Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica
Preambule
De Staten die Partij zijn bij dit Protocol bij het Verdrag inzake Antarctica, hierna te noemen de Partijen,
Overtuigd van de noodzaak het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen beter te beschermen ;
Overtuigd van de noodzaak het Antarctisch Verdragssysteem te verstevigen om te verzekeren dat Antarctica ook in de toekomst uitsluitend voor vreedzame doeleinden wordt gebruikt en niet het toneel wordt van strijd, noch het voorwerp van internationale geschillen;
Indachtig de speciale wettelijke en politieke status van Antarctica en de speciale verantwoordelijkheid van de Consultatieve Partijen bij het Verdrag inzake Antarctica om ervoor zorg te dragen dat alle activiteiten in Antarctica in overeenstemming zijn met de doelstellingen en beginselen van het Verdrag inzake Antarctica;
Eraan herinnerend dat Antarctica is aangewezen als Speciaal Beschermd Gebied en verwijzend naar de andere krachtens het Antarctisch Verdragssysteem genomen maatregelen om het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen te beschermen;
Voorts erkennend de unieke mogelijkheden die Antarctica biedt voor wetenschappelijke waarneming en onderzoek van processen van zowel mondiale als regionale betekenis;
Opnieuw de instandhoudingsbeginselen bevestigend van hetVerdrag inzake de instandhouding van de levende rijkdommen in de Antarctische wateren;
Ervan overtuigd dat de ontwikkeling van een alomvattend stelsel ter bescherming van het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen in het belang is van de gehele mensheid;
Geleid door de wens het Verdrag inzake Antarctica hiertoe aan te vullen;
Zijn het volgende overeengekomen:
Artikel 1. Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit Protocol wordt verstaan onder:
- a. „Het Verdrag inzake Antarctica": het Verdrag inzake Antarctica gedaan te Washington op 1 december 1959;
- b. „gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is": het gebied waarop de bepalingen van het Verdrag inzake Antarctica overeenkomstig artikel VI van dat Verdrag van toepassing zijn;
- c. „Consultatieve Vergaderingen van het Verdrag inzake Antarctica": de vergaderingen zoals bedoeld in artikel IX van het Verdrag inzake Antarctica;
- d. „Consultatieve Partijen bij het Verdrag inzake Antarctica": de Partijen bij het Verdrag inzake Antarctica die het recht hebben vertegenwoordigers te benoemen die kunnen deelnemen aan de in artikel IX van dat Verdrag bedoelde vergaderingen;
- e. „Antarctisch Verdragssysteem": het Verdrag inzake Antarctica, de krachtens dat Verdrag van kracht zijnde maatregelen, de daarmee samenhangende afzonderlijke internationale van kracht zijnde juridische instrumenten en de op grond van deze juridische instrumenten van kracht zijnde maatregelen;
- f. „scheidsgerecht": het scheidsgerecht ingesteld overeenkomstig het aanhangsel bij dit Protocol, dat hiervan een integrerend deel uitmaakt;
- g. „Commissie": de overeenkomstig artikel 11 ingestelde Commissie voor Milieubescherming.
Artikel 2. Doelstelling en aanwijzing
De Partijen verplichten zich ertoe het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen op alomvattende wijze te beschermen en wijzen hierbij Antarctica aan als natuurreservaat, ten dienste van vrede en wetenschap.
Artikel 3. Milieubeginselen
De bescherming van het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen alsmede de intrinsieke waarde van Antarctica, met inbegrip van de wildernis van Antarctica, de esthetische waarden en de waarde van Antarctica als gebied voor het verrichten van wetenschappelijk onderzoek, in het bijzonder onderzoek dat essentieel is voor inzicht in het milieu van de gehele aarde, vormen fundamentele uitgangspunten bij het plannen en uitvoeren van alle activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is.
Hiertoe:
- a. worden activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is, zo gepland en uitgevoerd dat nadelige gevolgen voor het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen beperkt worden;
- b. worden activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is zo gepland en uitgevoerd dat het volgende vermeden wordt:
- i. nadelige gevolgen voor klimaat of weerpatronen;
- ii. belangrijke nadelige gevolgen voor de kwaliteit van lucht of water;
- iii. belangrijke veranderingen in de milieuomstandigheden van de atmosfeer, het land (met inbegrip van de binnenwateren), het ijs en de zee;
- iv. veranderingen die schadelijk zijn voor de verspreiding, rijkdom of produktiviteit van dier- en plantesoorten en dier- en plante populaties; v. verder in gevaar brengen van bedreigde of uitstervende soorten of populaties daarvan; of
- vi. aantasting van, of wezenlijk gevaar voor, gebieden van biologisch, wetenschappelijk, historisch, of esthetisch belang, of van belang als wildernis;
- c. wordt het uitgangspunt voor de planning en uitvoering van activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is, gevormd door informatie die toereikend is om vooraf de eventuele effecten van deze activiteiten voor het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen en voor de waarde van Antarctica voor het verrichten van wetenschappelijk onderzoek te kunnen beoordelen en een gefundeerde mening hierover te vormen; bij deze beoordeling wordt ten volle rekening gehouden met:
- i. de omvang van de activiteit, met inbegrip van de duur en de intensiteit hiervan en het gebied waarin deze plaatsvindt;
- ii. de cumulatieve effecten van de activiteit, zowel ten gevolge van de activiteit zelf als de combinatie hiervan met andere activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is;
- iii. de vraag of de activiteit een andere activiteit in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is, nadelig beïnvloedt;
- iv. de vraag of er technologie en procedures beschikbaar zijn voor milieuveilige werkzaamheden;
- v. de vraag of het vermogen aanwezig is om sleutelelementen van het milieu en onderdelen van het ecosysteem te observeren ten einde nadelige gevolgen van een activiteit te onderkennen en hieromtrent vroegtijdig te waarschuwen en de veranderingen in de uitvoeringsprocedures aan te brengen die op grond van de uit observatie of toegenomen kennis van het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen verkregen resultaten, nodig kunnen zijn; en
- vi. de vraag of het vermogen aanwezig is om snel en doeltreffend ongevallen te bestrijden, met name ongevallen die gevolgen voor het milieu kunnen hebben.
- d. er vindt regelmatig en doeltreffend waarneming plaats om de gevolgen van aan de gang zijnde activiteiten te beoordelen, met inbegrip van de verificatie van voorspelde effecten;
- e. er vindt regelmatig doeltreffende observatie plaats om vroegtijdige ontdekking van eventuele onvoorziene gevolgen voor het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen, voortvloeiend uit activiteiten binnen en buiten het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is, te vergemakkelijken.
Bij de planning en uitvoering van activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is, wordt voorrang verleend aan wetenschappelijk onderzoek en staat het behoud van de waarde van Antarctica als gebied voor het verrichten van dergelijk onderzoek, met inbegrip van onderzoek dat essentieel is voor inzicht in het milieu van de gehele aarde, voorop.
Activiteiten voortvloeiende uit programma's voor wetenschappelijk onderzoek en toeristische activiteiten die worden ondernomen in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is, alsmede alle andere gouvernementele en niet-gouvernementele activiteiten ondernomen in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is en waarvan overeenkomstig artikel VII, vijfde lid, van het Verdrag inzake Antarctica, vooraf kennisgeving dient te worden gedaan, met inbegrip van logistieke ondersteuning,
- a. vinden plaats op een met de beginselen in dit artikel verenigbare wijze; en
- b. worden gewijzigd, geschorst of afgelast indien deze leiden of dreigen te leiden tot effecten voor het Antarctisch milieu of de daarvan afhankelijke of daarmee samenhangende ecosystemen die niet verenigbaar zijn met deze beginselen.
Artikel 4. Samenhang met de andere onderdelen van het Antarctisch Verdragssysteem
Dit Protocol is een aanvulling op het Verdrag inzake Antarctica en verandert of wijzigt dit Verdrag niet.
Geen enkele bepaling van dit Protocol doet afbreuk aan de rechten en verplichtingen van de Partijen bij dit Protocol krachtens andere binnen het Antarctisch Verdragssysteem van kracht zijnde internationale juridische instrumenten.
Artikel 5. Verenigbaarheid met de andere onderdelen van het Antarctisch Verdragssysteem
De Partijen treden in overleg en werken samen met de Verdragsluitende Partijen bij de andere binnen het Antarctisch Verdragssysteem van kracht zijnde internationale juridische instrumenten en hun onderscheiden instellingen ten einde te verzekeren dat de doelstellingen van dit Protocol worden bereikt en zijn beginselen gehandhaafd en ten einde te vermijden dat het bereiken van de doelstellingen en het handhaven van de beginselen van die juridische instrumenten worden belemmerd of dat de toepassing van die juridische instrumenten en dit Protocol niet met elkaar verenigbaar zijn.
Artikel 6. Samenwerking
De Partijen werken samen bij het plannen en uitvoeren van activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is. Hiertoe streeft elke Partij ernaar:
- a. samenwerkingsprogramma's van wetenschappelijke, technische en educatieve waarde, betreffende de bescherming van het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen, te bevorderen;
- b. andere Partijen gepaste bijstand te verlenen bij het opstellen van milieu-effectrapportages;
- c. andere Partijen op verzoek informatie te verstrekken inzake een mogelijk risico voor het milieu en bijstand te verlenen om de eventueel schadelijke gevolgen van ongevallen voor het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen, tot een minimum te beperken;
- d. in overleg te treden met andere Partijen inzake de keuze van plaatsen voor toekomstige stations en andere faciliteiten ten einde cumulatieve eifecten ten gevolge van een uitzonderlijk hoge concentratie hiervan op één plaats te vermijden;
- e. eventueel gezamenlijk expedities te ondernemen en het gebruik van stations en andere faciliteiten te delen; en
- f. de stappen te ondernemen die worden overeengekomen in de Consultatieve Vergaderingen van het Verdrag inzake Antarctica.
Elke Partij verbindt zich, voor zover mogelijk, tot het delen van informatie die nuttig kan zijn voor andere Partijen bij het plannen en uitvoeren van hun activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is, om het Antarctisch milieu en de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen te beschermen.
De Partijen werken samen met de Partijen die jurisdictie uitoefenen in de aan het gebied waarop het Verdrag inzake Antarcticavan toepassing is grenzende gebieden, ten einde te verzekeren dat activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is, geen nadelige effecten hebben voor het milieu in die gebieden.
Artikel 7. Verbod van activiteiten betreffende minerale rijkdommen
Met uitzondering van wetenschappelijk onderzoek is elke activiteit betreffende minerale rijkdommen verboden.
Artikel 8. Milieu-effectrapportage
Op voorgenomen activiteiten zoals bedoeld in het tweede lid hieronder zijn de in Bijlage I beschreven procedures voor het vooraf beoordelen van de effecten van deze activiteiten voor het Antarctisch milieu of de daarvan afhankelijke en daarmee samenhangende ecosystemen van toepassing al naar gelang de effecten van deze activiteiten! worden gekenschetst als:
- a. minder dan een gering of tijdelijk effect;
- b. een gering of tijdelijk effect; of
- c. meer dan een gering of tijdelijk effect.
Alle Partijen zien erop toe dat de in Bijlage I beschreven milieurapportage- en beoordelingsprocedures worden toegepast bij de planning voorafgaande aan beslissingen inzake activiteiten voortvloeiende uit programma's voor wetenschappelijk onderzoek en toeristische activiteiten die worden ondernomen in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is, alsmede alle andere gouvernementele en niet-gouvernementele activiteiten in het gebied waarop het Verdrag inzake Antarctica van toepassing is en waarvan krachtens artikel VI, vijfde lid, van het Verdrag inzake Antarctica, vooraf kennisgeving dient te worden gedaan, met inbegrip van daarmee samenhangende logistieke ondersteuning.
De in Bijlage I beschreven milieurapportage- en beoordelingsprocedures zijn van toepassing op elke verandering in een activiteit, ongeacht of deze verandering voortvloeit uit een toename of afname van de intensiteit van een bestaande activiteit, uit het toevoegen van een activiteit, het buiten dienst stellen van een faciliteit, of anderszins.
Wanneer activiteiten gezamenlijk door meer Partijen worden gepland, benoemen de betrokken Partijen uit hun midden één persoon die de toepassing van de in Bijlage I beschreven milieu-effectrapportageprocedures coördineert.
Artikel 9. Bijlagen
De Bijlagen bij dit Protocol maken een integrerend deel hiervan uit.
Naast de Bijlagen I-IV kunnen bijlagen worden aangenomen en van kracht worden overeenkomstig artikel IX van het Verdrag inzake Antarctica.
Veranderingen en wijzigingen van Bijlagen kunnen worden aangenomen en van kracht worden overeenkomstig artikel IX van het Verdrag inzake Antarctica, met dien verstande dat elke Bijlage een bepaling kan bevatten om veranderingen en wijzigingen op versnelde wijze van kracht te doen worden.
Bijlagen en alle veranderingen en wijzigingen hiervan die overeenkomstig het tweede en derde lid hierboven van kracht zijn geworden, treden in werking voor een Verdragsluitende Partij bij het Verdrag inzake Antarctica die geen Consultatieve Partij bij het Verdrag inzake Antarctica is, of geen Consultatieve Partij bij het Verdrag inzake Antarctica was op het tijdstip waarop deze werden aangenomen, wanneer de Depositaris mededeling van goedkeuring heeft ontvangen van die Verdragsluitende Partij, tenzij in een dergelijke Bijlage ten aanzien van de inwerkingtreding van een verandering of wijziging hiervan anders wordt bepaald.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.