Verdrag betreffende de beroepsrevalidatie en werkgelegenheid van gehandicapten
De Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie,
Door de Raad van Beheer van het Internationale Arbeidsbureau bijeengeroepen te Genève, en aldaar bijeengekomen op 1 juni 1983, in haar negenenzestigste Zitting,
Gelet op de bestaande internationale normen vervat in de Aanbeveling betreffende de beroepsrevalidatie van gehandicapten 1955, en de Aanbeveling betreffende de ontwikkeling van menselijke hulpbronnen, 1975, en
Gelet op de belangrijke ontwikkelingen, die zich na de aanvaarding van de Aanbeveling betreffende de beroepsrevalidatie van gehandicapten, 1955, hebben voorgedaan in de onderkenning van de behoefte aan revalidatie, het werkterrein en de organisatie van de met revalidatie belaste diensten, en in de wetgeving en de praktijk van vele Leden met betrekking tot de problemen waarmede de Aanbeveling zich bezighoudt, en
Overwegende, dat het jaar 1981 door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties is uitgeroepen tot het Internationale Jaar van de Gehandicapten, onder het motto „Volledige deelname en gelijkheid" en dat een uitgebreid Wereldactieprogramma met betrekking tot gehandicapten dient te voorzien in doeltreffende maatregelen op internationaal en nationaal niveau ter verwezenlijking van de doelstellingen van „volledige deelname" van gehandicapten aan het maatschappelijke leven en aan de ontwikkeling en van „gelijkheid", en
Overwegende, dat het ten gevolge van deze ontwikkelingen past, ter zake nieuwe internationale normen aan te nemen die in het bijzonder rekening houden met de behoefte voor alle categorieën gehandicapten, op het platteland zowel als in stedelijke gebieden, gelijke kansen en gelijke behandeling te verzekeren met betrekking tot werkgelegenheid en integratie in de gemeenschap, en
Besloten hebbende tot het aannemen van bepaalde voorstellen betreffende beroepsrevalidatie, welk onderwerp als vierde punt op de agenda van de Zitting voorkomt,
Vastgesteld hebbende, dat deze voorstellen de vorm zullen aannemen van een internationaal verdrag,
neemt heden, de twintigste juni van het jaar negentienhonderddrieëntachtig, het volgende Verdrag aan, dat kan worden aangehaald als Verdrag betreffende beroepsrevalidatie en werkgelegenheid van gehandicapten, 1983.
DEEL I. BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN EN TOEPASSINGSGEBIED
Artikel 1
Voor de toepassing van dit Verdrag wordt onder „gehandicapte" verstaan een persoon wiens vooruitzichten op het verkrijgen en het behouden van passend werk, alsmede op bevordering daarin, in belangrijke mate worden beperkt ten gevolge van een op behoorlijke wijze geconstateerde beperking van zijn lichamelijke of geestelijke vermogens.
Voor de toepassing van dit Verdrag dient ieder Lid te bedenken, dat het doel van beroepsrevalidatie is gehandicapten in staat te stellen passend werk te verkrijgen en te behouden en daarin vooruit te komen en daardoor de integratie of herintegratie van betrokkenen in de maatschappij te bevorderen.
De bepalingen van dit Verdrag dienen door elk Lid te worden toegepast door middel van aan de nationale omstandigheden aangepaste maatregelen die verenigbaar zijn met de nationale praktijk.
De bepalingen van dit Verdrag zijn van toepassing op alle categorieën gehandicapten.
DEEL II. BEGINSELEN VOOR HET BELEID BETREFFENDE BEROEPSREVALIDATIE EN WERKGELEGENHEID VOOR GEHANDICAPTEN
Artikel 2
Elk Lid dient, in overeenstemming met de nationale omstandigheden, praktijk en mogelijkheden, een nationaal beleid met betrekking tot beroepsrevalidatie en werkgelegenheid van gehandicapten op te stellen, uit te voeren en periodiek te herzien.
Artikel 3
Bedoeld beleid dient erop gericht te zijn te verzekeren dat passende maatregelen inzake beroepsrevalidatie ten behoeve van alle categorieën gehandicapten worden getroffen en dat mogelijkheden op het gebied van werkgelegenheid voor gehandicapten op de vrije arbeidsmarkt worden bevorderd.
Artikel 4
Bedoeld beleid dient te zijn gebaseerd op het beginsel van gelijke kansen voor gehandicapte werknemers en werknemers in het algemeen. Gelijke kansen en gelijke behandeling voor gehandicapte mannelijke en vrouwelijke werknemers dienen in acht te worden genomen. Bijzondere positieve maatregelen, die erop gericht zijn de gelijke kansen en gelijke behandeling van gehandicapten ten opzichte van andere werknemers te garanderen dienen niet als discriminerend ten opzichte van deze laatsten te worden beschouwd.
Artikel 5
De representatieve organisaties van werkgevers en van werknemers dienen te worden geraadpleegd bij de uitvoering van bedoeld beleid, waaronder de maatregelen die genomen moeten worden ter bevordering van samenwerking en coördinatie tussen overheids- en particuliere instellingen die zich bezig houden met beroepsrevalidatie. De representatieve organisaties van en voor gehandicapten dienen eveneens te worden geraadpleegd.
DEEL III. OP NATIONAAL NIVEAU TE NEMEN MAATREGELEN TER ONTWIKKELING VAN VOORZIENINGEN VOOR BEROEPSREVALIDATIE EN WERKGELEGENHEID VOOR GEHANDICAPTEN
Artikel 6
Elk Lid dient door nationale wetgeving of op enige andere wijze die verenigbaar is met de nationale omstandigheden en de praktijk, die maatregelen te treffen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de artikelen 2, 3, 4 en 5 van dit Verdrag.
Artikel 7
De bevoegde autoriteiten dienen maatregelen te nemen met het oog op de beschikbaarstelling en evaluatie van voorzieningen voor beroepskeuze, beroepsopleiding, plaatsing, werkgelegenheid en andere daarmede verband houdende voorzieningen ten einde gehandicapten in staat te stellen werk te krijgen, te behouden en daarin vooruit te komen; bestaande voorzieningen voor werknemers in het algemeen dienen voor zover mogelijk en geëigend, te worden aangewend met de noodzakelijke aanpassingen.
Artikel 8
Er dienen maatregelen te worden genomen om de totstandkoming en ontwikkeling van voorzieningen voor beroepsrevalidatie en werkgelegenheid voor gehandicapten op het platteland en afgelegen gemeenschappen te bevorderen.
Artikel 9
Elk Lid dient er naar te streven de opleiding en de beschikbaarheid van revalidatie-adviseurs en ander voldoende gekwalificeerd personeel belast met beroepskeuze, beroepsopleiding, plaatsing en werkgelegenheid van gehandicapten, te waarborgen.
DEEL IV. SLOTBEPALINGEN
Artikel 10
De officiële bekrachtigingen van dit Verdrag worden aan de Directeur-Generaal van het Internationale Arbeidsbureau medegedeeld en door hem geregistreerd.
Artikel 11
Dit Verdrag is slechts verbindend voor de Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie die hun bekrachtiging door de Directeur-Generaal hebben doen registreren.
Het treedt in werking twaalf maanden na de datum waarop de bekrachtigingen van twee Leden door de Directeur-Generaal zijn geregistreerd.
Vervolgens treedt dit Verdrag voor ieder Lid in werking twaalf maanden na de datum, waarop zijn bekrachtiging is geregistreerd.
Artikel 12
Ieder Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd, kan het opzeggen na afloop van een termijn van tien jaar na de datum waarop het Verdrag in werking is getreden, door middel van een aan de Directeur-Generaal van het Internationale Arbeidsbureau gerichte en door deze geregistreerde verklaring. De opzegging wordt eerst van kracht een jaar na de datum waarop zij is geregistreerd.
Ieder Lid dat dit Verdrag heeft bekrachtigd en niet binnen een jaar na afloop van de termijn van tien jaar, als bedoeld in het vorige lid, gebruik maakt van de bevoegdheid tot opzegging, bedoeld in dit artikel, is voor een nieuwe termijn van tien jaar gebonden en kan daarna dit Verdrag opzeggen na afloop van elke termijn van tien jaar op de voorwaarden bedoeld in dit artikel.
Artikel 13
De Directeur-Generaal van het Internationale Arbeidsbureau stelt alle Leden van de Internationale Arbeidsorganisatie in kennis van de registratie van alle bekrachtigingen en opzeggingen die hem door de Leden van de Organisatie zijn medegedeeld.
Bij de kennisgeving aan de Leden van de Organisatie van de registratie van de tweede hem medegedeelde bekrachtiging, vestigt de Directeur-Generaal de aandacht van de Leden van de Organisatie op de datum waarop dit Verdrag in werking treedt.
Artikel 14
De Directeur-Generaal van het Internationale Arbeidsbureau doet aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties mededeling, ter registratie in overeenstemming met het bepaalde in artikel 102 van het Handvest der Verenigde Naties, van de volledige bijzonderheden omtrent alle bekrachtigingen en opzeggingen die hij overeenkomstig de voorgaande artikelen heeft geregistreerd.
Artikel 15
De Raad van Beheer van het Internationale Arbeidsbureau brengt, telkens wanneer deze dit noodzakelijk acht, aan de Algemene Conferentie verslag uit over de toepassing van dit Verdrag en onderzoekt of het wenselijk is de gehele of gedeeltelijke herziening ervan op de agenda van de Conferentie te plaatsen.
Artikel 16
Indien de Conferentie een nieuw verdrag aanneemt, houdende gehele of gedeeltelijke herziening van dit Verdrag, zal, tenzij het nieuwe verdrag anders bepaalt:
- a. bekrachtiging door een Lid van het nieuwe verdrag, houdende herziening, ipso jure onmiddellijke opzegging van dit Verdrag ten gevolge hebben, niettegenstaande het bepaalde in artikel 12, onder voorbehoud evenwel dat het nieuwe verdrag, houdende herziening, in werking is getreden;
- b. met ingang van de datum waarop het nieuwe verdrag, houdende herziening, in werking is getreden, dit Verdrag niet langer door de Leden kunnen worden bekrachtigd.
Dit Verdrag blijft echter in elk geval naar vorm en inhoud van kracht voor de Leden die het hebben bekrachtigd en die het nieuwe verdrag, houdende herziening, niet hebben bekrachtigd.
Artikel 17
De Engelse en Franse tekst van dit Verdrag zijn gelijkelijk authentiek.
De voorgaande tekst is de authentieke tekst van het Verdrag naar behoren aangenomen door de Algemene Conferentie van de Internationale Arbeidsorganisatie tijdens haar negenenzestigste zitting, welke werd gehouden te Genève en voor gesloten werd verklaard op de tweeëntwintigste juni 1983.
IN FAITH WHEREOF we have appended our signatures this twenty-second day of June 1983.
The President of the Conference,
(sd.) J. B. BOLGER
The Director-General of the International Labour Office,
(sd.) FRANCIS BLANCHARD
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.