Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Litouwen inzake de wederzijdse administratieve bijstand ten behoeve van de juiste toepassing van de douanewetgeving en de voorkoming, opsporing en bestrijding van inbreuken op de douanewetgeving

Type Verdrag
Publication 2000-12-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Litouwen, hierna te noemen de Verdragsluitende Partijen,

Overwegende dat inbreuken op de douanewetgeving hun economische, fiscale, sociale en culturele belangen en hun handelsbelangen schaden;

Gelet op het belang van een juiste vaststelling van de douanerechten en andere belastingen die bij invoer of uitvoer worden geïnd en van het waarborgen van een juiste handhaving van verboden, beperkingen en controlemaatregelen;

Erkennende de noodzaak van internationale samenwerking ter zake van aangelegenheden die verband houden met de toepassing en handhaving van hun douanewetgeving;

Overwegende dat de grensoverschrijdende handel in verdovende middelen en psychotrope stoffen een bijzonder gevaar voor de volksgezondheid en de samenleving vormt;

Ervan overtuigd dat het optreden tegen inbreuken op de douanewetgeving doeltreffender kan worden door middel van nauwe samenwerking tussen hun douane-administraties op basis van duidelijke wettelijke bepalingen;

Gelet op de van belang zijnde instrumenten van de Internationale Douaneraad, in het bijzonder de Aanbeveling inzake wederzijdse administratieve bijstand van 5 december 1953;

Tevens gelet op verdragen die verboden, beperkingen en bijzondere controlemaatregelen met betrekking tot bepaalde goederen bevatten en waarbij de Verdragsluitende Partijen partij zijn;

Zijn het volgende overeengekomen:

HOOFDSTUK I. BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN

Artikel 1

Voor de toepassing van dit Verdrag

HOOFDSTUK II. TOEPASSINGSGEBIED VAN HET VERDRAG

Artikel 2
1.

De Verdragsluitende Partijen verlenen elkaar door tussenkomst van hun douane-administraties administratieve bijstand onder de in dit Verdrag genoemde voorwaarden ten behoeve van de juiste toepassing van de douanewetgeving en van de voorkoming, opsporing en bestrijding van inbreuken op de douanewetgeving.

2.

Alle bijstand uit hoofde van dit Verdrag door een van de Verdragsluitende Partijen wordt verleend in overeenstemming met haar nationale wettelijke en administratieve bepalingen en binnen de grenzen van de bevoegdheden en beschikbare middelen van haar douane-administratie. Dit Verdrag is uitsluitend bedoeld voor de wederzijdse administratieve bijstand tussen de Verdragsluitende Partijen.

3.

Indien bijstand ter zake van in dit Verdrag geregelde aangelegenheden dient te worden verleend in overeenstemming met een andere samenwerkingsovereenkomst tussen de Verdragsluitende Partijen, geeft de aangezochte administratie aan welke autoriteiten het betreft.

HOOFDSTUK III. REIKWIJDTE VAN DE BIJSTAND

Artikel 3
1.

De douane-administraties verstrekken elkaar op verzoek of uit eigen beweging informatie en inlichtingen die bijdragen tot een juiste toepassing van de douanewetgeving en tot de voorkoming, opsporing en bestrijding van inbreuken op de douanewetgeving.

2.

Elk van beide douane-administraties handelt bij het instellen van een onderzoek namens de andere douane-administratie alsof het onderzoek werd ingesteld ten behoeve van haarzelf of op verzoek van een andere autoriteit van haar eigen Staat.

Artikel 4
1.

De aangezochte administratie verstrekt, op verzoek, alle informatie over de in die Verdragsluitende Partij toepasselijke douanewetgeving en -regelingen die van belang is voor het onderzoek met betrekking tot een inbreuk op de douanewetgeving.

2.

Elk van beide douane-administraties verstrekt uit eigen beweging en onverwijld alle beschikbare informatie met betrekking tot:

HOOFDSTUK IV. BIJZONDERE VORMEN VAN BIJSTAND

Artikel 5

De aangezochte administratie verstrekt de verzoekende administratie op haar verzoek de volgende informatie:

Artikel 6
1.

De aangezochte administratie houdt op verzoek toezicht op:

2.

Indien het noodzakelijk is personen die betrokken zijn bij ongeoorloofd verkeer te identificeren, geldt dat elk van beide douane-administraties adequate maatregelen neemt binnen de grenzen van haar nationale wettelijke en administratieve bepalingen en alle noodzakelijke medewerking van haar rechterlijke autoriteiten tracht te verkrijgen.

Artikel 7
1.

De douane-administraties verstrekken elkaar op verzoek of uit eigen beweging informatie en inlichtingen over verrichte of voorgenomen transacties die een inbreuk op de douanewetgeving vormen of lijken te vormen.

2.

In ernstige gevallen die aanzienlijke schade voor de economie, volksgezondheid, openbare veiligheid of enig ander vitaal belang van de andere Verdragsluitende Partij met zich kunnen meebrengen, verstrekt elk van beide douane-administraties waar mogelijk onverwijld uit eigen beweging informatie en inlichtingen.

Artikel 8

Op verzoek stelt de aangezochte administratie de betrokken personen die in haar douanegebied wonen in kennis van elke maatregel of beslissing die door de verzoekende administratie met betrekking tot de toepassing van de douanewetgeving is genomen. Dit houdt mede in de afgifte aan de betrokken personen van documenten die beslissingen bevatten.

HOOFDSTUK V. INFORMATIE

Artikel 9
1.

Om originele informatie wordt slechts verzocht in gevallen waarin niet met gewaarmerkte of gelegaliseerde afschriften kan worden volstaan, en deze wordt zo spoedig mogelijk teruggezonden; zulks laat rechten van de aangezochte administratie of van derden ter zake onverlet.

2.

Alle ingevolge dit Verdrag uit te wisselen informatie en inlichtingen gaan vergezeld van alle gegevens die van belang zijn om deze te interpreteren of te gebruiken.

HOOFDSTUK VI. DESKUNDIGEN EN GETUIGEN

Artikel 10
1.

De aangezochte administratie kan op verzoek haar ambtenaren machtigen om ter zake van een inbreuk op de douanewetgeving als deskundige of getuige te verschijnen voor een rechterlijke instantie van de andere Verdragsluitende Partij.

2.

In het verzoek om te verschijnen wordt gespecificeerd met betrekking tot welke aangelegenheden en krachtens welke rechtsgrond of kwalificatie de ambtenaar zal worden gehoord.

HOOFDSTUK VII. COMMUNICATIE

Artikel 11
1.

Bijstand uit hoofde van dit Verdrag wordt rechtstreeks tussen de douane-administraties verleend.

2.

Verzoeken om bijstand uit hoofde van dit Verdrag worden schriftelijk gedaan en gaan vergezeld van alle nuttig geachte documenten. Wanneer de omstandigheden dit vereisen, kunnen ook mondeling verzoeken worden gedaan. Dergelijke verzoeken worden onmiddellijk schriftelijk bevestigd.

3.

Verzoeken ingevolge het tweede lid van dit artikel bevatten de volgende bijzonderheden:

4.

Een verzoek van een van de Verdragsluitende Partijen om een bepaalde procedure te volgen wordt ingewilligd, met inachtneming van de nationale wettelijke en administratieve bepalingen van de aangezochte Verdragsluitende Partij.

5.

De in dit Verdrag bedoelde informatie en inlichtingen worden medegedeeld aan ambtenaren die door elke douane-administratie hiertoe speciaal zijn aangewezen. Een lijst van aldus aangewezen ambtenaren wordt aan de douane-administratie van de andere Verdragsluitende Partij verstrekt in overeenstemming met artikel 18, tweede lid, van dit Verdrag.

HOOFDSTUK VIII. UITVOERING VAN VERZOEKEN

Artikel 12

Indien de aangezochte administratie niet over de gevraagde informatie beschikt, stelt zij een onderzoek in om die informatie te verkrijgen in overeenstemming met haar nationale wettelijke en administratieve bepalingen, dan wel zendt zij het verzoek onmiddellijk door naar de daarvoor in aanmerking komende instantie. Dit onderzoek omvat mede het optekenen van verklaringen van personen van wie informatie wordt verlangd in verband met een inbreuk op de douanewetgeving en van getuigen en deskundigen.

Artikel 13
1.

Door de verzoekende administratie speciaal hiertoe aangewezen ambtenaren kunnen, met instemming van de aangezochte administratie en onder de door laatstgenoemde hieraan verbonden voorwaarden, ten behoeve van de opsporing van een inbreuk op de douanewetgeving, op schriftelijk verzoek:

2.

Wanneer, onder de in het eerste lid van dit artikel bedoelde omstandigheden, ambtenaren van de verzoekende administratie aanwezig zijn op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij, moeten zij te allen tijde in staat zijn hun ambtelijke hoedanigheid aan te tonen. Gedurende hun verblijf op het grondgebied van die Verdragsluitende Partij genieten zij dezelfde bescherming en bijstand als die welke worden toegekend aan douane-ambtenaren van die andere Verdragsluitende Partij, in overeenstemming met de aldaar geldende wetgeving. Zij zijn verantwoordelijk voor de strafbare feiten die zij eventueel begaan.

HOOFDSTUK IX. VERTROUWELIJK KARAKTER VAN INFORMATIE

Artikel 14
1.

Alle in het kader van administratieve bijstand uit hoofde van dit Verdrag ontvangen informatie en inlichtingen mogen slechts voor de doeleinden van dit Verdrag en uitsluitend door de douane-administratie worden gebruikt. Het gebruik van de informatie voor andere doeleinden of door andere autoriteiten is onderworpen aan de uitdrukkelijke goedkeuring van de douane-administratie die deze informatie verstrekt.

2.

Wanneer de nationale wetgeving van de verstrekkende Verdragsluitende Partij dit voorschrijft, mogen informatie en inlichtingen die zijn verstrekt in het kader van administratieve bijstand ingevolge dit Verdrag niet worden gebruikt als bewijs in strafrechtelijke vervolgingen op het grondgebied van de ontvangende Verdragsluitende Partij zonder de voorafgaande toestemming van het openbaar ministerie of de rechterlijke autoriteiten van de verstrekkende Verdragsluitende Partij.

3.

Het eerste lid belet niet het doorgeven van ontvangen informatie en inlichtingen in verband met een strafrechtelijke vervolging wanneer in de wetgeving van de ontvangende Verdragsluitende Partij daartoe een verplichting bestaat voor haar douane-administratie. De verstrekkende douane-administratie wordt vooraf in kennis gesteld van het voornemen informatie door te geven.

4.

Alle uit hoofde van dit Verdrag ontvangen informatie wordt vertrouwelijk behandeld en daarvoor gelden ten minste dezelfde bescherming en vertrouwelijkheid als die welke voor soortgelijke informatie gelden krachtens de nationale wettelijke en administratieve bepalingen van de Verdragsluitende Partij op wier grondgebied zij wordt ontvangen.

5.

Dit artikel laat onverlet de verplichtingen van het Koninkrijk der Nederlanden op grond van de wetgeving van de Europese Unie om informatie te verstrekken aan de Europese Commissie of de douane-administraties van de Lidstaten van de Europese Unie. Van elk zodanig voornemen tot het verstrekken van informatie zal van tevoren kennis worden gegeven aan de douane-administratie van de Republiek Litouwen.

Artikel 15
1.

Uit hoofde van dit Verdrag uitgewisselde persoonsgegevens vallen onder de nationale wettelijke en administratieve bepalingen inzake gegevensbescherming in elk van beide Verdragsluitende Partijen. Deze bepalingen dienen ten minste in overeenstemming te zijn met de beginselen in de Bijlage bij dit Verdrag, die een integrerend deel van dit Verdrag uitmaakt.

2.

Er worden geen persoonsgegevens uitgewisseld uit hoofde van dit Verdrag totdat de in het eerste lid van dit artikel bedoelde wettelijke en administratieve bepalingen in beide Verdragsluitende Partijen van kracht zijn.

3.

Zodra het Verdrag tot bescherming van personen met betrekking tot de geautomatiseerde verwerking van persoonsgegevens, tot stand gekomen op 28 januari 1981 te Straatsburg, en de nodige nationale wettelijke en administratieve bepalingen ter uitvoering van dat Verdrag in werking zijn getreden, zijn de bepalingen van dat Verdrag en de nationale wettelijke en administratieve bepalingen ter uitvoering van dat Verdrag van toepassing op de uit hoofde van dit Verdrag uitgewisselde persoonsgegevens en treden zij in de plaats van de in het eerste en tweede lid van dit artikel en in de Bijlage bij dit Verdrag neergelegde bepalingen.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.