Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Namibië inzake technische samenwerking

Type Verdrag
Publication 1995-08-17
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Namibië;

Opnieuw de vriendschappelijke betrekkingen bevestigend die tussen beide Staten en hun volken bestaan;

Geleid door de wens de technische samenwerking te bevorderen en hiertoe het noodzakelijke juridische en administratieve kader te scheppen;

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel I
1.

Het doel van dit Verdrag is de technische samenwerking te bevorderen en hiertoe het juridische en administratieve kader te scheppen voor projecten inzake technische samenwerking waartoe de bevoegde bestuurlijke autoriteiten van beide Partijen ter uitvoering van dit Verdrag besluiten.

2.

Een besluit tot samenwerking als bedoeld in het eerste lid hierboven, de bijdragen aan een project en de wijze waarop dat project wordt uitgevoerd, worden per geval vastgelegd in een projectovereenkomst, te sluiten door de bevoegde autoriteiten van beide Regeringen.

Artikel II

In verband met een project verbindt de Regering van de Republiek Namibië zich ertoe:

Artikel III
1.

De Regering van Namibië stelt de Nederlandse Regering en/of het Nederlandse personeel dat in Namibië werkzaam is overeenkomstig dit Verdrag, schadeloos en vrijwaart hen ter zake van elke wettelijke aansprakelijkheid, rechtszaak, eis, vordering of schadeclaim en van kosten of honoraria op grond van de dood van of letsel toegebracht aan derden of schade aan het eigendom van derden, of andere verliezen die het gevolg zijn van of verband houden met het verrichten of nalaten van handelingen door de Nederlandse personeelsleden in de uitoefening van hun werkzaamheden, tenzij de wettelijke aansprakelijkheid, de vordering, het verlies of de schade het gevolg is van grove nalatigheid of opzettelijk onjuist handelen van het personeel.

2.

Ingeval de Regering van Namibië een vordering voldoet ten behoeve van de Nederlandse Regering of het Nederlandse personeel overeenkomstig het eerste lid van dit artikel, is de Namibische Regering gerechtigd een eventueel verweer of het eventuele recht op een schadevergoeding, tegenvordering, schadeloosstelling, heffing of waarborg waarop de Nederlandse Regering of het Nederlandse personeel aanspraak zou kunnen maken, uit de oefenen en ten uitvoer te leggen.

3.

Indien de Regering van de Republiek Namibië zulks verzoekt, verschaft de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden de bevoegde autoriteiten van de Republiek Namibië de administratieve of juridische bijstand die nodig is voor een bevredigende regeling van eventuele problemen die kunnen ontstaan in verband met de toepassing van de voorgaande leden van dit artikel.

Artikel IV
1.

De Regering van Namibië heeft het recht, na overleg met de Nederlandse Regering, te verzoeken om terugroeping van ieder lid van het Nederlandse personeel wiens werk of gedrag onbevredigend is. De Nederlandse Regering heeft het recht, na soortgelijk overleg met de Namibische Regering, te allen tijde leden van het Nederlandse personeel terug te roepen. In geval van terugroeping stelt de Nederlandse Regering alles in het werk om, indien de Namibische Regering zulks verzoekt, een geschikte vervanger te vinden voor het teruggeroepen personeelslid.

2.

Alle Nederlandse personeelsleden vervullen hun taak zoals wordt overeengekomen door de onderscheiden bevoegde autoriteiten. Wat de dagelijkse werkzaamheden met betrekking tot een project betreft, handelen zij in nauw overleg met de Namibische autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het project, en nemen zij de door die autoriteiten gegeven werkinstructies in acht. De wijze van communiceren tussen het Nederlandse personeel en de bevoegde Nederlandse autoriteiten wordt vastgelegd in de desbetreffende projectovereenkomst.

Artikel V
1.

De bepalingen van dit Verdrag betreffende Nederlands personeel zijn eveneens van toepassing op personen in dienst van de Nederlandse Regering en op personen in dienst van ondernemingen waarmee de Nederlandse Regering een overeenkomst heeft gesloten inzake de uitvoering van een project waaraan beide bevoegde autoriteiten hebben besloten samen te werken, en slechts voor zover dit personeel of die ondernemingen handelen binnen het kader van dit Verdrag of van een tussen de beide bevoegde autoriteiten overeengekomen project.

2.

Het beschikbaar gestelde Nederlandse personeel kan zowel uitvoerende als adviserende taken verrichten.

Artikel VI
1.

De bepalingen van de artikelen II, III en IV, eerste lid, van dit Verdrag zijn eveneens van toepassing op de door Nederland beschikbaar gestelde suppletie-deskundigen. Deze deskundigen dienen echter wel lokale inkomstenbelasting te betalen over honoraria die aan hen worden betaald door de Regering van de Republiek Namibië.

2.

De in het eerste lid van dit artikel bedoelde deskundigen staan uitsluitend onder het gezag van de desbetreffende Namibische autoriteiten. De deskundigen dienen verordeningen en regelingen die in Namibië van kracht zijn, na te leven, mits die verordeningen en regelingen niet in strijd zijn met de bepalingen van dit Verdrag of van eventuele andere regelingen tussen de twee Verdragsluitende Partijen die van toepassing zijn op de betrokken deskundigen.

Artikel VII

De Regering van de Republiek Namibië stelt de uitrusting (met inbegrip van motorvoertuigen) en andere materialen die de Nederlandse Regering in verband met een project verschaft in de vorm van schenkingen, vrij van alle in- en uitvoerrechten en andere officiële heffingen.

Artikel VIII
1.

Dit Verdrag wordt voorlopig toegepast vanaf de datum van ondertekening en treedt in werking op de datum waarop de beide Regeringen elkaar er schriftelijk van in kennis hebben gesteld dat aan de in hun onderscheiden landen daarvoor constitutioneel vereiste procedures is voldaan.

2.

Dit Verdrag blijft van kracht voor een aanvangsperiode van twee jaar. Indien geen der beide Regeringen drie maanden voordat het Verdrag afloopt, haar voornemen te kennen geeft het te beëindigen, wordt het Verdrag telkens stilzwijgend verlengd voor een nieuwe periode van een jaar.

3.

Met betrekking tot projecten waarmee een aanvang is gemaakt voor de datum van beëindiging van dit Verdrag, blijven de voorgaande artikelen van kracht tot het project is beëindigd.

4.

Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, is dit Verdrag slechts van toepassing op het Europese deel van het Koninkrijk.

DONE at Windhoek on 17 June/26 November 1992, in duplicate in the English language.

(sd.) J. LEEFMANS

For the Government of the Kingdom of the Netherlands

(sd.) Z. NGAVIRUE

For the Government of the Republic of Namibia

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.