Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Australië inzake betaald werk van gezinsleden van diplomatiek en consulair personeel

Type Verdrag
Publication 1998-08-13
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Het Koninkrijk der Nederlanden en Australië

Geleid door de wens een verdrag te sluiten inzake de tewerkstelling van gezinsleden van diplomaten en andere personeelsleden van de Ambassade, Consulaten-Generaal, Consulaten en permanente vertegenwoordigingen,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel 1. Toestemming om betaalde werkzaamheden te verrichten

a. Gezinsleden die deel uitmaken van het officiële huishouden van een lid van de diplomatieke vertegenwoordiging of een consulaire post van de zendstaat wordt toegestaan betaalde werkzaamheden te verrichten in de ontvangende staat in overeenstemming met de bepalingen van de wet van de ontvangende staat en onder voorbehoud van de bepalingen van dit Verdrag.

b. Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:

c. Als regel wordt geen toestemming verleend, indien de aanvrager door de aanvaarding van de voorgestelde dienstbetrekking niet langer deel uitmaakt van het huishouden van het lid van de diplomatieke vertegenwoordiging of consulaire post.

d. Een gezinslid wordt toegestaan om betaald werk te verrichten vanaf het tijdstip van aankomst van het lid van een diplomatieke vertegenwoordiging of consulaire post in de ontvangende staat tot het tijdstip van vertrek van laatstgenoemde of tot het einde van een redelijke termijn daarna.

Artikel 2. Procedures

a. Een verzoek om toestemming voor het aanvaarden van betaalde werkzaamheden wordt uit naam van het gezinslid door de Ambassade van de zendstaat naar het Ministerie van Buitenlandse Zaken van de ontvangende staat gestuurd.

b. De gevolgde procedures worden zodanig toegepast dat het gezinslid in staat wordt gesteld zo snel mogelijk betaalde werkzaamheden te aanvaarden en alle vereisten inzake werkvergunningen en soortgelijke formaliteiten worden welwillend toegepast.

c. Toestemming voor een gezinslid om betaalde werkzaamheden te aanvaarden betekent niet dat vrijstelling wordt verleend van de vereisten die gewoonlijk van toepassing zijn op een dienstbetrekking, ongeacht of deze betrekking hebben op persoonlijke eigenschappen, professionele- of handelskwalificaties of anderszins.

Artikel 3. Civiel- en administratiefrechtelijke voorrechten en immuniteiten

Ingeval gezinsleden immuniteit genieten ten aanzien van de rechtsmacht van de ontvangende staat in civiel- en administratiefrechtelijke zaken overeenkomstig het Verdrag inzake diplomatiek verkeer, wordt door de zendstaat afstand gedaan van deze immuniteit ten aanzien van alle aangelegenheden die voortvloeien uit het betaalde werk en die binnen het civiele of administratieve recht van de ontvangende staat vallen. In deze gevallen doet de zendstaat eveneens afstand van de immuniteit ten aanzien van de tenuitvoerlegging van een vonnis jegens een gezinslid.

Artikel 4. Immuniteit ten aanzien van strafzaken

Ingeval gezinsleden immuniteit genieten ten aanzien van de rechtsmacht in strafzaken van de ontvangende staat overeenkomstig het Verdrag inzake diplomatiek verkeer, geldt het volgende:

Artikel 5. Belasting en socialezekerheidsstelsels

In overeenstemming met het Verdrag inzake diplomatiek verkeer of krachtens alle andere toepasselijke internationale verdragen zijn gezinsleden ten aanzien van alle aangelegenheden die verband houden met de betaalde werkzaamheden onderworpen aan de belasting- en socialezekerheidsstelsels van de ontvangende staat.

Artikel 6. Voorschriften inzake tewerkstelling

De wettelijke bepalingen in Nederland en Australië betreffende de tewerkstelling van vreemdelingen, met uitzondering van de bepalingen die betrekking hebben op tewerkstelling bij de overheid, zijn niet van toepassing op gezinsleden die toestemming hebben om werkzaamheden te verrichten in Nederland of Australië in overeenstemming met dit Verdrag.

Artikel 7. Duur en beëindiging

Dit Verdrag blijft voor onbepaalde tijd in werking. Elk van beide Staten kan het te allen tijde beëindigen door hiervan zes (6) maanden van te voren schriftelijk kennis te geven aan de andere Staat.

Artikel 8. Inwerkingtreding

Dit Verdrag treedt in werking dertig dagen na de dag, waarop de Verdragsluitende Partijen elkaar hebben medegedeeld dat aan hun onderscheiden constitutionele en wettelijke vereisten voor de inwerkingtreding van dit Verdrag is voldaan.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorised thereto by their respective Governments, have signed this Agreement.

DONE at Canberra on the twenty-fourth day of the month of September of the year one thousand nine hundred and ninety-seven, in two originals in the English language.

For the Kingdom of the Netherlands:

(sd.) F. H. G. DE GRAVE

For Australia:

(sd.) A. DOWNER

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.