Verdrag inzake wederzijdse administratieve bijstand ten behoeve van de juiste toepassing van de douanewetgeving en de voorkoming, opsporing en bestrijding van inbreuken op de douanewetgeving tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Macedonische Regering

Type Verdrag
Publication 2002-05-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden

en

de Macedonische Regering,

hun Staten hierna te noemen de Verdragsluitende Partijen,

Gelet op het belang van een juiste vaststelling van de douanerechten en andere belastingen die bij invoer of uitvoer worden geïnd en van het waarborgen van een juiste handhaving van verboden, beperkingen en controlemaatregelen;

Overwegende dat inbreuken op de douanewetgeving de economische, fiscale, sociale en culturele belangen en de volksgezondheids- en handelsbelangen van de Verdragsluitende Partijen schaden;

Overwegende dat de grensoverschrijdende handel in verdovende middelen en psychotrope stoffen, gevaarlijke stoffen, bedreigde diersoorten en giftig afval een gevaar voor de samenleving vormt;

Erkennende de noodzaak van internationale samenwerking ter zake van aangelegenheden die verband houden met de toepassing en handhaving van de douanewetgeving van de Verdragsluitende Partijen;

Ervan overtuigd dat het optreden tegen inbreuken op de douanewetgeving doeltreffender kan worden door middel van nauwe samenwerking tussen hun douaneadministraties op basis van duidelijke wettelijke bepalingen;

Gelet op de van belang zijnde instrumenten van de Internationale Douaneraad, in het bijzonder de Aanbeveling inzake wederzijdse administratieve bijstand van 5 december 1953;

Tevens gelet op verdragen die verboden, beperkingen en bijzondere controlemaatregelen met betrekking tot bepaalde goederen bevatten, in het bijzonder het Verdrag van de Verenigde Naties tegen de sluikhandel in verdovende middelen en psychotrope stoffen van 20 december 1988;

zijn het volgende overeengekomen:

HOOFDSTUK I. Begripsomschrijvingen

Artikel 1

Voor de toepassing van dit Verdrag:

HOOFDSTUK II. Toepassingsgebied van het Verdrag

Artikel 2
1.

De Verdragsluitende Partijen verlenen elkaar door tussenkomst van hun douaneadministraties administratieve bijstand onder de in dit Verdrag genoemde voorwaarden ten behoeve van de juiste toepassing van de douanewetgeving en de voorkoming, opsporing en bestrijding van inbreuken op de douanewetgeving, alsmede voor de invordering van douanevorderingen.

2.

Alle bijstand uit hoofde van dit Verdrag door een van de Verdragsluitende Partijen wordt verleend in overeenstemming met haar wettelijke en administratieve bepalingen en binnen de grenzen van de bevoegdheden en beschikbare middelen van haar douaneadministratie.

3.

Dit Verdrag laat onverlet de verplichtingen van de Nederlandse Verdragsluitende Partij ingevolge de wetgeving van de Europese Unie inzake haar huidige en toekomstige verplichtingen als lidstaat van de Europese Unie en alle wetgeving die is vastgesteld om die verplichtingen ten uitvoer te leggen, alsmede haar huidige en toekomstige verplichtingen die voortvloeien uit internationale overeenkomsten tussen de lidstaten van de Europese Unie.

4.

Dit Verdrag is uitsluitend bedoeld voor de wederzijdse administratieve bijstand tussen de Verdragsluitende Partijen; particulieren kunnen aan de bepalingen van dit Verdrag niet het recht ontlenen bewijsmateriaal te doen verkrijgen, te doen achterhouden of ontoelaatbaar te doen verklaren dan wel de uitvoering van een verzoek te doen beletten.

5.

Dit Verdrag laat onverlet de regelgeving inzake wederzijdse bijstand in strafzaken. Indien wederzijdse bijstand dient te worden verleend in overeenstemming met een andere geldende overeenkomst tussen de Verdragsluitende Partijen, geeft de aangezochte administratie aan welke autoriteiten het betreft.

HOOFDSTUK III. Reikwijdte van de bijstand

Artikel 3
1.

De douaneadministraties verstrekken elkaar op verzoek of uit eigen beweging informatie met het oog op de juiste toepassing van de douanewetgeving en de voorkoming, opsporing en bestrijding van inbreuken op de douanewetgeving, alsmede de invordering van douanevorderingen.

2.

Elk van beide douaneadministraties handelt bij het instellen van een onderzoek namens de andere douaneadministratie alsof het onderzoek werd ingesteld ten behoeve van haarzelf of op verzoek van een andere autoriteit van haar eigen Staat.

Artikel 4
1.

De aangezochte administratie verstrekt, op verzoek, alle informatie over de in die Verdragsluitende Partij toepasselijke douanewetgeving en -regelingen die van belang is voor het onderzoek met betrekking tot een inbreuk op de douanewetgeving.

2.

Elk van beide douaneadministraties verstrekt, uit eigen beweging en onverwijld, alle beschikbare informatie met betrekking tot:

HOOFDSTUK IV. Bijzondere vormen van bijstand

Artikel 5

De aangezochte administratie verstrekt de verzoekende administratie op haar verzoek met name de volgende informatie:

Artikel 6
1.

De aangezochte administratie houdt, op verzoek, bijzonder toezicht op:

2.

De douaneadministraties kunnen, in overeenstemming met hun nationale wetgeving, met wederzijdse overeenstemming en door middel van een wederzijdse regeling, toestemming verlenen voor de onder hun toezicht verrichte invoer in, uitvoer uit of doorvoer via het douanegebied van hun respectieve staten van goederen die zijn betrokken bij ongeoorloofde handel om deze ongeoorloofde handel tegen te gaan.

Artikel 7
1.

De douaneadministraties verstrekken elkaar, op verzoek of uit eigen beweging, informatie over verrichte of voorgenomen transacties die een inbreuk op de douanewetgeving vormen of lijken te vormen.

2.

In ernstige gevallen die aanzienlijke schade voor de economie, volksgezondheid, openbare veiligheid of enig ander vitaal belang van de ene Verdragsluitende Partij met zich zouden kunnen brengen, verstrekt de douaneadministratie van de andere Verdragsluitende Partij waar mogelijk onverwijld uit eigen beweging informatie.

Artikel 8
1.

De aangezochte administratie verleent op verzoek bijstand met het oog op het innen van douanevorderingen overeenkomstig de respectieve nationale wetgeving of administratieve praktijk van de Verdragsluitende Partijen.

2.

De aangezochte administratie gaat op verzoek over tot invordering van douanevorderingen van de verzoekende administratie overeenkomstig de nationale wetgeving en administratieve praktijk met betrekking tot de invordering van haar eigen vorderingen betreffende rechten en belastingen. Deze douanevorderingen genieten in de aangezochte Verdragsluitende Partij evenwel geen voorrang en kunnen niet worden ingevorderd door middel van gijzeling van de schuldenaar. De aangezochte administratie is niet verplicht maatregelen gericht op executie te nemen waarin de wetgeving van de verzoekende Verdragsluitende Partij niet voorziet.

3.

De bepalingen van het tweede lid van dit artikel zijn slechts van toepassing op douanevorderingen die het voorwerp zijn van een executoriale titel in de verzoekende Verdragsluitende Partij en die niet worden betwist. Indien de vordering echter betrekking heeft op de verschuldigdheid van rechten of belastingen door een persoon die geen inwoner van de verzoekende Verdragsluitende Partij is, is het tweede lid slechts van toepassing indien de douanevordering niet langer kan worden betwist.

4.

De verplichting om bijstand te verlenen bij het invorderen van douanevorderingen betreffende een overledene of zijn nalatenschap is beperkt tot de waarde van de nalatenschap of van de goederen verkregen door iedere begunstigde van de nalatenschap, afhankelijk van de vraag of de vordering dient te worden ingevorderd uit de nalatenschap of bij de begunstigden daarvan.

5.

De aangezochte administratie is niet verplicht het verzoek in te willigen:

6.

Het verzoek om administratieve bijstand bij de invordering van een douanevordering gaat vergezeld van:

7.

De verzoekende administratie zal de in te vorderen douanevordering aangeven in zowel de valuta van de verzoekende Verdragsluitende Partij als de valuta van de aangezochte Verdragsluitende Partij. De wisselkoers die met het oog op de voorafgaande zin moet worden gebruikt, is de meest recente verkoopprijs op de meest representatieve wisselmarkt of wisselmarkten van de verzoekende Verdragsluitende Partij. Ieder door de aangezochte administratie ingevorderd bedrag wordt overgemaakt naar de verzoekende administratie in de valuta van de aangezochte Verdragsluitende Partij. De overmaking geschiedt binnen een termijn van een maand na de datum van de invordering.

8.

Met het oog op de invordering van een douanevordering neemt de aangezochte administratie op verzoek conservatoire maatregelen, zelfs indien de douanevordering wordt betwist of nog niet het voorwerp is van een executoriale titel, voorzover dit is toegestaan volgens de wetgeving en administratieve praktijk van de aangezochte Verdragsluitende Partij.

9.

De executoriale titel in de verzoekende Verdragsluitende Partij wordt, indien passend en in overeenstemming met de in de aangezochte Verdragsluitende Partij van kracht zijnde bepalingen, zo spoedig mogelijk na de datum van ontvangst van het verzoek om bijstand aanvaard, erkend of aangevuld, dan wel vervangen door een executoriale titel in de aangezochte Verdragsluitende Partij.

10.

Vragen betreffende het tijdvak waarbuiten een douanevordering niet langer kan worden ingevorderd worden beheerst door de wetgeving van de verzoekende Verdragsluitende Partij. Het verzoek om bijstand bij de invordering geeft bijzonderheden aangaande dat tijdvak.

11.

Door de aangezochte administratie ingevolge het verzoek om bijstand verrichte invorderingshandelingen die overeenkomstig de wetgeving van de aangezochte Verdragsluitende Partij een schorsing of onderbreking van het in het tiende lid bedoelde tijdvak tot gevolg zouden hebben, worden geacht hetzelfde gevolg te hebben voor de toepassing van de wetgeving van de verzoekende Verdragsluitende Partij. De aangezochte administratie stelt de verzoekende administratie van deze handelingen op de hoogte.

12.

De aangezochte administratie kan uitstel van betaling of betaling in termijnen toestaan, indien haar wetgeving of haar administratieve praktijk dit in soortgelijke omstandigheden toelaat, maar stelt de verzoekende administratie daarvan eerst in kennis.

13.

De douaneadministraties schrijven in onderlinge overeenstemming regels voor betreffende minimumbedragen van douanevorderingen die vatbaar zijn voor een verzoek om bijstand in de nadere regelingen ter uitvoering van dit Verdrag, vast te stellen op grond van artikel 18, tweede lid, van dit Verdrag.

HOOFDSTUK V. Informatie

Artikel 9
1.

Om originele informatie wordt slechts verzocht in gevallen waarin niet met gewaarmerkte of gelegaliseerde afschriften kan worden volstaan, en deze wordt zo spoedig mogelijk teruggezonden; zulks laat rechten van de aangezochte administratie of van derden terzake onverlet.

2.

Alle ingevolge dit Verdrag uit te wisselen informatie gaat vergezeld van alle gegevens die van belang zijn om deze te interpreteren of te gebruiken.

HOOFDSTUK VI. Deskundigen en getuigen

Artikel 10

De aangezochte administratie machtigt op verzoek haar ambtenaren om ter zake van een inbreuk op de douanewetgeving als deskundige of getuige te verschijnen voor een rechterlijke instantie in de andere Verdragsluitende Partij.

HOOFDSTUK VII. Toezending van verzoeken

Artikel 11
1.

Verzoeken om bijstand uit hoofde van dit Verdrag worden, schriftelijk en vergezeld van nuttig geachte documenten, rechtstreeks aan de douaneadministratie van de andere Verdragsluitende Partij gericht. Wanneer de omstandigheden dit vereisen, kunnen ook mondeling verzoeken worden gedaan. Dergelijke verzoeken worden onmiddellijk schriftelijk bevestigd.

2.

Verzoeken ingevolge het eerste lid van dit artikel bevatten de volgende bijzonderheden:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.