Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Ecuador inzake de export en handhaving van socialezekerheidsuitkeringen
De Republiek Ecuador
en
het Koninkrijk der Nederlanden,
Hierna genoemd de Verdragsluitende Partijen,
Geleid door de wens betrekkingen op het gebied van sociale zekerheid tot stand te brengen;
Gelet op de intentie van Nederland de Nederlandse socialezekerheidsuitkeringen te betalen aan personen die wonen of verblijven in Ecuador, de samenwerking tussen de twee staten te regelen en bij te dragen aan de handhaving van de wetgeving inzake de Nederlandse sociale zekerheid in Ecuador;
Zijn het volgende overeengekomen:
Artikel 1. Begripsbepalingen
Ten behoeve van dit Verdrag wordt verstaan onder:
- a. „grondgebied": met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden, het grondgebied van het Koninkrijk in Europa; met betrekking tot de Republiek Ecuador het Ecuadoraans grondgebied;
- b. „wetgeving": de wetgeving genoemd in artikel 2;
- c. „bevoegde autoriteit": met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden, het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid; met betrekking tot de Republiek Ecuador, de Directeur-generaal van het Ecuadoraans Instituut voor Sociale Zekerheid;
- d. „bevoegd orgaan": met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden ten aanzien van de in artikel 2, eerste lid, onder a, b en c genoemde takken van sociale zekerheid het „Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen" of enige andere instantie bevoegd tot het uitvoeren van taken die momenteel door dat orgaan uitgevoerd worden en ten aanzien van de in artikel 2, eerste lid, onder d, e en f genoemde takken van sociale zekerheid: de „Sociale Verzekeringsbank"; en voor wat betreft de wetgeving inzake de sociale bijstand: de instelling die door de bevoegde Nederlandse autoriteit wordt aangewezen; met betrekking tot de Republiek Ecuador is dit het Ecuadoraans Instituut voor Sociale Zekerheid;
- e. „uitvoeringsorgaan": elke organisatie die een rol speel bij de uitvoering van dit Verdrag, met inbegrip van onder meer de bevolkingsregisters, belastingdiensten, burgerlijke stand, arbeidsbureaus, scholen en andere onderwijsinstellingen, handelsautoriteiten, politie, het nationaal register, gevangeniswezen en immigratiediensten;
- f. „uitkering": elke uitkering ingevolge de in artikel 2 genoemde wetgeving;
- g. „uitkeringsgerechtigde": een persoon die een uitkering aanvraagt of daar recht op heeft;
- h. „gezinslid of rechthebbende": een persoon die als zodanig wordt omschreven of aangemerkt in de van toepassing zijnde wetgeving.
Andere in dit Verdrag gebruikte termen of uitdrukkingen hebben de betekenis die daaraan in de van toepassing zijnde wetgeving wordt gegeven.
Artikel 2. Materiële werkingssfeer
Dit Verdrag is van toepassing op de Nederlandse wetgeving inzake de sociale bijstand en op de volgende takken van sociale zekerheid:
- a. uitkeringen bij ziekte en moederschap;
- b. invaliditeitsuitkeringen voor werknemers;
- c. invaliditeitsuitkeringen voor zelfstandigen;
- d. ouderdomspensioenen;
- e. nabestaandenuitkeringen;
- f. kinderbijslagen.
Dit Verdrag is tevens van toepassing op toekomstige wetgeving ter aanvulling op of wijziging van de in het vorige lid genoemde uitkeringen.
Artikel 3. Personele werkingssfeer
Tenzij in dit Verdrag anders is bepaald, is dit Verdrag zowel van toepassing op elke uitkeringsgerechtigde als op zijn rechthebbenden en gezinsleden voor zover zij wonen of verblijven op het grondgebied van de Verdragsluitende Partijen.
Artikel 4. Export van uitkeringen
Het feit dat de uitkeringsgerechtigde of een lid van zijn gezin woont of verblijft op het grondgebied van een van de Verdragsluitende Partijen vormt geen belemmering voor de uitbetaling van de uitkeringen binnen het kader van dit Verdrag.
Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op de wetgeving inzake de sociale bijstand.
Het bepaalde in het vorige lid heeft geen betrekking op de Nederlandse wetgeving die beperkingen stelt aan de uitbetaling van uitkeringen aan kinderen die wonen of verblijven buiten het grondgebied van Nederland, of hen daarvan uitsluit.
Artikel 5. Identificatie
Teneinde het recht op het ontvangen van uitkeringen en de rechtmatigheid van betalingen krachtens de Nederlandse wetgeving te verifiëren, is een uitkeringsgerechtigde, zijn gezinslid of rechthebbende verplicht zich te identificeren door overlegging van een officieel identiteitsbewijs aan de bevoegde instantie in Ecuador.
Als officieel identiteitsbewijs wordt aangemerkt een paspoort of enig ander identiteitsdocument dat is afgegeven door het uitvoeringsorgaan van Ecuador. De bevoegde instantie van Ecuador stelt het bevoegd orgaan van Nederland ervan in kennis dat de identiteit van de uitkeringsgerechtigde, zijn gezinslid of rechthebbende is geverifieerd door overlegging van het officiële identiteitsbewijs en stuurt bovendien een gewaarmerkt afschrift van dit document toe.
Artikel 6. Verificatie van het recht op het ontvangen van uitkeringen en de rechtmatigheid van betalingen
Ten behoeve van dit Verdrag omvat de informatie gegevens met betrekking tot identiteit, adres, gezin, werk, opleiding, inkomen, bezit, gezondheid, overlijden en hechtenis van de uitkeringsgerechtigde, zijn rechthebbenden en gezinsleden.
Betreffende de verificatie van de rechtmatigheid van de aanvrage of de betaling van uitkeringen dient het bevoegde orgaan van Ecuador op verzoek van het bevoegde orgaan van Nederland de informatie met betrekking tot de uitkeringsgerechtigde, zijn rechthebbenden en gezinsleden zoals bedoeld in het voorgaande lid te controleren. Zo nodig dient deze verificatie door de uitvoeringsorganen te worden uitgevoerd. Het bevoegde orgaan van Ecuador zal verslag doen van de uitgevoerde verificatie aan het bevoegde orgaan van Nederland en gewaarmerkte afschriften van de desbetreffende documenten bijvoegen.
Niettegenstaande het bepaalde in het tweede lid informeert het bevoegde orgaan van Ecuador, zonder voorafgaand verzoek en voor zover mogelijk, het bevoegde orgaan van Nederland over alle wijzigingen in de informatie zoals bedoeld in het eerste lid met betrekking tot de uitkeringsgerechtigde, zijn rechthebbenden of gezinsleden die hem ter kennis komen.
De bevoegde organen kunnen zich rechtstreeks tot zowel elkaar als tot de uitkeringsgerechtigde, zijn rechthebbenden of gezinsleden wenden.
Niettegenstaande het bepaalde in het tweede lid kunnen de diplomatieke en consulaire vertegenwoordigers en de bevoegde organen van Nederland zich rechtstreeks wenden tot de bevoegde autoriteiten, de bevoegde organen en de uitvoeringsorganen van Ecuador teneinde het recht op uitkeringen en de rechtmatigheid van betalingen aan de uitkeringsgerechtigden te verifiëren.
Voor de uitvoering van dit Verdrag verlenen de uitvoeringsorganen kosteloos hun medewerking en ondersteuning. De bevoegde autoriteiten kunnen evenwel overeenkomen dat bepaalde kosten worden vergoed.
Artikel 7. Geneeskundige onderzoeken
Op verzoek van het bevoegde orgaan van Nederland draagt het bevoegde orgaan van Ecuador zorg voor het uitvoeren van de geneeskundige onderzoeken van uitkeringsgerechtigden, hun gezinsleden en rechthebbenden die wonen of verblijven op Ecuadoraans grondgebied.
Voor de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid van uitkeringsgerechtigden, hun gezinsleden en rechthebbenden gebruiken de bevoegde organen van Nederland de door de bevoegde organen van Ecuador verstrekte geneeskundige rapporten en administratieve gegevens. Het bevoegde orgaan van Nederland kan uitkeringsgerechtigden, hun gezinsleden of rechthebbenden evenwel verzoeken een geneeskundig onderzoek door een arts naar keuze van het orgaan te ondergaan of een geneeskundig onderzoek te ondergaan op het grondgebied van het orgaan.
De uitkeringsgerechtigden, hun gezinsleden en rechthebbenden dienen gehoor te geven aan het verzoek zich te melden voor een geneeskundig onderzoek. Indien een uitkeringsgerechtigde, zijn gezinsleden en rechthebbenden menen dat zij om gezondheidsredenen niet in staat zijn zich te begeven naar het grondgebied van Nederland teneinde te voldoen aan het bepaalde in het eerste en tweede lid, dienen zij het bevoegde orgaan van Nederland onverwijld over deze situatie in te lichten. Zij zijn dan verplicht hierover een geneeskundige verklaring over te leggen die is afgegeven door een hiertoe door het bevoegde orgaan van Ecuador aangewezen arts. Deze verklaring bevat de redenen vanuit medisch oogpunt van de onmogelijkheid te reizen alsmede de verwachte duur van deze onmogelijkheid.
De kosten van de in dit artikel genoemde onderzoeken en, naar gelang van het geval, de uitgaven voor reis en verblijf dienen te worden voldaan door het bevoegde orgaan van Nederland.
Artikel 8. Terugvordering van onverschuldigde betalingen en administratieve boetes
Elke voor tenuitvoerlegging vatbare uitspraak van een rechtbank of een bevoegd orgaan van Nederland betreffende de terugvordering van het bedrag van onverschuldigd betaalde uitkeringen en administratieve boetes op grond van Nederlandse wetgeving wordt door Ecuador erkend.
De erkenning zoals bedoeld in het vorige lid is niet van toepassing indien deze in strijd is met de openbare orde van Ecuador waar deze uitspraak ten uitvoer moet worden gelegd.
Elke voor tenuitvoerlegging vatbare uitspraak die erkend wordt in overeenstemming met het eerste lid wordt door Ecuador ten uitvoer gelegd en is onderworpen aan de wetgeving van Ecuador waar deze uitspraak ten uitvoer moet worden gelegd.
Indien een uitkeringsgerechtigde van een bevoegd orgaan van Nederland een te hoog bedrag heeft ontvangen en hij ontvangt een uitkering van een uitkeringsinstantie van Ecuador, kan het eerstgenoemde bevoegde orgaan verzoeken het teveel betaalde bedrag in te houden op de eventueel nog verschuldigde betalingen van de laatstgenoemde uitkeringsinstantie. Laatstgenoemde instantie houdt het betreffende bedrag in, in overeenstemming met en binnen de grenzen van de door die instantie toegepaste wetgeving, en maakt het ingehouden bedrag over aan het bevoegd orgaan dat de vordering heeft.
Erkenning van de uitspraken gedaan door een rechtbank of een bevoegd orgaan van Nederland overeenkomstig het eerste, tweede en derde lid van dit artikel en in overeenstemming met de Nederlandse wetgeving, inzake de bepalingen van artikel 2 van dit Verdrag, leidt voor de Republiek Ecuador en haar organen nooit tot betaling van enig bedrag voor hun rekening.
Artikel 9. Inning van premies en administratieve boetes
Elke voor tenuitvoerlegging vatbare uitspraak van een rechtbank of een bevoegd orgaan van Nederland betreffende de inning van premies en administratieve boetes op grond van Nederlandse wetgeving wordt door Ecuador erkend.
De erkenning zoals bedoeld in het vorige lid is niet van toepassing indien deze in strijd is met de openbare orde van Ecuador waar deze uitspraak ten uitvoer moet worden gelegd.
De tenuitvoerlegging van de uitspraak bedoeld in het eerste lid is onderworpen aan de wetgeving van Ecuador waar deze ten uitvoer moet worden gelegd.
De erkenning van uitspraken gedaan door een rechtbank of een bevoegd orgaan van Nederland overeenkomstig de vorige leden van dit artikel en in overeenstemming met de Nederlandse wetgeving, inzake de bepalingen van artikel 2 van dit Verdrag, leidt voor de Republiek Ecuador en haar organen nooit tot betaling van enig bedrag voor hun rekening.
Artikel 10. Weigering, opschorting en intrekking van uitkeringen
Het bevoegde orgaan van Nederland kan een uitkering weigeren, opschorten of intrekken indien:
- a. de uitkeringsgerechtigde zich niet binnen een termijn van drie maanden aan de onderzoeken onderwerpt of de informatie verstrekt zoals vereist ingevolge de artikelen 5 en 7, derde lid, van dit Verdrag, of,
- b. als het bevoegde orgaan van Ecuador, binnen een termijn van drie maanden gerekend vanaf de datum van het verzoek, geen informatie verstrekt of niet voldoet aan het bepaalde in de artikelen 5, 6, tweede lid, en 7, eerste lid, van dit Verdrag.
Artikel 11. Bescherming van gegevens
Wanneer ten behoeve van de toepassing van dit Verdrag de bevoegde autoriteiten, de bevoegde organen of de uitvoeringsorganen van een Verdragsluitende Partij persoonsgegevens mededelen aan de bevoegde autoriteiten, de bevoegde organen of aan de diplomatieke en consulaire vertegenwoordigers van de andere Verdragsluitende Partij, is die mededeling onderworpen aan de door de Verdragsluitende Partij die de gegevens verstrekt vastgestelde wettelijke bepalingen inzake de bescherming van gegevens. Elke daarop volgende overdracht, dan wel opslag, wijziging of vernietiging van de gegevens is onderworpen aan de bepalingen van de wetgeving inzake bescherming van gegevens van de ontvangende Verdragsluitende Partij.
Het gebruik van persoonsgegevens voor andere doeleinden dan die van sociale zekerheid is onderworpen aan de goedkeuring van de betrokken persoon of aan andere waarborgen waarin de nationale wetgeving voorziet.
Artikel 12. Uitvoering van het Verdrag
De bevoegde organen van beide Verdragsluitende Partijen kunnen, door middel van aanvullende akkoorden, maatregelen vaststellen voor de uitvoering van dit Verdrag.
Artikel 13. Beslechting van geschillen
De bevoegde organen van beide Verdragsluitende Partijen lossen verschillen betreffende de interpretatie en toepassing van dit Verdrag door middel van onderhandelingen op.
Artikel 14. Inwerkingtreding van dit Verdrag en eenzijdige verklaring van het Koninkrijk der Nederlanden
De Verdragsluitende Partijen stellen elkaar schriftelijk in kennis van de voltooiing van hun respectieve wettelijke of grondwettelijke procedures vereist voor de inwerkingtreding van dit Verdrag.
Dit Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de datum van de laatste kennisgeving. Artikel 4 van dit Verdrag treedt in werking voor het Koninkrijk der Nederlanden met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2003.
Het Koninkrijk der Nederlanden voert artikel 4 van dit Verdrag eenzijdig en voorlopig uit vanaf de eerste dag van de tweede maand volgend op de datum van ondertekening van dit Verdrag.
Artikel 15. Toepassing van het Verdrag
Met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden is dit Verdrag slechts van toepassing op het grondgebied van het Koninkrijk in Europa.
Artikel 16. Duur van het Verdrag
Dit Verdrag kan te allen tijde door elk van beide Verdragsluitende Partijen schriftelijk worden opgezegd. In het geval van opzegging blijven de bepalingen van dit Verdrag van kracht tot het eind van het kalenderjaar volgend op het jaar waarin de andere Verdragsluitende Partij de kennisgeving van opzegging heeft ontvangen.
EN FE DE LO CUAL, los abajo firmantes, debidamente autorizados para ello, firman dos ejemplares del presente Convenio en el idioma español a los 27 días del mes de diciembre de 2002.
Por el Reino de los Países Bajos
MAARTEN M. VAN DER GAAG,
Embajador de los Países Bajos en el Ecuador.
Por la República del Ecuador
JAIME MARCHÁN,
Ministro de Relaciones Exteriores, Encargado.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.