Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Kroatië inzake sociale zekerheid
Artikel 12. Verstrekkingen aan gepensioneerden en hun gezinsleden die niet wonen op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij krachtens wier wetgeving een pensioen wordt ontvangen en die recht hebben op prestaties
Om verstrekkingen te ontvangen op het grondgebied van de Verdragsluitende Partij waar hij woont, schrijven de in artikel 19, tweede lid, van het Verdrag bedoelde gepensioneerde en zijn gezinsleden zich in bij het orgaan van de woonplaats, onder overlegging van de volgende documenten:
- i. een verklaring waaruit blijkt dat hijzelf en zijn gezinsleden recht hebben op de verstrekkingen. Deze verklaring wordt afgegeven door het bevoegde orgaan dat een afschrift van deze verklaring naar het orgaan van de woonplaats van de andere Partij zendt. Indien de gepensioneerde geen verklaring overlegt, vraagt het orgaan van de woonplaats deze aan bij het bevoegde orgaan. De verklaring blijft geldig zolang het orgaan van de woonplaats van de andere Partij geen kennisgeving heeft ontvangen dat de verklaring is ingetrokken door het orgaan dat de verklaring heeft afgegeven;
- ii. de bewijsstukken die doorgaans vereist worden voor de verlening van verstrekkingen volgens de wetgeving van de woonstaat.
Het orgaan van de woonplaats stelt het bevoegde orgaan in kennis van iedere inschrijving die het overeenkomstig het voorgaande lid heeft verricht.
De verlening van verstrekkingen is onderworpen aan de geldigheid van de in het eerste lid, onder i) van dit artikel bedoelde verklaring.
De gepensioneerde informeert het orgaan van zijn woonplaats over iedere verandering in zijn omstandigheden waardoor het recht op verstrekkingen zou kunnen worden gewijzigd, in het bijzonder over iedere schorsing of intrekking van het pensioen en over iedere verandering van zijn woonplaats of die van zijn gezinsleden.
Het orgaan van de woonplaats stelt, zodra het kennis krijgt van enige wijziging die van invloed is op de omvang van het recht op verstrekkingen van de gepensioneerde of zijn gezinsleden, het bevoegde orgaan op de hoogte.
Het orgaan van de woonplaats is het bevoegde orgaan behulpzaam bij het treffen van maatregelen tegen een persoon die prestaties heeft ontvangen die niet aan hem verschuldigd waren.
Artikel 13. Verstrekkingen voor gezinsleden die wonen op het grondgebied van een andere staat dan de staat waar de gepensioneerde woont
De bepalingen van artikel 12 zijn van overeenkomstige toepassing op de gezinsleden bedoeld in artikel 19, derde lid, van het Verdrag. In dat geval wordt de verklaring waaruit blijkt dat de gezinsleden recht hebben op verstrekkingen afgegeven door het bevoegde orgaan.
Artikel 14. Verstrekkingen voor gepensioneerden en hun gezinsleden die verblijven in een andere staat dan de staat waar zij wonen
Ten aanzien van de verlening van verstrekkingen aan gepensioneerden en hun gezinsleden gedurende een tijdelijk verblijf als bedoeld in artikel 19, vijfde lid, van het Verdrag, zijn de bepalingen van de artikelen 9 en 10 van overeenkomstige toepassing.
Artikel 15. Vergoeding door het bevoegde orgaan of door het orgaan van de woonplaats van de ene Verdragsluitende Partij van uitgaven tijdens een verblijf op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij
Indien de formaliteiten bedoeld in artikel 9 niet konden worden afgewikkeld gedurende het tijdelijk verblijf, worden de uitgaven, op verzoek van de betrokkene, vergoed door het bevoegde orgaan of, indien van toepassing, door het orgaan van de woonplaats, in overeenstemming met de door het orgaan van de tijdelijke verblijfplaats gehanteerde vergoedingstarieven.
Het orgaan van de tijdelijke verblijfplaats verschaft, op verzoek van het bevoegde orgaan of, indien van toepassing, op verzoek van het orgaan van de woonplaats, de benodigde informatie over dergelijke tarieven.
Artikel 16. Dagelijkse uitkeringen bij ziekte en moederschap
Om uitkeringen krachtens de Nederlandse wetgeving te ontvangen, dient een verzekerde die recht heeft op uitkeringen en die zich op het grondgebied van Kroatië bevindt zijn aanvraag in bij het bevoegde plaatselijke kantoor van de Kroatische Ziekteverzekeringsinstelling.
De aanvraag die is ingediend bij het in het eerste lid van dit artikel genoemde orgaan dient vergezeld te gaan van een verklaring inzake arbeidsongeschiktheid die is afgegeven door de behandelend geneesheer. Deze verklaring vermeldt de aanvangsdatum van de arbeidsongeschiktheid, de diagnose en de vermoedelijke duur van de arbeidsongeschiktheid.
Het in het eerste lid van dit artikel genoemde orgaan dat de aanvraag heeft ontvangen stelt het bevoegde orgaan of, indien dit orgaan niet bekend is, het Landelijk Instituut Sociale Verzekeringen, p/a GAK Nederland bv, Amsterdam, zo spoedig mogelijk in kennis van de indiening van de aanvraag om uitkeringen, onder vermelding van de datum waarop de aanvraag is ingediend, alsmede van de naam en het adres van de werkgever, indien van toepassing, en zendt de verklaring inzake arbeidsongeschiktheid die bij de aanvraag was gevoegd, naar het bevoegde orgaan of, indien dit orgaan niet bekend is, naar het Landelijk Instituut Sociale Verzekeringen, p/a GAK Nederland bv, Amsterdam.
Op verzoek van het bevoegde orgaan oefent het in het eerste lid van dit artikel genoemde orgaan zonodig de administratieve controle uit.
Het bevoegde orgaan betaalt de uitkeringen rechtstreeks aan de rechthebbende, op de daartoe aangewezen wijze.
Artikel 17. Vergoeding van prestaties in andere gevallen dan voorzien in de artikelen 18 en 19
De werkelijke kosten van verstrekkingen verleend krachtens de artikelen 15, 16, 18, eerste, tweede en zesde lid, en artikel 19, vijfde lid, van het Verdrag worden door de bevoegde organen, of, indien van toepassing, door de organen van de woonplaats vergoed aan de organen die deze verstrekkingen hebben verleend zoals blijkt uit de boekhouding van deze organen.
Voor de vergoeding mogen geen hogere tarieven worden gehanteerd dan die welke van toepassing zijn op de verstrekkingen verleend aan personen die onderworpen zijn aan de door de organen die de in het voorgaande lid bedoelde verstrekkingen hebben verleend uitgevoerde wetgeving.
Artikel 18. Vergoeding van verstrekkingen verleend aan gezinsleden die wonen in een andere staat dan de bevoegde staat of in een andere staat dan de staat waar de gepensioneerde woont
Het bedrag van de krachtens artikel 15, tweede lid, van het Verdrag verleende verstrekkingen aan gezinsleden die niet wonen op het grondgebied van dezelfde Verdragsluitende Partij als de persoon aan wie zij hun recht ontlenen, alsmede het bedrag van de krachtens artikel 19, derde lid, van het Verdrag verleende verstrekkingen wordt voor ieder kalenderjaar berekend op basis van een vast bedrag.
Het door de Nederlandse organen verschuldigde vaste bedrag wordt bepaald door vermenigvuldiging van de gemiddelde jaarlijkse kosten per gezinslid in Kroatië met het te hanteren aantal maanden van inschrijving, gedeeld door 12. De gemiddelde jaarlijkse kosten per gezinslid in Kroatië zijn gelijk aan de gemiddelde jaarlijkse uitgaven voor alle door de organen in Kroatië verleende verstrekkingen aan alle verzekerden die onderworpen zijn aan de Kroatische wetgeving.
Het door de Kroatische organen verschuldigde vaste bedrag wordt bepaald door vermenigvuldiging van de gemiddelde jaarlijkse kosten per gezinslid in Nederland met het te hanteren aantal maanden van inschrijving, gedeeld door 12. De gemiddelde jaarlijkse kosten per gezinslid zijn gelijk aan de gemiddelde jaarlijkse uitgaven voor alle door de organen in Nederland verleende verstrekkingen aan alle gezinsleden van verzekerden jonger dan 65 jaar die onderworpen zijn aan de Nederlandse wetgeving.
Het aldus berekende bedrag wordt verminderd met een door de verbindingsorganen overeen te komen bedrag ten behoeve van de toepassing van artikel 17, tweede lid, van het Verdrag.
Artikel 19. Vergoeding van uitkeringen en verstrekkingen aan gepensioneerden en hun gezinsleden die niet wonen op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij krachtens wier wetgeving een pensioen wordt ontvangen
De uitgaven aan de verstrekkingen verleend krachtens artikel 19, tweede lid, van het Verdrag, worden voor ieder kalenderjaar berekend op basis van een vast bedrag.
Het vaste bedrag wordt bepaald door vermenigvuldiging van de gemiddelde jaarlijkse kosten per gepensioneerde en per gezinslid met het gemiddeld aantal gepensioneerden en gezinsleden die in aanmerking komen voor verstrekkingen.
De gemiddelde kosten per gepensioneerde en per gezinslid van de gepensioneerde in Kroatië dienen gelijk te zijn aan de gemiddelde jaarlijkse uitgaven per gepensioneerde en per gezinslid voor alle door de Kroatische organen verleende verstrekkingen aan alle verzekerden die onderworpen zijn aan de Kroatische wetgeving.
De gemiddelde jaarlijkse kosten per gepensioneerde en per gezinslid van de gepensioneerde zijn voor Nederland gelijk aan de gemiddelde jaarlijkse uitgaven per gepensioneerde en per gezinslid voor alle door de Nederlandse organen verleende verstrekkingen aan alle verzekerden die onderworpen zijn aan de Nederlandse wetgeving.
Voor de toepassing van dit artikel mogen verschillende berekeningen volgens de leeftijdscategorie waartoe de gepensioneerden behoren worden toegepast.
Artikel 20. Overeenstemming over andere vergoedingsmethoden
De verbindingsorganen kunnen, met de instemming van de bevoegde autoriteiten, voor alle verstrekkingen of een deel ervan andere vergoedingsmethoden overeenkomen dan de in de artikelen 17, 18 en 19 voorziene methoden.
Artikel 21. Andere bepalingen inzake vergoedingen
De in artikel 20 van het Verdrag bedoelde vergoedingen worden betaald via de verbindingsorganen.
De verbindingsorganen kunnen overeenkomen de in de artikelen 18 en 19 bedoelde bedragen te verhogen met een percentage voor administratiekosten.
Voor de toepassing van de bepalingen van de artikelen 18 en 19 kunnen de verbindingsorganen overeenkomen voorschotten te betalen.
HOOFDSTUK 2. INVALIDITEITSUITKERINGEN, OUDERDOMS- EN NABESTAANDENPENSIOENEN EN KINDERBIJSLAGEN
Artikel 22. Bevoegde organen
Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt onder de term „bevoegd orgaan” verstaan:
in Nederland:
- a. met betrekking tot invaliditeitsuitkeringen: het Landelijk Instituut Sociale Verzekeringen, p/a de uitvoeringsinstelling waarbij de werkgever van de verzekerde is aangesloten; in alle overige gevallen: het Landelijk Instituut Sociale Verzekeringen, p/a GAK Nederland bv, Amsterdam.
- b. met betrekking tot ouderdoms- en nabestaandenpensioenen en kinderbijslagen: de Sociale Verzekeringsbank, Amstelveen;
in Kroatië:
met betrekking tot ouderdoms-, invaliditeits- en nabestaandenpensioenen en andere prestaties krachtens de pensioen- en invaliditeitsverzekering en kinderbijslagen: het hoofdkantoor in Zagreb van het Fonds van de Republiek voor pensioen- en invaliditeitsverzekering van werknemers in Kroatië.
Artikel 23. Aanvraag om uitkeringen
De bevoegde organen stellen elkaar onmiddellijk in kennis van iedere aanvraag om pensioen waarop deel III, hoofdstuk 2 en artikel 42 van het Verdrag van toepassing zijn. Deze kennisgeving wordt gedaan op een speciaal formulier, dat tevens alle gegevens bevat die voor de behandeling van de aanvraag door het bevoegde orgaan van de andere Verdragsluitende Partij nodig zijn. Dit formulier kan tevens gelden als bewijsstuk.
De bevoegde organen stellen elkaar voorts in kennis van omstandigheden die van belang zijn bij de vaststelling van een pensioen en van omstandigheden die van invloed zijn op het voortbestaan van het recht op pensioen of uitkering, met inbegrip van relevante medische documenten.
De bevoegde organen besluiten over de aanvraag en stellen de aanvrager en het orgaan van de andere Verdragsluitende Partij in kennis van het besluit.
Artikel 24. Verklaringen van verzekeringstijdvakken
Teneinde te besluiten over het recht op of de berekening van een pensioen ingevolge deel III, hoofdstuk 2 van het Verdrag, geeft het bevoegde orgaan van de ene Verdragsluitende Partij op verzoek van het bevoegde orgaan van de andere Verdragsluitende Partij een verklaring af inzake de verzekeringstijdvakken die krachtens haar wetgeving zijn voltooid en verstrekt het zonodig andere informatie.
Artikel 25. Betaling van uitkeringen
Behalve waar artikel 46 van het Verdrag van toepassing is, worden pensioenen direct aan de rechthebbenden uitgekeerd.
HOOFDSTUK 3. WERKLOOSHEID
Artikel 26. Uitwisseling van inlichtingen
Wanneer een persoon ingevolge deel III, hoofdstuk 3, van het Verdrag, een werkloosheidsuitkering aanvraagt op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij, worden inlichtingen ingewonnen bij het orgaan van de andere Verdragsluitende Partij via het verbindingsorgaan van die Verdragsluitende Partij.
DEEL III. SLOTBEPALINGEN
Artikel 27. Wederzijdse bijstand
Voor de uitvoering van dit Akkoord worden modellen van verklaringen en andere documenten opgesteld door de verbindingsorganen.
Op voorwaarde dat zij daartoe zijn gemachtigd door de bevoegde autoriteiten, kunnen de verbindingsorganen aanvullende maatregelen van administratieve aard treffen voor de uitvoering van dit Akkoord.
De verbindingsorganen zullen elkaar, indien nodig, bijstaan bij de vertaling in het Engels van aanvragen en andere documenten die zijn opgesteld in hun onderscheiden officiële taal.
Artikel 28. Inwerkingtreding
Dit Akkoord treedt in werking op de datum waarop het Verdrag in werking treedt en kan worden opgezegd overeenkomstig dezelfde regels als die welke van toepassing zijn op het Verdrag.
IN WITNESS WHEREOF the undersigned, duly authorised by their respective Governments, have signed this Convention.
DONE in duplicate at Zagreb, on this 11th day of September, 1998, in the English language only.
For the Kingdom of the Netherlands
(sd.) J. W. SCHEFFERS
For the Republic of Croatia
(sd.) J. SKARA
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)