Verdrag inzake de oprichting van de Caraïbische Postunie, met Protocol inzake voorrechten en immuniteiten van de Caraïbische Postunie
PREAMBULE
De ondergetekenden, gevolmachtigden van de Regeringen van de Verdragsluitende Partijen:
overwegende het belang van binnenlandse en internationale postale diensten voor de ontwikkeling van de menselijke betrekkingen en handelsbetrekkingen;
zich bewust van de gemeenschappelijke problemen waarvoor de postdiensten in de regio zich gesteld zien;
geleid door de wens de verbetering en ontwikkeling van hun postale diensten te bevorderen door middel van uitgebreide samenwerking en breed overleg;
en gelet op artikel 8 van de Constitutie van de Wereldpostunie (UPU);
Zijn het volgende overeengekomen:
Artikel 1
Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:
- a. Archieven van de Unie, de archiefstukken, correspondentie, documenten, manuscripten, foto's, dia's, films, diskettes en geluidsopnamen die aan de Unie toebehoren.
- b. Bevoegde autoriteiten, de nationale of plaatselijke autoriteiten van de lidstaten al naar gelang van de context en in overeenstemming met de wetten van de lidstaten.
- c. Conferentie, het lichaam van postexploitanten dat is ingesteld als bedoeld in artikel 8 van dit Verdrag.
- d. Caraïbische Raad van ministers voor Postzaken, de ministers belast met de postzaken van de lidstaten, als bedoeld in artikel 7 van dit Verdrag.
- e. Raad van Beheer, de ingestelde groep van zeven vertegenwoordigers van de lidstaten als bedoeld in artikel 11 van dit Verdrag.
- f. Verdrag, het Verdrag tot oprichting van de Caraïbische Postunie als gewijzigd.
- g. Secretaris-Generaal, de ingevolge artikel 13 van dit Verdrag verkozen functionaris.
- h. Regering, de regering van een lidstaat.
- i. Zetel, de in artikel 16 van dit Verdrag bedoelde terreinen of locatie die door de Unie worden gebruikt.
- j. Functionaris van de Unie, de Secretaris-Generaal en het personeel van de Unie.
- k. Eigendommen, alle vormen van eigendom, met inbegrip van fondsen en activa die aan de Unie toebehoren of die zij onder zich heeft of die door haar worden beheerd, en in het algemeen alle aan de Unie toekomende inkomsten.
- l. Secretariaat, het in artikel 14 van dit Verdrag bedoelde Secretariaat van de Caraïbische Postunie.
- m. Unie, de Caraïbische Postunie.
- n. Caraïbische landen en grondgebieden, de landen en grondgebieden die deel uitmaken van het Groot-Caraïbisch gebied.
- o. Directeur der Posterijen, de directeur die belast is met de organisatie die de postale diensten verzorgt.
Artikel 2
Hierbij herbevestigen de Verdragsluitende Partijen de oprichting van de Caraïbische Postunie.
Het doel van de CPU is:
- a. beter tegemoetkomen aan de behoeften van de klanten met betrekking tot alle soorten postale voorzieningen;
- b. het bevorderen van de verbetering en van de veiligheid van postale diensten;
- c. het coördineren van postale opleidingen en operationele postale diensten; en
- d. het bevorderen van de internationale samenwerking op postgebied in de geest en bij de naleving van de Akten van de Wereldpostunie;
- e. het verrichten van andere door de Conferentie goedgekeurde activiteiten gericht op de ontwikkeling van postdiensten en de duurzaamheid van de CPU.
De Unie moet worden beschouwd als een Beperkte Unie van de Wereldpostunie zoals bedoeld in artikel 8 van de Constitutie van de Wereldpostunie.
Artikel 3
De Unie heeft volledige handelingsbevoegdheid.
Elk lid kent op zijn grondgebied aan de Unie de meest uitgebreide handelingsbevoegdheid toe welke krachtens de gemeentelijke wetgeving aan rechtspersonen wordt verleend. Bij elk rechtsgeding wordt de Unie vertegenwoordigd door de Secretaris-Generaal van de Unie.
Artikel 4
Het lidmaatschap van de Unie staat open voor alle landen en grondgebieden die de Unie hebben opgericht alsmede alle Caraïbische landen en grondgebieden.
Elk van deze landen of grondgebieden kan te allen tijde zijn toetreding tot dit Verdrag bekendmaken door middel van een kennisgeving aan de Secretaris-Generaal van de Unie. Zij ondertekenen en bekrachtigen het Verdrag vervolgens bij de eerste gelegenheid daartoe.
Elk ander land kan, door middel van een aanvraag overeenkomstig het vierde lid van dit artikel, Partij worden bij de Unie onder de door de Conferentie vast te stellen voorwaarden en bedingen.
Aanvragen voor toelating als lid van de Unie dienen aan de Secretaris-Generaal van de Unie te worden gericht en vergezeld te gaan van een formele intentieverklaring waarin de verplichtingen van dit Verdrag worden aanvaard.
De Secretaris-Generaal van de Unie raadpleegt zo spoedig mogelijk alle leden over de door hem ontvangen aanvragen voor lidmaatschap. Een land wordt als lid tot de Unie toegelaten indien zijn aanvraag voor toelating is goedgekeurd door twee derde van de leden van de Unie. Van de toelating wordt vervolgens door het Secretariaat van de Unie mededeling gedaan aan de leden van de Unie, en de toelating wordt van kracht op een door het nieuwe lid en de Secretaris-Generaal overeengekomen datum.
Artikel 5
De Unie nodigt de Wereldpostunie uit haar vergaderingen als waarnemer bij te wonen.
Andere Beperkte Postunies, postdiensten die geen lid zijn van de Unie, en regionale of internationale lichamen, landen of grondgebieden, of andere organisaties wier activiteiten van belang zijn voor de Unie, kunnen op besluit van de Voorzitter van de betrokken vergadering worden uitgenodigd de vergaderingen van de Unie als waarnemer bij te wonen.
Waarnemers hebben bij de vergaderingen van de Unie geen stemrecht.
Artikel 6
De permanente lichamen van de Unie zijn de Caraïbische Raad van ministers voor Postzaken, de Conferentie en de Raad van Beheer.
Artikel 7
De Caraïbische Raad van ministers voor Postzaken is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van langetermijnstrategieën en -beleid met betrekking tot postzaken en de toekomst van de postindustrie binnen het Caraïbisch gebied, en delegeert de uitvoering van deze strategieën en dit beleid aan de Conferentie.
De leden van deze Raad zijn de ministers die in de lidstaten van de CPU belast zijn met postzaken, of hun vertegenwoordigers, en moeten overeenkomstig hun constitutionele procedures naar behoren zijn gemachtigd en voldoende bevoegdheden hebben om te onderhandelen en verplichtingen aan te gaan namens hun respectieve landen.
De leden van de Caraïbische Raad van ministers voor Postzaken dragen er zorg voor dat er voldoende middelen beschikbaar zijn om het beleid van hun respectieve landen in de CPU op te nemen en verplichten zich ertoe de uitvoering van de CPU-processen en -besluiten in hun landen te vergemakkelijken.
De Secretaris-Generaal treedt eveneens op als secretaris voor deze Raad.
Deze Raad komt in beginsel jaarlijks bijeen.
Artikel 8
De Conferentie draagt zorg voor de continuïteit van de Unie en vervult de in artikel 9 genoemde functies.
De Conferentie bestaat uit de Directeuren der Posterijen van de lidstaten of grondgebieden, of hun vertegenwoordigers, die overeenkomstig hun constitutionele procedures naar behoren moeten zijn gemachtigd om te onderhandelen en verplichtingen aan te gaan namens hun respectieve landen.
De Conferentie richt zich bij de vaststelling van de data van haar vergaderingen naar de vergaderingen van de Wereldpostunie. Normaliter komt de Conferentie eenmaal per jaar bijeen in de periode mei-juni. Daarnaast kan de Conferentie op verzoek van twee derde van de leden van de Unie in een buitengewone vergadering bijeenkomen.
Artikel 9
De taken van de Conferentie zijn:
- a. het uitvoeren van de strategieën en het beleid als aangenomen door de Caraïbische Raad van ministers voor Postzaken;
- b. het formuleren, adviseren over en opstellen van beleid dat door de Caraïbische Raad van ministers voor Postzaken wordt vastgesteld;
- c. het verkiezen van de Secretaris-Generaal en het vaststellen van de hoogte van zijn of haar vergoeding;
- d. het verkiezen van de leden van de Raad van Beheer;
- e. het vaststellen van prioriteiten, het in ontvangst nemen van rapporten en het aandragen van onderwerpen bij de Raad van Beheer als vermeld in dit lid;
- f. het aannemen van wijzigingen van dit Verdrag;
- g. het aannemen en wijzigen van bijzondere overeenkomsten inzake de oprichting en het functioneren van postale diensten en het verschaffen van diensten aan het publiek;
- h. het formuleren van algemeen beleid met betrekking tot postale diensten, wetgeving en technische samenwerking;
- i. het vaststellen van het aantal permanente personeelsleden van het Secretariaat;
- j. het vaststellen van het maximum van de uitgaven van de Unie en van de beginselen die op de uitgaven van toepassing zijn;
- k. het nemen van besluiten met betrekking tot alle door leden van de Unie overeenkomstig artikel 21 van dit Verdrag aan haar voorgelegde zaken van algemeen belang;
- l. het namens de Unie aangaan van overeenkomsten;
- m. het op aanbeveling van de Raad van Beheer benoemen van een accountant;
- n. het goedkeuren van de begroting van de Unie.
De Conferentie kan de Raad van Beheer taken opdragen.
Artikel 10
De besluiten van de Conferentie zijn van toepassing op alle leden. De leden die een besluit van de Conferentie niet kunnen aannemen, moeten de Secretaris-Generaal hiervan onverwijld en met opgaaf van redenen op de hoogte stellen.
Elk lid heeft één stem in de Conferentie.
Een lid kan bij een vergadering van de Conferentie worden vertegenwoordigd door een ander lid, met dien verstande dat een lid, behalve zichzelf, niet meer dan één ander lid mag vertegenwoordigen.
De Conferentie wijst het land aan waarin haar volgende vergadering zal worden gehouden.
De Conferentie stelt haar eigen reglement van orde op.
Artikel 11
De Raad van Beheer, met de vertegenwoordigers van zeven lidstaten, wordt ingesteld ter waarborging van de continuïteit van de werkzaamheden en van het beheer van de zaken van de Unie gedurende de periode tussen de vergaderingen van de Conferentie.
De Raad van Beheer wordt verkozen door de Conferentie en vervult zijn functie voor een periode van twee jaar.
De Raad van Beheer komt ten minste twee maal per jaar bijeen.
De Raad van Beheer kan buitengewone vergaderingen bijeenroepen, of een zitting van de Raad van Beheer kan worden geannuleerd indien twee derde van de leden daartoe besluit.
De Raad van Beheer verkiest zijn Voorzitter uit zijn leden.
Artikel 12
De taken van de Raad van Beheer zijn:
- a. het uitvoeren van de door de Conferentie aan hem opgedragen taken;
- b. het jaarlijkse activiteitenplan van de Unie ter goedkeuring aan de Conferentie voorleggen;
- c. het voorbereiden van de vergaderingen van de Caraïbische Raad van ministers voor Postzaken en de Conferentie, in samenspraak met het gastland en de Secretaris-Generaal;
- d. het treffen van de nodige maatregelen voor de uitvoering van bepaalde door de Conferentie genomen beginselbesluiten;
- e. het overeenkomstig de door de Conferentie gegeven richtlijnen treffen van passende maatregelen voor het waarborgen van efficiëntie;
- f. het samenwerken met daarvoor in aanmerking komende organisaties en lichamen bij de bevordering van technische samenwerking en in het bijzonder bij de uitvoering van regionale projecten;
- g. het beoordelen van de ontwerpbegroting van de Unie, het doen van aanbevelingen aan de Conferentie en het monitoren van de begrotingssituatie in de loop van het jaar;
- h. het vaststellen van de salarissen die aan de personeelsleden van het Secretariaat moeten worden betaald;
- i. het creëren van tijdelijke functies binnen het Secretariaat en het voor de volgende vergadering van de Conferentie doen van aanbevelingen met betrekking tot permanente functies binnen het Secretariaat;
- j. het waarborgen van een goede accountantscontrole van de rekeningen van de Unie;
- k. het naar eigen goeddunken instellen van comités en werkgroepen en de werkmethoden hanteren die hij nodig acht voor de uitvoering van zijn taken;
- l. het instellen van task forces om specifieke functies of projecten uit te voeren;
- m. het uitbrengen van verslag aan de Conferentie inzake de werkzaamheden van de Raad van Beheer.
Artikel 13
De Conferentie verkiest een Secretaris-Generaal die in die hoedanigheid voor een periode van twee jaar zijn functie vervult.
De Secretaris-Generaal:
- a. assisteert, adviseert en treedt op als secretaris voor de Caraïbische Raad van ministers voor Postzaken, de Conferentie en de Raad van Beheer bij de uitoefening van hun respectieve taken, met inbegrip van de opstelling van de notulen van de vergaderingen;
- b. doet voorstellen en aanbevelingen voor maatregelen, plannen en initiatieven aan de Raad van Beheer;
- c. vertegenwoordigt de Unie, op aanwijzing van de Raad van Beheer, bij vergaderingen, conferenties en onderhandelingen;
- d. legt de jaarlijkse ontwerpbegroting van de Unie aan de Raad van Beheer voor;
- e. is belast met de dagelijkse leiding van het Secretariaat;
- f. is, tezamen met de Voorzitter van de Raad van Beheer, belast met de organisatie van de vergaderingen van de Raad van Beheer;
- g. is, tezamen met de Voorzitter van de Raad van Beheer en het gastland, belast met de organisatie van de vergaderingen van de Conferentie;
- h. is, tezamen met de Voorzitter van de Raad van Beheer en het gastland, belast met de organisatie van de vergaderingen van de Caraïbische Raad van ministers voor Postzaken;
- i. stelt voortgangsrapportages van de aangewezen task forces op en brengt hiervan verslag uit aan de Raad van Beheer;
- j. is verantwoordelijk voor de doelmatige leiding van het Secretariaat.
Indien de Raad van Beheer van oordeel is dat de Secretaris-Generaal niet in staat is zijn taken te vervullen of deze niet kan uitvoeren als gevolg van afwezigheid of ziekte („in absentia”), kan de Raad van Beheer de nodige maatregelen nemen om de continuïteit van de werkzaamheden van de Secretaris-Generaal te waarborgen.
Artikel 14
Het Secretariaat van de Unie bestaat uit een Secretaris-Generaal en andere personeelsleden waartoe de Conferentie en de Raad van Beheer besluiten.
Het personeel van het Secretariaat vraagt en verkrijgt bij de uitvoering van zijn taken uitsluitend aanwijzingen van de Secretaris-Generaal.
De taken van het Secretariaat zijn:
- a. het zorgen voor de dagelijkse gang van zaken van de Unie;
- b. het uitvoeren van opdrachten en missies die door de Secretaris-Generaal worden opgedragen;
- c. het opstellen van de ontwerpbegroting van de Unie ter voorlegging aan de Raad van Beheer;
- d. het verrichten van alle andere door de Raad van Beheer opgedragen taken.
Artikel 15
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.