Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Associatie van Caraïbische Staten tot vaststelling van de voorwaarden van deelneming door de Nederlandse Antillen als geassocieerd lid
Het Koninkrijk der Nederlanden namens de Nederlandse Antillen en de Associatie van Caraïbische Staten,
Overwegende dat in artikel IV, tweede lid, van het Verdrag tot oprichting van de Associatie van Caraïbische Staten, hierna te noemen het „Verdrag"1)Redactie: In deze vertaling wordt het Verdrag tot oprichting van de Associatie van Caraïbische Staten, het Verdrag (van 1994) genoemd ter onderscheiding van het onderhavige Verdrag., wordt bepaald dat de Raad van ministers van de Associatie van Caraïbische Staten verdragen sluit met geassocieerde leden;
Overwegende dat de Nederlandse Antillen voorkomen op de lijst van Staten, Landen en Grondgebieden genoemd in Bijlage II bij het Verdrag (van 1994);
Rekening houdende met de desbetreffende bepalingen van de Grondwet van het Koninkrijk der Nederlanden, die toelaten dat de Nederlandse Antillen de hoedanigheid van geassocieerd lid van de Associatie van Caraïbische Staten verwerven;
Geleid door de wens de regionale samenwerking tussen de Lidstaten en de geassocieerde leden van de Associatie te bevorderen teneinde het collectieve vermogen van het Caraïbisch Gebied te exploiteren, te gebruiken en te ontwikkelen om te komen tot duurzame vooruitgang op economisch, sociaal, cultureel, wetenschappelijk en technologisch gebied;
Geleid door de wens regionaal overleg, samenwerking en gezamenlijk optreden te bevorderen op het gebied van onder andere toerisme, economische integratie en van andere aan handel gerelateerde commerciële gebieden, en van vervoer;
Overwegende dat het Koninkrijk der Nederlanden, voor de Nederlandse Antillen op 27 november 1997 het Verdrag (van 1994) heeft ondertekend, ter gelegenheid van de Derde Gewone Vergadering van de Raad van ministers gehouden te Cartagena de Indias, Colombia;
Zijn als volgt overeengekomen:
Artikel 1
Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:
-
- „Verdrag": het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Associatie van Caraïbische Staten tot vaststelling van de voorwaarden van deelname van de Nederlandse Antillen als geassocieerd lid.
-
- De betekenis van de in dit Verdrag gebruikte begrippen is dezelfde als die uiteengezet in artikel I van het Verdrag (van 1994).
Artikel 2
Overeenkomstig de artikelen IV en IX van het Verdrag (van 1994) en onder dezelfde voorwaarden als aan de Lidstaten gesteld, zijn de Nederlandse Antillen gerechtigd als geassocieerd lid deel te nemen aan de besprekingen en te stemmen bij de vergaderingen van de Raad van ministers over alle zaken die de Nederlandse Antillen rechtstreeks aangaan en die vallen binnen het kader van hun grondwettelijke bevoegdheid.
Artikel 3
De Nederlandse Antillen zijn in overeenstemming met artikel IV, tweede lid, van het Verdrag (van 1994), dit Verdrag inzake de betrekkingen en van andere door de Raad van ministers goedgekeurde verdragen, en onder dezelfde voorwaarden als gesteld aan de Lidstaten, gerechtigd als geassocieerd lid deel te nemen aan de vergaderingen van de Bijzondere commissies, waarin programma's, plannen en projecten worden bestudeerd en daarover wordt beslist, en waarin hun deelname vereist is, en die binnen het kader van hun zelfbestuur vallen, en hun rechtstreeks aangaan. De Nederlandse Antillen zijn bevoegd projecten en initiatieven ter bevordering van de regionale samenwerking in te dienen.
Artikel 4
De Nederlandse Antillen dragen aan de jaarlijkse begroting van de Associatie datgene bij wat volgens artikel XII, tweede lid, van het Verdrag (van 1994) door de Raad van ministers wordt goedgekeurd bij consensus van de afgevaardigden. De hoogte van de bijdrage wordt bepaald conform de criteria die van toepassing zijn op de Landen ingedeeld in Groep 1, Categorie C, ter zake van de quotaverdeling van de Associatie.
Artikel 5
De rechten en plichten die uit dit Verdrag voortvloeien zijn alleen bindend voor de Nederlandse Antillen.
Artikel 6
Dit Verdrag treedt in werking op de datum waarop het Koninkrijk der Nederlanden, namens de Regering van de Nederlandse Antillen, de Associatie in kennis stelt van de voltooiing van de noodzakelijke grondwettelijke procedures. Deze kennisgeving kan niet worden gedaan dan nadat het Koninkrijk der Nederlanden zijn akte van toetreding tot het Verdrag (van 1994) heeft nedergelegd bij de Regering van de Republiek Colombia.
DONE at Bridgetown, Barbados on December 10, 1998, in three copies in the English, French and Spanish languages, each text being equally authentic, one for each Party, the third to be deposited with the Government of the Republic of Colombia as depositary State of the Convention establishing the Association of Caribbean States.
For the Kingdom of the Netherlands
(sd.) S. F. C. CAMELIA-RÖMER
Prime Minister of the Netherlands Antilles
For the Association of Caribbean States
(sd.) GABRIEL AQUILERA PERALTA
Chairman of the Ministerial Council
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.