Internationale Overeenkomst inzake de vereenvoudiging en harmonisatie van douaneprocedures
Preambule
De Partijen bij deze Overeenkomst, tot stand gekomen onder auspiciën van de Internationale Douaneraad,
Verlangende de verschillen tussen de douaneprocedures en -praktijken van de Overeenkomstsluitende Partijen die het internationale handelsverkeer en andere internationale betrekkingen kunnen belemmeren weg te nemen,
Wensende daadwerkelijk bij te dragen tot de ontwikkeling van dit handelsverkeer en deze betrekkingen door de douaneprocedures en -praktijken te vereenvoudigen en te harmoniseren en de internationale samenwerking te bevorderen,
Opmerkende dat de aanzienlijke voordelen die een vereenvoudiging van het internationale handelsverkeer met zich brengt, kunnen worden verkregen zonder de kwaliteit van de douanecontroles in het gedrang te brengen,
Erkennende dat deze vereenvoudiging en harmonisatie gerealiseerd kunnen worden door toepassing van, in het bijzonder, de hierna volgende beginselen:
tenuitvoerlegging van programma's die in een voortdurende modernisering van de douaneprocedures en -praktijken voorzien en, zodoende, de doelmatigheid en doeltreffendheid daarvan bevorderen,
toepassing van douaneprocedures en -praktijken op een voorspelbare, consistente en transparante wijze,
beschikbaar stellen aan belanghebbenden van alle noodzakelijke informatie in verband met de douanewetgeving, voorschriften en de administratieve richtlijnen, procedures en praktijken,
toepassing van moderne technieken, zoals risicomanagement en accountantscontroles, en een zo intensief mogelijk gebruik van systemen voor automatische gegevensverwerking,
samenwerking, waar dienstig, met andere nationale autoriteiten, andere douanediensten en het bedrijfsleven,
toepassing van relevante internationale normen,
beschikbaar stellen aan belanghebbenden van eenvoudige administratieve en juridische beroepsprocedures,
Ervan overtuigd dat de invoering van een internationaal instrument waarin de vermelde doelstellingen en beginselen zijn neergelegd en dat door de Overeenkomstsluitende Partijen wordt toegepast een aanmerkelijke vereenvoudiging en harmonisatie van de douaneprocedures en -praktijken – een fundamentele doelstelling van de Internationale Douaneraad – ten gevolge zou hebben en, zodoende, in belangrijke mate zou bijdragen tot de vereenvoudiging van het internationale handelsverkeer,
Zijn als volgt overeengekomen:
De Franse tekst, de Engelse tekst en de vertaling van de Overeenkomst, met Bijlagen, zijn oorspronkelijk gepubliceerd in Trb. 1975/92. De Overeenkomst is in werking getreden op 8 september 1977, zie Trb. 1977/116. De Overeenkomst is gewijzigd op 26 juni 1999 door Trb. 2001/162. Door de inwerkingtreding op 3 februari 2006 van de wijziging van 26 juni 1999 is de oorspronkelijke Overeenkomst op 3 februari 2006 buiten werking getreden, zie Trb. 2006/270.
HOOFDSTUK I. Definities
Artikel 1
In deze Overeenkomst wordt verstaan onder:
- a. „Norm”: voorschrift waarvan wordt erkend dat de algemene toepassing ervan noodzakelijk is voor de harmonisatie en vereenvoudiging van de douaneprocedures en -praktijken;
- b. „Overgangsnorm: norm in de algemene bijlage waarvoor een langere implementatietermijn is toegestaan;
- c. „Aanbeveling”: voorschrift in een specifieke bijlage waarvan wordt erkend dat het bijdraagt tot de harmonisatie en vereenvoudiging van de douaneprocedures en -praktijken en waarvan de zo algemeen mogelijke toepassing wenselijk wordt geacht;
- d. „Nationale wetgeving”: de door een bevoegde autoriteit van een Overeenkomstsluitende Partij opgelegde wetten, voorschriften en andere maatregelen die van toepassing zijn op het grondgebied van deze Overeenkomstsluitende Partij of de vigerende verdragen die voor deze Partij bindend zijn;
- e. „Algemene bijlage”: het geheel van voorschriften dat op alle in deze Overeenkomst bedoelde douaneprocedures en -praktijken van toepassing is;
- f. „Specifieke bijlage”: het geheel van voorschriften dat op een of meer van de in deze Overeenkomst bedoelde douaneprocedures en -praktijken van toepassing is;
- g. „Richtlijnen”: toelichtingen op de bepalingen van de algemene bijlage, de specifieke bijlagen en de hoofdstukken daarvan, waarin aanwijzigingen voor de toepassing van de normen, overgangsnormen en aanbevelingen zijn opgenomen en waarin, in het bijzonder, de beste werkmethoden zijn aangegeven en concrete verdere vereenvoudigingen worden aanbevolen;
- h. „Permanent Technisch Comité”: het Permanent Technisch Comité van de Raad;
- ij. „Raad”: de organisatie die is ingesteld bij de Overeenkomst tot oprichting van de Internationale Douaneraad, ondertekend te Brussel op 15 december 1950;
- k. „Douane-Unie of Economische Unie”: een door een aantal staten opgerichte en uit een aantal staten bestaande unie die bevoegd is voor het vaststellen van haar eigen regelgeving die bindend is voor deze staten op de gebieden waarop deze Overeenkomst van toepassing is en die gemachtigd is, overeenkomstig haar interne procedures, te besluiten deze Overeenkomst te ondertekenen, te ratificeren of tot deze Overeenkomst toe te treden.
HOOFDSTUK II. TOEPASSINGSGEBIED EN STRUCTUUR
Toepassingsgebied van de Overeenkomst
Artikel 2
Elke Overeenkomstsluitende Partij verbindt zich ertoe de vereenvoudiging en de harmonisatie van de douaneprocedures te bevorderen en, te dien einde, zich overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst te conformeren aan de normen, overgangsnormen en aanbevelingen in de bijlagen bij deze Overeenkomst. Geen enkele bepaling van deze Overeenkomst vormt voor een Overeenkomstsluitende Partij evenwel een beletsel verdergaande vereenvoudigingen toe te passen dan die waarin deze Overeenkomst voorziet en elke Overeenkomstsluitende Partij wordt aanbevolen dergelijke verdergaande vereenvoudigingen in zoverre mogelijk in te voeren.
Artikel 3
De bepalingen van deze Overeenkomst laten onverlet de toepassing van nationale wetgeving ten aanzien van verboden of beperkingen die van toepassing zijn op goederen die aan douanecontrole zijn onderworpen.
Structuur van de Overeenkomst
Artikel 4
De Overeenkomst omvat een dispositief, een algemene bijlage en specifieke bijlagen.
De algemene bijlage en elke specifieke bijlage bij deze Overeenkomst bestaan in beginsel uit hoofdstukken die de onderverdelingen vormen van een bijlage en omvatten:
- a. definities;
- b. normen, waarvan sommige die zich in de algemene bijlage bevinden overgangsnormen zijn.
Elke specifieke bijlage bevat bovendien een aantal aanbevelingen.
Elke bijlage gaat vergezeld van richtlijnen waarvan de tekst niet bindend is voor de Overeenkomstsluitende Partijen.
Artikel 5
Voor de toepassing van deze Overeenkomst worden alle specifieke bijlagen of hoofdstukken daarvan die een Overeenkomstsluitende Partij binden, geacht integrerend deel uit te maken van de Overeenkomst. Voor deze Overeenkomstsluitende Partij wordt elke verwijzing naar de Overeenkomst geacht een verwijzing naar dergelijke bijlagen of hoofdstukken te omvatten.
HOOFDSTUK III. BEHEER VAN DE OVERKOMST
Comité van beheer
Artikel 6
Er wordt een Comité van beheer ingesteld dat toezicht houdt op de tenuitvoerlegging van deze Overeenkomst en dat alle maatregelen om de uniforme interpretatie en toepassing daarvan te waarborgen en alle voorgestelde wijzigingen daarvan onderzoekt.
De Overeenkomstsluitende Partijen hebben zitting in het Comité van beheer.
De bevoegde diensten van elke entiteit die voldoet aan de in artikel 8 vastgestelde voorwaarden om partij te worden bij deze Overeenkomst en van elk lid van de Wereldhandelsorganisatie hebben het recht de zittingen van het Comité van beheer als waarnemer bij te wonen. De status en de rechten van deze waarnemers worden bij besluit van de Raad vastgesteld. Deze rechten kunnen niet worden uitgeoefend voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit.
Het Comité van beheer kan de vertegenwoordigers van internationale gouvernementele en niet-gouvernementele organisaties uitnodigen de zittingen van het Comité van beheer als waarnemers bij te wonen.
Het Comité van beheer:
- a. doet de Overeenkomstsluitende Partijen aanbevelingen voor:
- i. wijzigingen in het dispositief van deze Overeenkomst;
- ii. wijzigingen in de algemene bijlagen, de specifieke bijlagen en de hoofdstukken daarvan en de opneming van nieuwe hoofdstukken in de algemene bijlage;
- iii. de toevoeging van nieuwe specifieke bijlagen en de opneming van nieuwe hoofdstukken in specifieke bijlagen;
- b. kan besluiten aanbevelingen te wijzigen of nieuwe aanbevelingen in specifieke bijlagen of hoofdstukken daarvan op te nemen overeenkomstig het bepaalde in artikel 16;
- c. houdt toezicht op de implementatie van deze Overeenkomst volgens het bepaalde in artikel 13, lid 4;
- d. draagt zorg voor de herziening en bijwerking van de richtlijnen;
- e. onderzoekt alle andere aan de orde gestelde problemen in verband met deze Overeenkomst;
- f. geeft het Permanent technisch comité en de Raad kennis van zijn besluiten.
De bevoegde diensten van de Overeenkomstsluitende Partijen geven de Secretaris-Generaal van de Raad kennis van de overeenkomstig het bepaalde in lid 5, onder a, b c of d, van dit artikel gedane voorstellen en van de redenen welke daaraan ten grondslag liggen, tezamen met eventuele verzoeken tot opneming van bepaalde punten op de agenda van de zittingen van het Comité van beheer. De Secretaris-Generaal van de Raad brengt de voorstellen onder de aandacht van de bevoegde diensten van de Overeenkomstsluitende Partijen en van de in de leden 2,3 en 4 van dit artikel bedoelde waarnemers.
Het Comité van beheer komt minstens eenmaal per jaar bijeen. Het kiest jaarlijks een voorzitter en een vice-voorzitter. De Secretaris-Generaal van de Raad doet de bevoegde diensten van de Overeenkomstsluitende Partijen en de in de leden 2, 3 en 4 van dit artikel bedoelde waarnemers minstens zes weken vóór de bijeenkomst van het Comité van beheer de uitnodiging en de ontwerp-agenda van de vergadering toekomen.
Wanneer een besluit niet bij consensus kan worden genomen, worden de aan het Comité van beheer voorgelegde zaken door de aanwezige Overeenkomstsluitende Partijen bij stemming beslist. De in lid 5, onder a, b en c, van dit artikel bedoelde voorstellen worden met een tweederde meerderheid van de uitgebrachte stemmen aangenomen. Over alle andere aan het Comité van beheer voorgelegde zaken wordt met een meerderheid van de uitgebrachte stemmen beslist.
In de gevallen waarin artikel 8, lid 5, van deze Overeenkomst van toepassing is, beschikken de douane-unies en economische unies die partij zijn bij de Overeenkomst over een aantal stemmen dat gelijk is aan het totale aantal stemmen dat is toegewezen aan hun leden die partij zijn bij de Overeenkomst.
Vóór de zitting wordt gesloten, keurt het Comité van beheer een verslag goed. Dit verslag wordt aan de Raad, de Overeenkomstsluitende Partijen en de in de leden 2,3 en 4 bedoelde waarnemers toegezonden.
Behoudens specifieke bepalingen in dit artikel, is het reglement van orde van de Raad van toepassing, tenzij het Comité van beheer anders beslist.
Artikel 7
Bij stemming in het Comité van beheer wordt over elke specifieke bijlage en elk hoofdstuk van een specifieke bijlage afzonderlijk gestemd.
- a. Elke Overeenkomstsluitende Partij heeft het recht te stemmen over zaken die verband houden met de interpretatie, toepassing of wijziging van het dispositief en de algemene bijlage bij de Overeenkomst.
- b. Over zaken die verband houden met een specifieke bijlage of een hoofdstuk van een specifieke bijlage die reeds van toepassing zijn, mag enkel worden gestemd door Overeenkomstsluitende Partijen die de betrokken specifieke bijlage of het hoofdstuk van de betrokken specifieke bijlage hebben aanvaard.
- c. Elke Overeenkomstsluitende Partij heeft het recht te stemmen over ontwerpen van nieuwe specifieke bijlagen of nieuwe hoofdstukken van een specifieke bijlage.
HOOFDSTUK IV. OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJ
Ratificatie van de Overeenkomst
Artikel 8
Elk lid van de Raad en elk lid van de Verenigde Naties of de gespecialiseerde organisaties daarvan kan partij worden bij deze Overeenkomst door:
- a. ondertekening zonder voorbehoud van ratificatie;
- b. neerlegging van een akte van ratificatie na ondertekening onder voorbehoud van ratificatie; of
- c. toetreding.
Deze Overeenkomst staat tot en met 30 juni 1974 open voor ondertekening in de zetel van de Raad te Brussel door de in lid 1 van dit artikel bedoelde leden. Na de genoemde datum kunnen deze leden tot de Overeenkomst toetreden.
Elke Overeenkomstsluitende Partij deelt op het tijdstip van ondertekening of ratificatie van of toetreding tot deze Overeenkomst mede welke specifieke bijlagen of hoofdstukken daarvan zij aanvaardt. Deze Partij kan de depositaris vervolgens mededelen dat zij één of meer specifieke bijlagen of hoofdstukken daarvan aanvaardt.
Overeenkomstsluitende Partijen die een nieuwe specifieke bijlage of een nieuw hoofdstuk van een specifieke bijlage aanvaarden, geven daarvan kennis aan de depositaris overeenkomstig het bepaalde in lid 3 van dit artikel.
- a. Elke douane-unie of economische unie kan overeenkomstig het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van dit artikel Partij worden bij deze Overeenkomst. De betrokken douane-unie of economische unie deelt de depositaris mede over welke bevoegdheden zij beschikt op de gebieden waarop deze Overeenkomst van toepassing is. Deze douane-unie of economische unie stelt de depositaris bovendien in kennis van elke belangrijke wijziging in de reikwijdte van haar bevoegdheden.
- b. Een douane-unie of economische unie die Partij is bij deze Overeenkomst oefent voor aangelegenheden die onder haar bevoegdheid vallen in eigen naam de rechten uit en vervult de taken die uit de Overeenkomst voortvloeien voor de leden van een dergelijke unie die Partij zijn bij deze Overeenkomst. In dergelijk geval zijn de leden van een dergelijke Unie niet gemachtigd deze rechten, met inbegrip van het stemrecht, individueel uit te oefenen.
Artikel 9
Elke Overeenkomstsluitende Partij die deze Overeenkomst ratificeert of tot deze Overeenkomst toetreedt, is gebonden door alle wijzigingen van deze Overeenkomst, met inbegrip van de algemene bijlage, die van kracht waren op de datum waarop zij haar akte van ratificatie of toetreding heeft neergelegd.
Elke Overeenkomstsluitende Partij die een specifieke bijlage of hoofdstuk daarvan aanvaardt, is gebonden door alle wijzigingen van de in die specifieke bijlage of het hoofdstuk daarvan opgenomen normen die van kracht waren op de datum waarop zij de depositaris kennis heeft gegeven van haar aanvaarding. Elke Overeenkomstsluitende Partij die een specifieke bijlage of een hoofdstuk daarvan aanvaardt, is gebonden door alle wijzigingen van de daarin opgenomen aanbevelingen die van kracht waren op de datum waarop zij de depositaris kennis heeft gegeven van haar aanvaarding, tenzij deze Partij overeenkomstig artikel 12 van deze Overeenkomst voorbehoud maakt ten aanzien van één of meer van deze aanbevelingen.
Toepassing van de Overeenkomst
Artikel 10
Elke Overeenkomstsluitende Partij kan bij de ondertekening van deze Overeenkomst zonder voorbehoud van ratificatie of bij de neerlegging van haar akte van ratificatie of toetreding dan wel op enig later tijdstip, door middel van een kennisgeving aan de depositaris verklaren dat het toepassingsgebied van deze Overeenkomst zich uitstrekt tot alle gebieden waarvan de internationale betrekkingen tot haar bevoegdheid behoren. Deze kennisgeving wordt van kracht drie maanden na de datum waarop zij door de depositaris is ontvangen. Deze Overeenkomst is echter niet op de in de kennisgeving genoemde gebieden van toepassing voor de datum waarop deze Overeenkomst voor de betrokken Overeenkomstsluitende Partij in werking treedt.
Een Overeenkomstsluitende Partij die overeenkomstig het bepaalde in lid 1 van dit artikel een kennisgeving heeft gedaan waarbij het toepassingsgebied van deze Overeenkomst wordt uitgebreid tot een gebied waarvan de internationale betrekkingen tot haar bevoegdheid behoren, kan de depositaris volgens de procedure van artikel 19 van deze Overeenkomst mededelen dat het betrokken gebied deze Overeenkomst niet langer toepast.
Artikel 11
Voor de toepassing van deze Overeenkomst deelt een douane-unie of economische unie die Partij is bij deze Overeenkomst de Secretaris-generaal van de Raad mede welke gebieden deel uitmaken van de douane-unie of de economische unie. Deze gebieden dienen als één enkel gebied te worden beschouwd.
Aanvaarding van de bepalingen en voorbehouden
Artikel 12
Alle Overeenkomstsluitende Partijen zijn gebonden door de algemene bijlage.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.