Elfde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, betreffende herstructurering van het bij dat Verdrag ingestelde controlemechanisme

Type Verdrag
Publication 1998-11-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Lidstaten van de Raad van Europa die dit Protocol bij het op 4 november 1950 te Rome ondertekende Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna te noemen „het Verdrag”), hebben ondertekend,

Overwegende dat het dringend noodzakelijk is het bij het Verdrag ingestelde controlemechanisme te herstructureren, teneinde de doeltreffendheid van de bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden door het Verdrag te handhaven en te verbeteren, voornamelijk gezien de toeneming van het aantal verzoekschriften en het groeiend aantal leden van de Raad van Europa,

Overwegende dat het derhalve wenselijk is enkele bepalingen van het Verdrag te wijzigen teneinde, met name, de bestaande Europese Commissie en het bestaande Europese Hof voor de Rechten van de Mens te vervangen door een nieuw permanent Hof,

Gelet op Resolutie nr. 1, aangenomen op de Europese Ministeriële Conferentie inzake de rechten van de mens, gehouden te Wenen op 19 en 20 maart 1985,

Gelet op Aanbeveling 1194 (1992), aangenomen door de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa op 6 oktober 1992,

Gelet op het besluit inzake hervorming van het controlemechanisme van het Verdrag, genomen door de staatshoofden en regeringsleiders van de Lidstaten van de Raad van Europa in de Verklaring van Wenen van 9 oktober 1993,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel 1

Wijzigt het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden; Rome, 04-11-1950

Artikel 2
1.

Wijzigt het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden; Rome, 04-11-1950

2.

Wijzigt het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden; Rome, 04-11-1950

3.

Wijzigt het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden; Rome, 04-11-1950

4.

Wijzigt het Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden; Parijs, 20-03-1952

5.

Wijzigt het Vierde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden; Straatsburg, 16-09-1963

6.

Wijzigt het Zesde Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden; Straatsburg, 28-04-1983

7.

Wijzigt het Zevende Protocol bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden; Straatsburg, 22-11-1984

8.

Het Negende Protocol wordt ingetrokken.

Artikel 3
1.

Dit Protocol staat open voor ondertekening door de Lidstaten van de Raad van Europa die het Verdrag hebben ondertekend, die blijk kunnen geven van het feit dat zij ermede instemmen te worden gebonden door middel van:

2.

De akten van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.

Artikel 4

Dit Protocol treedt in werking op de eerste dag van de maand die volgt na het verstrijken van een tijdvak van een jaar na de datum waarop alle Partijen bij het Verdrag hun instemming door dit Protocol te worden gebonden tot uitdrukking hebben gebracht overeenkomstig bepalingen van artikel 3. De verkiezing van nieuwe rechters kan plaatsvinden en alle noodzakelijke stappen voor de instelling van het nieuwe Hof kunnen worden ondernomen, in overeenstemming met de bepalingen van dit Protocol, vanaf de datum waarop alle Partijen bij het Verdrag hun instemming door dit Protocol te worden gebonden tot uitdrukking hebben gebracht.

Artikel 5
1.

Onverminderd de bepalingen van het derde en vierde lid hieronder, eindigt de ambtstermijn van de rechters, de leden van de Commissie, de griffier en de plaatsvervangend griffier op de datum van inwerkingtreding van dit Protocol.

2.

Verzoekschriften die bij de Commissie aanhangig zijn en die op de datum van inwerkingtreding van dit Protocol nog niet ontvankelijk zijn verklaard, worden door het Hof behandeld in overeenstemming met de bepalingen van dit Protocol.

3.

Verzoekschriften die op de datum van inwerkingtreding van dit Protocol ontvankelijk zijn verklaard, worden gedurende een jaar nadien afgehandeld door leden van de Commissie. Verzoekschriften die gedurende deze termijn niet zijn afgehandeld, worden doorgezonden naar het Hof, dat ze als ontvankelijke verzoekschriften behandelt in overeenstemming met de bepalingen van dit Protocol.

4.

Ten aanzien van verzoekschriften waarvoor de Commissie, na de inwerkingtreding van dit Protocol, een rapport heeft aangenomen in overeenstemming met het oude artikel 31 van het Verdrag, wordt het rapport toegezonden aan de partijen, die niet de vrijheid hebben dit openbaar te maken. In overeenstemming met de bepalingen die vóór de inwerkingtreding van dit Protocol van toepassing waren, kan een zaak worden verwezen naar het Hof. Het college van de Grote Kamer beslist of één van de Kamers dan wel de Grote Kamer in de zaak uitspraak zal doen. Indien een Kamer uitspraak doet, geldt de uitspraak van de Kamer als einduitspraak. Zaken die niet naar het Hof worden verwezen, worden behandeld door het Comité van Ministers, dat handelt in overeenstemming met de bepalingen van het oude artikel 32 van het Verdrag.

5.

Zaken die bij het Hof aanhangig zijn en die op de datum van inwerkingtreding van dit Protocol nog niet zijn afgehandeld, worden doorgezonden naar de Grote Kamer van het Hof, die ze behandelt in overeenstemming met de bepalingen van dit Protocol.

6.

Zaken die bij het Comité van Ministers aanhangig zijn en die op de datum van inwerkingtreding van dit Protocol nog niet zijn afgehandeld ingevolge het oude artikel 32 van het Verdrag, worden door het Comité van Ministers afgedaan in overeenstemming met dat artikel.

Artikel 6

Wanneer een Hoge Verdragsluitende Partij door middel van een verklaring ingevolge het oude artikel 25 of het oude artikel 46 van het Verdrag slechts de bevoegdheid van de Commissie of de rechtsmacht van het Hof heeft erkend ten aanzien van zaken die zijn ontstaan na of zijn gebaseerd op feiten die zich hebben voorgedaan na bedoelde verklaring, blijft deze beperking gelden voor de rechtsmacht van het Hof op grond van dit Protocol.

Artikel 7

De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa stelt de Lidstaten van de Raad van Europa in kennis van:

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorised thereto, have signed this Protocol.

DONE at Strasbourg, this 11th day of May 1994, in English and French, both texts being equally authentic, in a single copy which shall be deposited in the archives of the Council of Europe. The Secretary General of the Council of Europe shall transmit certified copies to each member State of the Council of Europe.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.