, ongeacht aansluitcapaciteit gezien als een separate aansluittariefcategorie.

Artikel 2.5
1.

De aansluitdienst omvat het verrichten van alle werkzaamheden en het leveren van alle benodigdheden om een aangeslotene te voorzien van een aansluiting en deze aansluiting te beheren en te onderhouden, daaronder mede begrepen werkzaamheden die de distributiesysteembeheerder aan de bestrating moet verrichten bij het aanleggen of in stand houden van een aansluiting.

2.

De reikwijdte van de standaardaansluiting beslaat het aansluitpunt, een inlaatafsluiter of hoofdkraan, een regelaar, en de verbindende leidingen tussen aansluitpunt en inlaatafsluiter of hoofdkraan. Onder regelaar wordt mede verstaan eventuele toebehoren om de leveringsdruk te realiseren op het overdrachtspunt. Onder verbindende leidingen wordt mede verstaan eventuele toebehoren om deze leidingen te dragen.

3.

Componenten buiten de in het tweede lid genoemde reikwijdte die de distributiesysteembeheerder aanlegt dan wel in standhoudt, vallen buiten het bereik van de aansluitdienst.

4.

Behoudens werkzaamheden die nodig zijn om het aansluitpunt tot stand te brengen en te beheren en onderhouden, vallen werkzaamheden aan het distributiesysteem van de distributiesysteembeheerder, ongeacht de aard of bedoeling daarvan, niet onder het bereik van de aansluitdienst.

Artikel 2.6
1.

Voor het leveren van de aansluitdienst brengt de distributiesysteembeheerder de aansluitvergoeding in rekening bij de aangeslotene.

2.

De distributiesysteembeheerder onderscheidt bij het in rekening brengen van de aansluitvergoeding uitsluitend de aansluittariefcategorieën zoals vermeld in de artikelen 2.3 en 2.4.

3.

De aansluitvergoeding wordt bepaald door de aansluittariefcategorie.

Artikel 2.7
1.

De aansluitvergoeding dient ter dekking van de kosten die de distributiesysteembeheerder maakt voor het leveren van de aansluitdienst. Deze kosten zijn te onderscheiden in:

2.

Met betrekking tot de in het eerste lid genoemde kosten geldt dat slechts de kosten in aanmerking worden genomen van werkzaamheden en benodigdheden die rechtstreeks met het voorzien van en het beheren en onderhoud van de aansluiting zijn gemoeid, waarbij de distributiesysteembeheerder uitgaat van de aansluittariefcategorieën zoals genoemd in de artikelen 2.3 en 2.4 en van gemiddelde kosten van de standaardaansluiting in elk van die aansluittariefcategorieën.

Artikel 2.8
1.

De aansluitvergoeding voor een aansluiting ten behoeve van afname of invoeding van gas bestaat uit twee componenten:

2.

Indien op schriftelijk verzoek van de aangeslotene wordt afgeweken van de standaardaansluiting, bijvoorbeeld door middel van het aanleggen van een meerstraatsaansluiting of het plaatsen van een extra scheidingsafsluiter, brengt de distributiesysteembeheerder de meerkosten daarvan aanvullend op de standaard eenmalige aansluitvergoeding in rekening bij de aangeslotene, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie zoals beschreven in artikel 2.10.

3.

Voor aansluitingen met een aansluitcapaciteit groter dan 1.600 m3(n)/uur en voor aansluitingen op extra hoge druk, en voor invoedaansluitingen geldt een eenmalige en een periodieke aansluitvergoeding die zijn gebaseerd op de voorcalculatorische projectkosten genoemd in artikel 2.10.

Artikel 2.9
1.

Bij wijziging van een aansluiting op verzoek van de aangeslotene brengt de distributiesysteembeheerder een eenmalige bijdrage in rekening bij de aangeslotene tot een maximum van de eenmalige aansluitvergoeding genoemd in artikel 2.8, eerste lid, onderdeel a plus eventueel en met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie genoemd in artikel 2.10 een eenmalige bijdrage voor het verwijderen dan wel fysiek afschakelen van de bestaande aansluiting.

2.

Bij het verwijderen van een aansluiting op verzoek brengt de distributiesysteembeheerder kosten voor het verwijderen van de aansluiting via een eenmalige bijdrage in rekening bij de verzoeker, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie genoemd in artikel 2.10.

3.

Voor het fysiek afschakelen van de aansluiting brengt de distributiesysteembeheerder een eenmalige bijdrage in rekening bij de aangeslotene, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie genoemd in artikel 2.10, voor zover het afschakelen samenhangt met een verzoek van of specifieke gedraging door de aangeslotene.

4.

Indien de distributiesysteembeheerder en de aangeslotene een nieuwe aansluitovereenkomst voor een reeds aangelegde en eerder beheerde aansluiting aangaan, brengt de distributiesysteembeheerder de eventuele kosten voor het fysiek inschakelen van de aansluiting via een eenmalige bijdrage in rekening bij de aangeslotene, met inachtneming van de systematiek van voorcalculatie genoemd in artikel 2.10.

Artikel 2.10

De hoogte van de in artikel 2.8 en artikel 2.9 bedoelde voorcalculaties voor eenmalige werkzaamheden baseert de distributiesysteembeheerder op de voorcalculatorische projectkosten, met toepassing van de standaardofferte voor werkzaamheden bedoeld in artikel 2.11

Artikel 2.11
1.

De standaardofferte splitst kosten voor de eenmalige of periodieke werkzaamheden uit naar de volgende verzamelposten:

2.

De standaardofferte splitst elk van de verzamelposten uit naar individueel te onderscheiden onderdelen.

3.

De standaardofferte vermeldt van elk onderdeel een beschrijving, en voor zover mogelijk de eenheid, de hoeveelheid, de eenheidskosten en het subtotaal, bestaande uit de hoeveelheid vermenigvuldigd met de eenheidskosten.

4.

De standaardofferte vermeldt van elke verzamelpost het totaal, een totaal van alle verzamelposten exclusief BTW, de BTW plus een specificatie van de BTW en het totaal van de offerte inclusief BTW.

Artikel 2.12

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.