Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Kroatië, anderzijds
Het Koninkrijk België,
het Koninkrijk Denemarken,
de Bondsrepubliek Duitsland,
de Helleense Republiek,
het Koninkrijk Spanje,
de Franse Republiek,
Ierland,
de Italiaanse Republiek,
het Groothertogdom Luxemburg,
het Koninkrijk der Nederlanden,
de Republiek Oostenrijk,
de Portugese Republiek,
de Republiek Finland,
het Koninkrijk Zweden,
het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland,
Partijen bij het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en het Verdrag betreffende de Europese Unie,
hierna „lidstaten" genoemd, en
de Europese Gemeenschap, de Europese Gemeenschap voor kolen en staal, de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,
hierna „de Gemeenschap" genoemd,
enerzijds, en
de Republiek Kroatië, hierna „Kroatië" genoemd,
anderzijds,
Gelet op de sterke band tussen de partijen en de waarden die zij gemeen hebben, hun verlangen deze band nog te versterken en op wederkerigheid en wederzijds belang gebaseerde nauwe en langdurige betrekkingen tot stand te brengen die Kroatië in staat moeten stellen de betrekkingen met de Gemeenschap te versterken en uit te breiden;
Gelet op het belang van deze overeenkomst voor het stabilisatie- en associatieproces met de landen van Zuidoost-Europa voor de totstandbrenging en handhaving van een op samenwerking gebaseerde stabiele orde in Europa, waarvan de Europese Unie een steunpilaar is, en voor het stabiliteitspact;
Gelet op de toezegging van de partijen dat zij met alle mogelijke middelen zullen bijdragen tot de politieke, economische en institutionele stabilisatie, zowel in Kroatië als in de gehele regio, door de ontwikkeling van de civiele samenleving en door democratisering, institutionele versterking en hervorming van de overheidsadministratie, intensievere handel en economische samenwerking, brede samenwerking, ook op het gebied van justitie en binnenlandse zaken, alsmede versterking van de nationale en regionale veiligheid;
Gelet op het belang dat de partijen hechten aan versterking van de politieke en economische vrijheden, die de grondslag van deze overeenkomst vormen, en op het belang dat zij hechten aan de eerbiediging van de rechtsstaat en de mensenrechten, met inbegrip van de rechten van personen die tot nationale minderheden behoren, en aan democratische beginselen in de vorm van een meerpartijenstelsel met vrije, eerlijke verkiezingen;
Gelet op het feit dat Kroatië opnieuw zijn gehechtheid bevestigt aan het recht op terugkeer voor alle vluchtelingen en ontheemden en de bescherming van hun rechten in dat verband;
Gelet op de verbintenis van de partijen om volledig uitvoering te geven aan alle beginselen en bepalingen van het Handvest van de Verenigde Naties, de OVSE, inzonderheid die van de Slotakte van Helsinki, de slotdocumenten van de conferenties van Madrid en Wenen, het Handvest van Parijs voor een Nieuw Europa en het Stabiliteitspact voor Zuidoost-Europa, en te voldoen aan hun verplichtingen in het kader van de overeenkomsten van Dayton/Parijs en Erdut, teneinde bij te dragen tot de regionale stabiliteit en de samenwerking tussen de landen in de regio;
Gelet op de gehechtheid van de partijen aan de beginselen van de vrijemarkteconomie en de bereidheid van de Gemeenschap om aan de economische hervormingen in Kroatië bij te dragen;
Gelet op het belang dat de partijen hechten aan vrijhandel, overeenkomstig de rechten en verplichtingen die voortvloeien uit de WTO;
Verlangende een regelmatige politieke dialoog in te stellen over bilaterale en internationale vraagstukken van wederzijds belang, met inbegrip van regionale aspecten, met inachtneming van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid van de Europese Unie;
Overtuigd dat de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst een nieuw klimaat zal scheppen voor hun onderlinge economische betrekkingen, in het bijzonder voor de ontwikkeling van handel en investeringen, factoren van cruciaal belang voor de economische herstructurering en modernisering;
Gelet op de toezegging van Kroatië om zijn wetgeving aan te passen aan die van de Gemeenschap;
Gelet op de bereidheid van de Gemeenschap om doorslaggevende steun te verlenen voor hervorming en wederopbouw en daartoe alle beschikbare instrumenten voor samenwerking en technische, financiële en economische bijstand in te zetten op een brede indicatieve meerjaarlijkse basis;
Bevestigend dat de bepalingen van deze overeenkomst die binnen de toepassingssfeer van deel III, titel IV, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap vallen, het Verenigd Koninkrijk en Ierland binden als afzonderlijke verdragsluitende partijen, en niet als deel van de Europese Gemeenschap, totdat het Verenigd Koninkrijk of Ierland (al naargelang van het geval) Kroatië ervan in kennis stelt dat het Verenigd Koninkrijk of Ierland is gebonden als deel van de Europese Gemeenschap overeenkomstig het Protocol betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland dat aan het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap is gehecht. Hetzelfde geldt voor Denemarken met betrekking tot het Protocol betreffende de positie van Denemarken dat aan die verdragen is gehecht;
Wijzend op de top van Zagreb, waarop werd opgeroepen tot verdere consolidatie van de betrekkingen tussen de landen die deel uitmaken van het stabilisatie- en associatieproces en de Europese Unie, alsmede tot intensievere samenwerking in de regio;
Wijzend op de bereidheid van de Europese Unie om Kroatië zo volledig mogelijk te integreren in de politieke en economische hoofdstroom van Europa, en op de status van het land als een potentiële kandidaat voor het EU-lidmaatschap op basis van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het voldoen aan de door de Europese Raad in juni 1993 gedefinieerde criteria, onder voorbehoud van de succesvolle tenuitvoerlegging van deze overeenkomst, met name wat betreft regionale samenwerking,
Hebben overeenstemming bereikt omtrent de volgende bepalingen[Red: De oorspronkelijke Bijlagen bij de Overeenkomst en de Protocollen liggen ter inzage bij de Afdeling Verdragen van het Ministerie van Buitenlandse Zaken en zijn gepubliceerd in PbEU 2005, L 26.]:
Artikel 1
Vervallen
TITEL I. ALGEMENE BEGINSELEN
Artikel 2
Vervallen
Artikel 3
Vervallen
Artikel 4
Vervallen
Artikel 5
Vervallen
Artikel 6
Vervallen
TITEL II. POLITIEKE DIALOOG
Artikel 7
Vervallen
Artikel 8
Vervallen
Artikel 9
Vervallen
Artikel 10
Vervallen
TITEL III. REGIONALE SAMENWERKING
Artikel 11
Vervallen
Artikel 12. Samenwerking met andere landen die een stabilisatie- en associatieovereenkomst hebben ondertekend
Vervallen
Artikel 13. Samenwerking met andere bij het stabilisatie- en associatieproces betrokken landen
Vervallen
Artikel 14. Samenwerking met kandidaat-lidstaten van de EU
Vervallen
TITEL IV. VRIJ VERKEER VAN GOEDEREN
Artikel 15
Vervallen
Hoofdstuk I. INDUSTRIEPRODUCTEN
Artikel 16
Vervallen
Artikel 17
Vervallen
Artikel 18
Vervallen
Artikel 19
Vervallen
Artikel 20
Vervallen
Artikel 21
Vervallen
Artikel 22
Vervallen
Artikel 23
Vervallen
Hoofdstuk II
Artikel 24. Definitie
Vervallen
Artikel 25
Vervallen
Artikel 26
Vervallen
Artikel 27. Landbouwproducten
Vervallen
Artikel 28. Visserijproducten
Vervallen
Artikel 29
Vervallen
Artikel 30
Vervallen
Artikel 31
Vervallen
Hoofdstuk III. GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN
Artikel 32
Vervallen
Artikel 33. Standstill
Vervallen
Artikel 34. Verbod op fiscale discriminatie
Vervallen
Artikel 35
Vervallen
Artikel 36. Douane-unies, vrijhandelszones, regelingen voor grensverkeer
Vervallen
Artikel 37. Dumping
Vervallen
Artikel 38. Algemene vrijwaringsclausule
Vervallen
Artikel 39. Tekortclausule
Vervallen
Artikel 40. Staatsmonopolies
Vervallen
Artikel 41
Vervallen
Artikel 42. Toegestane beperkingen
Vervallen
Artikel 43
Vervallen
Artikel 44
Vervallen
TITEL V. VERKEER VAN WERKNEMERS, VESTIGING, VERRICHTEN VAN DIENSTEN, KAPITAAL
Hoofdstuk I. VERKEER VAN WERKNEMERS
Artikel 45
Vervallen
Artikel 46
Vervallen
Artikel 47
Vervallen
Hoofdstuk II. VESTIGING
Artikel 48
Vervallen
Artikel 49
Vervallen
Artikel 50
Vervallen
Artikel 51
Vervallen
Artikel 52
Vervallen
Artikel 53
Vervallen
Artikel 54
Vervallen
Artikel 55
Vervallen
Hoofdstuk III. VERLENEN VAN DIENSTEN
Artikel 56
Vervallen
Artikel 57
Vervallen
Artikel 58
Vervallen
Hoofdstuk IV. BETALINGS- EN KAPITAALVERKEER
Artikel 59
Vervallen
Artikel 60
Vervallen
Artikel 61
Vervallen
Hoofdstuk V. ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 62
Vervallen
Artikel 63
Vervallen
Artikel 64
Vervallen
Artikel 65
Vervallen
Artikel 66
Vervallen
Artikel 67
Vervallen
Artikel 68
Vervallen
TITEL VI. HARMONISATIE VAN WETGEVING, RECHTSHANDHAVING EN MEDEDINGINGSREGELS
Artikel 69
Vervallen
Artikel 70
Vervallen
Artikel 71. Intellectuele, industriële en commerciële eigendom
Vervallen
Artikel 72. Overheidsopdrachten
Vervallen
Artikel 73. Normalisatie, metrologie, accreditering en conformiteitsbeoordeling
Vervallen
Artikel 74. Bescherming van de consument
Vervallen
Titel VII. JUSTITIE EN BINNENLANDSE ZAKEN
INLEIDING
Artikel 75. Institutionele versterking en de rechtsstaat
Vervallen
SAMENWERKING OP HET GEBIED VAN HET VERKEER VAN PERSONEN
Artikel 76. Visa, grenscontrole, asiel en migratie
Vervallen
Artikel 77. Preventie van en controle op illegale immigratie; overname
Vervallen
SAMENWERKING INZAKE DE BESTRIJDING VAN HET WITWASSEN VAN GELD EN DE BESTRIJDING VAN DRUGS
Artikel 78. Witwassen van geld
Vervallen
Artikel 79. Samenwerking op het gebied van drugs
Vervallen
SAMENWERKING OP STRAFRECHTELIJK GEBIED
Artikel 80. Voorkoming en bestrijding van misdrijven en andere illegale activiteiten
Vervallen
TITEL VIII. SAMENWERKINGSBELEID
Artikel 81
Vervallen
Artikel 82. Economisch beleid
Vervallen
Artikel 83. Samenwerking op het gebied van statistiek
Vervallen
Artikel 84. Financiële diensten, banksector, verzekeringen
Vervallen
Artikel 85. Stimulering en bescherming van investeringen
Vervallen
Artikel 86. Samenwerking op het gebied van de industrie
Vervallen
Artikel 87. Midden- en kleinbedrijf
Vervallen
Artikel 88. Toerisme
Vervallen
Artikel 89. Douane
Vervallen
Artikel 90. Belastingen
Vervallen
Artikel 91. Samenwerking op sociaal gebied
Vervallen
Artikel 92. Landbouw en de agro-industriële sector
Vervallen
Artikel 93. Visserij
Vervallen
Artikel 94. Onderwijs en opleiding
Vervallen
Artikel 95. Samenwerking op cultureel gebied
Vervallen
Artikel 96. Informatie en communicatie
Vervallen
Artikel 97. Samenwerking op audiovisueel gebied
Vervallen
Artikel 98. Elektronische communicatie-infrastructuur en aanverwante diensten
Vervallen
Artikel 99. Informatiemaatschappij
Vervallen
Artikel 100. Vervoer
Vervallen
Artikel 101. Energie
Vervallen
Artikel 102. Nucleaire veiligheid
Vervallen
Artikel 103. Milieu
Vervallen
Artikel 104
Vervallen
Artikel 105. Regionale en plaatselijke ontwikkeling
Vervallen
TITEL IX. FINANCIËLE SAMENWERKING
Artikel 106
Vervallen
Artikel 107
Vervallen
Artikel 108
Vervallen
Artikel 109
Vervallen
TITEL X. INSTITUTIONELE, ALGEMENE EN SLOTBEPALINGEN
Artikel 110
Vervallen
Artikel 111
Vervallen
Artikel 112
Vervallen
Artikel 113
Vervallen
Artikel 114
Vervallen
Artikel 115
Vervallen
Artikel 116
Vervallen
Artikel 117
Vervallen
Artikel 118
Vervallen
Artikel 119
Vervallen
Artikel 120
Vervallen
Artikel 121
Vervallen
Artikel 122
Vervallen
Artikel 123
Vervallen
Artikel 124
Vervallen
Artikel 125
Vervallen
Artikel 126
Vervallen
Artikel 127
Vervallen
Artikel 128
Vervallen
Artikel 129
Vervallen
Artikel 130. Interimovereenkomst
Vervallen
Artikel 1
Dit protocol heeft betrekking op textiel en kledingproducten (hierna „textielproducten" genoemd) die zijn vermeld in afdeling XI (hoofdstuk 50 tot en met 63) van de gecombineerde nomenclatuur van de Gemeenschap.
Artikel 2
De in afdeling XI (hoofdstuk 50 tot en met 63) van de gecombineerde nomenclatuur vermelde textielproducten van oorsprong uit Kroatië, zoals gedefinieerd in Protocol nr. 4 bij deze overeenkomst, zijn vanaf de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst bij binnenkomst in de Gemeenschap van douanerechten vrijgesteld.
De rechten die van toepassing zijn op de onder afdeling XI (hoofdstuk 50 tot en met 63) van de gecombineerde nomenclatuur vallende producten van oorsprong uit de Gemeenschap, zoals gedefinieerd in Protocol nr. 4 bij deze overeenkomst, die rechtstreeks in Kroatië worden ingevoerd, vervallen op de datum van inwerkingtreding van de overeenkomst, met uitzondering van de rechten die van toepassing zijn op de in de bijlagen I en II bij dit protocol bedoelde producten die op de daarin vermelde wijze geleidelijk worden verminderd.
Onder voorbehoud van het bepaalde in dit protocol zijn de bepalingen van de overeenkomst, in het bijzonder de artikelen 19 en 20 van de overeenkomst, van toepassing op de handel in textielproducten tussen de partijen.
Artikel 3
De regeling voor dubbele controle en aanverwante kwesties in verband met de uitvoer van textielproducten van oorsprong uit Kroatië naar de Gemeenschap en van textielproducten van oorsprong uit de Gemeenschap naar Kroatië zijn onderworpen aan de bepalingen van de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Republiek Kroatië inzake de handel in textielproducten, die op 8 november 2000 is geparafeerd en sinds 1 januari 2001 wordt toegepast.
Artikel 4
Vanaf de inwerkingtreding van deze overeenkomst worden geen nieuwe kwantitatieve beperkingen of maatregelen van gelijke werking ingesteld, tenzij dit op grond van bovengenoemde overeenkomst en de daarbij behorende protocollen is toegestaan.
Artikel 1
Dit protocol is van toepassing op de producten die zijn vermeld in hoofdstuk 72 van het gemeenschappelijk douanetarief. Het is eveneens van toepassing op andere onder dit hoofdstuk vallende eindproducten van ijzer en staal die in de toekomst uit Kroatië van oorsprong kunnen zijn.
Artikel 2
Douanerechten die bij invoer in de Gemeenschap van toepassing zijn op ijzer- en staalproducten van oorsprong uit Kroatië worden bij de inwerkingtreding van de overeenkomst afgeschaft.
Artikel 3
De douanerechten die van toepassing zijn bij de invoer in Kroatië van producten van oorsprong uit de Gemeenschap, andere dan die genoemd in bijlage I, worden bij de inwerkingtreding van de overeenkomst afgeschaft.
Douanerechten die bij invoer in Kroatië van toepassing zijn op de ijzer- en staalproducten genoemd in bijlage I, worden volgens onderstaand tijdschema geleidelijk afgeschaft:
- –. bij de inwerkingtreding van de overeenkomst worden de rechten verminderd tot 65% van het basisrecht;
- –. op 1 januari 2003 worden de rechten verminderd tot 50% van het basisrecht;
- –. op 1 januari 2004 worden de rechten verminderd tot 35% van het basisrecht;
- –. op 1 januari 2005 worden de rechten verminderd tot 20% van het basisrecht;
- –. op 1 januari 2006 worden de resterende rechten afgeschaft.
Artikel 4
De kwantitatieve beperkingen op de invoer in de Gemeenschap van ijzer- en staalproducten van oorsprong uit Kroatië en maatregelen van gelijke werking worden op de datum van inwerkingtreding van de overeenkomst opgeheven.
De kwantitatieve beperkingen op de invoer in Kroatië van ijzer- en staalproducten van oorsprong uit de Gemeenschap en maatregelen van gelijke werking worden op de datum van inwerkingtreding van de overeenkomst opgeheven.
Artikel 5
In verband met het bepaalde in artikel 70 van de overeenkomst erkennen de partijen dat het noodzakelijk en urgent is dat elke partij terstond maatregelen neemt om eventuele structurele zwakheden van haar ijzer- en staalsector te verhelpen ter waarborging van het algemene concurrentievermogen van haar industrie. Kroatië stelt daarom binnen twee jaar een herstructurerings- en omschakelingsprogramma voor haar ijzer- en staalindustrie op om ervoor te zorgen dat deze industrie op normale marktvoorwaarden kan voortbestaan. De Gemeenschap zal Kroatië op verzoek technische bijstand verlenen om dit doel te bereiken.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.