Beleidsregel budgetbekostiging spoedeisende hulp

Type ZBO-regeling
Publication 2026-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 57, eerste lid, onderdelen b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen.

Gelet op artikel 57, eerste lid, onderdeel d, van de Wmg stelt de NZa beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheid om een grens vast te stellen op grond van artikel 50, tweede lid, sub a, van de Wmg.

Gelet op artikel 57, eerste lid, onderdeel e, van de Wmg, stelt de NZa beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheid tot het vaststellen van een vereffeningbedrag als bedoeld in artikel 56b van de Wmg.

Gelet op artikel 59, aanhef en onder a, c, e, van de Wmg, heeft de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bij brief van 23 april 2025, met kenmerk Kamerstukken II, 2024/2025, 29 247, nr. 459 en bij brief van 6 november, met kenmerk Kamerstukken II, 2025/2026, 29 247, nr. 469, ten behoeve van de voorliggende beleidsregel een tweetal aanwijzingen op grond van artikel 7 van de Wmg, aan de NZa gegeven. De eerste aanwijzing dateert van 16 juni 2025 en heeft als kenmerk 4130890-1083737-PZo. Deze aanwijzing is gepubliceerd in de Staatscourant onder nummer 21175 (2025). De tweede aanwijzing dateert van 15 december 2025 en heeft als kenmerk 4315397-1091712-PZo. Deze aanwijzing is gepubliceerd in de Staatscourant onder nummer 44113 (2025).

Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen, doel en reikwijdte

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze beleidsregel wordt, tenzij anders vermeld, verstaan onder:

Artikel 2. Doel van de beleidsregel

Het doel van deze beleidsregel is om vast te leggen op welke wijze de NZa gebruik maakt van haar bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen voor zorgaanbieders met een spoedeisende hulp. Daarnaast legt de NZa met deze beleidsregel het beleid vast met betrekking tot de opbrengstverrekening tussen een zorgaanbieder met een spoedeisende hulp en zorgverzekeraars.

Artikel 3. Reikwijdte
1.

Deze beleidsregel is van toepassing op zorgaanbieders met een seh. De reikwijdte komt voort uit de aanwijzing en heeft betrekking op zorg geleverd op een spoedeisende hulp en daaronder valt:

2.

Met de in het eerste lid, onder c, genoemde bereikbaarheid wordt bedoeld dat de zorgverlener bereikbaar is voor consultatie en dat deze zorgverlener binnen een 'redelijke' tijd na telefonische oproep de benodigde medische handeling kan verrichten.

3.

De zorgaanbieders met een spoedeisende hulp zijn als ziekenhuislocatie met een seh geduid in de ‘bereikbaarheidsanalyse SEH’s’ van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). De NZa hanteert voor het jaar t de bereikbaarheidsanalyse jaar t-1 die jaarlijks door het RIVM wordt uitgebracht.

Hoofdstuk 2. Budgetcyclus

Artikel 4. Procedure en voorwaarden aanvraag budget
Artikel 4.1. Procedure voor vaststelling van het voorlopig- en definitief budget, tarief en definitief opbrengstresultaat
1.

In de vaststellingsprocedure worden de hierna genoemde opeenvolgende stappen doorlopen:

Artikel 4.2. voorwaarden waar de aanvraag aan moet voldoen
1.

De NZa neemt een aanvraag van een zorgaanbieder voor het voorlopig budget en individueel vast tarief, alsmede een aanvraag voor het definitieve budget en het definitieve opbrengstresultaat in behandeling indien:

2.

Als een zorgaanbieder meerdere seh-locaties heeft en voor deze locaties een (voorlopig of definitief) budget wil aanvragen, dan vraagt de zorgaanbieder een veelvoud van het normbudget in verhouding tot het aantal locaties aan (met eventuele kortingen als bedoeld in artikel 9).

3.

De zorgaanbieder en de representerende zorgverzekeraar(s) verklaren dat zij schriftelijke afspraken hebben gemaakt over de zorglevering op de seh waarvoor het budget geldt. Daarnaast geven zij in de aanvraag aan of er schriftelijke afspraken zijn gemaakt over het onderling delen van (uitkomst)informatie.

Artikel 5. Totstandkoming van het voorlopig budget en tarief in jaar
Artikel 5.1. Indienings- en afhandelingstermijnen
1.

Uiterlijk 1 september van het jaar t-1 stelt de NZa het aanvraagformulier beschikbaar waarmee het voorlopig budget en het individueel vaste tarief aangevraagd kunnen worden. Vóór 1 november van het jaar t-1 dienen de zorgaanbieder en de representerende zorgverzekeraar(s) het aanvraagformulier digitaal en ondertekend in bij de NZa.

2.

De NZa stelt bij goedkeuring en tijdige indiening van de aanvraag uiterlijk in december van het jaar t-1 het voorlopige budget en het individuele vaste tarief voor het seh-ozp (190094) voor jaar t vast.

3.

Indien daar aanleiding voor is, kan de NZa de termijn voor het indienen van een aanvraag als bedoeld in artikel 5.1 uitstellen. Uitstel van de indieningstermijn wordt schriftelijk aan de zorgaanbieder en de representerende zorgverzekeraar(s) of op de website van de NZa bekendgemaakt.

Artikel 5.2. Aanvraag die aan de voorwaarden voldoet

Als de aanvraag voor het voorlopig budget en een individueel vast tarief aan de vereisten als bedoeld in artikel 4.2 voldoet, stelt de NZa op basis van de verstrekte informatie in de aanvraag het voorlopige budget en een individueel vast tarief voor het seh-ozp (190094) vast.

Artikel 5.3. Geen aanvraag of een aanvraag die niet aan de voorwaarden voldoet
1.

Indien niet binnen de indieningstermijn, als bedoeld in artikel 5.1, een aanvraag voor het voorlopig budget is ingediend of wanneer er tijdig een aanvraag is ingediend die niet aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 4.2 voldoet, schrijft de NZa de desbetreffende zorgaanbieder en representerende zorgverzekeraar(s) aan en verzoekt hen om alsnog binnen 4 weken na dagtekening brief een volledige en juiste aanvraag in te dienen.

2.

Indien de zorgaanbieder en de representerende zorgverzekeraar(s) binnen de 4 wekentermijn, als bedoeld in het eerste lid, een volledige aanvraag indienen die aan de vereisten als bedoeld in artikel 4.2 voldoet, stelt de NZa op basis van de verstrekte informatie in de aanvraag het voorlopige budget en het individueel vaste tarief voor het seh-ozp (190094) vast.

3.

Indien de zorgaanbieder en de representerende zorgverzekeraar(s) tijdig een aanvraag hebben ingediend maar die aanvraag voldoet niet aan de voorwaarden zoals bedoeld in artikel 4.2, beoordeelt de NZa of zij voldoende informatie heeft om over te gaan tot vaststelling van het voorlopig budget en het individueel vaste tarief voor het seh-ozp (190094).

4.

In het geval van één eenzijdige aanvraag van een zorgaanbieder of representerende zorgverzekeraar of twee eenzijdige aanvragen, zal de NZa zowel de zorgaanbieder als zorgverzekeraar vragen om hun zienswijze en een onderbouwing van het aangevraagde budget. Daarna zal de NZa de eenzijdige aanvraag of aanvragen beoordelen en een besluit nemen. Hiervoor heeft de NZa in ieder geval de volgende informatie nodig:

Bij de beoordeling van deze informatie hanteert de NZa het uitgangspunt dat het voorlopig budget een redelijkerwijs kostendekkend tarief voor de afbakening zoals omschreven in artikel 3 moet zijn.

5.

Indien de zorgaanbieder en de representerende zorgverzekeraar(s) niet alsnog binnen de 4 wekentermijn een aanvraag hebben ingediend, stelt de NZa geen voorlopig budget en tarief voor het seh-ozp (190094) vast.

Artikel 6. Totstandkoming van het definitief budget en definitief opbrengstresultaat in jaar
Artikel 6.1. Indienings- en afhandelingstermijnen
1.

Uiterlijk 1 juni van het jaar t+1 stelt de NZa het aanvraagformulier beschikbaar voor het aanvragen van het definitieve budget en het definitieve opbrengstresultaat. Vóór 1 december van jaar t+1 dienen de gebudgetteerde zorgaanbieder en de representerende zorgverzekeraar(s) het aanvraagformulier voor het definitieve budget en het definitieve opbrengstresultaat digitaal en ondertekend in bij de NZa.

2.

De NZa stelt bij goedkeuring en tijdige indiening uiterlijk in maart van het jaar t+2 het definitieve budget en het definitieve opbrengstresultaat voor jaar t vast.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.