Europees Verdrag inzake de rechtspositie van migrerende werknemers
De Lid-Staten van de Raad van Europa, die deze Overeenkomst hebben ondertekend,
Overwegend dat het doel van de Raad van Europa is het tot stand brengen van een grotere eenheid tussen zijn Leden, ten einde, met eerbiediging van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, de idealen en beginselen, die hun gemeenschappelijk erfdeel zijn, te beschermen en te verwezenlijken, alsmede hun economische en sociale vooruitgang te stimuleren,
Overwegende dat de rechtspositie van migrerende werknemers die onderdaan zijn van de Lid-Staten van de Raad van Europa, dient te worden geregeld ten einde hun voor zover mogelijk een behandeling te verzekeren die niet minder gunstig is dan die welke de nationale werknemers van de ontvangende Staat genieten ten aanzien van de levens- en arbeidsomstandigheden,
Vastbesloten de maatschappelijke vooruitgang en het welzijn van de migrerende werknemers en hun gezinsleden te bevorderen,
Bevestigend dat de rechten en voorrechten die zij aan elkaars onderdanen verlenen, worden toegekend op grond van de grote verbondenheid die krachtens het statuut tussen de Lid-Staten van de Raad van Europa bestaat,
Zijn als volgt overeengekomen:
HOOFDSTUK I
Artikel 1. Begripsomschrijving
Voor de toepassing van dit Verdrag wordt onder „migrerende werknemer" verstaan de onderdaan van een Verdragsluitende Partij die van een andere Verdragsluitende Partij toestemming heeft gekregen om op haar grondgebied te verblijven ten einde aldaar arbeid in loondienst te gaan verrichten.
Dit Verdrag is niet van toepassing op:
- a. grensarbeiders;
- b. kunstenaars, met inbegrip van artiesten op het gebied van variété, cabaret en toneel, alsmede sportlieden die voor een korte tijd te werk worden gesteld en personen die een vrij beroep uitoefenen;
- c. zeelieden;
- d. personen die een opleiding volgen;
- e. seizoenarbeiders; migrerende seizoenarbeiders zijn personen die, als onderdaan van een Verdragsluitende Partij, op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij, tegen betaling seizoengebonden arbeid verrichten op basis van een contract van bepaalde duur of ten behoeve van bepaalde werkzaamheden;
- f. werknemers die onderdaan zijn van een Verdragsluitende Partij en op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij bepaalde werkzaamheden verrichten voor rekening van een onderneming die haar hoofdkantoor buiten het grondgebied van deze Verdragsluitende Partij heeft.
HOOFDSTUK II
Artikel 2. Vormen van werving
De werving van toekomstige migrerende werknemers kan geschieden door middel van een op naam gestelde aanvraag dan wel door middel van een niet op naam gestelde aanvraag; in dit laatste geval dient de aanvraag te worden gericht door tussenkomst van het officiële orgaan van de Staat van oorsprong indien een zodanig orgaan bestaat en eventueel door tussenkomst van het officiële orgaan van de ontvangende Staat.
De administratiekosten verband houdende met werving, introductie en tewerkstelling, wanneer deze worden uitgevoerd door een officieel orgaan, mogen niet ten laste komen van de toekomstige migrerende werknemer.
Artikel 3. Medisch onderzoek en onderzoek naar vakbekwaamheid
De werving van toekomstige migrerende werknemers kan worden voorafgegaan door een medisch onderzoek en een onderzoek naar vakbekwaamheid.
Het medisch onderzoek en het onderzoek naar vakbekwaamheid dienen om vast te stellen of de toekomstige migrerende werknemer lichamelijk en geestelijk in staat is tot en technisch gekwalificeerd voor de hem aangeboden functie en om vast te stellen, dat de gezondheidstoestand van deze werknemer geen gevaar oplevert voor de volksgezondheid.
De wijze van terugbetaling van de kosten verbonden aan het medisch onderzoek en het onderzoek naar vakbekwaamheid wordt eventueel geregeld in het kader van bilaterale overeenkomsten zodat deze kosten niet ten laste komen van de toekomstige migrerende werknemer.
De migrerende werknemer die in het bezit is van een op naam gestelde aanbieding van werk mag, behoudens een op grond van fraude gerechtvaardigde uitzondering, slechts op verzoek van de werkgever worden onderworpen aan een onderzoek inzake vakbekwaamheid.
Artikel 4. Recht om het land te verlaten - recht op toelating administratieve formaliteiten
Iedere Verdragsluitende Partij waarborgt de migrerende werknemer de volgende rechten:
- -. het recht het grondgebied van de Verdragsluitende Partij waarvan hij onderdaan is te verlaten;
- -. het recht op toelating tot het grondgebied van een van de Verdragsluitende Partijen om daar arbeid in loondienst te gaan verrichten wanneer de migrerende werknemer hiertoe van tevoren toestemming heeft ontvangen en de vereiste documenten heeft verkregen.
Deze rechten worden overeengekomen onder voorbehoud van de door de wetgeving voorgeschreven beperkingen betreffende de staatsveiligheid, de openbare orde, de volksgezondheid of de goede zeden.
De documenten die de migrerende werknemer nodig heeft voor emigratie en immigratie worden zo spoedig mogelijk afgegeven, kosteloos dan wel tegen betaling van een bedrag dat niet hoger is dan de desbetreffende administratiekosten.
Artikel 5. Formaliteiten en procedure betreffende het arbeidscontract
Iedere migrerende werknemer die werk heeft gevonden, ontvangt, voor zijn vertrek naar de ontvangende Staat, een arbeidscontract of een bepaalde aanbieding van werk die kunnen worden opgesteld in een of meer in de Staat van oorsprong gangbare talen alsmede in een of meer in de ontvangende Staat gangbare talen. Het gebruik van ten minste één taal van de Staat van oorsprong en één taal van de ontvangende Staat is verplicht in geval van werving door een officieel orgaan of door een officieel erkend arbeidsbureau.
Artikel 6. Inlichtingen
De Verdragsluitende Partijen verstrekken elkaar en de aspirantemigranten passende inlichtingen over hun verblijf, de voorwaarden en mogelijkheden van gezinshereniging, de aard van het werk, de mogelijkheden om een nieuw arbeidscontract te sluiten wanneer het eerste contract is afgelopen, de vereiste vakbekwaamheid, de werken levensomstandigheden (met inbegrip van de kosten van levensonderhoud), salariëring, sociale zekerheid, huisvesting, voeding, het overmaken van spaargelden, de reis alsmede de bedragen die op het salaris worden ingehouden voor sociale voorzieningen, belastingen en andere lasten. Tevens kunnen inlichtingen worden verstrekt over de omstandigheden op cultureel en religieus gebied in de ontvangende Staat.
Bij werving door tussenkomst van een officieel orgaan van de ontvangende Staat worden deze inlichtingen aan de aspirant-emigrant medegedeeld voor diens vertrek en wel in een taal die hij kan begrijpen, zodat hij met volledige kennis van zaken een besluit kan nemen. Indien nodig wordt de vertaling van deze inlichtingen in een taal die de aspirant-emigrant kan begrijpen, in het algemeen verzorgd door de Staat van oorsprong.
Iedere Verdragsluitende Partij verplicht zich ertoe passende maatregelen te nemen om misleidende propaganda ten aanzien van emigratie en immigratie te voorkomen.
Artikel 7. Reis
Iedere Verdragsluitende Partij verplicht zich ertoe ervoor te zorgen dat bij officiële collectieve werving de kosten van de reis naar het ontvangende land in geen geval ten laste van de migrerende werknemer komen. De regeling voor betaling van deze kosten wordt vastgesteld bij bilaterale overeenkomsten die tevens kunnen voorzien in de uitbreiding van bovengenoemde maatregelen tot de gezinnen en tot werknemers die individueel worden aangeworven.
Ten aanzien van migrerende werknemers en hun gezinnen die zich op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij bevinden op doortocht naar de ontvangende Staat of bij hun terugkeer naar de Staat van oorsprong, dienen door de bevoegde autoriteit van de Staat van doortocht alle maatregelen te worden genomen om de reis te bespoedigen en om oponthoud en administratieve moeilijkheden te voorkomen.
Iedere Verdragsluitende Partij verleent vrijstelling van invoerrechten en -heffingen bij binnenkomst in de ontvangende Staat, bij definitieve terugkeer in de Staat van oorsprong alsmede bij doortocht:
- a. voor de persoonlijke bezittingen en voor meubilair toebehorend aan de migrerende werknemers en aan de bij hen inwonende gezinsleden;
- b. in een redelijke mate, voor gereedschap en draagbare uitrusting die de migrerende werknemers nodig hebben voor de uitoefening van hun vak.
De hierboven bedoelde vrijstellingen worden verleend overeenkomstig de bepalingen van de in genoemde Staten van kracht zijnde wetten of voorschriften.
HOOFDSTUK III
Artikel 8. Werkvergunning
Iedere Verdragsluitende Partij die een migrerende werknemer toelaat om arbeid in loondienst te verrichten, verstrekt of verlengt voor hem (behalve bij vrijstelling) een werkvergunning op de bij haar wetgeving voorziene voorwaarden.
De werkvergunning die voor de eerste maal is verstrekt, kan de werknemer in het algemeen evenwel niet voor langer dan één jaar verbinden aan een zelfde werkgever of aan een zelfde plaats.
Bij verlenging van de werkvergunning van de migrerende werknemer dient deze vergunning in het algemeen te worden verstrekt voor de duur van ten minste één jaar voor zover de situatie op en de ontwikkeling van de arbeidsmarkt zulks toestaan.
Artikel 9. Verblijfsvergunning
Iedere Verdragsluitende Partij verleent, voor zover de nationale wetgeving zulks eist, een verblijfsvergunning aan migrerende werknemers die toestemming hebben gekregen om arbeid in loondienst te gaan verrichten op het grondgebied van die Partij overeenkomstig de voorwaarden voorzien in dit Verdrag.
De verblijfsvergunning wordt, op de voorwaarden voorzien door de nationale wetgeving, verleend en eventueel verlengd voor een duur die in het algemeen gelijk is aan de geldigheidsduur van de werkvergunning. Wanneer de werkvergunning van onbepaalde duur is, wordt de verblijfsvergunning verleend en eventueel verlengd voor een periode die in het algemeen ten minste één jaar bedraagt. De afgifte van het document en de verlenging daarvan geschieden kosteloos of tegen betaling van alleen de administratiekosten.
De bepalingen van dit artikel zijn eveneens van toepassing op de gezinsleden van de migrerende werknemer die toestemming hebben gekregen om zich bij hem te voegen overeenkomstig artikel 12 van dit Verdrag.
Indien de migrerende werknemer niet langer tewerk gesteld is, doordat hij als gevolg van ziekte of ongeval tijdelijk arbeidsongeschikt is, ofwel doordat hij onvrijwillig werkloos is en dit naar behoren is geconstateerd door de bevoegde autoriteiten, wordt hem, voor de toepassing van het bepaalde in artikel 25 van dit Verdrag, toegestaan te blijven op het grondgebied van de ontvangende Staat voor een periode die niet korter mag zijn dan 5 maanden.
In het in de vorige alinea bedoelde geval is evenwel geen enkele Verdragsluitende Partij verplicht de migrerende werknemer toe te staan te blijven voor een langere periode dan die waarover de werkloosheidsuitkering wordt betaald.
De verblijfsvergunning die is afgegeven overeenkomstig het bepaalde in het eerste tot en met het derde lid van dit artikel kan worden ingetrokken:
- a. om redenen van nationale veiligheid, openbare orde of goede zeden;
- b. indien de houder ervan weigert, na naar behoren te zijn ingelicht over de consequenties van een zodanige weigering, zich te houden aan de voorschriften die een medische autoriteit hem heeft gegeven met het oog op de bescherming van de volksgezondheid;
- c. indien aan een wezenlijke voorwaarde voor de afgifte of de geldigheid van de verblijfsvergunning niet is voldaan.
Iedere Verdragsluitende Partij verplicht zich er echter toe, de migrerende werknemers wier verblijfsvergunning is ingetrokken, daadwerkelijk het recht te verlenen om overeenkomstig de bij haar wetgeving voorziene procedure in beroep te gaan bij een rechterlijke of administratieve instantie.
Artikel 10. Opvang
Bij aankomst in de ontvangende Staat ontvangen de migrerende werknemers en hun gezinsleden alle passende inlichtingen en adviezen alsmede alle nodige hulp bij hun vestiging en hun aanpassing.
Hiertoe genieten de migrerende werknemers en hun gezinsleden de hulp en bijstand van de diensten voor algemeen welzijn en openbare instellingen van de ontvangende Staat alsmede de hulp van de consulaire autoriteiten, van hun land van oorsprong. Bovendien ontvangen de migrerende werknemers op voet van gelijkheid als de nationale werknemers hulp en bijstand van de diensten voor arbeidsvoorziening. Iedere Verdragsluitende Partij streeft er evenwel naar, indien zulks nodig mocht zijn, te voorzien in gespecialiseerde sociale diensten om de opvang van de migrerende werknemers en hun gezinnen te vergemakkelijken of te coördineren.
Iedere Verdragsluitende Partij verplicht zich ertoe de migrerende werknemers en hun gezinsleden de vrijheid te waarborgen om godsdienstoefeningen te houden in overeenstemming met hun geloof; zij vergemakkelijkt hun, binnen de grenzen van de aanwezige middelen, het houden van deze godsdienstoefeningen.
Artikel 11. Verhaal van bedragen verschuldigd uit hoofde van een onderhoudsplicht
De hoedanigheid van migrerende werknemer mag geen belemmering vormen voor het verhaal van verschuldigde bedragen ten behoeve van personen die zijn achtergebleven in de Staat van oorsprong en jegens wie een onderhoudsplicht bestaat die voortvloeit uit familiebetrekkingen, verwantschap, huwelijk of aanverwantschap met inbegrip van de onderhoudsplichten jegens een onwettig kind.
Iedere Verdragsluitende Partij neemt de maatregelen die nodig zijn voor het verhaal van de bedragen die verschuldigd zijn uit hoofde van een onderhoudsplicht, door daartoe, voor zover mogelijk, gebruik te maken van het formulier dat is aanvaard door het Comité van Ministers van de Raad van Europa.
Voor zover mogelijk neemt iedere Verdragsluitende Partij maatregelen om een enkele nationale of regionale instantie aan te wijzen die belast zal zijn met het ontvangen en verzenden van de aanvragen om onderhoud dat verschuldigd is uit hoofde van een onderhoudsplicht die voldoet aan de voorwaarden genoemd in het eerste lid hierboven.
Dit artikel laat de bepalingen van reeds gesloten of nog te sluiten bilaterale of multilaterale overeenkomsten onverlet.
Artikel 12. Gezinshereniging
Het is de echtgenoot van de migrerende werknemer die op wettige wijze is tewerk gesteld op het grondgebied van een Verdrag sluitende Partij alsmede diens niet-gehuwde kinderen, die door de van toepassing zijnde wetgeving van de ontvangende Staat worden beschouwd als minderjarig en die te zijnen laste komen, toegestaan om op soortgelijke voorwaarden als in dit Verdrag is voorzien ten aanzien van de toelating van migrerende werknemers en volgens de procedures die voor deze toelating zijn voorzien door de wetgeving of door internationale overeenkomsten, zich te voegen bij de migrerende werknemer op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij, mits de betrokkene voor zijn gezin beschikt over huisvesting die voor de nationale werknemers in het gebied waar hij is tewerk gesteld, als normaal wordt beschouwd. Iedere Verdragsluitende Partij kan het verlenen van de hierboven bedoelde toestemming afhankelijk stellen van een wachttijd die niet langer mag zijn dan twaalf maanden.
Iedere Staat kan te allen tijde door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte verklaring, die één maand na ontvangst van kracht wordt, de in het eerste lid hierboven bedoelde gezinshereniging bovendien afhankelijk stellen van de voorwaarde dat de migrerende werknemer beschikt over vaste middelen van bestaan die voldoende zijn om te voorzien in de behoeften van zijn gezin.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.