Overeenkomst inzake Partnerschap en Samenwerking waarbij een partnerschap tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun Lid-Staten, enerzijds, en de Russische Federatie, anderzijds

Type Verdrag
Publication 1997-12-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Het Koninkrijk België,

het Koninkrijk Denemarken,

de Bondsrepubliek Duitsland,

de Helleense Republiek,

het Koninkrijk Spanje,

de Franse Republiek,

Ierland,

de Italiaanse Republiek,

het Groothertogdom Luxemburg,

het Koninkrijk der Nederlanden,

de Portugese Republiek,

het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland,

Verdragsluitende Partijen bij het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,

hierna „Lid-Staten” te noemen, en

de Europese Gemeenschap, de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,

hierna „de Gemeenschap” te noemen, enerzijds, en

de Russische Federatie,

hierna „Rusland” te noemen, anderzijds,

Gelet op het belang van de historische banden tussen de Gemeenschap, haar Lid-Staten en Rusland, en hun gemeenschappelijke waarden,

Erkennende dat de Gemeenschap en Rusland deze banden wensen te verstevigen en partnerschap en samenwerking tot stand willen brengen om te komen tot verdieping en verbreding van de betrekkingen die in het verleden zijn aangeknoopt, inzonderheid bij de op 18 december 1989 ondertekende Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en de Unie van Socialistische Sovjetrepublieken inzake handel en commerciële en economische samenwerking, hierna „de Overeenkomst van 1989” te noemen,

Gelet op de verbintenis van de Gemeenschap en haar Lid-Staten, optredend in het kader van de Europese Unie opgericht bij het Verdrag betreffende de Europese Unie van 7 februari 1992, en van Rusland tot versterking van de politieke en economische vrijheden, die de grondslag van het partnerschap vormen,

Gelet op de verbintenis van de Partijen om de internationale vrede en veiligheid en de vreedzame oplossing van geschillen te bevorderen, en om op dit gebied samen te werken in het kader van de Verenigde Naties en de Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa, en andere fora,

Gelet op de vaste verbintenis van de Gemeenschap en haar Lid-Staten en van Rusland tot volledige uitvoering van alle beginselen en bepalingen van de Slotakte van de Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa (CVSE), de slotdocumenten van de vervolgvergaderingen van Madrid en Wenen, het document van de CVSE-Conferentie van Bonn betreffende economische samenwerking, het Handvest van Parijs voor een Nieuw Europa en het CVSE-document van Helsinki 1992 „Uitdagingen van het Veranderingsproces”,

Bevestigende het grote belang dat de Gemeenschap en haar Lid-Staten en Rusland hechten aan de doelstellingen en beginselen van het Europees Energiehandvest van 17 december 1991 en aan de Verklaring van de Conferentie van Luzern van april 1993,

Overtuigd van het allesoverheersende belang van de beginselen van de rechtsstaat en de eerbiediging van de mensenrechten, inzonderheid de rechten van minderheden, de totstandbrenging van een meerpartijenstelsel met vrije en democratische verkiezingen, en economische liberalisering met het oog op de totstandbrenging van een markteconomie;

Van oordeel zijnde dat de voortzetting en voltooiing van de politieke en economische hervormingen in Rusland voorwaarde zijn voor de volledige uitvoering van het partnerschap;

Verlangende het proces van regionale samenwerking tussen de landen van de voormalige USSR op de door deze Overeenkomst bestreken gebieden te stimuleren om welvaart en stabiliteit in deze regio te bevorderen,

Verlangende regelmatige politieke dialoog over bilaterale en internationale vraagstukken van wederzijds belang tot stand te brengen en te ontwikkelen,

Rekening houdende met het feit dat de Gemeenschap bereid is passende technische bijstand te verlenen voor de uitvoering van economische hervormingen in Rusland en voor de ontwikkeling van economische samenwerking,

Herinnerend aan het nut van de Overeenkomst voor het bevorderen van geleidelijke toenadering tussen Rusland en een uitgestrekter samenwerkingsgebied in Europa en naburige regio's, en de geleidelijke integratie van Rusland in het open internationaal handelssysteem,

Gelet op de verbintenis van de Partijen tot vrijmaking van de handel op grond van de beginselen die zijn vervat in de Algemene Overeenkomst betreffende Tarieven en Handel, hierna de „GATT” te noemen, als gewijzigd bij de handelsbesprekingen in het kader van de Uruguay-Ronde, en rekening houdend met de oprichting van de Wereldhandelsorganisatie, hierna de „WTO” te noemen,

Erkennende dat Rusland niet langer een land met staatshandel is; dat het nu een land met een overgangseconomie is en dat verdere vooruitgang op de weg naar een markteconomie zal worden bevorderd door samenwerking tussen de Partijen in de vormen die in deze Overeenkomst zijn uiteengezet;

Zich bewust zijnde van de noodzaak verbetering te brengen in de voorwaarden voor bedrijfsleven en investeringen, en de voorwaarden voor, onder andere, de vestiging van ondernemingen, werknemers, het verrichten van diensten en kapitaalverkeer,

Ervan overtuigd zijnde dat deze Overeenkomst een nieuw klimaat zal scheppen voor de economische betrekkingen tussen de Partijen, en vooral voor de ontwikkeling van handel en investeringen, die onontbeerlijk zijn voor economische herstructurering en technologische modernisering,

Verlangende nauwe samenwerking op het gebied van milieubescherming tot stand te brengen, gezien de onderlinge afhankelijkheid van de Partijen op dit gebied,

In gedachten houdende dat de Partijen voornemens zijn hun samenwerking op het gebied van ruimteonderzoek te ontwikkelen, gelet op het complementair karakter van hun activiteiten op dit gebied,

Verlangende culturele samenwerking te bevorderen en de doorstroming van informatie te verbeteren,

Zijn als volgt overeengekomen:

Artikel 1

Er wordt een partnerschap tot stand gebracht tussen de Gemeenschap en haar Lid-Staten, enerzijds, en Rusland, anderzijds. Dit partnerschap heeft ten doel:

TITEL I. ALGEMENE BEGINSELEN

Artikel 2

De eerbiediging van de democratische beginselen en de mensenrechten, als onder meer vastgelegd in de Slotakte van Helsinki en het Handvest van Parijs voor een Nieuw Europa, vormen de grondslag van het binnenlands en buitenlands beleid van de Partijen en zijn een essentieel onderdeel van het partnerschap en van deze Overeenkomst.

Artikel 3

De Partijen verbinden zich ertoe, voor zover de omstandigheden het toelaten, ontwikkelingen in het kader van de desbetreffende titels van deze Overeenkomst, in het bijzonder titel III en artikel 53, te bekijken met het oog op het tot stand brengen van een onderlinge vrijhandelszone. De Samenwerkingsraad kan de Partijen aanbevelingen met betrekking tot deze ontwikkelingen doen. Aan deze ontwikkelingen wordt slechts uitvoering gegeven in een overeenkomst tussen de Partijen in overeenstemming met hun onderscheiden procedures. De Partijen plegen in 1998 overleg om na te gaan of de omstandigheden van dien aard zijn dat kan worden begonnen met onderhandelingen over de totstandbrenging van een vrijhandelszone.

Artikel 4

De Partijen verbinden zich ertoe samen, in onderlinge overeenstemming, na te gaan welke wijzigingen eventueel in een onderdeel van de Overeenkomst dienen te worden aangebracht in verband met gewijzigde omstandigheden, inzonderheid de situatie als gevolg van de toetreding van Rusland tot de GATT/WTO. Het eerste onderzoek vindt plaats drie jaar na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst, of wanneer Rusland tot de GATT/WTO toetreedt, indien dat eerder plaatsvindt.

Artikel 5
1.

De krachtens deze Overeenkomst door Rusland toegekende meestbegunstigingsbehandeling gedurende een overgangsperiode die vijf jaar na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst afloopt, is niet van toepassing op de in bijlage 1 vermelde voordelen die Rusland heeft toegekend aan andere landen van de voormalige USSR. Deze periode kan, zo nodig, in onderlinge overeenstemming tussen de Partijen worden verlengd voor bepaalde sectoren.

2.

Bij meestbegunstiging krachtens titel III eindigt de in lid 1 bedoelde overgangsperiode drie jaar na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst of, indien dat eerder plaatsvindt, wanneer Rusland tot de GATT/WTO toetreedt.

TITEL II. POLITIEKE DIALOOG

Artikel 6

Er wordt een regelmatige politieke dialoog tot stand gebracht tussen de Partijen, die zal worden ontwikkeld en geïntensiveerd. Deze dialoog begeleidt en consolideert het proces waarbij de Europese Unie en Rusland nader tot elkaar komen, ondersteunt de politieke en economische veranderingen die in Rusland aan de gang zijn en draagt bij tot de totstandkoming van nieuwe vormen van samenwerking. De politieke dialoog strekt ertoe

Artikel 7
1.

In beginsel tweemaal per jaar heeft een bijeenkomst plaats tussen de Voorzitter van de Raad van de Europese Unie en de Voorzitter van de Europese Commissie, enerzijds, en de President van Rusland, anderzijds.

2.

Op ministerieel niveau vindt de politieke dialoog plaats in het kader van de bij artikel 90 opgerichte Samenwerkingsraad en bij andere gelegenheden, in onderlinge overeenstemming ook met de Trojka van de Europese Unie.

Artikel 8

De Partijen voorzien in andere procedures en regelingen voor politieke dialoog, met name in de volgende vormen:

Artikel 9

Op parlementair niveau vindt de politieke dialoog plaats in het kader van het bij artikel 95 opgerichte Parlementair Samenwerkingscomité.

TITEL III. GOEDERENVERKEER

Artikel 10
1.

De Partijen passen ten aanzien van elkaar de algemene meestbegunstigingsregeling toe van artikel I, lid 1, van de GATT.

2.

De bepalingen van lid 1 zijn niet van toepassing op:

Artikel 11
1.

De uit het grondgebied van een Partij herkomstige produkten die op het grondgebied van de andere Partij worden ingevoerd, worden direct noch indirect onderworpen aan enige interne belastingen of andere interne heffingen die hoger zijn dan die welke direct of indirect op soortgelijke binnenlandse produkten van toepassing zijn.

2.

Voorts worden deze produkten niet minder gunstig behandeld dan soortgelijke nationale produkten ten aanzien van alle wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen en vereisten met betrekking tot hun verkoop op de binnenlandse markt, aanbieding ten verkoop, aankoop, vervoer, distributie of gebruik. De bepalingen van dit lid vormen geen beletsel voor de toepassing van gedifferentieerde binnenlandse vervoertarieven die uitsluitend gebaseerd zijn op de economisch verantwoorde exploitatie van het vervoermiddel en niet op de nationaliteit van het produkt.

3.

Artikel III, leden 8, 9 en 10, van de GATT is van overeenkomstige toepassing tussen de Partijen.

Artikel 12
1.

De Partijen zijn het erover eens dat het beginsel van de vrije doorvoer een essentiële voorwaarde is voor het bereiken van de doelstellingen van deze Overeenkomst.

Met het oog hierop waarborgt elke Partij de vrije doorgang over zijn grondgebied van goederen die van oorsprong zijn uit of bestemd zijn voor het douanegebied van de andere Partij.

2.

De in artikel V, leden 2,3, 4 en 5, van de GATT vastgestelde regels zijn tussen de Partijen van toepassing.

Artikel 13

De hierna volgende artikelen van de GATT zijn van overeenkomstige toepassing tussen de Partijen:

Artikel 14

Onverminderd de rechten en verplichtingen die voortvloeien uit de beide Partijen bindende internationale overeenkomsten betreffende de tijdelijke invoer van goederen, verleent elke Partij de andere Partij, in de gevallen en volgens de procedures die zijn vastgesteld in enige andere voor haar bindende internationale overeenkomst op dit gebied en overeenkomstig haar nationale wettelijke regeling ter zake, vrijstelling van invoerrechten en -heffingen op goederen die tijdelijk worden ingevoerd. Deze wettelijke bepalingen worden toegepast met inachtneming van de meestbegunstigingsregeling en, derhalve, onder voorbehoud van de in artikel 10, lid 2, van deze Overeenkomst vermelde uitzonderingen. Hierbij wordt rekening gehouden met de voorwaarden waaronder de uit een dergelijke Overeenkomst voortvloeiende verplichtingen door de betrokken Partij zijn aanvaard.

Artikel 15

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.