Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Oezbekistan inzake internationaal vervoer over de weg
De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en
de Regering van de Republiek Oezbekistan,
hierna te noemen de Verdragsluitende Partijen,
Geleid door de wens, in het belang van hun economische betrekkingen, de ontwikkeling te bevorderen van het vervoer van goederen en personen over de weg in, naar en vanuit hun landen en in doorvoer over hun grondgebieden,
Zijn het volgende overeengekomen:
Deel I. Algemene bepalingen
Artikel 1. Werkingssfeer
De bepalingen van dit Verdrag zijn van toepassing op het internationaal vervoer van goederen en personen over de weg tegen betaling of voor eigen rekening tussen de grondgebieden van Nederland en Oezbekistan, in doorvoer over hun grondgebieden, naar of van derde landen, en op cabotage, verricht door vervoerders die voertuigen gebruiken zoals omschreven in artikel 2 van dit Verdrag.
Dit Verdrag laat de rechten en verplichtingen van de Verdragsluitende Partijen voortvloeiend uit andere verdragen onverlet.
De toepassing van dit Verdrag doet geen afbreuk aan de toepassing door het Koninkrijk der Nederlanden, als lidstaat van de Europese Unie, van het recht van de Europese Unie.
Artikel 2. Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing en uitvoering van dit Verdrag wordt verstaan onder:
-
- „Vervoersondernemer”: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die op het grondgebied van een van de Verdragsluitende Partijen geregistreerd is en die tegen betaling of voor eigen rekening personen of goederen vervoert overeenkomstig de vereisten van de nationale wetgeving die de toegang tot het beroep van vervoersondernemer en tot de markt regelt.
-
- „Voertuig”: een motorvoertuig:
- *. zelfstandig of een combinatie van voertuigen;
- *. bedoeld voor het vervoer van personen of goederen over de weg, en dat c.q. die als eigendom of uit hoofde van een huur- of leasecontract ter beschikking van de vervoersondernemer staat.
-
- „Bus” en „autobus”: voertuigen gebouwd en ontworpen voor het vervoer van meer dan negen personen, de bestuurder daaronder begrepen.
-
- „Registratie”: de toekenning van een kentekennummer aan het voertuig door de bevoegde autoriteiten. In geval van een combinatie van voertuigen is het motorvoertuig de bepalende factor bij de afgifte of vrijstelling van vergunningen.
-
- „Land van vestiging”: het grondgebied van een Verdragsluitende Partij waarbinnen de vervoersondernemer is gevestigd en het voertuig is geregistreerd.
-
- „Gastheerland”: het grondgebied van een Verdragsluitende Partij waarbinnen met het voertuig vervoer wordt verricht, terwijl het daar niet is geregistreerd en de vervoersondernemer daar niet is gevestigd.
-
- „Vervoer”: het rijden met een beladen of onbeladen voertuig, ook indien het voertuig, de aanhangwagen of de oplegger voor een deel van de rit wordt vervoerd per trein of boot.
-
- „Vervoer voor eigen rekening”: het vervoer van personen en goederen uitsluitend bedoeld voor of voortvloeiend uit de eigen economische activiteiten.
-
- „Intermodaal vervoer”: het vervoer van goederen waarbij het voertuig, de aanhangwagen, oplegger, wissellaadbak of container, al dan niet met trekker, voor het eerste en/of laatste gedeelte van de rit de weg gebruikt, en voor het resterende gedeelte per spoor, via waterwegen of over zee reist.
-
- „Geregelde passagiersdienst”, een dienst waarbij personen worden vervoerd over een specifiek traject, overeenkomstig een dienstregeling en waarvoor vaste tarieven in rekening worden gebracht. Passagiers worden aan boord genomen of afgezet op van tevoren vastgestelde haltes en de dienst is voor iedereen toegankelijk, hoewel in sommige gevallen reservering is vereist. Ongeacht wie de dienst organiseert omvat „geregelde passagiersdienst” eveneens een dienst waarbij bepaalde categorieën personen worden vervoerd, met uitsluiting van andere categorieën personen, ingeval deze dienst aan de bovengenoemde criteria voldoet. Deze dienst wordt „bijzondere geregelde dienst" genoemd.
-
- „Shuttle-dienst”, een dienst waarbij, door middel van herhaalde heen- en terugritten, van tevoren samengestelde groepen personen worden vervoerd van een gebied van vertrek naar een gebied van bestemming. Elke groep, bestaande uit personen die de heenrit hebben gemaakt, wordt op een van de volgende ritten terugvervoerd naar het gebied van vertrek. Onder een gebied van vertrek en een gebied van bestemming wordt respectievelijk verstaan het gebied waar de rit begint en het gebied waar de rit eindigt, tezamen met de omringende omgeving binnen een straal van 50 km. De eerste terugrit en de laatste heenrit in een reeks van shuttleritten worden leeg uitgevoerd. De omschrijving van een shuttle-dienst wordt niet beïnvloed door het feit dat sommige personen zich op de terugreis bij een andere groep voegen, of door het feit dat de eerste rit naar het punt van bestemming en de laatste rit naar het startpunt onbeladen worden uitgevoerd. Dat type shuttle-dienst wordt „reversed-shuttle” genoemd. Een shuttledienst die accommodatie verzorgt voor ten minste 80 procent van de passagiers op het punt van bestemming en, indien nodig, tijdens de rit, met of zonder maaltijden, wordt een „shuttle met accommodatie” genoemd.
-
- De term „ongeregelde dienst” betekent een dienst die noch binnen de begripsomschrijving van een geregelde passagiersdienst valt, noch binnen de begripsomschrijving van een shuttle-dienst.
-
- „Cabotage”: vervoerswerkzaamheden binnen het grondgebied van de Verdragsluitende Partij, het gastheerland, waarbij de laad- en losplaatsen op dat grondgebied liggen, door een vervoersondernemer die is gevestigd op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij. De onbeladen ritten van een voertuig op het grondgebied van het gastheerland tussen twee internationale vervoerswerkzaamheden, alsmede het vervoer tijdens het eerste of laatste gedeelte van een internationaal gecombineerde vervoersactiviteit worden niet aangemerkt als cabotage.
-
- „Grondgebied” in verband met een Verdragsluitende Partij: het grondgebied van de Republiek Oezbekistan of het grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden, afhankelijk van de context.
-
- „Bevoegde autoriteiten”: voor het Koninkrijk der Nederlanden, het ministerie van Verkeer en Waterstaat; voor de Republiek Oezbekistan, de Instantie voor Automobiel- en Riviervervoer; of, in beide gevallen, elke door het genoemde ministerie of de genoemde instantie gemachtigde persoon of instantie.
Deel II. Vervoer van personen
Artikel 3. Geregelde passagiersdiensten
Geregelde passagiersdiensten met gebruikmaking van bussen of autobussen zijn onderworpen aan een systeem van vergunningen afgegeven door de bevoegde autoriteiten in de landen van vertrek, bestemming en in transitolanden.
De vergunningaanvraag wordt gedaan bij de bevoegde autoriteiten in het land van vestiging van de vervoersondernemer. Indien de autoriteiten de aanvraag goedkeuren, wordt de vergunning overhandigd aan de bevoegde autoriteiten van de andere Verdragsluitende Partij.
De ingevolge artikel 15 ingestelde Gemengde Commissie neemt een beslissing over de vorm van de vergunningaanvraag, de procedure over instemming en de vereiste ondersteunende documenten.
De vergunningen worden afgegeven met de gezamenlijke instemming van de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen.
- a. Niettegenstaande de erkenning door de bevoegde autoriteiten van de wenselijkheid van een geregelde dienst, kan een aanvraag voor een vergunning worden afgewezen indien, onder andere:
- –. er geen pool-overeenkomst bestaat;
- –. de aanvrager niet in staat is het vervoer waarvoor hij een vergunning heeft aangevraagd te realiseren met het materieel dat hij tot zijn onmiddellijke beschikking heeft;
- –. de aanvrager in het verleden niet heeft voldaan aan de voorwaarden van de vergunningen voor het internationaal vervoer van personen over de weg of de regels met betrekking tot verkeersveiligheid, met inbegrip van de regels met betrekking tot voertuignormen en de rij- en rusttijden van bestuurders zwaar heeft overtreden;
- –. in geval van een aanvraag voor verlenging van een vergunning, niet aan de voorwaarden voor de vergunning is voldaan.
- b. Een beslissing of een vergunning wordt afgegeven wordt door de bevoegde autoriteiten genomen binnen drie maanden na de datum waarop een volledige aanvraag is ontvangen. Indien een bevoegde autoriteit verzuimt binnen deze periode te antwoorden, wordt deze verondersteld impliciet met de afgifte van een vergunning te hebben ingestemd.
- c. Een vergunning is een jaar geldig en kan op verzoek worden verlengd.
Over wijzigingen van de exploitatievoorwaarden en opheffing van de dienst wordt besloten op basis van de in het tweede en derde lid vervatte procedure.
Indien er geen vraag meer bestaat naar de dienst kan de exploitant deze opheffen door middel van een drie weken van tevoren gedane kennisgeving aan de bevoegde autoriteiten die de vergunning hebben afgegeven en aan de klanten.
Artikel 4. Shuttle-diensten
Shuttle-diensten met gebruikmaking van bussen of autobussen zonder accommodatie zijn onderworpen aan een systeem van vergunningen afgegeven door de bevoegde autoriteiten in de landen van vertrek, bestemming en in transitolanden.
Shuttle-diensten met gebruikmaking van bussen of autobussen met accommodatie zijn niet onderworpen aan een systeem van vergunningen, maar hiervoor geldt een controledocument.
De vergunningaanvraag voor een in het eerste lid bedoelde dienst wordt gedaan bij de bevoegde autoriteiten in het land van vestiging van de vervoersondernemer.
De ingevolge artikel 15 ingestelde Gemengde Commissie beslist over de vorm en inhoud van de vergunningaanvraag en de vereiste ondersteunende documenten.
De Gemengde Commissie kan een vrijer stelsel voor shuttle-diensten instellen.
Artikel 5. Ongeregelde diensten
De ongeregelde diensten met gebruikmaking van bussen of autobussen zijn niet onderworpen aan een systeem van vergunningen.
Het aan boord nemen van personen tijdens een ongeregelde rit is niet toegestaan, tenzij een bijzondere vergunning wordt verleend.
Ongeregelde diensten gaan vergezeld van een controledocument. De voorwaarden voor het gebruik en de inhoud van het controledocument worden vastgesteld door de in artikel 15 bedoelde Gemengde Commissie.
Artikel 6. Gemeenschappelijke bepalingen voor passagiersdiensten
Vervoersvergunningen zijn persoonlijk en zijn niet overdraagbaar aan andere vervoersondernemers of aan derden.
Cabotage is uitsluitend toegestaan met bijzondere toestemming van het gastheerland. Lokale ritten uitsluitend georganiseerd voor een groep personen die door een en dezelfde vervoersondernemer naar die plaats worden gebracht, worden niet aangemerkt als cabotagediensten, mits dezen op de passagierslijst worden vermeld.
Aan ingezeten vervoersondernemers worden vervoersvergunningen afgegeven door de bevoegde autoriteiten of door een door die autoriteiten aangewezen instantie.
Als uitzondering op de bepalingen van Deel II zijn de volgende categorieën vervoer vrijgesteld van vergunningsvereisten:
- –. vervoer van voertuigen die zijn beschadigd of onklaar geraakt en het vervoer van bergingsvoertuigen;
- –. onbeladen reizen van een voertuig dat wordt gestuurd ter vervanging van een voertuig dat onklaar is geraakt in een ander land, met inbegrip van de terugreis, na reparatie, van het voertuig dat onklaar was geraakt;
- –. de eerste reis van recentelijk gekochte voertuigen, nieuw of tweedehands, voorzien van een door de bevoegde autoriteiten afgegeven exportregistratienummer, indien de eerste reis plaatsvindt naar het land waar het voertuig definitief wordt geregistreerd;
- –. vervoer voor eigen rekening.
Deel III. Vervoer van goederen
Artikel 7. Vergunningensysteem
Op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij gevestigde vervoersondernemers mogen, onder het vergunningenstelsel, vervoer verrichten tussen elke plaats op het grondgebied van deze Verdragsluitende Partij en elke plaats buiten dat grondgebied en in doorvoer over het grondgebied van deze Verdragsluitende Partij.
Cabotage is uitsluitend toegestaan op basis van een bijzondere vergunning van het gastheerland.
Artikel 8. Vrijstelling van vergunningsvereisten
Als uitzondering op artikel 7 zijn de volgende categorieën vervoer vrijgesteld van vergunningsvereisten:
- –. vervoer door voertuigen waarvan het toegestane totaalgewicht in beladen toestand, met inbegrip van aanhangwagens, niet meer bedraagt dan 6 ton, of wanneer het toegestane laadvermogen, met inbegrip van aanhangwagens, niet meer bedraagt dan 3,5 ton;
- –. transport op ongeregelde basis, naar of vanuit luchthavens, in gevallen waarin luchtdiensten worden omgeleid;
- –. vervoer van voertuigen die zijn beschadigd of onklaar geraakt en het vervoer van bergingsvoertuigen;
- –. onbeladen reizen van een voertuig dat wordt gestuurd ter vervanging van een voertuig dat onklaar is geraakt in een ander land, met inbegrip van de terugreis, na reparatie, van het voertuig dat onklaar was geraakt;
- –. vervoer van reserveonderdelen en proviand voor zee- en binnenvaartschepen en luchtvaartuigen;
- –. vervoer van goederen benodigd voor noodsituaties, in het bijzonder bij natuurrampen en voor humanitaire doeleinden;
- –. vervoer van kunstwerken en -voorwerpen voor beurzen en tentoonstellingen of voor niet-commerciële doeleinden;
- –. vervoer voor niet-commerciële doeleinden van eigendommen, toebehoren en dieren naar of van theater-, muziek-, film- of circusvoorstellingen of sportevenementen, en van die welke bestemd zijn voor radio-opnamen, of voor film- of televisieproducties;
- –. de eerste reis van recentelijk gekochte voertuigen, nieuw of tweedehands, voorzien van een door de bevoegde autoriteiten afgegeven exportregistratienummer, indien de eerste reis plaatsvindt naar het land waar het voertuig definitief wordt geregistreerd, mits het niet beladen is;
- –. begrafenisvervoer;
- –. vervoer van post als openbare dienst;
- –. vervoer voor eigen rekening.
De in artikel 15 bedoelde Gemengde Commissie kan de in het voorgaande lid genoemde lijst van categorieën vervoer uitbreiden of wijzigen.
Artikel 9. Vergunningsvoorwaarden
De bevoegde autoriteiten van beide Verdragsluitende Partijen wisselen jaarlijks een overeengekomen aantal blanco vergunningsformulieren uit. Aanvullende vergunningen worden op verzoek van de ene Verdragsluitende Partij afgegeven aan de andere Verdragsluitende Partij.
Aan ingezeten vervoersondernemers worden de vergunningen afgegeven door de bevoegde autoriteiten of door een door die autoriteiten aangewezen instantie.
Vergunningen zijn persoonlijk en zijn niet overdraagbaar aan andere vervoersondernemers of aan derden.
Vergunningen mogen slechts voor één voertuig tegelijk worden gebruikt. De vergunningen zijn geldig tot en met 31 januari van het daaropvolgende kalenderjaar. In geval van een combinatie van voertuigen is het motorvoertuig de bepalende factor bij de afgifte of vrijstelling van vergunningen.
Deel IV. Gemeenschappelijke bepalingen
Artikel 10. Belastingaangelegenheden
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.