Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Georgië inzake internationaal vervoer over de weg

Type Verdrag
Publication 2003-09-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Het Koninkrijk der Nederlanden

en

Georgië,

hierna te noemen de Verdragsluitende Partijen,

Geleid door de wens, in het belang van hun economische betrekkingen, de ontwikkeling te bevorderen van het vervoer van goederen en personen over de weg in, naar en vanuit hun landen en in doorvoer over hun grondgebieden,

Zijn het volgende overeengekomen:

DEEL I. ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1. Werkingssfeer
1.

De bepalingen van dit Verdrag zijn van toepassing op het internationaal vervoer van goederen en personen over de weg tegen betaling of voor eigen rekening tussen de grondgebieden van Nederland en Georgië, in doorvoer over hun grondgebieden, naar of van derde landen, en op cabotage, verricht door vervoerders die voertuigen gebruiken zoals omschreven in artikel 2 van dit Verdrag.

2.

Dit Verdrag laat de rechten en verplichtingen van de Verdragsluitende Partijen voortvloeiend uit andere verdragen onverlet.

3.

De toepassing van dit Verdrag doet geen afbreuk aan de toepassing door het Koninkrijk der Nederlanden, als lidstaat van de Europese Unie, van het recht van de Europese Unie.

Artikel 2. Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing en uitvoering van dit Verdrag wordt verstaan onder:

DEEL II. VERVOER VAN PERSONEN

Artikel 3. Geregelde passagiersdiensten
1.

Geregelde passagiersdiensten met gebruikmaking van autobussen zijn onderworpen aan een systeem van vergunningen afgegeven door de bevoegde autoriteiten in de landen van vertrek en aankomst en, indien nodig, in transitolanden.

2.

De vergunningaanvraag wordt gedaan bij de bevoegde autoriteiten in het land van vestiging van de vervoersondernemer. Indien de autoriteiten de aanvraag goedkeuren, wordt de vergunning overhandigd aan de bevoegde autoriteiten van de andere Verdragsluitende Partij.

De ingevolge artikel 14 ingestelde Gemengde Commissie neemt een beslissing over de vorm van de vergunningaanvraag, de procedure over instemming en de vereiste ondersteunende documenten.

3.

De vergunningen worden afgegeven met de gezamenlijke instemming van de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen.

4.

Over wijzigingen van de exploitatievoorwaarden en opheffing van de dienst wordt besloten op basis van de in het tweede en derde lid vervatte procedure.

Indien er geen vraag meer bestaat naar de dienst kan de exploitant deze opheffen door middel van een drie weken van tevoren gedane kennisgeving aan de autoriteiten die de vergunning hebben afgegeven en aan de klanten.

Artikel 4. Ongeregelde diensten
1.

De ongeregelde diensten met gebruikmaking van autobussen zijn niet onderworpen aan een systeem van vergunningen.

2.

Het aan boord nemen van personen tijdens een ongeregelde rit is niet toegestaan, tenzij een bijzondere vergunning wordt verleend.

3.

Ongeregelde diensten gaan vergezeld van een controledocument. De voorwaarden voor het gebruik en de inhoud van het controledocument worden vastgesteld door de in artikel 14 bedoelde Gemengde Commissie.

Artikel 5. Gemeenschappelijke bepalingen voor passagiersdiensten
1.

Vervoersvergunningen zijn persoonlijk en zijn niet overdraagbaar aan andere vervoersondernemers of aan derden.

2.

Cabotage is uitsluitend toegestaan met bijzondere toestemming van het gastheerland. Lokale ritten uitsluitend georganiseerd voor een groep personen die door een en dezelfde vervoersondernemer naar die plaats worden gebracht, worden niet aangemerkt als cabotagediensten, mits dezen op de passagierslijst worden vermeld.

3.

Aan ingezeten vervoersondernemers worden vervoersvergunningen afgegeven door de bevoegde autoriteiten of door een door die autoriteiten aangewezen instantie.

4.

Als uitzondering op de bepalingen van Deel II zijn de volgende categorieën vervoer vrijgesteld van vergunningsvereisten:

DEEL III. VERVOER VAN GOEDEREN

Artikel 6. Vergunningensysteem
1.

De op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij gevestigde vervoersondernemers mogen, onder het vergunningensysteem, vervoer verrichten tussen elke plaats op het grondgebied van deze Verdragsluitende Partij en elke plaats op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij, in doorvoer over de grondgebieden van de Verdragsluitende Partijen en naar en vanuit derde landen.

2.

Cabotage is uitsluitend toegestaan op basis van een bijzondere vergunning van het gastheerland.

Artikel 7. Vrijstelling van vergunningsvereisten
1.

Als uitzondering op artikel 6 zijn de volgende categorieën vervoer vrijgesteld van vergunningsvereisten:

2.

De in artikel 14 bedoelde Gemengde Commissie kan de in het voorgaande lid genoemde lijst van categorieën vervoer uitbreiden of wijzigen.

Artikel 8. Vergunningsvoorwaarden
1.

De bevoegde autoriteiten van beide Verdragsluitende Partijen wisselen jaarlijks een overeengekomen aantal blanco vergunningsformulieren uit. Aanvullende vergunningen worden op verzoek door de ene Verdragsluitende Partij afgegeven aan de andere Verdragsluitende Partij.

Aan ingezeten vervoersondernemers worden de vergunningen afgegeven door de bevoegde autoriteiten of door een door die autoriteiten aangewezen instantie.

2.

Vergunningen zijn persoonlijk en zijn niet overdraagbaar aan andere vervoersondernemers of aan derden.

3.

Vergunningen mogen slechts voor één voertuig worden gebruikt en zijn geldig voor één heen- en terugrit. De vergunningen zijn geldig tot en met 31 januari van het opvolgende kalenderjaar. In geval van een combinatie van voertuigen is het motorvoertuig de bepalende factor bij de afgifte of vrijstelling van vergunningen.

DEEL IV. GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN

Artikel 9. Belastingaangelegenheden
1.

Voertuigen, met inbegrip van hun reserveonderdelen, die vervoer verrichten in overeenstemming met dit Verdrag, zijn op basis van uitgewisselde vergunningen wederzijds vrijgesteld van alle belastingen en heffingen opgelegd aan het verkeer of het bezit van voertuigen, alsook van alle bijzondere belastingen en heffingen op vervoerswerkzaamheden op het grondgebied van het andere land.

2.

Het vervoer waarop dit Verdrag van toepassing is, is in het gastheerland onderworpen aan de tolgelden en belastingen die worden geheven voor het gebruik van het wegennetwerk of van bruggen. De tolgelden en belastingen worden zonder onderscheid geheven ten aanzien van ingezeten en niet-ingezeten vervoersondernemers.

3.

De zich in de normale, vaste, door de fabrikant ingebouwde reservoirs van de voertuigen bevindende brandstof, alsmede de alleen voor de goede werking van die voertuigen bestemde smeermiddelen, zijn wederzijds vrijgesteld van douanerechten en andere belastingen en betalingen.

Artikel 10. Gewichten en afmetingen
1.

De gewichten, met inbegrip van de asdruk, en afmetingen van voertuigen moeten in overeenstemming zijn met de officiële registratie van het voertuig en mogen de geldende grenzen in het gastheerland niet overschrijden.

2.

Indien het gewicht en/of de afmetingen van een voertuig in beladen of onbeladen toestand bij het verrichten van vervoer ingevolge de bepalingen van dit Verdrag het in het gastheerland toelaatbare maximum overschrijden, is een bijzondere vergunning van het gastheerland vereist.

Artikel 11. Naleving van de nationale wetgeving
1.

De vervoerondernemers van een Verdragsluitende Partij en de bemanningen van hun voertuigen zijn verplicht, op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij, de verplichtingen uit hoofde van multilaterale overeenkomsten waarbij beide partijen Partij zijn, uit hoofde van dit Verdrag alsmede van andere bilaterale overeenkomsten en uit hoofde van de nationale wetgeving na te komen.

2.

In geval van cabotage stelt de Gemengde Commissie een lijst op van de in het gastheerland toepasselijke wetten en voorschriften.

3.

De in het eerste en tweede lid van dit artikel bedoelde wetten en voorschriften worden toegepast op dezelfde voorwaarden als die voor inwoners van het gastheerland om discriminatie op grond van nationaliteit of plaats van vestiging uit te sluiten.

Artikel 12. Toezicht op de naleving

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.