Regeling van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur van 21 maart 2026, nr. WJZ/105349014, houdende specifieke maatregelen in de beschermings- en de bewakingszone in verband met de bestrijding van hoogpathogene aviaire influenza in Geesbrug (Regeling maatregelen beschermings- en bewakingszone hoogpathogene vogelgriep Geesbrug 2026)
Gelet op de artikelen 64, eerste lid, 65, eerste lid, en 71, eerste lid, van verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 tot intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (‘diergezondheidwetgeving’) (PbEU 2016, L 84), de artikelen 21, eerste lid, 25, eerste lid, 27, eerste en tweede lid, en 42 van gedelegeerde verordening (EU) 2020/687 van de Commissie van 17 december 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat regels voor de preventie en bestrijding van bepaalde in de lijst opgenomen ziekten betreft (PbEU 2020, L 174) en de artikelen 5.2, 5.4, 5.5, 5.6, 5.7 en 6.3, tweede lid, van de Wet dieren;
Besluit:
Treedt in werking om 18:53 uur.
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
- beschermingszone: gebied als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a;
- bewakingszone: gebied als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b;
- commercieel gehouden vogels: pluimvee of in gevangenschap levende vogels die worden gekweekt of gehouden met de bedoeling geld te verdienen;
- dierentuin: dierentuin als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit houders van dieren;
- hygiëneprotocol: set praktische hygiëneregels ter bevordering van de bioveiligheid in een specifieke situatie, zoals bekendgemaakt op de website van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;
- loopvogels: Struthioniformes (struisvogels), Rheiformes (nandoes), Casuariiformes (kasuarissen en emoes) en Apterygiformes (kiwi's);
- minister: Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur;
- sierwatervogels: watervogels die worden gehouden met een ander doel dan de productie van vlees of eieren;
- verordening (EU) nr. 2016/429: verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekte en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (‘diergezondheidwetgeving’) (PbEU 2016, L 84);
- verordening (EU) nr. 2020/687: gedelegeerde verordening (EU) 2020/687 van de Commissie van 17 december 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat regels voor de preventie en bestrijding van bepaalde in de lijst opgenomen ziekten betreft (PbEU 2020, L 174);
- vervoermiddel: voertuig en materieel, met inbegrip van een combinatie van een voertuig en één of meer door dat voertuig voortbewogen aanhangwagens, opleggers of containers;
- vogelverblijfplaats: kooi, volière, terrein of gebouw, met uitzondering van woonruimte, waar vogels aanwezig zijn of gewoonlijk worden gehouden en aanverwante ruimtes waar materiaal ten behoeve van vogels is opgeslagen of gewoonlijk wordt opgeslagen;
- watervogels: zwanen, ganzen, eenden, duikers, aalscholvers, reigers, ooievaars, ibissen, flamingo’s, futen, kraanvogels, rallen, steltlopers, meeuwen en sterns.
De definities, opgenomen in de volgende bepalingen, zijn van toepassing:
- –. artikel 4 van verordening (EU) nr. 2016/429;
- –. bijlage I bij verordening (EG) 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong (PbEU 2004, L 139);
- –. artikel 2 van verordening (EU) nr. 2020/687.
Artikel 2. Aanwijzing beschermings- en bewakingszone
Aangewezen worden:
- a. als beschermingszone het gebied dat zich bevindt op en binnen de straal van 3 kilometer rondom de coördinaten, genoemd in bijlage;
- b. als bewakingszone het gebied dat zich bevindt op en binnen de straal van 10 kilometer rondom de coördinaten, genoemd in bijlage.
In de beschermingszone en de bewakingszone zijn de artikelen 4 tot en met 29 van toepassing, tenzij dit in een bepaling of een onderdeel daarvan anders is bepaald.
De artikelen 12 tot en met 19 zijn mede van toepassing op de verplaatsing van dieren of producten als bedoeld in die artikelen van een inrichting binnen de beschermingszone of de bewakingszone naar een inrichting buiten die gebieden.
Voor zover in de zones, bedoeld in het eerste lid, uit hoofde van andere regelgeving voorschriften ter preventie of bestrijding van aviaire influenza gelden, zijn telkens de meest verstrekkende voorschriften van toepassing.
Artikel 3. Verplaatsingen
In het geval een verplaatsing van dieren of producten in de beschermingszone of de bewakingszone op grond van deze regeling of artikel 10.1 van de Wet dieren is toegestaan:
- a. wordt uitsluitend gestopt of gelost op de inrichting van bestemming;
- b. verloopt de verplaatsing waar mogelijk via hoofdwegen of hoofdspoorwegen;
- c. wordt de omgeving van inrichtingen waar vogels worden gehouden, vermeden;
- d. vindt de verplaatsing plaats overeenkomstig een hygiëneprotocol; en
- e. voldoet de verplaatsing aan artikel 43, zesde lid, van verordening (EU) nr. 2020/687 indien dieren of producten vanuit de beschermings- of bewakingszone worden verplaatst.
Hoofdstuk 2. Regels over verplaatsingen
§ 2.1. Regels ter uitvoering van Europese voorschriften
Artikel 4. Verplaatsen vogels
Het is verboden gehouden vogels te verplaatsen vanuit een inrichting.
Het is verboden gehouden vogels te verplaatsen naar een inrichting.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de verplaatsing van uit de bewakingszone afkomstige eendagskuikens naar een inrichting als bedoeld in artikel 46, eerste lid, onderdeel b, van verordening (EU) nr. 2020/687, indien:
- a. de eendagskuikens niet van broedeieren uit een beperkingszone afkomstig zijn;
- b. de broedeieren, waar de eendagskuikens zijn uitgekomen, niet in contact zijn geweest met andere broedeieren of eendagskuikens die zijn verkregen van dieren die binnen een beperkingszone worden gehouden; en
- c. de verzender de verplaatsing voorafgaand heeft gemeld aan de minister.
Artikel 5. Verplaatsen broedeieren
Het is verboden broedeieren te verplaatsen vanuit een inrichting.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de verplaatsing van broedeieren van een in de bewakingszone gelegen inrichting naar een in Nederland gelegen broederij of inrichting voor uitkomst in de stal buiten een beperkingszone, indien:
- a. de broedeieren niet uit een andere beperkingszone afkomstig zijn;
- b. de broedeieren niet in contact zijn geweest met andere broedeieren of eendagskuikens die zijn verkregen van dieren die binnen een beperkingszone worden gehouden;
- c. de verzender de verplaatsing voorafgaand heeft gemeld aan de minister; en
- d. is voldaan aan artikel 47, tweede lid, van verordening (EU) nr. 2020/687.
Artikel 6. Verplaatsen vers vlees van vogels
Het is verboden vers vlees van vogels te verplaatsen vanuit een slachthuis of wildbewerkingsinrichting.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op vers vlees dat voldoet aan artikel 27, derde lid, onderdelen c of d, van verordening (EU) nr. 2020/687.
Artikel 7. Verplaatsen vleesproducten van vogels
Het is verboden vleesproducten, verkregen van vers vlees van vogels, te verplaatsen vanuit een inrichting.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de verplaatsing van vleesproducten die voldoen aan artikel 27, derde lid, onderdelen a, b, c of d, van verordening (EU) nr. 2020/687.
Artikel 8. Verplaatsen eieren bestemd voor menselijke consumptie
Het is verboden eieren bestemd voor menselijke consumptie te verplaatsen vanuit een inrichting.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de verplaatsing van eieren die voldoen aan artikel 27, derde lid, onderdelen b en c, van verordening (EU) nr. 2020/687.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de verplaatsing van eieren vanuit een inrichting die is gelegen in de beschermings- of bewakingszone, indien zij worden verplaatst naar:
- a. een door de minister aangewezen in Nederland gelegen pakstation en is voldaan aan artikel 50, eerste lid, onderdeel a of b, van verordening (EU) nr. 2020/687; of
- b. een door de minister aangewezen in Nederland gelegen inrichting voor de vervaardiging van eiproducten en is voldaan aan artikel 50, tweede lid, onderdelen a en b, van verordening (EU) nr. 2020/687.
Artikel 9. Verplaatsen mest en strooisel van vogels
Het is verboden mest van gehouden vogels, al dan niet met strooisel, te verplaatsen vanuit een inrichting.
Artikel 10. Verplaatsen huiden, vellen of veren van vogels
Het is verboden huiden, vellen of veren van gehouden vogels te verplaatsen vanuit een inrichting.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de verplaatsing van veren van gehouden vogels die voldoen aan artikel 27, derde lid, onderdeel d, van verordening (EU) nr. 2020/687.
Artikel 11. Verplaatsen andere dierlijke bijproducten van vogels
Het is verboden andere dierlijke bijproducten dan mest van gehouden vogels, al dan niet met strooisel, en dan huiden, vellen of veren van gehouden vogels te verplaatsen vanuit een inrichting.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op kadavers of delen van dode vogels.
Artikel 12. Doorvoer
Het is verboden dieren of producten te vervoeren door de beschermings- en bewakingszone.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien is voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 22, vierde lid, onderdelen a, b en c, van verordening (EU) nr. 2020/687.
§ 2.2. Aanvullende verboden
Artikel 13. Vervoer kadavers van vogels
Het is verboden kadavers van vogels of delen van dode vogels te verplaatsen.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien de verplaatsing tot doel heeft om de kadavers of delen van dode vogels te verwijderen.
Artikel 14. Verplaatsen andere dieren dan vogels en daarvan afkomstige dierlijke producten
Het is verboden om andere dieren dan vogels of dierlijke producten, afkomstig van andere dieren dan vogels, te verplaatsen vanuit of naar een inrichting waar vogels worden gehouden.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de verplaatsing van dierlijke producten die voldoen aan artikel 27, derde lid, van verordening (EU) nr. 2020/687.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien de verplaatsing geschiedt overeenkomstig een hygiëneprotocol.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien de dieren of dierlijke producten worden verplaatst van of naar een inrichting waar geen commercieel gehouden vogels aanwezig zijn.
Artikel 15. Vervoer diervoeders
Het is verboden diervoeders te verplaatsen vanuit of naar een inrichting waar vogels worden gehouden.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op de verplaatsing van diervoeders voor in gevangenschap levende vogels.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien de verplaatsing geschiedt overeenkomstig een hygiëneprotocol.
Artikel 16. Vervoer mest landzoogdieren
Het is verboden mest van landzoogdieren, afkomstig van een inrichting waar vogels worden gehouden, te verplaatsen.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien de verplaatsing geschiedt overeenkomstig een hygiëneprotocol.
Artikel 17. Verzamelen en verplaatsen van monsters
Het is toegestaan om monsters als bedoeld in artikel 22, zevende lid, van verordening (EU) nr. 2020/687 van vogels te verzamelen en die te verplaatsen naar een laboratorium ten behoeve van onderzoek op de aanwezigheid van een andere dierziekte dan hoogpathogene aviaire influenza.
Artikel 18. Verplaatsen broedeieren naar een inrichting
Het is verboden broedeieren te verplaatsen naar een inrichting.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op verplaatsingen naar een broederij, indien de verplaatsing geschiedt overeenkomstig een hygiëneprotocol.
Artikel 19. Verplaatsing vervoermiddel
Het is verboden een vervoermiddel te verplaatsen dat is gebruikt of kennelijk bestemd is om te worden gebruikt voor het verplaatsen of het vervoer van dieren, producten of voorwerpen als bedoeld in de artikelen 3 tot en met 18.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op een vervoermiddel dat is gereinigd en ontsmet overeenkomstig een hygiëneprotocol.
Hoofdstuk 3. Andere regels
§ 3.1. Regels ter uitvoering van Europese voorschriften
Artikel 20. Afschermplicht vogels
⋯
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.